Naar de inhoud

Dit is een bètaversie van Builddocs. Je kunt alles bekijken, maar aanmelden en een abonnement afsluiten kan nog niet.

Bouwkundige termen in gewone taal. Wat het is staat er altijd — de uitleg erachter hoort bij een abonnement.

in Begrippen
Sorteren:Standaard

Wis alle filters (2)

322 van 2.115 begrippen

A

  • AanbrandlaagPremium · ook: Hechtlaag, chapisch, contactlaag.

    Een aanbrandlaag is een dunne mortellaag die op een gladde ondergrond wordt aangebracht om ervoor te zorgen dat de volgende laag stuc of pleister goed hecht. Zonder die tussenlaag laat het stucwerk na verloop van tijd los.

  • AcclimatiserenPremium · ook: Acclimatiseren, laten acclimatiseren, laten wennen, conditioneren, op klimaat brengen

    Acclimatiseren is het laten wennen van bouwmateriaal aan de temperatuur en luchtvochtigheid van de ruimte waarin het wordt verwerkt. Hout, laminaat, parket en pvc nemen vocht op of geven het af tot ze in evenwicht zijn met hun omgeving. Wie dat vooraf laat gebeuren, voorkomt dat de vloer na het leggen krimpt, zwelt of kromtrekt.

  • AcetonPremium · ook: Aceton, propanon, dimethylketon, nagellakremover

    Aceton is een snel verdampend, sterk oplosmiddel dat wordt gebruikt om verf, lijm, hars en vet te verwijderen. Het risico zit niet in de vloeistof maar in de damp, en dat is contra-intuïtief. Acetondamp is zwaarder dan lucht: hij zakt naar de vloer en kruipt over de vloer verder, tot bij een waakvlam, een stopcontact of een verwarmingstoestel. Werken met een open bakje aceton in een gesloten bijkeuken met een cv-ketel is daarmee een reëel brandrisico, ook als de ketel meters verderop staat.

  • AcrylaatkitPremium · ook: Acrylaatkit, acrylkit, schilderskit, overschilderbare kit, decorkit

    Acrylaatkit is een watergedragen kit die uithardt door verdamping van water en die na uitharding kan worden overgeschilderd. Hij is de kit van de schilder en de aftimmeraar: naden tussen plint en wand, tussen kozijn en stucwerk, tussen wand en plafond. En hij is matig elastisch — dat is zijn grens en tegelijk de bron van vrijwel elke klacht over kitwerk dat scheurt.

  • AcrylkitPremium · ook: Acrylkit, schilderskit, overschilderbare kit, acrylaatkit

    Acrylkit is een watergedragen kit die na droging overschilderbaar is en die weinig beweging kan opnemen. Zij is bedoeld voor naden binnen die nauwelijks werken, en zij is niet geschikt voor natte ruimten of voor buitennaden die bewegen.

  • AcrylverfPremium · ook: Acrylverf, acrylaatverf, watergedragen lak, waterverdunbare verf

    Acrylverf is verf op basis van een acrylaatdispersie in water, die na verdamping van het water een elastische, niet-vergelende film vormt. Zij is inmiddels de standaard voor binnen- en buitenschilderwerk en zij vraagt een andere werkwijze dan alkydverf.

  • AfbijtmiddelPremium · ook: Afbijtmiddel, afbijt, verfafbijt, decapeermiddel, stripper

    Afbijtmiddel is een pasta of gel die een uitgeharde verf- of laklaag laat opzwellen en van de ondergrond laat loslaten, zodat je hem eraf kunt schrapen. Het is het alternatief voor afbranden en schuren, en het is de aangewezen methode bij profielwerk en bij loodhoudende verf — bij het eerste omdat het de vorm volgt, bij het tweede omdat er geen verhitting en dus geen looddamp bij komt kijken.

  • AfbouwPremium · ook: Afbouw, afbouwfase, afwerking, second oeuvre

    De afbouw is alles wat na de ruwbouw komt: installaties, binnenwanden, vloerafwerking, keuken, badkamer, schilderwerk en afwerking. Het is het deel waar je het gebouw daadwerkelijk beleeft, en het is ook het deel waar budgetten het vaakst worden overschreden. De ruwbouw is redelijk voorspelbaar; de afbouw is dat niet, omdat de keuzes daar oneindig zijn.

  • AfbrandenPremium · ook: Afbranden, afblazen, thermisch verf verwijderen

    Afbranden is het verwijderen van oude verflagen door ze te verhitten zodat ze zacht worden en kunnen worden afgestoken. Het is effectief maar het is de meest risicovolle methode: brandgevaar bij het werken nabij hout en isolatie, en giftige dampen bij loodhoudende verf. Een heteluchtpistool op een gecontroleerde temperatuur is in vrijwel alle gevallen de betere keuze dan een open vlam.

  • AfdekfoliePremium · ook: Afdekfolie, afdekzeil, stucloper, schildersfolie, dekkleed, plakfolie

    Afdekfolie is dun kunststof- of papieren materiaal waarmee je vloeren, meubels en bouwdelen afdekt tegen verf, stof en vocht tijdens klus- en bouwwerk. Het is het goedkoopste materiaal op een klus en het bepaalt het grootste deel van de opruimtijd erna. De vraag is nooit of je afdekt maar waarmee: folie is waterdicht en glad, papier absorbeert en is stroef, en dat verschil is bij een gladde vloer letterlijk een valrisico.

  • AfkortzaagPremium · ook: Afkortzaag, verstekzaag, kapzaag, radiaalzaag

    Een afkortzaag is een vaste zaagmachine waarbij het zaagblad aan een arm naar beneden wordt gebracht op materiaal dat tegen een aanslag ligt. Zijn kracht is niet snelheid maar herhaalbaarheid: twintig plinten op exact dezelfde maat en onder exact dezelfde hoek. Dat is met een handzaag of een cirkelzaag niet te doen, en het is precies wat lijstwerk, plinten en vlonderplanken vragen.

  • AfplaktapePremium · ook: Afplaktape, schilderstape, schilderskrep, maskeertape, crêpetape, masking tape

    Afplaktape is een tape van crêpepapier met een verwijderbare lijmlaag, waarmee je een deel van het oppervlak afdekt zodat de verf er niet op komt. De hele kunst zit niet in het plakken maar in de kleeflaag en de verwijdertermijn. Tape die te sterk plakt of te lang blijft zitten, trekt bij het verwijderen de onderlaag mee — en dat is precies het schilderwerk dat je wilde beschermen.

  • AftimmeringPremium · ook: Aftimmering, aftimmerwerk, afwerktimmerwerk

    Aftimmering is al het timmerwerk dat de ruwbouw afwerkt en wegwerkt: kokers, kasten, aanslagen, dagkanten, plinten en betimmerde vlakken. Het draagt niets, maar het bepaalt wel hoe strak een ruimte oogt. In offertes staat het als aparte post, en wat die post precies bevat, verschilt sterk per aannemer.

  • AkoestiekPremium · ook: Akoestiek, ruimteakoestiek, geluidsbeleving, zaalakoestiek

    Akoestiek is de manier waarop geluid zich in een ruimte gedraagt: hoe lang het naklinkt, hoe verstaanbaar spraak is en hoe vermoeiend of prettig een ruimte klinkt. Het onderscheid met geluidsisolatie is de sleutel. Isolatie los je op met massa: een zware muur houdt geluid tegen. Akoestiek los je op met absorptie: een zacht, poreus oppervlak neemt geluid op. Een zwaar gordijn verbetert de akoestiek en isoleert nauwelijks; een betonnen wand isoleert uitstekend en maakt de akoestiek slechter.

  • AlkydverfPremium · ook: Alkydverf, alkydharsverf, terpentinegedragen verf, oplosmiddelhoudende verf, synthetische lak

    Alkydverf is verf met een alkydhars als bindmiddel, verdund met terpentine of white spirit. Er zit een eigenschap in die niemand op de bus vermeldt en die achteraf niet te herstellen is. Witte alkydverf vergeelt, en hij vergeelt het hardst waar geen daglicht komt. Achter een deur, in een kast, achter een gordijn of op een noordkamer wordt het wit binnen enkele jaren merkbaar geler dan hetzelfde wit dat in de zon zit. Daglicht draait dat deels terug, maar niet volledig — en dat is de reden dat wit binnenwerk tegenwoordig zelden nog in alkyd wordt uitgevoerd.

  • AnhydrietvloerPremium · ook: Calciumsulfaatgebonden dekvloer, gietvloer in de betekenis van gietdekvloer

    Een anhydrietvloer is een vloeibaar aangebrachte dekvloer met calciumsulfaat als bindmiddel in plaats van cement. Hij vloeit zichzelf vlak uit, hecht goed rond vloerverwarmingsbuizen en is daardoor de gebruikelijke keuze bij vloerverwarming.

  • Art decoPremium · ook: Art deco, artdeco, art-deco

    Art deco is de bouw- en interieurstijl van ruwweg 1920 tot 1940, herkenbaar aan strakke geometrie, symmetrie en gestileerde ornamenten. In Nederlandse woningen zie je hem terug in glas in lood met hoekige patronen, terrazzo in de hal, tegelplinten, gestucte lijsten en trapsgewijze vormen.

B

  • BalkonvloerafwerkingPremium · ook: Balkonvloerafwerking, balkonafwerking, balkonvloer, terrasafwerking op een balkon

    De balkonvloerafwerking is de zichtbare, beloopbare laag op een balkon, aangebracht op de constructieve balkonplaat. Het onderscheidende punt is dat er onder je voeten een constructie ligt waar water niet in mag komen. Op een tuinterras is een verkeerd gelegde tegel een ongemak; op een balkon is het de eerste stap naar betonrot, roestende wapening en een balkonplaat die over dertig jaar moet worden vervangen. En bij een appartement is die plaat vrijwel altijd gemeenschappelijk eigendom.

  • BalusterPremium · ook: Baluster, spijl, spijltje, trapspijl, stijl, balustervorm

    Een baluster is een verticaal element in een balustrade of trapleuning. Het is een onderdeel waar mensen naar het uiterlijk kijken en waar het om de maten gaat. Een vloerafscheiding moet een kind tegenhouden, en dat vertaalt zich in twee harde eisen: de openingen mogen niet groter zijn dan waar een kind doorheen kan, en er mag niets horizontaals zijn waar een kind op kan klimmen. Die tweede eis is de reden dat de populaire horizontale kabels en latten in een balustrade een probleem zijn.

  • BalustradePremium · ook: Vloerafscheiding is de term in de bouwregelgeving

    Een balustrade is de afscheiding langs een hoogteverschil: bij een trap, een vide, een galerij of een balkon. Zij moet voorkomen dat iemand valt, en dat is een kwestie van hoogte, en van wat een kind erin kan doen.

  • BandschuurmachinePremium · ook: Bandschuurmachine, bandschuurder, schuurband, bandslijper

    Een bandschuurmachine is een elektrische schuurmachine met een doorlopende schuurband die over twee rollen wordt aangedreven. Hij neemt snel en veel materiaal weg en dat is tegelijk zijn kracht en zijn gevaar. Een bandschuurmachine schuurt een gat in je werkstuk in de tijd die het kost om na te denken — een paar seconden stilstand op één plek is genoeg voor een holte die je er niet meer uit krijgt.

  • BasaltPremium · ook: Basalt, basaltlava

    Basalt is een donker stollingsgesteente dat ontstaat bij snelle afkoeling van lava. Het is hard, dicht en vorstbestendig, en het heeft in Nederland een lange geschiedenis in de waterbouw. De zwarte tot donkergrijze kleur en de matte uitstraling maken het daarnaast populair als bestrating en als vloertegel.

  • BehangPremium · ook: Wandbekleding

    Behang is een wandbekleding op rollen. Naast decoratie heeft het een praktische functie: glasvezel- en renovatiebehang overbruggen haarscheuren en maken een minder vlakke wand acceptabel.

  • BehanglijmPremium · ook: Behanglijm, behangplaksel, plaksel, kleister

    Behanglijm is het plaksel waarmee behang aan de wand wordt bevestigd, in soorten die per behangtype verschillen. De soort volgt uit het behang en de ondergrond. Papierbehang vraagt een lijm die het papier laat weken, vliesbehang een lijm die op de wand gaat, en zwaar vinyl of glasvezel een lijm met veel bindmiddel. De verkeerde lijm laat naden openstaan of blaasjes ontstaan.

  • BeitsPremium · ook: Beits, houtbeits, lasuur, lazuur

    Beits is een dunne, in het hout dringende houtbescherming die de nerf zichtbaar laat en het oppervlak niet met een gesloten film afsluit. Zij vraagt vaker onderhoud dan lak en zij bladdert niet; verweerde beits verweert weg in plaats van los te laten.

  • BerapenPremium · ook: Raapwerk, raaplaag, aanbrandlaag

    Berapen is het aanbrengen van een ruwe mortellaag op metselwerk of beton, als vlakke en hechtende ondergrond voor stucwerk, tegelwerk of verf. Het is de tussenlaag die de oneffenheden van de ondergrond wegneemt.

  • BerkenPremium · ook: Berken, berkenhout, berk

    Berken is een lichte, egale loofhoutsoort met een fijne structuur en een hoge sterkte in verhouding tot het gewicht. In de bouw wordt het vooral verwerkt tot multiplex, dat om zijn dunne, gelijkmatige fineerlagen en zijn strakke kant wordt gewaardeerd.

  • BeschermlaagPremium · ook: Beschermlaag, coating, deklaag, toplaag, conserveringslaag.

    Een beschermlaag is een laag die een materiaal afschermt tegen water, UV, chemicaliën, slijtage of corrosie. Elke beschermlaag heeft een levensduur en die is korter dan die van het materiaal eronder. Onderhoud van de beschermlaag is daarmee een terugkerende taak, en het uitstellen ervan is de meest voorkomende oorzaak van schade aan het onderliggende materiaal.

  • BetegelenPremium · ook: Betegelen, tegelen, tegelzetten, tegelwerk aanbrengen.

    Betegelen is het aanbrengen van tegels op een wand of vloer met tegellijm, gevolgd door het voegen. Het resultaat wordt bepaald door drie dingen die alle drie vóór de eerste tegel gebeuren: een vlakke en draagkrachtige ondergrond, een waterdichte laag in natte zones, en een doordachte tegelindeling. Wie daar begint, krijgt strak werk.

  • BetonstucPremium · ook: Betonlook, betonciré, microcement, tadelakt-beton

    Betonstuc is een dunne, naadloze afwerklaag op basis van cement of kunsthars die het uiterlijk van glad beton geeft. Wordt toegepast op wanden, vloeren, douches en meubels.

  • BeukenPremium · ook: Beuken, beukenhout, beuk

    Beuken is een zware, harde loofhoutsoort met een egale, fijne structuur en vrijwel geen kleurverschil tussen kern en spint. Het is uitstekend te bewerken en te buigen, en het is buiten volstrekt ongeschikt.

  • BevestigingsmiddelPremium · ook: Bevestigingsmiddel, bevestiger, verbindingsmiddel

    Een bevestigingsmiddel is een schroef, spijker, plug, bout of anker waarmee iets aan een ondergrond wordt vastgemaakt. De keuze wordt gemaakt op wat je ophangt, en dat is de verkeerde kant. De ondergrond bepaalt het bevestigingsmiddel, niet het voorwerp. Een boekenkast van vijftig kilo aan een massieve muur vraagt een gewone plug; dezelfde kast aan een gipsplaatwand vraagt een hollewandplug of, beter, een schroef in de achterliggende regel. En de ondergrond in een woning is zelden wat hij lijkt: achter het stucwerk zit gipsplaat, cellenbeton, holle baksteen of een kanaalplaat, en elk van die vier vraagt iets anders. Boor een proefgat in een onopvallende hoek en kijk naar het boorsel — de kleur en de structuur vertellen direct waar je mee te maken hebt.

