In het kort
Er staat meer over rookdoorlatendheid
Hoe het werkt, welke soorten er zijn, waar je het tegenkomt, wat het kost, en wat er in de praktijk misgaat. Dat deel hoort bij een abonnement.
Abonnement bekijkenInloggen
Uitgebreid
Bij een woningbrand is rook gevaarlijker dan vuur. Rook verspreidt zich sneller, hij komt verder, hij neemt het zicht weg en hij is giftig. Wie in een brand omkomt, komt vaker om door rook dan door vlammen. Dat is de reden dat er in de bouwregels naast een eis aan brand een eigen eis aan rook staat.
Die twee eisen zijn niet hetzelfde, en dat is het belangrijkste van deze uitleg. Brandwerendheid gaat over vlamdichtheid en over warmte: hoe lang houdt een constructie de brand tegen. Rook is iets anders. Rook is koud genoeg om door een kier te gaan die een vlam nog niet doorlaat, en hij wordt gedreven door drukverschillen in het gebouw. Een deur die brandtechnisch dertig minuten standhoudt, kan al in de eerste minuten rook doorlaten langs de naad, onder de dorpel, door het sleutelgat of langs een kabeldoorvoer.
De wet drukt de eis uit als een weerstand tegen rookdoorgang en kent daarvoor twee klassen. Ra is de lichtere van de twee, en die geldt tussen gewone subbrandcompartimenten en tussen opeenvolgende beschermde vluchtroutes. R200 is de zwaardere, en die geldt zodra er een beter beschermde zone in het spel is: een beschermd subbrandcompartiment, een extra beschermde vluchtroute, een besloten trappenhuis in zo'n route, of een liftschacht. De gedachte erachter is eenvoudig: hoe verder je in de vluchtroute komt, hoe schoner het moet blijven.
Het getal 200 in R200 verwijst naar temperatuur en niet naar minuten. Het is de zwaardere beoordeling, waarbij ook bij verhoogde temperatuur nog weinig rook door de scheiding mag. Wie R200 als «tweehonderd minuten» leest, leest het verkeerd, en dat gebeurt vaak.
De eis is in 2021 herzien. Daarvoor werd de rookdoorgang afgeleid uit de brandwerendheid, met een vuistregel die in de praktijk tot verschillende uitkomsten leidde. Sindsdien staat de eis op zichzelf en wordt zij bepaald volgens de norm voor de weerstand tegen rookdoorgang tussen ruimten. Dat betekent dat bij een gebouw van voor die herziening de onderbouwing van toen niet zonder meer de onderbouwing van nu is.
Waar het in de praktijk op neerkomt: niet de plaat, maar de naad. De weerstand tegen rookdoorgang van een wand wordt bijna altijd bepaald door de deur erin en door de aansluitingen eromheen. Dat is goed nieuws, want een naad is goedkoper te verbeteren dan een constructie.
We slaan alleen je antwoord op, en je toelichting als je die geeft. Geen naam, geen e-mailadres.