  • BinnendeurPremium · ook: Binnendeur, kamerdeur, opdekdeur, stompe deur

    Een binnendeur is een deur tussen twee ruimten binnen een woning of gebouw, in tegenstelling tot een buitendeur in de gevel. Het lijkt het eenvoudigste bouwonderdeel dat er is, en dat is het ook zolang je hem niet vervangt. Dan blijken maatvoering, draairichting, opdek of stomp, scharnieren en slotafstand allemaal te moeten kloppen — en blijkt de spleet onder de deur, die iedereen als een afwerkingsfout ziet, een noodzakelijke ventilatievoorziening te zijn.

  • BinnenhuisarchitectPremium · ook: Binnenhuisarchitect, interieurarchitect, interieurontwerper

    Een binnenhuisarchitect ontwerpt de binnenkant van een gebouw: de indeling, het licht, de materialen en het meubilair. Hij tekent hoe de ruimten werken en hoe ze eruitzien, en begeleidt vaak de uitvoering. De titel interieurarchitect is beschermd, binnenhuisarchitect niet.

  • BinnenwandPremium · ook: Binnenwand, scheidingswand, tussenwand, wand

    Een binnenwand is een wand tussen ruimten binnen een gebouw. Bij het kiezen van een wand gaat het over draagvermogen en over hoe snel hij staat, en de klachten gaan later ergens anders over. Verreweg de meeste ontevredenheid over binnenwanden gaat over geluid — en geluid wordt bepaald door massa, ontkoppeling en luchtdichtheid, in die volgorde. Daaruit volgt het detail dat de meeste wanden verpest: één stopcontact recht tegenover een stopcontact aan de andere kant maakt een gat in beide beplatingen op dezelfde plek, en dan lekt het geluid door een opening van een paar centimeter alsof de wand er niet staat.

  • BithouderPremium · ook: Bithouder, bitadapter, magneethouder, verlengstuk

    Een bithouder is een tussenstuk dat een schroefbit vasthoudt en hem verlengt, meestal met een magneet erin. Hij lijkt overbodig — je kunt een bit ook rechtstreeks in de klauw zetten — maar hij lost drie dingen op die anders tijd kosten: de schroef blijft hangen aan de bit, je komt dieper in een uitsparing, en je wisselt bits zonder de klauw open te draaien.

  • BlaasvormingPremium · ook: Blaasvorming, blaarvorming, blazen en blaasjes

    Blaasvorming is het opbollen van een verflaag, coating of dakbaan doordat die op een plek loslaat van de ondergrond. Onder de blaas zit lucht, damp of vocht. De laag is er nog, maar hij hecht niet meer en scheurt bij de eerste aanraking open.

  • Blanke lakPremium · ook: Blanke lak, transparante lak, vernis, kleurloze lak

    Blanke lak is een transparante afwerklaag die het hout beschermt en de nerf zichtbaar laat. Het verschil met olie en met wax is dat lak een film op het hout vormt in plaats van erin te trekken. Dat beschermt beter tegen vlekken en slijtage, maar bij beschadiging is plaatselijk herstel lastiger.

  • BlokschaafPremium · ook: Blokschaaf, blokschaafje, handschaaf, kopschaaf

    Een blokschaaf is een korte handschaaf met een laag geplaatst, omgekeerd gemonteerd beitelblad, bedoeld voor het bijwerken van kanten en kopse einden. De lage bladhoek is de reden dat hij bestaat. Bij een gewone schaaf staat het blad rond de 45 graden en scheurt kops hout uit; bij een blokschaaf ligt de effectieve snijhoek rond de 37 graden of lager, en dan snijdt hij de dwarsvezel door in plaats van hem af te breken.

  • BlokverbandPremium · ook: Blokverband, blokkenverband

    Blokverband is een metselverband waarbij lagen met alleen strekken en lagen met alleen koppen elkaar afwisselen, en waarbij de koppen recht boven elkaar staan. Het is herkenbaar aan het regelmatige blokpatroon en het komt vooral voor bij dikkere muren uit de negentiende eeuw en de vroege twintigste eeuw.

  • BoorschaafPremium · ook: Boorschaaf, raspschaaf, kaasschaaf, surform

    Een boorschaaf is een schaaf met een geperforeerd blad met kleine snijkanten, waarmee hout en zachte materialen snel worden weggenomen zonder dat het gereedschap verstopt. Het is het gereedschap tussen een rasp en een schaaf in: sneller dan schuren, grover dan schaven. Het is bij uitstek geschikt voor het passend maken van een deur of het afronden van een vorm.

  • BouwbeslagPremium · ook: Bouwbeslag, hang- en sluitwerk, deurbeslag, raambeslag

    Bouwbeslag is het verzamelbegrip voor alle metalen onderdelen waarmee deuren, ramen en kozijnen worden opgehangen, bediend en gesloten: scharnieren, sloten, krukken, sluitkommen, espagnoletten en bijbehorende delen. Het is het onderdeel dat het vaakst wordt bezuinigd en dat het vaakst als eerste stukgaat.

  • BuitenschilderwerkPremium · ook: Buitenschilderwerk, buitenverfwerk, schilderwerk buiten

    Buitenschilderwerk is het verfsysteem op alles wat aan de buitenkant van je woning van hout, staal of pleisterwerk is: kozijnen, ramen, deuren, boeiboorden en soms de gevel. Het is geen kleurlaag maar een beschermlaag. De verf houdt water uit het hout en uv-licht van het oppervlak af.

  • BuitenstucwerkPremium · ook: Buitenstucwerk, gevelpleister, buitenpleisterwerk, stucwerk buiten

    Buitenstucwerk is een pleisterlaag op een gevel, aangebracht in één of meer lagen op metselwerk, beton of een isolatiesysteem. Het bindmiddel bepaalt of de gevel kan blijven ademen, en dat is bij een oude muur de belangrijkste keuze.

  • ButyleenkitPremium · ook: Butyleenkit, butylkit, butylrubberkit, blijvend plastische kit, butylband

    Butyleenkit is een blijvend plastische kit op basis van butylrubber, die niet uithardt. Precies dat is de reden dat hij bestaat en de reden waarom hij op de verkeerde plek niets waard is. Butyl blijft kneedbaar en beweegt mee zolang de verbinding leeft — maar hij veert niet terug, hij is niet overschilderbaar en hij zakt onder blijvende belasting. Waar delen langzaam bewegen en de kit niet in het zicht komt, is dat ideaal; waar een strakke, verfbare naad moet komen of waar de kit gewicht moet dragen, is het de verkeerde keuze.

C

  • CellenbetonPremium · ook: Gasbeton, porenbeton

    Cellenbeton is een lichte, poreuze steensoort van zand, cement, kalk en een blaasmiddel dat er miljoenen luchtbelletjes in maakt. Het is licht, goed zaagbaar en het isoleert aanzienlijk beter dan gewone steen.

  • CenterboorPremium · ook: Centerboor, centrumboor, appelboor, vlakboor, speedboor

    Een centerboor is een houtboor met een centreerpunt in het midden, omgeven door een voorsnijder en een snijmes. De volgorde waarin die drie het hout raken, is de hele reden dat het gereedschap bestaat. De punt centreert, de voorsnijder kerft de cirkel in, en pas daarna schaaft het snijmes het hout weg. Daardoor krijg je een gat met een schone rand en een vlakke bodem, terwijl een gewone spiraalboor de vezels aan de rand uittrekt. De keerzijde: dat werkt alleen bij laag toerental en veel koppel — in een snel draaiende accuboormachine slaat een centerboor vast of brandt hij in.

  • CirkelzaagPremium · ook: Cirkelzaag, handcirkelzaag, invalzaag

    Een cirkelzaag zaagt met een roterend zaagblad rechte sneden in hout en plaatmateriaal. Hij is sneller en nauwkeuriger dan een decoupeerzaag voor lange rechte sneden. Met een geleiderail levert een invalzaag een snede die nauwelijks onderdoet voor een tafelzaag, en dat maakt hem het gereedschap van keuze voor plaatmateriaal.

  • CoatingPremium

    Een coating is een dunne laag die je op een ondergrond aanbrengt om die te beschermen of om er een eigenschap aan toe te voegen, bijvoorbeeld waterdichtheid, slijtvastheid of stroefheid. De laag hardt uit tot een aaneengesloten film die aan de ondergrond hecht.

  • ContactlijmPremium · ook: Contactlijm, contactkleefstof, neopreenlijm, tweezijdige lijm

    Contactlijm is een lijm die op beide te verbinden vlakken wordt aangebracht, moet aandrogen, en die bij het samenbrengen onmiddellijk hecht. Er zit één regel in die alles bepaalt en die tegen de intuïtie in gaat: je wacht tot de lijm droog aanvoelt voordat je de delen op elkaar legt. Wie ze nat samenbrengt, krijgt een verbinding die nooit sterk wordt — het oplosmiddel kan er dan niet meer uit.

D

  • DecoupeerzaagPremium · ook: Decoupeerzaag, figuurzaagmachine

    Een decoupeerzaag zaagt met een op en neer gaand zaagblad, waardoor er rechte en gebogen sneden kunnen worden gemaakt in hout, plaatmateriaal, kunststof en dun metaal. Het is de meest veelzijdige zaagmachine voor de doe-het-zelver, en de nauwkeurigheid hangt sterk af van het zaagblad en van de geleiding.

  • DekvloerPremium · ook: Cementdekvloer, zandcementvloer, estrik

    De dekvloer is de vlakke laag boven op de constructieve vloer, waarop de vloerafwerking komt. Hij maakt de vloer vlak, verdeelt de belasting en neemt leidingen of vloerverwarming op.

  • DeurPremium

    Een deur is de beweegbare afsluiting van een doorgang. Binnen scheidt hij ruimtes en geluid, buiten sluit hij weer, kou en inbrekers buiten. Twee eigenschappen bepalen welke deur je nodig hebt: de maat en de functie.

  • DeurbeslagPremium · ook: Hang- en sluitwerk, garnituur

    Deurbeslag is het geheel van krukken, schilden, scharnieren, sloten en cilinders op een deur. Bij een buitendeur is dit het onderdeel dat bepaalt hoe inbraakgevoelig je woning is, meer dan de deur zelf.

  • DeurdrangerPremium · ook: Dranger, deursluiter, deurpomp, hydraulische dranger

    Een deurdranger is een mechanisme dat een deur automatisch sluit nadat hij is geopend. Bij brandwerende deuren is hij verplicht, omdat een brandwerende deur alleen werkt als hij dicht is.

  • DilatatievoegPremium · ook: Dilatatie, uitzettingsvoeg, bewegingsvoeg, werkvoeg

    Een dilatatievoeg is een bewust aangebrachte onderbreking in een bouwdeel, die beweging opvangt zonder dat er schade ontstaat. Bouwmaterialen zetten uit bij warmte en krimpen bij kou. Krijgen ze daar geen ruimte voor, dan zoeken ze die zelf — en dat heet een scheur.

  • DouchevloerPremium · ook: Douchevloer, doucheveld, inloopdouchevloer, betegelde douchevloer

    Een douchevloer is de beloopbare, waterkerende vloer van een douche. De meest gemaakte fout in badkamers zit onder wat je ziet. Tegels en voegen zijn niet waterdicht; de waterdichting zit eronder. Een douchevloer die alleen uit tegels op een dekvloer bestaat, laat water door de voegen zakken, en dat komt bij de buren of in de constructie terecht — vaak jaren later en op een plek die niets met de douche te maken lijkt te hebben. De tweede fout is te weinig afschot, waardoor er water blijft staan.

  • DrempelPremium

    De drempel is de verhoging onder in een deuropening. Buiten houdt hij water en tocht tegen, binnen scheidt hij vloerafwerkingen en dempt hij geluid. Tegelijk is hij het meest voorkomende obstakel voor wie slecht ter been is.

  • DrevelPremium · ook: Drevel, nagelverzinker, spijkerdrevel, doorslag, drijver

    Een drevel is een korte stalen pen met een geharde, licht holle punt, waarmee je een spijkerkop onder het houtoppervlak drijft zonder het hout eromheen te beschadigen. Het is een klein gereedschap met één taak, en die taak is nauwelijks te vervangen: het laatste stukje van een spijker slaan met de hamer betekent een deuk in het hout. De drevel zet die laatste twee millimeter zonder het oppervlak te raken.

  • DroogtijdPremium · ook: Droogtijd, drogingstijd, uithardingstijd, verhardingstijd, wachttijd

    Droogtijd is de tijd die een bouwproduct nodig heeft om van nat of vers naar de toestand te komen waarin je er verder mee kunt: aanraken, overschilderen, belopen, belasten of afwerken. Verf, lijm, kit, stucwerk, dekvloeren en beton hebben elk een eigen droogtijd, en die hangt af van temperatuur, vocht, laagdikte en ondergrond.

E

  • EgalinePremium · ook: Egalisatiemiddel, uitvlakmortel, zelfnivellerende egalisatie.

    Egaline is een dunne, vloeibare mortel die je over een vloer giet om oneffenheden weg te werken. Zij vloeit vanzelf uit tot een vlak oppervlak. Het is geen vervanging voor een dekvloer maar een afwerking daarvan.

  • EgaliserenPremium · ook: Egaliseren, uitvlakken, nivelleren, ragréeren

    Egaliseren is het vlak maken van een vloer met een dunne, vloeibare mortellaag voordat de afwerking erop komt. Het wordt behandeld als vulwerk en het is een vloeistof met een recept. Egalisatiemortel legt zichzelf waterpas, maar alleen bij precies de voorgeschreven hoeveelheid water. Een scheut extra maakt het uitgieten makkelijker en levert een laag op die poedert, krimpt en onder de afwerking loslaat — de sterkte zit in de verhouding, niet in het gemak. En de tweede voorwaarde staat even zuinig op de zak: de ondergrond moet voorbehandeld zijn. Zonder primer zuigt een poreuze vloer het aanmaakwater weg voordat de mortel is uitgehard, en op een dichte vloer hecht hij niet. Beide fouten zie je pas als de vloer eroverheen ligt.

  • EikenPremium · ook: Eiken, eikenhout, eik

    Eiken is een loofhoutsoort met een hoge dichtheid, een kenmerkende nerftekening en een goede natuurlijke duurzaamheid van het kernhout. Het is in Nederland eeuwenlang het constructiehout bij uitstek geweest en het is nog steeds de standaard voor vloeren, trappen en meubels.

  • Elastische kitPremium · ook: Elastische kit, elastisch afdichtingsmiddel, voegkit, sealant

    Elastische kit is een afdichtingsmiddel dat na uitharding rekbaar blijft en daarmee de beweging in een voeg kan volgen zonder te scheuren. Wat een kitvoeg lang laat meegaan is niet de kitsoort maar de maatvoering van de voeg en de rugvulling erachter.

  • EloxerenPremium · ook: Anodiseren, geanodiseerd aluminium, geëloxeerd aluminium

    Eloxeren is een elektrochemische behandeling waarbij de natuurlijke oxidehuid van aluminium onder stroom wordt verdikt tot een harde, poreuze laag die daarna wordt gesloten. Het resultaat is een oppervlak dat niet kan afbladderen, want het is geen laklaag maar het metaal zelf.

  • EngobePremium · ook: Kleislib, sliblaag

    Engobe is een dunne laag fijne klei die vóór het bakken op een dakpan of een keramische tegel wordt aangebracht. Bij het bakken versmelt zij met de scherf. Zij bepaalt de kleur en maakt het oppervlak dichter, maar zij is geen glazuur en geeft dus geen glans.

  • EpoxyPremium · ook: Epoxy, epoxyhars, tweecomponentenhars, 2K-epoxy

    Epoxy is een tweecomponentenhars die uithardt door een chemische reactie tussen hars en verharder, in een exact voorgeschreven mengverhouding. De sterkte en de chemische bestendigheid zijn hoog; de verwerkingstijd na mengen is kort en de mengverhouding luistert nauw.

  • EssenPremium · ook: Essen, essenhout, es

    Essen is een taaie, elastische loofhoutsoort met een uitgesproken nerftekening en een hoge slagvastheid. Het is de klassieke keuze voor gereedschapsstelen en sportmateriaal, en het is buiten ongeschikt.

F

  • FineerPremium · ook: Fineerblad, houtfineer, fineerlaag

    Fineer is een dun blad echt hout, doorgaans 0,5 tot 3 millimeter dik, dat op een ondergrond van plaatmateriaal wordt verlijmd. Zo krijgt een meubel of een deur het uiterlijk van massief hout tegen een fractie van het materiaalgebruik.

  • FretboorPremium · ook: Fretboor, handboortje, priemboor, modelboortje, stiftenboor

    Een fretboor is een klein spiraalboortje met een handvat, dat met de hand wordt rondgedraaid. Dat het langzaam gaat, is bij fijn werk geen nadeel maar de bestaansreden. Met de hand voel je de weerstand, en daardoor kun je niet doorschieten. In dun hout, in een fineerlaag, vlak bij een kant of in een oud, broos werkstuk is dat precies wat je nodig hebt: een machine boort erdoorheen voordat je merkt dat het splijt. Voor voorboren van kleine schroeven blijft het een van de weinige plekken waar handkracht wint van een accumachine.

  • FriesPremium · ook: Fries, sierband, gevelband

    Een fries is een horizontale sierband in of onder een gevel, meestal een paar metselwerklagen hoog. Hij zit vaak vlak onder de dakrand, boven een raamstrook of op de overgang tussen twee bouwlagen. De uitvoering is gemetseld, gepleisterd, van natuursteen of van hout.

G

  • GebruiksklassePremium · ook: Bij vloeren: gebruiksklasse, belastingsklasse, klasse 23, 31, 32 of 33, en bij laminaat ook de slijtklasse AC3, AC4 of AC5, wat een andere schaal is voor grotendeels hetzelfde

    Een gebruiksklasse geeft aan voor welke omstandigheden een materiaal geschikt is. Bij vloerbedekking zegt de klasse hoe zwaar het loopverkeer mag zijn, van een slaapkamer tot een winkel. Bij hout zegt de klasse hoe nat het hout wordt, van droog binnen tot in de grond. De klasse helpt je het juiste materiaal op de juiste plek te kiezen.

  • Gelaagd glasPremium · ook: Letselwerend glas, veiligheidsglas

    Gelaagd glas bestaat uit twee of meer glasplaten met een taaie kunststoffolie ertussen. Breekt het glas, dan blijven de scherven aan de folie plakken. Daarom wordt het toegepast op plekken waar iemand doorheen kan vallen.

  • GeleiderailPremium · ook: Geleiderail, zaagrail, geleidingsrail, rail

    Een geleiderail is een aluminium profiel dat je op het werkstuk legt en waarlangs een zaag of frees loopt. Hij doet twee dingen tegelijk: hij houdt de machine kaarsrecht over de volle lengte, en hij drukt met een rubberlip het materiaal langs de zaaglijn aan zodat de bovenkant niet uitscheurt. Zonder rail is een invalzaag niet meer dan een dure cirkelzaag.

  • GeluidsabsorptiePremium · ook: Geluidsabsorptie, akoestische absorptie, geluidsdemping in de ruimte, absorptiewaarde

    Geluidsabsorptie is de mate waarin een materiaal geluid opneemt in plaats van terugkaatst, uitgedrukt in een getal tussen nul en een. Nul is volledige weerkaatsing, een is volledige opname. Een gladde tegelvloer zit rond nul komma nul twee; een dikke akoestische plaat rond nul komma negen. Dat getal is per frequentie anders, en juist die frequentieafhankelijkheid bepaalt of een maatregel doet wat je ervan verwacht.

  • GepotdekseldPremium · ook: Gepotdekseld, potdekselwerk, potdekselen, overnaads beschot

    Gepotdekseld is een gevelbekleding van horizontale planken die elkaar overlappen, zoals dakpannen op een dak. Het is een systeem dat al eeuwen werkt, en de manier om het kapot te maken is één handeling. Elke plank krijgt maar één bevestiging in de hoogte, zodat hij kan werken. Schroef je door de overlap heen zodat één schroef twee planken vastzet, dan zitten ze aan elkaar geklonken — en hout werkt: het krimpt en zwelt met de vochtigheid, dwars op de nerf, over de volle plankbreedte. Vastgezet aan twee kanten kan die beweging nergens heen, en dan scheurt de plank precies bij de schroef. Dat is de meest voorkomende schade aan potdekselwerk en hij is niet te repareren zonder de plank te vervangen.

  • GevelpleisterPremium · ook: Buitenstuc, sierpleister, gevelstuc

    Gevelpleister is een afwerklaag op een buitenmuur die het metselwerk beschermt tegen regen en het gevelbeeld bepaalt. De keuze van het bindmiddel bepaalt of de gevel kan blijven ademen.

  • GietvloerPremium · ook: Gietvloer, naadloze vloer, coating

    Een gietvloer is een vloeibaar aangebrachte afwerklaag die naadloos uithardt tot een gesloten vlak. Er zijn kunststofgietvloeren op basis van polyurethaan of epoxy, en cementgebonden gietvloeren. Naadloosheid is de aantrekkingskracht en tegelijk de kwetsbaarheid: een gietvloer volgt de ondergrond en elke beweging daarin komt in de vloer terug.

  • GipskartonplaatPremium · ook: Gipskartonplaat, gipsplaat, gipskarton, wandplaat

    Een gipskartonplaat bestaat uit een gipskern tussen twee lagen karton, en is de standaardplaat voor binnenwanden, voorzetwanden en plafonds. De standaarduitvoering is niet vochtwerend, niet brandwerend en niet stootvast; daarvoor bestaan aparte platen.

  • GipsplaatPremium · ook: Gipskartonplaat, gipsvezelplaat voor de zwaardere variant zonder karton

    Een gipsplaat is een plaat met een gipskern tussen twee lagen karton, gebruikt voor wanden, plafonds en voorzetwanden. Er zijn uitvoeringen voor normale ruimtes, voor vochtige ruimtes en voor brandwerende toepassingen.

  • GipsplaatschroefPremium · ook: Gipsplaatschroef, snelbouwschroef, gipskartonschroef, drywallschroef

    Een gipsplaatschroef is een dunne schroef met een trompetkop en een scherpe punt, gemaakt om gipsplaat op een onderconstructie te bevestigen. Alles aan hem is afgestemd op één ding: de kop moet net in het karton zakken zonder het door te scheuren. Zakt hij te diep, dan houdt de schroef niets meer — het karton is de draagkracht, niet het gips. Dat is de reden dat een dieptestop bij dit werk geen luxe is.

  • GipsplaatzaagPremium · ook: Gipsplaatzaag, gipskartonzaag, steekzaag, spitszaag, muizenrug

    Een gipsplaatzaag is een korte handzaag met een spitse punt en grove tanden, waarmee je rechtstreeks in een gipsplaat kunt insteken. Hij is een van de goedkoopste gereedschappen die er zijn en hij lost het probleem op waar elektrische zagen op stuklopen: een uitsparing maken in een plaat die al aan de wand hangt, zonder de leidingen erachter te raken.

  • GipsvezelplaatPremium · ook: Gipsvezelplaat, vezelgipsplaat, gipsvezel

    Een gipsvezelplaat bestaat uit gips dat met papiervezels is versterkt en tot een homogene plaat is geperst, zonder kartonlagen. Zij is zwaarder, sterker en stootvaster dan gipskarton, en zij is in één product vocht- en brandwerend.

  • GlansverfPremium · ook: Glansverf, hoogglans, lakverf, aflak

    Glansverf is verf met een hoge glansgraad die een harde, gladde en goed reinigbare laag geeft. De glansgraad bepaalt het uiterlijk en de eigenschappen: hoe hoger de glans, hoe harder en beter reinigbaar de laag, en hoe genadelozer hij oneffenheden in de ondergrond laat zien.

  • GlaslatPremium · ook: Glaslat, glaslijst, beglazingslat, parclose, ruitlat

    Een glaslat is de smalle lat die een ruit in de sponning van een kozijn of een raam vasthoudt. Hij lijkt een afwerking en hij is een onderdeel van de waterkering. Bij vrijwel elk houtrot in een kozijn loopt het spoor via de glaslat: daar komt water in de sponning, daar blijft het staan, en van daaruit trekt het de onderdorpel in.

  • GlasvezelPremium · ook: Glasvezel, glasfilament, glasdraad

    Glasvezel is glas dat tot dunne draden is getrokken. In die vorm is het buigzaam, sterk op trek en ongevoelig voor rot en roest. In de bouw zit het in isolatie, in wapeningsweefsel onder stucwerk, in behang en in producten van glasvezelversterkte kunststof.

  • GlasvezelbehangPremium · ook: Glasvezelbehang, glasweefsel, glasvliesbehang, glasvezelweefsel

    Glasvezelbehang is een geweven of geperst wandbekledingsmateriaal van glasvezels, dat op de wand wordt gelijmd en daarna wordt overgeschilderd. Het is sterk, scheuroverbruggend en onbrandbaar, en dat is waarom het wordt toegepast: op een wand die scheurt, in een ruimte met veel gebruik, of waar brandveiligheid meetelt. Het nadeel is dat het er vrijwel niet meer af gaat.

  • GlazurenPremium · ook: Glazuren, emailleren, verglazen bij baksteen

    Glazuren is het aanbrengen van een glasachtige laag op een keramisch product, die bij hoge temperatuur versmelt tot een dichte, harde en waterdichte laag. Bij tegels, sanitair en dakpannen bepaalt het glazuur de kleur, de reinigbaarheid en de waterdichtheid. Bij baksteen spreekt men van verglazen of sinteren; dat gebeurt bij zeer hoge temperatuur zonder een aparte glazuurlaag.

  • GranietPremium · ook: Graniet

    Graniet is een stollingsgesteente met een korrelige structuur van kwarts, veldspaat en mica. Het is hard, dicht, zuurbestendig en vrijwel niet poreus. Daardoor is het de meest praktische natuursteen voor keukenwerkbladen en voor zwaar belaste vloeren, en het is de soort die het minste onderhoud vraagt.

  • GrenenPremium · ook: Grenen, grenenhout, grenehout, vurenhout wordt er vaak mee verward

    Grenen is een naaldhoutsoort met een duidelijk onderscheid tussen een lichter spinthout en een roodbruin kernhout, en met een harsgehalte dat hoger ligt dan bij vuren. Het is in Nederland het standaardhout voor verduurzaming, omdat juist het spinthout het impregneermiddel goed opneemt.

  • GrondenPremium · ook: Gronden, grondverven, in de grondverf zetten, primeren

    Gronden is het aanbrengen van de eerste verflaag op een kale of herstelde ondergrond. Die laag regelt hoeveel de ondergrond opzuigt en zorgt dat de volgende lagen zich eraan hechten. Zonder grondlaag zakt de verf ongelijk weg, hecht ze slecht en laat ze binnen een paar jaar los.

  • GrondverfPremium · ook: Grondverf, grondlak, primer, voorlak

    Grondverf is de eerste verflaag op een kale of ontvette ondergrond, bedoeld om hechting te geven, de zuiging te sluiten en de aflak een gelijkmatige basis te bieden. Op kaal hout en op metaal is hij niet optioneel. Een aflak rechtstreeks op kaal hout hecht slecht, trekt ongelijkmatig in en laat binnen enkele jaren los, en dat is de meest voorkomende oorzaak van schilderwerk dat te vroeg aan vervanging toe is.

  • GutsPremium · ook: Guts, holbeitel, gutsbeitel, holle beitel

    Een guts is een beitel met een holle in plaats van een vlakke snede, waarmee je hout uitholt, ronde vormen steekt en op de draaibank materiaal wegneemt. De holte is niet alleen een vorm maar een functie: een holle snede snijdt in het midden dieper dan aan de randen en loopt daardoor niet vast in het hout zoals een vlakke beitel dat doet.

H

  • HPLPremium · ook: HPL, high pressure laminate, hogedruklaminaat

    HPL bestaat uit papierlagen die met kunsthars zijn geïmpregneerd en onder hoge druk en temperatuur zijn samengeperst. Het resultaat is een harde, dichte plaat die slijtvast is en die niet vochtgevoelig is. Dun HPL wordt op een drager gelijmd, bijvoorbeeld voor werkbladen; compact HPL is zelfdragend en wordt gebruikt voor gevelbekleding en voor toiletwanden.

  • HandschuurmachinePremium · ook: Handschuurmachine, vlakschuurmachine, excentrische schuurmachine, rotexschuurmachine, deltaschuurmachine, bandschuurmachine

    Een handschuurmachine is een elektrische machine die met schuurpapier een oppervlak vlak en glad maakt. Wat mensen bij het schuren fout doen, gaat vrijwel nooit over de machine. Schuren is een reeks korrels en je mag geen stap overslaan. Ga je van P80 direct naar P180, dan haal je de krassen van P80 er niet uit — je maakt ze alleen glad. Ze blijven onzichtbaar tot je beitst of lakt, en dán komen ze als een streperig patroon tevoorschijn, wanneer terugdraaien betekent dat alles er weer af moet.

  • HardboardPremium · ook: Hardboard, board, hardboardplaat, masonite, HDF-plaat

    Hardboard is een dunne, harde vezelplaat, geperst uit houtvezels onder hoge druk en temperatuur, met een glad oppervlak en een dikte van doorgaans 3 tot 6 millimeter. Het is het goedkoopste vlakke plaatmateriaal dat er is. Het draagt niets en het houdt geen schroef, maar het maakt van een oneffen ondergrond een glad vlak — en dat is precies waarvoor het al bijna een eeuw wordt gebruikt.

  • HardsteenPremium · ook: Hardsteen, Belgisch hardsteen, blauwe hardsteen, arduin, petit granit, pierre bleue

    Hardsteen is een dichte, blauwgrijze kalksteen met zichtbare fossielresten, veel gebruikt voor dorpels, plinten, treden, vensterbanken en gevelbekleding. Het is de natuursteen van de Nederlandse en Belgische bouwtraditie: hard genoeg om te belopen, dicht genoeg om water te weerstaan, en zacht genoeg om te bewerken. Dat evenwicht verklaart waarom hij al eeuwen op precies die plekken zit waar steen wordt getest — de onderdorpel, de stoep, de traptrede.

  • HardwasoliePremium · ook: Hardwasolie, hardwax olie, olie-wasafwerking

    Hardwasolie is een afwerking voor houten vloeren en meubels die in het hout trekt en daar uithardt, met een waslaag aan het oppervlak. De keuze tussen olie en lak wordt gemaakt op uiterlijk, en het verschil dat er werkelijk toe doet is een ander. Lak beschermt op het hout, hardwasolie beschermt in het hout — en dat bepaalt hoe je een beschadiging herstelt. Een kras door een laklaag betekent de hele vloer of het hele vlak opnieuw schuren en lakken, omdat een plaatselijke reparatie altijd zichtbaar blijft. Een kras in een geoliede vloer schuur je plaatselijk bij en olie je na; de overgang verdwijnt. Wie kinderen, honden of een verhuizing in het vooruitzicht heeft, weegt dat zwaarder dan de glansgraad.

  • HarmonicawandPremium · ook: Harmonicawand, vouwwand, harmonicadeur, vouwdeur

    Een harmonicawand is een wand van scharnierende panelen die je aan een bovenrail opzij schuift, zodat twee ruimtes een worden. Je gebruikt hem om een kamer tijdelijk te delen. Er bestaan lichte kunststof modellen en zware akoestische uitvoeringen; het verschil in geluidwering en in wat de constructie moet dragen is groot.

  • HechtingPremium · ook: Hechting, aanhechting, hechtsterkte, hechtkracht, kleefkracht

    Hechting is het vermogen van een laag om vast te blijven zitten op de ondergrond waarop hij is aangebracht: verf op hout, tegellijm op een dekvloer, pleister op metselwerk, kit op een kozijn. Goede hechting ontstaat door een schone, draagkrachtige en passende ondergrond en door het juiste product op het juiste moment.

  • HechtlaagPremium · ook: Hechtlaag, hechtbrug, aanbrandlaag, contactlaag

    Een hechtlaag is een dunne tussenlaag die twee materialen laat hechten die dat uit zichzelf onvoldoende doen. Het wordt gezien als een extra laagje dat je kunt overslaan als je haast hebt, en dat is precies de verkeerde plek om te versnellen. Een hechtlaag heeft een tijdvenster waarbinnen de volgende laag erop moet. Te snel is hij nog nat en hecht de nieuwe laag aan een vloeistof; te laat is hij volledig uitgehard en dan hecht hij aan niets — de laag zit dan aan de ondergrond en de nieuwe laag ligt erop. Dat venster staat op de verpakking, het loopt van minuten tot uren afhankelijk van het product, en het verschil tussen wel en niet werken zit erin. De laag die er goed uitziet, zegt daarover niets.

  • HeteluchtpistoolPremium · ook: Heteluchtpistool, verfafbrander, hetelucht­blazer, afbrandpistool, heatgun

    Een heteluchtpistool blaast lucht van 50 tot ruim 650 graden, waarmee je verf zacht maakt, krimpkous krimpt, kunststof vervormt en bevroren onderdelen ontdooit. Het is een van de weinige elektrische gereedschappen zonder bewegend deel dat je kan raken, en juist daardoor wordt het onderschat. De luchtstroom is heet genoeg om binnen seconden hout te doen ontbranden en om een derdegraads brandwond te geven zonder dat je iets aanraakt.

  • HollewandplugPremium · ook: Hollewandplug, gipsplaatplug, hollewandbevestiging, tuimelplug, molly, paraplugplug

    Een hollewandplug is een bevestiging die zich achter een dunne plaat verankert in plaats van erin. Dat is het hele principe: gipsplaat, hout- of kunststofpaneel is te dun en te zacht om een schroef te dragen. Een hollewandplug grijpt achter de plaat en verdeelt de kracht over een groter oppervlak. Zijn draagkracht hangt daardoor niet af van de plug maar van de plaat en van hoe je hem belast — en dat verschil wordt vrijwel altijd over het hoofd gezien.

  • Hongaarse puntPremium · ook: Hongaarse punt, Hongaars punt, chevron, puntmotief

    Een Hongaarse punt is een legpatroon waarbij op verstek gezaagde planken samenkomen in een doorlopende punt. Bij het bestellen gaat het hier structureel mis, en dat is duurder dan het klinkt. Voor een Hongaarse punt heb je linkse en rechtse planken nodig, in gelijke aantallen, met de verstekhoek al in de fabriek gezaagd — visgraatplanken zijn recht afgezaagd en kunnen dit patroon niet vormen. Wie visgraat bestelt en een Hongaarse punt wil leggen, staat met een onbruikbare levering. Het is dezelfde houtsoort en hetzelfde uiterlijk in de folder, en het is een ander product.

  • HoutbeitsPremium · ook: Houtbeits, beits, lasuur, transparante beits

    Houtbeits is een dunne, doordringende afwerking die in het hout trekt in plaats van er als een filmlaag op te liggen, en die de houtstructuur zichtbaar laat. Dat is het verschil met lak. Beits bladdert niet af maar slijt weg, en dat maakt onderhoud eenvoudiger: bijwerken kan zonder afbijten of kaal schuren. Daar staat tegenover dat het vaker moet.

  • HoutlijmPremium · ook: Houtlijm, witte lijm, pvac-lijm, constructielijm

    Houtlijm is een lijm waarmee houten delen worden verbonden en die, mits goed toegepast, een verbinding oplevert die sterker is dan het hout zelf. De sterkte komt niet uit de lijm maar uit de klemdruk. Een dunne lijmvoeg onder druk is sterk; een dikke lijmvoeg zonder klem is dat niet, hoe duur de lijm ook was.

  • HoutvochtgehaltePremium · ook: Houtvochtgehalte, houtvochtigheid, vochtpercentage

    Het houtvochtgehalte is de hoeveelheid water in hout, uitgedrukt als percentage van het gewicht van het volledig droge hout. Het bepaalt vrijwel alles: of hout werkt, of het kan worden verlijmd of geschilderd, en of het wordt aangetast. Boven ongeveer twintig procent begint schimmelgroei; daaronder gebeurt er niets.

  • HoutvulmiddelPremium · ook: Houtvulmiddel, houtvuller, houtplamuur, houtreparatiepasta, houtreparatiemortel

    Houtvulmiddel is een pasta waarmee je gaatjes, scheurtjes en oneffenheden in hout opvult voordat je schuurt en afwerkt. De regel die alles bepaalt: vullen is afwerking en geen herstel. Een gaatje van een verzonken spijker vullen is precies waar het voor is; een weggerotte hoek van een onderdorpel vullen is uitstel — het rot gaat onder de vulling gewoon door en komt er binnen een paar seizoenen omheen weer uit.

  • HoutwolcementplaatPremium · ook: Houtwolcementplaat, houtwolplaat, HWC-plaat, houtwolcementgebonden plaat, en in Nederland vaak bij de merknaam genoemd

    Een houtwolcementplaat is een plaat van lange houtvezels die met cement of magnesiet aan elkaar zijn gebonden, met een open, wollige structuur. Die open structuur is het hele punt. Hij maakt de plaat geluidsabsorberend, geeft hem een hechtvlak voor stucwerk, en zorgt dat hij vocht kan opnemen en weer afgeven zonder te vervormen. Isoleren doet hij matig — daarvoor bestaan samengestelde varianten met een isolatiekern.

  • Hybride kitPremium · ook: Hybride kit, MS-polymeerkit, SMP-kit, silaan-gemodificeerde polymeerkit

    Hybride kit is een kit op basis van silaan-gemodificeerde polymeren, die de elasticiteit van siliconen combineert met de overschilderbaarheid van acryl. Zij hecht op vrijwel elke ondergrond, ook een licht vochtige, en zij is duurder dan de kitten die zij vervangt.

I

  • InbouwreservoirPremium · ook: Inbouwspoelbak, inbouwelement, wc-element

    Een inbouwreservoir is de spoelbak van een hangend toilet, weggewerkt achter een voorzetwand. Zichtbaar blijven alleen de pot en de bedieningsplaat. Het scheelt ruimte en maakt schoonmaken makkelijker.

  • InwassenPremium · ook: Inwassen, inslemmen, inspoelen, inwassen van voegen

    Inwassen is het vullen van voegen met een dun, vloeibaar of los materiaal dat er vanzelf in zakt, in plaats van het er stuk voor stuk in te drukken. Je borstelt of giet het over het oppervlak en werkt het de voegen in. Het komt voor bij bestrating, bij metselwerk en bij tegelwerk.

K

  • KabelgootPremium · ook: Kabelgoot, kabelkanaal, leidinggoot, plintgoot

    Een kabelgoot is een profiel waarin kabels netjes en beschermd worden weggewerkt, opbouw op een wand, plafond of vloer, of ingebouwd in een plint. Zij is de oplossing wanneer inbouwen in de wand niet kan of niet loont: bij renovatie, bij monumenten, in een berging of in een technische ruimte.

  • KalkpleisterPremium · ook: Kalkpleister, kalkstuc, kalkmortel voor pleisterwerk

    Kalkpleister is stucwerk op basis van kalk in plaats van gips of cement, dat dampopen blijft en daardoor vocht uit de muur laat ontsnappen. Op oud, massief metselwerk is dat de bepalende eigenschap. Gipsstuc op zo'n muur sluit het vocht op en komt binnen enkele jaren los; kalkpleister laat de muur ademen en gaat een mensenleven mee.

  • KalksteenPremium · ook: Kalksteen, kalkzandsteen, travertin, Franse kalksteen, Belgische hardsteen

    Kalksteen is een natuursteen die grotendeels uit calciumcarbonaat bestaat, gevormd uit afzettingen van schelp- en skeletmateriaal. Uit die samenstelling volgt de belangrijkste praktische regel, en het is er een waar veel schade uit voortkomt. Calciumcarbonaat lost op in zuur. Vrijwel elk gevelreinigingsmiddel voor metselwerk is zuur, en één beurt daarvan op een kalkstenen dorpel, plint of vloer vreet de steenhuid weg. Wat daarna overblijft is ruwer, poreuzer en zuigt sneller water op — de steen is niet alleen dof, hij is ook kwetsbaarder geworden.

  • KalkverfPremium · ook: Kalkverf, kalkwitsel, kaleien, limewash

    Kalkverf is een verf op basis van gebluste kalk die niet als een filmlaag op de ondergrond ligt maar er chemisch mee vergroeit, en die daardoor volledig dampopen blijft. Dat maakt hem de aangewezen afwerking op oud, vochtig of ademend metselwerk en op kalkpleister. Op een moderne, gesloten ondergrond werkt hij juist slecht: daar hecht hij niet en poedert hij af.

  • KantrechtenPremium · ook: Kantrechten, kanten, vlakschaven, africhten

    Kantrechten is het recht en haaks maken van de zijkant van een plank of een plaat, zodat hij zuiver aansluit op een ander deel. Het is de eerste stap in vrijwel elk stuk houtbewerking: zonder een rechte, haakse referentiekant klopt er verderop niets meer. Bij een lijmverbinding tussen twee planken bepaalt de kantrechting of de naad dicht is.

  • KeperverbandPremium · ook: Keperverband, visgraatverband, halfsteens keperverband, chevron

    Keperverband is een legpatroon waarbij elementen onder een hoek van negentig graden ten opzichte van elkaar worden gelegd, zodat een zigzagfiguur ontstaat. Het is een van de weinige patronen dat tegelijk mooi en constructief sterk is. Doordat elk element zijn buren van twee kanten klemt, verdeelt het de belasting in twee richtingen — en dat is de reden dat het al eeuwen in bestrating wordt gebruikt op plaatsen waar wordt gereden.

  • KeramiekPremium · ook: Keramiek, keramische tegel, porselein

    Keramiek is gebakken klei. In de bouw gaat het vooral om keramische tegels, waarvan de eigenschappen sterk verschillen naar de baktemperatuur en de samenstelling. Het onderscheid tussen wandtegels en vloertegels, en tussen geglazuurd en volkeramisch, bepaalt waar een tegel geschikt voor is.

  • Keramische buitentegelPremium · ook: Keramische buitentegel, keramiek buiten, porselein buitentegel, keramische terrastegel

    Een keramische buitentegel is een geperste en gebakken tegel van twintig millimeter dik, met een zeer lage wateropname en een hoge slijtvastheid. Zij is kleurvast, vlekongevoelig en vorstbestendig, en de fundering eronder bepaalt of zij vlak blijft liggen.

  • Keramische tegelPremium · ook: Keramische tegel, keramiek, gres, porselein, gres porcellanato

    Een keramische tegel is een geperste en gebakken tegel van klei met kwarts en veldspaat, met een wateropname die het toepassingsgebied bepaalt. De wateropname en de slijtvastheidsklasse zijn de twee getallen waarop je kiest; de rest is smaak.

  • KitPremium · ook: Kit, kitmassa, afdichtingskit, voegkit, sealant

    Kit is een pasteuze massa die je in een voeg spuit en die daarna uithardt tot een blijvend elastische afdichting. Het woord elastisch is de hele reden dat kit bestaat. Twee bouwdelen bewegen ten opzichte van elkaar — door temperatuur, door vocht, door zetting — en een starre vulling scheurt daar. Kit is geen vulmiddel maar een beweegbare afdichting, en vrijwel elke mislukte kitvoeg komt voort uit het negeren van dat verschil.

  • KitnaadPremium · ook: Kitnaad, kitvoeg, kitrand, afdichtingsvoeg of elastische voeg

    Een kitnaad is een voeg tussen twee bouwdelen die is gevuld met een elastische kit. Hij dicht de naad af tegen water, lucht en vuil en kan meebewegen als de delen werken, bijvoorbeeld tussen bad en tegels, tussen aanrecht en wand of tussen glas en kozijn.

  • KitpistoolPremium · ook: Kitpistool, kitspuit, silicone pistool

    Een kitpistool perst kit of lijm uit een koker of een foliezak. Het is eenvoudig gereedschap en het resultaat hangt vrijwel volledig af van de techniek en van de voorbereiding. Een strakke kitvoeg is een van de zichtbaarste onderdelen van afwerkwerk, en tegelijk het onderdeel waar amateurwerk direct opvalt.

  • KlampPremium · ook: Klamp, klampje, klamplat

    Een klamp is een lat of strip die dwars over meerdere delen wordt bevestigd om die bij elkaar te houden en om werking tegen te gaan. Je ziet het bij klampdeuren, bij luiken en bij houten vloeren. In het metselwerk is een klamplaag een dunne laag stenen die tegen een bestaande wand wordt gezet.

  • KlamplaagPremium · ook: Klamplaag, klampmuur, voorzetlaag

    Een klamplaag is een dunne laag metselwerk die tegen een bestaande wand wordt aangebracht, bestaande uit stenen op hun smalle kant of uit dunne strips. Het doel is een baksteenbeeld te geven aan een wand die niet van baksteen is, of een bestaande gevel te herstellen zonder de constructie te vervangen.

  • KleefbandPremium · ook: Kleefband, plakband, tape, ducttape, schilderstape, luchtdichtingstape

    Kleefband is een drager met een kleeflaag, gebruikt om te bevestigen, af te plakken of af te dichten. Bij bouwtoepassingen wordt tape behandeld als iets wat altijd werkt, en dat is precies waar het misgaat. Een tape is niet sterker dan de ondergrond waarop hij plakt, en de lijm heeft een temperatuurbereik en een houdbaarheid. Stof, vocht, kou en uv-licht zijn de vier oorzaken van vrijwel elke losgelaten tape — en bij een luchtdichtingstape in een dakconstructie merk je dat pas jaren later, aan de condens.

  • KlepraamPremium · ook: Klepraam, uitzetraam, bovenlicht met klep

    Een klepraam is een raam dat aan de onderzijde is scharnierend en aan de bovenzijde opent, of andersom: aan de bovenzijde scharnierend en aan de onderzijde uitzettend. Het wordt vooral gebruikt als ventilatievoorziening boven een groter raam of boven een deur, waar het lucht binnenlaat zonder dat er regen of inbraakrisico bijkomt.

  • KloostersponningPremium · ook: Kloostersponning, groef, gleuf, sleuf

    Een kloostersponning is een groef in het vlak van een houten of stenen deel, omsloten aan drie zijden. Het onderscheid met een gewone sponning klinkt als een woordenkwestie en het bepaalt hoe je hem maakt. Een sponning ligt langs de rand en is aan twee zijden open; een kloostersponning ligt in het vlak en is aan drie zijden omsloten. Dat verschil betekent dat je een sponning met een schaaf of een frees langs de kant kunt aflopen, en een kloostersponning niet: die moet in het vlak worden uitgestoken of gefreesd, met een aanzet en een uitloop die je niet kunt wegwerken. Bij historisch werk is precies die uitloop het detail waaraan je de hand van de maker herkent.

  • KoevoetPremium · ook: Koevoet, nagelklauw, gespleten hefboom, spijkertrekker

    Een koevoet is een gebogen stalen hefboom met aan één of beide einden een gespleten klauw, waarmee je spijkers trekt en houtdelen van elkaar licht. De hele werking zit in de hefboom en het steunpunt. De kracht die je met de hand op de lange arm zet, wordt bij de klauw tientallen malen vermenigvuldigd. Dat maakt het gereedschap effectief en tegelijk de belangrijkste bron van schade: die kracht komt ook terecht op het hout waar je op steunt.

  • KoofPremium · ook: Koof, kooflijst, verlaagde koof, kast, ombouw, sanca

    Een koof is een afgetimmerde ruimte langs een plafond of wand waarin leidingen, kanalen of verlichting worden weggewerkt. Het is een van de meest bruikbare oplossingen bij verbouwen — en het is ook de plek waar dingen definitief onbereikbaar worden gemaakt. Wat je in een koof wegwerkt, kun je niet meer inspecteren, en er zijn onderdelen die volgens de regels bereikbaar moeten blijven: elektrische lasverbindingen, afsluiters, meet- en regelapparatuur, en de aansluiting van een rookgasafvoer.

  • Koploze spijkerPremium · ook: Koploze spijker, kopspijker, verloren spijker, stiftnagel, brad

    Een koploze spijker is een dunne nagel met een nauwelijks zichtbare kop, voor aftimmerwerk. Het onderscheid met een gewone spijker zit niet in de spijker maar in wat je erna doet. Een koploze spijker wordt niet vlak geslagen maar met een drevel onder het houtoppervlak gezet, waarna het gaatje wordt gevuld en weggeschuurd. Daardoor zie je de bevestiging niet meer — en dat is precies waarvoor hij bestaat. Wie hem tot aan de kop inslaat en daar laat zitten, gebruikt een dure spijker die er slechter uitziet dan een gewone en die minder houdt.

  • KopshoutPremium · ook: Kopshout, kops hout, kopse kant, kopeind, hirnhout

    Kopshout is het vlak dat ontstaat wanneer hout dwars op de vezelrichting wordt doorgezaagd. Het gedraagt zich volstrekt anders dan de rest van het hout, en dat verklaart een reeks praktijkregels die anders willekeurig lijken. Kopshout zuigt water op als een bundel rietjes, het houdt een schroef of een spijker slecht vast, het scheurt uit bij het zagen en schaven, en het neemt verf en beits ongelijkmatig op. Vier eigenschappen die samen de meeste houtschade in en om een woning verklaren.

  • KrimpPremium · ook: Krimp, krimpvervorming, uitdrogingskrimp, autogene krimp

    Krimp is de maatverandering die een bouwmateriaal ondergaat wanneer het uitdroogt of uithardt, en die zich in de eerste jaren na uitvoering grotendeels voltrekt. Wordt die beweging verhinderd, dan scheurt het materiaal; dat is de reden dat dilatatievoegen bestaan.

  • KrimpscheurPremium · ook: Krimpscheur, droogscheur, haarscheur, craquelé bij een netvormig patroon

    Een krimpscheur is een scheur die ontstaat doordat een materiaal bij het uitharden of drogen kleiner wordt. De vraag die achter elke gemelde scheur zit, is niet hoe je hem wegwerkt maar wat hij betekent — en dat is aan de scheur zelf af te lezen. Een krimpscheur is fijn, staat er vrijwel meteen, en groeit niet meer; een zettingsscheur loopt diagonaal, is aan één kant breder dan aan de andere, en wordt in de loop van maanden groter. Die tweede is een signaal over de fundering of de constructie en vraagt onderzoek. De eerste is een afwerkkwestie. Wie het verschil niet maakt, stuukt óf een onschuldige scheur eindeloos over, óf werkt een constructief signaal weg.

  • KruisvensterPremium · ook: Kruisvenster, kruiskozijn, kruisraam, kruisstijlvenster.

    Een kruisvenster is een venster dat door een verticale stijl en een horizontale regel in vier vlakken is verdeeld. Die verdeling heeft de vorm van een kruis. Je vindt het bij panden van voor 1700 en bij latere gebouwen die in oude stijl zijn gebouwd of hersteld.

  • KunststeenPremium · ook: Kunststeen, composietsteen, kwartscomposiet

    Kunststeen bestaat uit steenkorrels, doorgaans kwarts, gebonden met kunsthars. Het combineert de hardheid van natuursteen met een gelijkmatige kleur en een lage porositeit. Het is de gangbaarste keuze voor keukenwerkbladen geworden, omdat het niet vlekt, niet zuurgevoelig is en in elke gewenste kleur leverbaar is.

  • KwartscomposietPremium · ook: Kwartscomposiet, composietsteen, kunststeen, samengesteld kwarts

    Kwartscomposiet is kunststeen van fijngemalen kwarts, gebonden met kunsthars en pigment. De samenstelling verklaart zowel de aantrekkingskracht als de zwakke plek. Het is voor ruwweg negentig procent kwarts en voor tien procent hars — en die tien procent bepaalt alles wat er misgaat. Hars verdraagt geen hitte: een pan van het vuur laat een blijvende vlek of een haarscheur achter, en dat is geen slijtage maar directe schade. Hars verkleurt bovendien onder uv, waardoor het materiaal buiten niet thuishoort. Wat je ervoor terugkrijgt is een blad dat niet poreus is, niet hoeft te worden geïmpregneerd en in kleur volstrekt voorspelbaar is.

  • KwartsietPremium · ook: Kwartsiet, quartziet, kwartsietsteen

    Kwartsiet is een hard, van nature gevormd gesteente dat vrijwel geheel uit kwarts bestaat. Twee producten met bijna dezelfde naam zijn tegengesteld op precies het punt dat in een keuken telt. Kwartsiet is natuursteen en kan hitte hebben; kwartscomposiet is kunststeen met hars erin en kan dat niet. Een hete pan op kwartsiet is doorgaans geen probleem, dezelfde pan op kwartscomposiet geeft een blijvende vlek of scheur. De namen liggen in de folder naast elkaar, ze schelen honderden euro's, en verkopers gebruiken ze door elkaar. Vraag altijd expliciet of het natuursteen of kunststeen is.

  • KwastPremium · ook: Kwast, verfkwast, penseel, blokwitter, platte kwast

    Een kwast is een bundel haren of vezels in een houder, waarmee je verf, lak, beits of lijm gedoseerd op een oppervlak brengt. Wat een kwast doet, is niet verf overbrengen maar verf vasthouden en gedoseerd afgeven. Dat is de reden dat een goede kwast langer doorschildert, minder strepen zet en minder druppelt — en de reden dat een goedkope kwast in watergedragen verf onwerkbaar is.

L

  • LaagdiktePremium · ook: Laagdikte, filmdikte, verflaagdikte, coatingdikte

    Laagdikte is de dikte van een aangebrachte laag verf, lak, coating of pleister, gemeten in micrometers of millimeters. Bij verf is het verschil tussen de natte laag direct na het aanbrengen en de droge laag na uitharding het belangrijkste onderscheid. De laagdikte bepaalt hoe lang de laag zijn werk doet.

  • LakPremium · ook: Lak, lakverf, aflak, glansverf, emaille

    Lak is dekkende verf met een gladde, gesloten film, bedoeld als afwerklaag op hout, metaal en kunststof. De aflak bepaalt het uiterlijk en niet de levensduur; die zit in de grondlaag en in de voorbereiding.

  • LambriseringPremium · ook: Lambrisering, wandbetimmering, beschot, paneelwand, wandpanelen

    Lambrisering is een betimmering tegen de onderste helft of het geheel van een wand, doorgaans van hout of van plaatmateriaal. Het is ooit ontstaan als bescherming: het onderste deel van een muur krijgt de klappen, de schoppen en het vocht, en een houten schil vangt dat op. In een oud pand doet het dat nog steeds. In een nieuw pand is het vrijwel altijd een esthetische keuze — en daar zit de valkuil, want een betimmering tegen een vochtige muur maakt het probleem erger in plaats van beter.

  • LaminaatPremium · ook: Laminaatvloer

    Laminaat is een vloerafwerking met een houtvezelkern en een bedrukte slijtlaag die hout of steen nabootst. Het wordt zwevend gelegd met een kliksysteem, zonder lijm. Het is goedkoop en snel te leggen, en gevoelig voor water.

  • LatexPremium · ook: Latex, muurverf, dispersieverf, acrylverf voor muren

    Latex is watergedragen muurverf op basis van een kunststofdispersie, gebruikt voor wanden en plafonds binnen en soms buiten. Het is de meest gebruikte verf in Nederlandse woningen. De keuze tussen matte en glanzende latex gaat over reinigbaarheid tegenover het verbergen van oneffenheden, en de keuze voor dampopen of dampdicht is bouwfysisch relevant bij vochtige muren.

  • LatexverfPremium · ook: Latexverf, latex, muurverf, dispersieverf, acrylverf voor wanden

    Latexverf is watergedragen muurverf waarin kunststofdeeltjes zijn gedispergeerd, die na verdamping van het water samenvloeien tot een aaneengesloten laag. De hele bruikbaarheid zit in dat samenvloeien. Het water verdampt eerst, en pas daarna trekken de deeltjes elkaar samen tot een film. Dat proces vraagt tijd en temperatuur, en het is de reden dat latex die op een koude wand of in tocht is aangebracht nooit de hardheid en de reinigbaarheid haalt die op het blik staat.

  • LedermesPremium · ook: Ledermes, leermes, halfmaanmes, snijmes voor leer en voor zeil

    Een ledermes is een mes met een breed, vaak halfrond blad, oorspronkelijk bedoeld voor het snijden van leer. In de bouw komt het woord voor bij vloerleggers en dakdekkers, die vergelijkbare messen gebruiken voor het snijden van zeil, linoleum, tapijt en dakbanen. Het brede blad geeft een strakke, doorlopende snede die met een gewoon mes lastig is.

  • LeemPremium · ook: Leem, leemstuc, leempleister, leemsteen

    Leem is een mengsel van klei, silt en zand dat als bouwmateriaal wordt gebruikt voor pleisterwerk, voor vullingen in vakwerk en voor massieve wanden. Het is een van de oudste bouwmaterialen en het is de laatste jaren terug in de aandacht vanwege twee eigenschappen: het reguleert de luchtvochtigheid in een ruimte en het heeft een zeer lage milieubelasting.

  • LegverbandPremium · ook: Legpatroon, straatverband, verband

    Het legverband is het patroon waarin bestrating, tegels of stenen worden gelegd. Het bepaalt niet alleen het uiterlijk maar vooral hoeveel de bestrating kan verschuiven onder belasting.

  • LeisteenPremium · ook: Leisteen, lei

    Leisteen is een metamorf gesteente dat zich in dunne platen laat splijten. Die splijtbaarheid maakt het uitermate geschikt als dakbedekking en als vloertegel. Het is dicht, vorstbestendig en vrijwel onderhoudsvrij, en natuurleien op een dak gaan tot honderdvijftig jaar mee.

  • LijmkamPremium · ook: Lijmkam, kamspaan, tandspaan, getande spaan, tandtroffel

    Een lijmkam is een spaan met tanden waarmee tegellijm in gelijkmatige ribbels wordt verdeeld. Het is een van de goedkoopste gereedschappen in de bouw en het bepaalt iets duurs: de maat van de vertanding bepaalt hoeveel lijm er onder de tegel komt. Te weinig lijm geeft holle plekken en losse tegels; te veel lijm geeft een tegel die te hoog komt en lijm die door de voeg omhoog perst. De juiste maat staat op de zak lijm en op de doos tegels, en vrijwel niemand kijkt.

  • LijmklemPremium · ook: Lijmklem, lijmtang, klem, schroefklem, spanklem

    Een lijmklem houdt twee delen tegen elkaar terwijl de lijm uithardt. De reflex is zo vast mogelijk aandraaien en dat verzwakt de verbinding. Een lijmnaad heeft lijm nodig; te vast klemmen perst hem eruit en dan hecht droog hout op droog hout. Wat je zoekt is voldoende druk om de delen sluitend tegen elkaar te brengen en een dun, gelijkmatig lijmlaagje te houden — herkenbaar aan een kleine, gelijkmatige rups lijm die overal langs de naad naar buiten komt. Komt er niets uit, dan was er te weinig lijm of te veel druk; komt er veel uit, dan was er te veel lijm.

  • LijnoliePremium · ook: Lijnolie, lijnzaadolie, standolie, gekookte lijnolie, lijnolieverf

    Lijnolie is een plantaardige olie uit lijnzaad die het hout intrekt en daar door opname van zuurstof uithardt. Het is de oudste houtbescherming die we hebben, en het is ook het materiaal met het meest onderschatte gevaar in de doe-het-zelfhoek: een prop met lijnolie doordrenkte doeken kan spontaan ontbranden. Dat is geen verhaal maar een chemisch proces, en het is een terugkerende oorzaak van werkplaats- en woningbranden.

  • LinoleumPremium · ook: Linoleum, lino, marmoleum, natuurlinoleum

    Linoleum is een vloerbedekking van geoxideerde lijnolie met houtmeel, kurkmeel, harsen en kalksteen, op een juterug. Het is een van de weinige echt biobased vloeren, het gaat twintig tot veertig jaar mee, en het heeft één eigenschap die iedereen die er voor het eerst mee werkt verrast: een nieuwe linoleumvloer is geel en wordt vanzelf lichter. Dat heet de droogkamergeling en hij trekt binnen enkele weken bij daglicht weg — het is geen fabricagefout en er is geen reden om te klagen.

  • Loodhoudende verfPremium · ook: Loodhoudende verf, loodverf, loodwitverf, menie

    Loodhoudende verf is oude verf waarin lood als pigment of droger is verwerkt. Zolang de laag heel is en er niets mee gebeurt, doet hij niets. Het risico ontstaat op het moment dat je hem gaat bewerken: droog schuren, schrapen of afbranden maakt van een onschuldige laag een fijne stof- of dampwolk die door de hele woning trekt. En het gaat om een zwaar metaal dat zich in het lichaam ophoopt en dat bij jonge kinderen de hersenontwikkeling raakt. De maatregel is dus niet de verf weghalen maar de bewerking veranderen: nat schuren of chemisch afbijten, met afgeschermde werkplek en zonder kinderen in huis.

  • LoopslotPremium · ook: Loopslot, dagslot, vallenslot

    Een loopslot is een slot met alleen een dagschoot: de schuine tong die vanzelf in de sluitplaat valt als je de deur dichtdoet en die met de kruk wordt teruggetrokken. Het houdt de deur dicht maar het vergrendelt niet. Voor binnendeuren is dat precies genoeg; voor een buitendeur is het onvoldoende.

M

  • MDFPremium · ook: MDF, medium density fibreboard, vezelplaat

    MDF bestaat uit houtvezels die met lijm onder druk en warmte tot een plaat zijn geperst. Het is homogeen van structuur, zonder nerf en zonder kwasten, en daardoor uitstekend te frezen en glad af te werken. Het is het standaard plaatmateriaal voor binnenbetimmering, deuren, kasten en geschilderd timmerwerk, en het is ongeschikt voor vochtige omgevingen tenzij in een vochtwerende uitvoering.

  • MarmerPremium · ook: Marmer

    Marmer is kalksteen die door druk en temperatuur is omgevormd tot een kristallijn gesteente. Het is fraai, goed te polijsten en tegelijk zacht en zuurgevoelig. Die zuurgevoeligheid is de bepalende eigenschap: citroen, azijn, wijn en zure schoonmaakmiddelen laten doffe plekken achter die niet weg te poetsen zijn.

  • Massief houtPremium · ook: Massief hout, massiefhout, volhout, kruislaaghout, CLT, massiefhoutbouw

    Massief hout is hout uit één stuk, tegenover fineer, plaatmateriaal of hout met een toplaag. Het onderscheid dat het meest kost, ligt niet tussen massief en niet-massief maar tussen massief en stabiel. Massief hout werkt: het krimpt en zet uit in de breedte met het vocht in de lucht, elk seizoen opnieuw, en dat gaat door zolang het bestaat. Een massief blad dat strak is vastgeschroefd, scheurt daardoor; hetzelfde blad met bewegingsruimte gaat generaties mee. Plaatmateriaal werkt vrijwel niet — dat is de reden dat het bestaat, en niet een teken van mindere kwaliteit.

  • MatglasPremium · ook: Matglas, mat glas, gezandstraald glas, geëtst glas, satijnglas

    Matglas is glas waarvan het oppervlak is geruwd door zandstralen of geëtst met een zuurbehandeling, waardoor het licht doorlaat maar geen scherp beeld. Zandgestraald glas is vuilgevoelig; geëtst en gecoat glas is dat aanzienlijk minder.

  • MerantiPremium · ook: Meranti, seraya, lauan

    Meranti is een verzamelnaam voor tropisch loofhout uit Zuidoost-Azië. Het is decennialang de standaard geweest voor Nederlandse buitenkozijnen, vanwege de goede bewerkbaarheid en de redelijke duurzaamheid. De naam dekt een brede lading: donker rood meranti is duurzamer dan licht rood of wit meranti, en dat verschil is bij aanschaf bepalend.

  • MetalstudPremium · ook: Metal stud, systeemwand met stalen frame

    Een metalstudwand is een lichte scheidingswand van dunne stalen profielen, aan weerszijden bekleed met gipsplaten. Hij is snel te bouwen, licht van gewicht en biedt ruimte voor isolatie en leidingen in de holte.

  • MeubelplaatPremium · ook: Meubelplaat, timmerpaneel, lattenplaat, blokplaat, tischlerplaat

    Een meubelplaat is een plaat met een kern van naast elkaar gelijmde massieve latten, afgedekt met fineer aan beide zijden. Het combineert de stijfheid van massief hout met de stabiliteit van een plaat. Doordat de kern uit smalle latten bestaat die om en om zijn gedraaid, heffen de spanningen elkaar op, en doordat het echt hout is, houdt hij een schroef aanzienlijk beter vast dan spaanplaat of MDF.

  • MontagekitPremium · ook: Montagekit, montagelijm, constructielijm, vloeibare spijker, no-more-nails-lijm

    Montagekit is een pasteuze lijm in een koker waarmee je bouwdelen aan elkaar bevestigt zonder te schroeven of te spijkeren. Hij dankt zijn bruikbaarheid aan één eigenschap: hij overbrugt oneffenheden. Waar een dunne lijm een vlakke, passende ondergrond vereist, vult montagekit een naad van enkele millimeters op en trekt hij de delen alsnog tegen elkaar. Dat maakt hem bruikbaar op een ruwe wand, op een oud plafond en op een ondergrond die niet vlak is.

  • MontagelijmPremium · ook: Montagelijm, constructielijm, bouwlijm, kit-lijm

    Montagelijm is een lijm in kokerverpakking waarmee bouwdelen zonder mechanische bevestiging worden vastgezet, met een hoge aanvangshechting. Het bindmiddel bepaalt of zij binnen of buiten kan en of de verbinding elastisch of stijf wordt.

  • MozaïekPremium · ook: Mozaïek, mozaïektegels, mozaïekmatten

    Mozaïek bestaat uit kleine tegeltjes die op een net of op papier zijn voorgemonteerd tot matten van ongeveer dertig bij dertig centimeter. De vele voegen maken het stroef en daarmee geschikt voor douchevloeren, en zij maken het tegelijk onderhoudsgevoelig.

  • MultiplexPremium · ook: Multiplex, triplex bij drie lagen, underlayment als dunne vloerplaat

    Multiplex bestaat uit oneven aantallen fineerlagen die kruislings op elkaar zijn verlijmd. Door die kruislaagse opbouw is de plaat in beide richtingen sterk en maatvast. Het is het sterkste en meest maatvaste plaatmateriaal in de bouw, en het enige dat in de juiste uitvoering geschikt is voor buitentoepassing en voor natte ruimten.

  • MultitoolPremium · ook: Multitool, oscillerende multitool, multizaag, renovatiezaag

    Een multitool is een handmachine waarvan het hulpstuk niet ronddraait maar met een kleine hoek zeer snel heen en weer trilt. Daardoor kan hij iets wat geen enkele andere zaag kan: midden in bestaand werk invallen, vlak langs een aangrenzend vlak. Een plint doorzagen zonder de vloer te raken, een deurstijl inkorten op vloerniveau, een uitsparing in een gemonteerde plaat. Dat is zijn hele bestaansreden, en daarbuiten is hij altijd de tweede keuze.

  • MuurverfPremium · ook: Muurverf, latex, wandverf, sausverf

    Muurverf is watergedragen verf voor wanden en plafonds binnen, met een bindmiddel dat na verdamping van het water een aaneengesloten film vormt. De glansgraad bepaalt hoe reinigbaar en hoe vergevingsgezind de laag is; matte verf verbergt oneffenheden en is slecht schoon te maken.

N

  • NaaldhoutPremium · ook: Naaldhout, zachthout, vurenhout, grenenhout, conifeerhout

    Naaldhout is het hout van naaldbomen — vuren, grenen, douglas, lariks, ceder — en het is het meest gebruikte constructie- en timmerhout in Nederland. De reden is eenvoudig: het groeit snel, het is licht in verhouding tot zijn sterkte, en het is goed te bewerken. De keuze binnen de groep gaat over duurzaamheidsklasse — hoe goed de soort zich zonder behandeling houdt in vochtige omstandigheden — en dat is de eigenschap waar de meeste fouten in worden gemaakt.

  • NatuursteenPremium · ook: Natuursteen, hardsteen als verzamelnaam voor de donkere kalksteensoorten

    Natuursteen is uit de aardkorst gewonnen gesteente dat in de bouw wordt toegepast: als vloer, wandbekleding, dorpel, werkblad of bestrating. De eigenschappen verschillen sterk per soort. Graniet is hard en zuurbestendig, marmer is zacht en gevoelig voor zuur, en dat verschil bepaalt waar je wat toepast.

  • NatuursteentegelPremium · ook: Natuursteentegel, natuursteen vloertegel, steenstrip van natuursteen

    Een natuursteentegel is uit een gesteenteblok gezaagd en daarna geschuurd, gezoet of gepolijst. Elke tegel is anders van kleur en tekening, en de poreusheid van de steensoort bepaalt of impregneren nodig is.

  • NatzaagPremium · ook: Natzaag, tegelzaagmachine, watertafelzaag, tegelzaag

    Een natzaag is een tafelmachine met een diamantschijf die door een waterbad loopt, waarmee harde plaatmaterialen worden doorgezaagd. Hij doet drie dingen die een tegelsnijder niet kan: uitsparingen, halve snedes en hard materiaal. En hij lost het grootste gezondheidsrisico van tegelwerk op — kwartsstof — doordat het slijpsel in het water blijft in plaats van in de lucht.

  • NietmachinePremium · ook: Nietmachine, tacker, nietpistool, handtacker, krammenapparaat

    Een nietmachine is een apparaat dat met veer-, accu-, elektrische of pneumatische kracht een U-vormige kram in hout of een zacht materiaal drijft. Het is bevestigen zonder voorboren, zonder schroeven en zonder tweede hand. Dat maakt hem onmisbaar bij alles wat plat op hout moet blijven zitten — folie, doek, gaas, dun plaatmateriaal — en volstrekt ongeschikt voor alles wat kracht moet dragen.

  • NijptangPremium · ook: Nijptang, kniptang, bijttang, timmermanstang, tenaille

    Een nijptang is een tang met ronde, geharde bekken waarvan de snijkant aan de voorzijde zit, bedoeld om spijkers en draad door te knippen en eruit te trekken. De ronde vorm is het ontwerp: de bek werkt als een wiel dat over het hout rolt terwijl je de spijker eruit trekt. Dat maakt hem tot het gereedschap voor spijkers die te kort of te vlak zitten voor een koevoet, en het is de reden dat elke timmerman er een heeft liggen.

  • NoestPremium · ook: Noest, kwast, knoest, knoop

    Een noest is de plek waar een tak in de stam vastzat en die na het zagen als een ronde of ovale vlek in het hout zichtbaar blijft. De vezels lopen daar niet meer recht maar om de tak heen. Dat maakt de plek harder, onrustiger van kleur en zwakker in de lengterichting.

O

  • OkouméPremium · ook: Okoumé, okoume, gaboen

    Okoumé is een licht Afrikaans hardhout dat vrijwel uitsluitend als multiplex wordt verhandeld. Het is licht, goed te bewerken en niet duurzaam; de lijmklasse bepaalt of een plaat buiten mag.

  • OpaalglasPremium · ook: Opaalglas, melkglas, satijnglas

    Opaalglas is glas dat licht doorlaat maar het beeld verstrooit, zodat je er niet doorheen kunt kijken. De verstrooiing zit in de massa van het glas en niet alleen aan het oppervlak. Het wordt toegepast waar licht gewenst is en zicht niet: badkamers, toiletten, tussendeuren en trappenhuizen.

  • OpdekdeurPremium · ook: Opdekdeur, deur met opdek, sponningdeur

    Een opdekdeur heeft een verdikte rand die over het kozijn heen valt, waardoor de naad tussen deur en kozijn wordt afgedekt. Het is de standaard in de Nederlandse woningbouw en de maatvoering is daardoor sterk gestandaardiseerd.

  • Open trapPremium · ook: Open trap, trap zonder stootborden, zwevende trap

    Een open trap is een trap zonder stootborden, waarbij je tussen de treden door kunt kijken. Zij oogt licht en ruimtelijk en zij is populair in moderne interieurs. De keerzijde is veiligheid: voor jonge kinderen, voor ouderen en voor mensen met hoogtevrees is een open trap aanzienlijk minder prettig.

  • OrnamentPremium · ook: Ornament, sierelement, stucornament, rozet, lijstwerk

    Een ornament is een decoratief element aan of in een gebouw: een stucrozet op het plafond, een sierlijst, een gevelsteen of een houten profiel. Bij vooroorlogse woningen zijn ornamenten vaak beeldbepalend en bij monumenten zijn ze beschermd. Ze zijn herstelbaar, ook als ze onder tien lagen verf zijn verdwenen.

P

  • PaneeldeurPremium · ook: Paneeldeur, kasseteendeur, gestoken deur

    Een paneeldeur is een deur die is opgebouwd uit een raamwerk van stijlen en regels met daartussen vullingen, de panelen. De constructie laat het hout werken zonder dat de deur scheurt of kromtrekt, en dat is de reden dat het principe al eeuwen wordt toegepast.

  • ParketPremium · ook: Parketvloer, houten vloer

    Parket is een vloerafwerking van hout, gelegd in stroken, planken of een patroon. De dikte van de toplaag bepaalt hoe vaak de vloer kan worden geschuurd en daarmee hoe lang hij meegaat.

  • ParketvloerPremium · ook: Parketvloer, parket, houten vloer, massief parket, meerlaags parket, lamelparket

    Een parketvloer is een vloerafwerking van massief of meerlaags hout. Alles bij een houten vloer draait om één ding: hout werkt met de luchtvochtigheid. Het krimpt in de winter als de verwarming aan staat en zet uit in de zomer. Wie daar geen ruimte voor laat — een dilatatievoeg langs alle wanden — krijgt een vloer die bol gaat staan of die openscheurt. En bij vloerverwarming komt daar een tweede eis bij: acclimatiseren, een stookprotocol en een maximale vloertemperatuur.

  • PasserPremium · ook: Passer, steekpasser, kruispasser, cirkelpasser, aftekenpasser, schroefpasser

    Een passer is een aftekengereedschap met twee benen, voor het slaan van cirkels en het overnemen van maten. Het klinkt als schoolgereedschap en het lost in de bouw een probleem op waar geen ander gereedschap voor bestaat: het overbrengen van een onregelmatige lijn op een recht werkstuk. Een muur is nooit recht, een vloer nooit vlak, een oud kozijn nooit haaks — en met een passer teken je die kromming exact over op een plint, een paneel of een vloerdeel. Dat heet aftekenen op maat, en het is de reden dat vakwerk aansluit waar doe-het-zelfwerk kiert.

  • Pen-en-gatverbindingPremium · ook: Pen-en-gatverbinding, pen-gatverbinding, tapverbinding

    Een pen-en-gatverbinding is een houtverbinding waarbij een uitstekende pen in een uitgestoken gat valt. Het is de oudste sterke houtverbinding die er is, en de reden dat hij het houdt, staat haaks op wat mensen aannemen. De sterkte zit in de passing, niet in de lijm. Een pen die met de hamer erin moet, wringt het gat open en splijt op termijn het hout; een pen die er los in valt, wordt alleen door lijm op zijn plaats gehouden, en een lijmvoeg met een grote spleet is zwak. Wat je zoekt is handpassing: met stevige handdruk erin, en er niet vanzelf weer uit. Bij die passing sluiten de wangen van het gat over vrijwel het hele oppervlak op de pen aan, en dat is waar de kracht doorheen gaat.

  • PlafondPremium · ook: Zoldering (verouderd)

    Het plafond is de afwerking van de bovenzijde van een ruimte. Het verbergt de onderkant van de vloer of het dak erboven en biedt ruimte voor leidingen, verlichting en isolatie.

  • PlafondverlichtingPremium · ook: Plafondverlichting, algemene verlichting, basisverlichting, plafonnière, inbouwspots

    Plafondverlichting is de algemene verlichting die vanaf het plafond een ruimte gelijkmatig verlicht. De standaardoplossing in Nederlandse woningen is er één en die werkt slecht. Eén lichtpunt midden in het plafond geeft vlak licht, harde schaduwen en licht dat vanuit je rug op je werkvlak valt — dus werk je in je eigen schaduw. Met dezelfde hoeveelheid licht, verdeeld over meerdere punten en aangevuld met gericht en indirect licht, wordt dezelfde ruimte bruikbaar. Dat is geen kwestie van meer lampen maar van andere plaatsing.

  • PlakspaanPremium · ook: Plakspaan, spaan, pleisterspaan

    Een plakspaan is een vlakke, rechthoekige plaat met een handgreep, gebruikt om stucwerk, pleister en egaline aan te brengen en glad te strijken. Het is het bepalende gereedschap van de stukadoor, en het verschil tussen een strak en een golvend vlak zit vrijwel geheel in de techniek en in de staat van de spaan.

  • Platvol voegenPremium · ook: Platvol voegen, platvolle voeg, vlakke voeg

    Platvol voegen is een voegvorm waarbij de voeg gelijk ligt met het steenoppervlak, zonder verdieping en zonder holte. Het is de meest voorkomende voeg bij moderne gevels omdat er geen water op blijft staan en omdat hij het minst gevoelig is voor vorstschade. Bij oud metselwerk is de voegvorm vaak beeldbepalend en dan is platvol niet automatisch de juiste keuze.

  • PlavuisPremium · ook: Plavuis, plavuizen, estrik, terracottategel, cotto, tomette

    Een plavuis is een dikke, doorgaans ongeglazuurde vloertegel van gebakken klei. De eigenschap die alles bepaalt is poreusheid. Een plavuis zuigt vocht op — dat geeft hem zijn warme, levende uitstraling en het is tegelijk zijn kwetsbaarheid. Zonder impregnering trekt elke vetvlek erin en gaat er niet meer uit, en bij een vochtige ondergrond trekt vocht van onderaf omhoog en slaat er zout uit.

  • PlintPremium · ook: Plint, vloerplint, sokkellijst, wandplint

    Een plint is de afwerking op de overgang van vloer naar wand. Hij ziet er decoratief uit, maar hij lost drie praktische problemen op: hij verbergt de dilatatievoeg die een zwevende vloer nodig heeft, hij beschermt de onderkant van de wand tegen stofzuiger, dweil en schoenen, en hij vangt de maatafwijking op tussen een vloer die nooit helemaal vlak is en een wand die nooit helemaal recht is.

  • PoedercoatenPremium · ook: Poedercoaten, poedercoating, poederlakken, moffelen

    Poedercoaten is het aanbrengen van een gekleurde poederlaag op metaal, die elektrostatisch blijft hangen en daarna in een oven wordt uitgehard tot een gesloten laag. Het is de standaardafwerking geworden voor alles wat van aluminium of staal is en buiten hangt: kozijnen, hekwerken, balkonhekken, carports, zonwering, tuinmeubilair. Wat het onderscheidt van verf is de dikte en de hechting — en de beperking dat het niet ter plaatse kan.

  • PolyurethaankitPremium · ook: Polyurethaankit, PU-kit, pu-kit, constructiekit

    Polyurethaankit is een kit met een hoge sterkte en een goede elasticiteit, die zowel afdicht als constructief verlijmt. Zij bevat isocyanaten, is niet uv-bestendig en hoort buiten te worden overgeschilderd of afgedekt.

  • PolyurethaanlakPremium · ook: Polyurethaanlak, pu-lak, PU-lak, tweecomponentenlak, 2K-lak, parketlak

    Polyurethaanlak is een sterke, slijtvaste lak die een gesloten laag over hout, metaal of een vloer vormt. Hij wordt gekozen waar niets anders het houdt: parketvloeren, trappen, werkbladen en zwaar belaste deuren. De keerzijde is een gezondheidsrisico dat onvoldoende bekend is: de verharder van tweecomponenten polyurethaan bevat isocyanaten, en die zijn een van de belangrijkste oorzaken van beroepsastma. Sinds 24 augustus 2023 mag je er in Europa beroepsmatig alleen mee werken na een verplichte opleiding.

  • PopulierPremium · ook: Populier, populierenhout, peppel

    Populier is de lichtste van de gangbare Europese loofhoutsoorten, met een zachte, egale structuur en een lage dichtheid. Het wordt vooral gebruikt waar gewicht telt en belasting niet: in multiplex, verpakkingen en lichte binnentoepassingen.

  • PrimerPremium · ook: Primer, hechtprimer, voorstrijk, voorstrijkmiddel, grondlaag

    Een primer is een voorbehandelingslaag die de hechting van de volgende laag regelt en de zuigkracht van de ondergrond gelijkmaakt. Welke primer je nodig hebt, volgt uit de ondergrond; de verkeerde primer is erger dan geen.

  • ProefvlakPremium · ook: Proefvlak, proefstuk, monstervlak, referentievlak, mock-up

    Een proefvlak is een beperkt stuk werk dat vooruitlopend op het geheel wordt uitgevoerd, om het resultaat te beoordelen en goed te keuren voordat de rest volgt. Het is het enige moment waarop een discussie over kleur, structuur of werkwijze nog een paar vierkante meter kost in plaats van een hele gevel.

  • PurschuimPremium · ook: Purschuim, bouwschuim, montageschuim, pistoolschuim

    Purschuim is een uitzettend polyurethaanschuim uit een bus, gebruikt voor het vullen van naden en het stellen van kozijnen. Het zet na aanbrengen aanzienlijk uit, het is niet constructief en het is niet uv-bestendig.

  • Pvc-vloerPremium · ook: Vinylvloer, lvt

    Een pvc-vloer is een kunststof vloerafwerking met een geprinte laag en een transparante slijtlaag. Hij is waterbestendig, voelt warmer aan dan tegels en is stil. De dikte van de slijtlaag bepaalt hoe lang hij mooi blijft.

R

  • RaamdorpelsteenPremium · ook: Raamdorpelsteen, raamdorpel, onderdorpel, waterdorpel, vensterbank buiten, lekdorpel

    De raamdorpelsteen is de schuine steen onder een raam die het regenwater van de gevel weg voert. Aan de onderzijde ervan zit het detail waar de hele werking op rust en dat bij schade vrijwel altijd de oorzaak is: de waterhol, een groef in de onderkant. Water dat over de dorpel loopt en aan de onderrand hangt, kruipt zonder die groef langs de onderzijde terug de gevel in. Een dichtgesmeerde, weggesleten of ontbrekende waterhol is de meest voorkomende verborgen oorzaak van vochtplekken onder een raam.

  • RaaplaagPremium · ook: Raaplaag, raapwerk, uitvlaklaag

    De raaplaag is de laag stucwerk die de wand vlak maakt. Zij wordt aangebracht op de hechtlaag en zij vormt de ondergrond voor de afwerklaag. Zij is doorgaans tien tot twintig millimeter dik en zij bepaalt of de wand recht is. De afwerklaag maakt hem glad; de raaplaag maakt hem vlak. Dat verschil wordt vaak verward.

  • RabatPremium · ook: Rabat, rabatdelen, rabatplanken, potdekseldelen, gevelbekleding, zweeds rabat

    Rabat is horizontale houten gevelbekleding waarvan de delen elkaar overlappen of met een sponning in elkaar vallen. Het werkt op één principe: elk deel hangt over het deel eronder heen, zodat water naar buiten wordt geleid. En daar zit ook de fout die het vaakst wordt gemaakt: de delen moeten op een geventileerde regellat hangen, niet strak tegen de wand. Zonder die luchtspouw kan het hout aan de achterzijde niet drogen, en dan rot het van binnenuit — onzichtbaar, tot een deel het begeeft.

  • RabatdeelPremium · ook: Rabatdeel, rabatdelen, rabatplank, zweeds rabat, channelsiding

    Een rabatdeel is een gevelplank met een sponning aan boven- en onderzijde, waardoor de delen in elkaar vallen. Het verschil met potdekselwerk lijkt cosmetisch en is dat niet. Rabatdelen vallen in elkaar, en juist daardoor moeten ze ruimte houden om te werken. Hout krimpt en zwelt dwars op de nerf, en bij een strak tegen elkaar gelegde gevel kan die beweging nergens heen: de delen drukken tegen elkaar, de wand trekt bol en de sponning splijt. De leverancier geeft daarom een speling op tussen de delen — enkele millimeters — en die ruimte is geen slordigheid maar constructie. Bij potdekselwerk lost de overlap dat vanzelf op; bij rabat moet je het bewust doen.

  • RandafdichtingPremium · ook: Randafdichting, randafwerking, randvoeg, aansluitvoeg, kitrand, kitvoeg langs de rand, afkitten

    Een randafdichting is de afdichting op de plek waar een bouwdeel eindigt tegen een ander bouwdeel: de rand van een bad tegen de wand, de vloer tegen de muur, het kozijn tegen de gevel. Zij houdt water, lucht en vuil buiten op een naad die altijd een beetje beweegt. Meestal is het een kitvoeg, soms een band of een profiel.

  • RandstrookPremium · ook: Randstrook, randisolatiestrook, kantstrook, wandstrook, randdempingsstrook

    Een randstrook is een strook zacht materiaal die rondom tegen de wanden wordt gezet voordat er een dekvloer wordt gestort of gegoten. Hij doet twee dingen tegelijk en beide zijn onzichtbaar zodra de vloer ligt. Hij geeft de dekvloer ruimte om uit te zetten en te krimpen, en hij zorgt dat de vloer nergens contact maakt met de wand — want elk contactpunt is een brug waarlangs geluid naar de buren gaat. Vergeten of te vroeg afgesneden is niet te herstellen zonder de vloer eruit te halen.

  • RaspPremium · ook: Rasp, houtrasp, raspvijl, schrobzaag-rasp

    Een rasp is een houtbewerkingsgereedschap met losse, uitgestoken tanden, waarmee je snel en grof materiaal wegneemt van hout en van andere zachte materialen. Het verschil met een vijl zit in de tandvorm. Een vijl heeft doorlopende gekapte groeven die op metaal werken; een rasp heeft losstaande punten die het hout wegscheuren. Dat gaat snel en het laat een ruw oppervlak achter — de rasp is een vormgereedschap, geen afwerkgereedschap.

  • ReiPremium · ook: Rei, rij, richtlat, aluminium rei, afreilat

    Een rei is een rechte, stijve lat van aluminium waarmee je vlakheid controleert en waarmee je specie, mortel of egaline afstrijkt. Het is een van de weinige stukken gereedschap waarbij je aan de prijs vrijwel niets hebt: wat telt is of hij recht is. Een verbogen rei maakt elke vloer en elke wand die je ermee afwerkt onherstelbaar krom.

  • RococoPremium · ook: Rococo, met kleine letter

    Rococo is de sierlijke stijl die in Nederland vooral tussen ongeveer 1730 en 1780 werd toegepast, herkenbaar aan asymmetrische krullen, schelpvormen en lichte kleuren. Je vindt hem in ons land zelden aan het hele huis en meestal in het interieur: in stucplafonds, schouwen, deuromlijstingen en trapleuningen.

  • RubberhamerPremium · ook: Rubberhamer, rubberen hamer, gummihamer, kunststofhamer, terugslagvrije hamer, deadblow

    Een rubberhamer is een hamer met een kop van rubber, bedoeld om te slaan zonder het werkstuk te beschadigen. Er zit een misverstand in het gebruik dat veel klussen minder nauwkeurig maakt. Rubber slaat niet zachter — het slaat over een langere tijd en een groter vlak, en het veert terug. Die terugveer neemt een deel van de klap mee terug en maakt de plaats van de klap onvoorspelbaar. Wie een tegel of een straatsteen precies op hoogte wil krijgen, is beter af met een terugslagvrije hamer of een houten hamer, en gebruikt rubber daar waar het oppervlak vooral niet mag beschadigen.

  • RugvullingPremium · ook: Rugvulling, achtervulling, schuimkoord, rondkoord, fond de joint

    Rugvulling is het ronde schuimkoord dat achter in een voeg wordt gedrukt voordat de kit wordt aangebracht. Het doet twee dingen tegelijk: het bepaalt de diepte van de kitvoeg en het zorgt dat de kit niet aan de bodem hecht, zodat hij vrij kan rekken.

S

  • SaneerpleisterPremium · ook: Saneerpleister, saneringspleister, vochtregulerende pleister, zoutbestendige pleister

    Saneerpleister is een grofporeuze pleister die op vochtig, zouthoudend metselwerk wordt aangebracht en die de zouten in zijn eigen poriën opvangt in plaats van ze naar het oppervlak te laten komen. Het is geen oplossing voor vocht. Het is een manier om een muur er jarenlang goed uit te laten zien terwijl het vocht er nog is, en dat onderscheid moet iedereen kennen die dit product overweegt.

  • SanitairkitPremium · ook: Sanitairkit, sanitairsilicone, siliconenkit, schimmelwerende kit

    Sanitairkit is een blijvend elastische afdichting voor de aansluitvoegen in natte ruimten. Er is één regel die bepaalt of de voeg jaren goed blijft, en hij druist in tegen het gevoel. Een kitvoeg mag maar aan twee zijden hechten en niet aan de bodem. Hecht hij ook aan de achterkant, dan kan hij de beweging tussen bad en tegelwand niet volgen: de kit wordt in het midden uitgerekt terwijl hij aan drie kanten vastzit, en scheurt los. Daarom hoort er in een diepe voeg een rugvulling of een strook tape achterin. Dat is de reden dat professionele voegen jaren meegaan en een dikke worst kit in een diepe naad na één winter loslaat. En de tweede regel: schimmel in een kitvoeg zit in de kit, niet erop. Schoonmaken haalt de aanslag van het oppervlak en niet de schimmel uit de massa. Een zwarte voeg vervang je.

  • SausenPremium · ook: Sausen, witten, muren schilderen, latexen

    Sausen is het schilderen van wanden en plafonds met muurverf. Het woord komt uit de tijd van sauskleuren en witkalk, dunne verven op basis van lijm of kalk. Het is blijven hangen als algemene aanduiding, ook nu er latex wordt gebruikt.

  • SchaafPremium · ook: Schaaf, handschaaf, blokschaaf, rijschaaf

    Een schaaf is een gereedschap dat met een vlak ingesteld mes een dunne krul van een houten oppervlak haalt, om het vlak, glad of op maat te maken. De kwaliteit zit niet in het merk maar in twee dingen: een vlakke zool en een scherp mes. Een botte schaaf scheurt het hout uit in plaats van het te snijden, en dat is de oorzaak van vrijwel elke slechte ervaring met dit gereedschap.

  • SchilderPremium · ook: Schilder, huisschilder, schildersbedrijf, onderhoudsschilder

    Een schilder brengt verf- en beschermingslagen aan op hout, metaal, steen en pleisterwerk. Bij het vergelijken van offertes wordt gekeken naar het aantal lagen en de verfsoort, en dat is het minst bepalende deel. De kwaliteit van schilderwerk zit vrijwel volledig in de voorbereiding, en die is achteraf niet meer te zien. Schuren, ontvetten, houtrot uitkappen en aanhelen, plamuren, gronden: dat is het werk waar de levensduur vandaan komt, en het is precies wat onder de aflak verdwijnt. Twee schilders die dezelfde verf in hetzelfde aantal lagen aanbrengen, kunnen vier jaar of twaalf jaar resultaat leveren. Beoordeel een schilder daarom op wat hij over de voorbereiding zegt en in de offerte zet, niet op de merknaam van de verf.

  • SchilderwerkPremium · ook: Schilderwerk, schilderklus, verfwerk, afwerking

    Schilderwerk is het aanbrengen van verflagen ter bescherming en afwerking van een oppervlak. De verf krijgt de aandacht en bepaalt het minst. Schilderwerk is voor het grootste deel voorbereiding: de levensduur hangt aan de hechting, en de hechting wordt bepaald voordat er verf aan te pas komt. Ontvetten, schuren, kanten breken, kopse kanten behandelen en het vochtgehalte van het hout controleren — dat is waar een schilderbeurt van vijf jaar of van tien jaar wordt beslist. Wie de voorbereiding overslaat en een dure lak koopt, heeft dure verf die loslaat.

  • SchoonmetselwerkPremium · ook: Schoonmetselwerk, schoon metselwerk, schoonwerk

    Schoonmetselwerk is metselwerk dat in het zicht blijft en daarom aan hogere eisen moet voldoen dan metselwerk dat wordt afgewerkt. De stenen worden gesorteerd, het verband loopt door, de voegen zijn regelmatig en het werk wordt schoon gehouden tijdens het metselen. Wat er staat, is meteen de eindafwerking; er komt niets meer overheen.

  • SchrobzaagPremium · ook: Schrobzaag, gatenzaag, sleutelgatzaag, spitszaag, gipsplaatzaag

    Een schrobzaag is een smalle handzaag met een spits toelopend blad waarmee je midden in een vlak kunt beginnen. Dat spitse einde is de hele reden dat het gereedschap bestaat, en tegelijk de bron van de klassieke fout. Het blad is smal en wordt aan één kant niet ondersteund, dus het knikt zodra je duwt. Wie kracht zet om sneller te gaan, krijgt een gebogen blad, een schuine snede en vaak een geknakt blad. De zaag werkt op rustige, lange halen met weinig druk — en dan zaagt hij precies waar je hem hebben wilt. Het is een van de oudere gereedschapswoorden in het Nederlands, en de decoupeerzaag en de gipszaag hebben de functie grotendeels overgenomen. In restauratie en bij smal werk is het principe nog steeds nuttig.

  • SchroefPremium · ook: Schroef, houtschroef, spaanplaatschroef, bout

    Een schroef is een bevestigingsmiddel met een draad die zich in het materiaal vastgrijpt. Er is één principe dat bepaalt of twee delen tegen elkaar trekken, en het staat op geen enkele verpakking. De draad hoort alleen in het onderste deel te grijpen; het bovenste deel moet vrij over de schroef kunnen bewegen. Grijpt de draad in beide delen, dan houdt hij ze op de afstand waarin ze stonden en trekt hij ze niet samen — er blijft een kier die niet meer weggaat. De oplossing is een doorlopende voorboring: het bovenste gat op schachtdikte, het onderste op kerndikte. Dat is de reden dat een schroef met een gladde schacht onder de kop bestaat.

  • SchroefbitPremium · ook: Schroefbit, bit, schroefinzet, inzetstuk

    Een schroefbit is een korte, verwisselbare punt met een zeskantschacht, die in een boormachine of een bithouder wordt geklemd. Het is het goedkoopste onderdeel in de hele keten en het bepaalt of de schroef er over tien jaar nog uitkomt. Een versleten bit van vijftig cent slijpt schroefkoppen rond in beslag van tweehonderd euro — dat is de hele afweging bij dit onderwerp.

  • SchroefkopPremium · ook: Schroefkop, kop

    De schroefkop is het bovenste deel van een schroef: de vorm die op het materiaal rust en het profiel waarmee je hem draait. Die twee keuzes samen bepalen meer dan de meeste mensen denken. De vorm bepaalt hoe de kracht op het materiaal wordt overgebracht en of de schroef zichtbaar blijft. Het profiel bepaalt hoeveel koppel je kunt overbrengen en of de kop over tien jaar nog is los te draaien.

  • SchrootjeswandPremium · ook: Schrootjeswand, schroten, lambrisering, profielhout, messing-en-groefdelen.

    Een schrootjeswand is een wandafwerking van smalle houten of kunststof delen met een messing-en-groefverbinding, aangebracht op een regelwerk. Het was in de jaren zeventig en tachtig alomtegenwoordig en het is de laatste jaren terug in een strakkere vorm. Bouwfysisch is het aandachtspunt de spouw erachter: die kan vocht vasthouden.

  • SchuifdeurPremium · ook: Schuifdeur, schuifwand, ensuite-deuren, paneeldeur, zakschuifdeur

    Een schuifdeur is een binnendeur die horizontaal opzij schuift in plaats van draait. Hij bespaart de ruimte die een draaiende deur nodig heeft — en hij levert twee dingen in die je pas merkt als hij er hangt: geluid en afsluitbaarheid. Een schuifdeur sluit niet rondom aan en heeft een spleet aan de bovenzijde en bij de zijkanten; je hoort er alles doorheen. Voor een werkkamer waarin wordt gebeld, of voor een slaapkamer naast een woonkamer, is dat een reëel bezwaar.

  • SchurenPremium · ook: Schuren, opschuren, tussenschuren, afschuren, matteren

    Schuren is het met slijpkorrels wegnemen van materiaal om een oppervlak vlak, glad of hechtend te maken. De fout die het resultaat verpest, is niet te weinig schuren maar te snel opklimmen. Elke korrel moet de krassen van de vorige wegnemen, en dat lukt alleen bij kleine stappen. Wie van P80 direct naar P240 springt, poetst de grove krassen glad zonder ze weg te halen — het voelt zijdezacht, en zodra de lak erop staat, komt het krassenpatroon terug, want de lak vult niet maar volgt. De regel is dus: klim op in stappen, en controleer telkens of de sporen van de vorige korrel weg zijn voordat je verder gaat. Bij hout doe je dat met strijklicht van opzij.

  • SchuurmachinePremium · ook: Schuurmachine, schuurapparaat, schuurgereedschap

    Een schuurmachine bewerkt een oppervlak met schuurpapier dat door een motor wordt bewogen, in een schurende, roterende of oscillerende beweging. Het type bepaalt hoe snel het materiaal wegneemt en hoe fijn het eindresultaat is; de stofafzuiging bepaalt of het werk gezond is.

  • SchuurpapierPremium · ook: Schuurpapier, schuurlinnen, schuurgaas, schuurvel

    Schuurpapier is een drager van papier, linnen of gaas met daarop een laag slijpkorrels, waarmee je materiaal wegneemt, een oppervlak vlak maakt of het ruwt voor hechting. De korrelgrootte bepaalt alles: te grof laat krassen achter die door de verf heen zichtbaar blijven, te fijn neemt niets weg en verstopt binnen een minuut. Werken met de juiste opeenvolging van korrels is het hele vak.

  • SchuurwerkPremium · ook: Fijn schuurwerk, grof schuurwerk, spachtelputz in de handel

    Schuurwerk is een pleisterafwerking waarbij de laatste laag met een schuurspaan wordt opgeschuurd, zodat er een egale wand ontstaat met een fijne korrelstructuur. Het is de meest toegepaste wandafwerking in de Nederlandse woningbouw na behang en glad stucwerk.

  • SierlijstPremium · ook: Sierlijst, lijstwerk, profiellijst, ornamentlijst, moulure

    Een sierlijst is een geprofileerde lijst die een overgang tussen twee vlakken afdekt en versiert. Er zit een montageregel achter die bepaalt of het werk mooi blijft. Een sierlijst dekt een naad af die gaat bewegen, en daarom hoort hij aan één vlak vast te zitten en niet aan beide. Lijm je een plafondlijst zowel aan het plafond als aan de wand, dan trekt de eerste krimpbeweging hem los of scheurt de lijst zelf — precies op de plek waar hij de scheur moest verbergen. Eén vlak vast, het andere vrij: dan schuift de beweging weg achter het profiel.

  • SierpleisterPremium · ook: Sierpleister, spachtelputz, structuurpleister, granol, korrelpleister

    Sierpleister is een dunne, decoratieve afwerklaag met een korrelstructuur, aangebracht over een vlakke ondergrond of over een pleistersysteem. De korrelgrootte bepaalt de structuur en het verbruik; het bindmiddel bepaalt of de laag dampopen is.

  • SilicaatverfPremium · ook: Silicaatverf, minerale verf, waterglasverf, kaliwaterglasverf

    Silicaatverf bindt chemisch met een minerale ondergrond in plaats van er een film op te vormen, waardoor de laag deel wordt van de ondergrond. Zij is uitzonderlijk dampopen en uv-bestendig, en zij werkt uitsluitend op minerale ondergronden.

  • SiliconenkitPremium · ook: Siliconenkit, silicone, sanitairkit, glaskit

    Siliconenkit is de meest elastische en meest waterbestendige kit die er is, en hij is niet overschilderbaar. Die twee eigenschappen bepalen precies waar hij hoort en waar niet. In een douche, langs een bad, tegen glas: daar is niets beter. Op een plek die geverfd moet worden: daar is niets slechter, want verf hecht er niet op — nu niet en later ook niet.

  • SlijtlaagPremium · ook: Slijtlaag, gebruikslaag, toplaag, deklaag, nuttige laag

    De slijtlaag is de bovenste laag van een vloerafwerking die de slijtage opvangt en die bepaalt hoe lang de vloer meegaat. Het is het enige getal dat er bij een vloerkeuze werkelijk toe doet, en het is het getal dat in de showroom niet wordt genoemd. Twee vloeren die er identiek uitzien en waarvan de een vijf jaar meegaat en de ander twintig, verschillen niet in decor, structuur of merk — ze verschillen in slijtlaag.

  • SnijverliesPremium · ook: Snijverlies, snijafval, zaagverlies, verlies bij het op maat maken, uitval, restpercentage, reservepercentage

    Snijverlies is het deel van een materiaal dat je niet gebruikt omdat het bij het op maat maken overblijft. Bij tegels, laminaat, gipsplaten of gevelbekleding koop je daarom meer dan het oppervlak dat je bekleedt. Hoeveel meer hangt af van het formaat, het legpatroon en de vorm van de ruimte.

  • Solid surfacePremium · ook: Solid surface, minerale kunststof, acrylsteen, massief kunststof

    Solid surface is een massief materiaal van acrylhars met minerale vulstof, in platen verwerkt. Eén eigenschap zet dit materiaal apart van alles wat ernaast in de showroom ligt. De naden zijn onzichtbaar te lijmen en krassen zijn eruit te schuren — het blad is tot als nieuw te herstellen, jaren na plaatsing. Doordat het materiaal in de volle dikte dezelfde samenstelling en kleur heeft, verandert schuren niets aan het uiterlijk. Dat is de reden dat het in ziekenhuizen, laboratoria en horeca de standaard is. De prijs die je daarvoor betaalt: het is zacht en het verdraagt geen hitte.

  • SpaanplaatPremium · ook: Spaanplaat, meubelplaat, persplaat

    Spaanplaat bestaat uit houtspanen die met lijm zijn samengeperst. De spanen liggen willekeurig, waardoor de plaat in beide richtingen ongeveer gelijke eigenschappen heeft maar minder sterk is dan multiplex of OSB. Het is het goedkoopste plaatmateriaal en het wordt vooral gebruikt in meubels, kasten en als ondervloer in droge situaties.

  • SpaarbordPremium · ook: Spaarbord, spanen, plakspaan, stukadoorsbord, hawk

    Een spaarbord is een vlak bord met een handvat aan de onderzijde, waarop een stukadoor of tegelzetter een hoeveelheid mortel meedraagt terwijl hij werkt. Het lijkt een detail, maar het bepaalt het werktempo: met een spaarbord hoef je niet telkens naar de kuip terug en houd je beide handen effectief in het werk.

  • SpatelPremium · ook: Spatel, plamuurmes, stopmes, plakspaan

    Een spatel is een plat, veerkrachtig blad met een handvat, waarmee je plamuur, vulmiddel of lijm aanbrengt, uitstrijkt en afsteekt. De breedte en de veerkracht van het blad bepalen het resultaat. Een te stijf blad laat randen achter; een te slap blad volgt de bult die je juist wilde wegwerken.

  • StanleymesPremium · ook: Stanleymes, afbreekmes, cuttermes, hobbymes, breekmes

    Een stanleymes is een mes met een verwisselbaar of afbreekbaar mesje, gebruikt voor het snijden van vloerbedekking, isolatie, karton, folie en kit. Het is het gereedschap dat de meeste snijwonden veroorzaakt op de bouw. De oorzaak is bijna altijd dezelfde: een bot mesje waarmee harder wordt geduwd, en snijden naar het lichaam toe.

  • SteekbeitelPremium · ook: Steekbeitel, houtbeitel, beitel, formeel

    Een steekbeitel is een houtbewerkingsbeitel met een vlak, aan één zijde afgeschuind lemmet, bedoeld om met de hand of met lichte hamerslagen hout weg te steken. Het gereedschap doet zijn werk met scherpte, niet met kracht. Een steekbeitel die scherp is, snijdt hout met handdruk; een botte beitel vraagt slagen, scheurt de vezel en glijdt weg. Het overgrote deel van de ongelukken en van het lelijke werk met een beitel komt voort uit botheid.

  • SteengaasPremium · ook: Steengaas, stucgaas, rabitzgaas, wapeningsgaas, pleisterdrager.

    Steengaas is een gaas van metaal of van glasvezel dat als drager of als wapening in stucwerk wordt aangebracht. Het heeft twee functies die door elkaar worden gehaald: als drager maakt het stucwerk mogelijk op een ondergrond die zelf niet hecht, en als wapening voorkomt het scheuren op plekken waar spanning ontstaat.

  • StelpootPremium · ook: Stelpoot, stelvoet, kastpoot, verstelbare poot, levelling foot

    Een stelpoot is een in hoogte verstelbare poot onder een kast, een apparaat of een constructie. De volgorde van het werk is hier de hele kunst. De poten worden gesteld voordat het werkblad erop komt, want daarna kun je er niet meer bij zonder alles los te maken. Een vloer is nooit vlak — in bestaande woningen zeker niet — en het zijn de poten die dat opvangen, niet het blad. Wie de kasten neerzet, het blad monteert en dan pas gaat waterpassen, staat met een blad dat op een hoek doorbuigt of met een naad die niet meer sluit.

  • StofferingPremium · ook: Stoffering, vloer- en raambekleding, zachte inrichting.

    Stoffering is de zachte, verwijderbare inrichting van een woning: vloerbedekking, gordijnen, rolgordijnen, zonwering binnen en soms losse kastafwerking. Het is meer dan losse inboedel maar minder dan een vast onderdeel van het gebouw. Juist die tussenpositie maakt het bij verhuur en verkoop een terugkerend twistpunt.

  • Stompe deurPremium · ook: Stompe deur, stomp uitgevoerde deur, vlakke deur zonder opdek

    Een stompe deur heeft geen verdikte rand en valt met de vlakke zijkant in het kozijn, waardoor deur en kozijn in één vlak liggen. Het beeld is strakker dan bij een opdekdeur en de montage is aanzienlijk minder vergevingsgezind.

  • StootbordPremium · ook: Stootbord, stootplank, tegentrede, contretrede

    Het stootbord is het verticale vlak tussen twee treden van een trap. Het is meer dan afwerking: het maakt de trap stijver, het voorkomt dat een voet erdoorheen schiet en het is bij kleine kinderen een veiligheidsvoorziening. Een open trap oogt ruimtelijker maar is voor sommige gebruikers minder veilig.

  • Stootvaste gipsplaatPremium · ook: Stootvaste gipsplaat, slagvaste gipsplaat, hardboardgipsplaat

    Een stootvaste gipsplaat heeft een verdichte kern met vezelversterking, waardoor zij aanzienlijk meer weerstand biedt tegen stoten en doorboren dan een standaardplaat. Zij wordt gekozen in ruimten met intensief gebruik, waar een standaardplaat binnen enkele jaren gaten vertoont.

  • StopverfPremium · ook: Stopverf, glaskit, glazenmakerskit, lijnoliekit

    Stopverf is een kneedbare massa van krijt en lijnolie waarmee glas in een houten sponning wordt vastgezet en afgedicht. Het is het traditionele beglazingsmateriaal en het is bij oude ramen nog steeds de juiste keuze. Stopverf moet worden overgeschilderd; een onbeschilderde stopverfrand droogt uit, scheurt en laat water door.

  • StrijklichtPremium · ook: Strijklicht, scherend licht, schampend licht, licht onder een scherpe hoek, zijlicht langs een wand

    Strijklicht is licht dat onder een scherpe hoek langs een oppervlak valt, bijna evenwijdig eraan. Elke kleine oneffenheid werpt dan een lange schaduw, waardoor bobbels, deuken, spaanslagen en plamuurplekken zichtbaar worden die je bij gewoon licht niet ziet. Het is de scherpste toets voor stucwerk, schilderwerk en vloeren.

  • StructuurbehangPremium · ook: Structuurbehang, reliëfbehang, overschilderbaar behang, wit behang

    Structuurbehang is overschilderbaar behang met een reliëf, dat een minder vlakke wand acceptabel maakt. Het wordt gekozen als goedkope tussenoplossing en het is er geen. Een wand met structuurbehang komt niet meer terug naar glad stucwerk zonder dat het meer kost dan uitvlakken vooraf had gekost. Het reliëf hecht in de oneffenheden waar het voor bedoeld is, en bij het verwijderen komt het stucwerk mee — vooral wanneer er drie of vier lagen verf overheen zijn gegaan. Wie het aanbrengt, kiest dus voor jaren, niet voor een seizoen.

  • StuccoPremium · ook: Stucco, stucco veneziano, Venetiaans stucwerk, marmorino, kalkstuc, tadelakt

    Stucco is een dunne, gepolijste kalkafwerking op een wand, in meerdere flinterdunne lagen aangebracht. Er is één eigenschap waar de hele planning van een stuccoklus op draait. Stucco laat zich niet onzichtbaar bijwerken. Elke reparatie of onderbreking tekent zich af in het lichtspel van het gepolijste vlak, en daarom wordt een wand van hoek tot hoek in één keer afgemaakt, nat in nat. Wie halverwege stopt voor een pauze of een dag later verdergaat, ziet die grens de rest van de tijd terug.

  • StucplafondPremium · ook: Stucplafond, gestuct plafond, pleisterplafond, sierstucplafond, ornamentplafond

    Een stucplafond is een plafond met een gepleisterde afwerking, al dan niet met ornamenten. Bij oude panden is het een rietplafond: stuc op riet, gespijkerd aan de balklaag — en dat is de kern van dit onderwerp. Een rietplafond hangt aan zijn spijkers, en die roesten. Wat je als eerste ziet is een scheur of een bolling; wat er dan gebeurt is dat een vlak van tientallen kilo's zich losmaakt van het plafond. Bij een vooroorlogs pand is dat geen theoretisch risico.

Toon 71 begrippen meer251 van 322 getoond

Wat staat hier?

Wat staat er in een begrip?
Wat het is, waar je het tegenkomt en hoe je het herkent — altijd vrij te lezen. De hoofdstukken daarachter, over kosten, regelgeving, onderhoud en veelgemaakte fouten, horen bij een abonnement.
Wat betekent het label Premium?
Dat er achter de korte omschrijving meer staat. De term zelf en wat hij betekent zijn nooit afgeschermd; een woordenboek dat je de betekenis onthoudt is geen woordenboek.
Waarom staan er synoniemen bij?
Omdat het vak twee of drie woorden voor hetzelfde heeft en een offerte zelden het woord gebruikt dat jij kent. De zoekbalk hierboven zoekt ook in die synoniemen.

Verder kijken