Naar de inhoud

Dit is een bètaversie van Builddocs. Je kunt alles bekijken, maar aanmelden en een abonnement afsluiten kan nog niet.

Bouwkundige termen in gewone taal. Wat het is staat er altijd — de uitleg erachter hoort bij een abonnement.

in Begrippen
Sorteren:Oudste eerst

Wis alle filters (3)

668 van 2.115 begrippen

W

  • Watergedragen aflakPremium · ook: Aflak, afwerklaag, deklaag, eindlaag

    De aflak is de laatste verflaag op hout of metaal: de laag die je ziet, die kleur geeft en die het weer moet weerstaan. Watergedragen aflakken hebben de oplosmiddelhoudende voor binnenwerk vrijwel volledig vervangen. Ze drogen sneller, vergelen niet en zijn geurarm — maar ze vragen een andere manier van werken, en wie ze verwerkt als terpentinelak krijgt strepen.

A

  • AfdekfoliePremium · ook: Afdekfolie, afdekzeil, stucloper, schildersfolie, dekkleed, plakfolie

    Afdekfolie is dun kunststof- of papieren materiaal waarmee je vloeren, meubels en bouwdelen afdekt tegen verf, stof en vocht tijdens klus- en bouwwerk. Het is het goedkoopste materiaal op een klus en het bepaalt het grootste deel van de opruimtijd erna. De vraag is nooit of je afdekt maar waarmee: folie is waterdicht en glad, papier absorbeert en is stroef, en dat verschil is bij een gladde vloer letterlijk een valrisico.

  • AfbraakPremium · ook: Afbraak, sloop, amoveren

    Afbraak is het slopen van een bouwwerk of van een deel daarvan. Het woord heeft twee betekenissen die elkaar raken: het slopen zelf, en het materiaal dat daarbij vrijkomt. Dat tweede is de laatste jaren veel belangrijker geworden: hergebruik van afbraakmateriaal is een van de concrete manieren om circulair te bouwen.

  • AfbijtmiddelPremium · ook: Afbijtmiddel, afbijt, verfafbijt, decapeermiddel, stripper

    Afbijtmiddel is een pasta of gel die een uitgeharde verf- of laklaag laat opzwellen en van de ondergrond laat loslaten, zodat je hem eraf kunt schrapen. Het is het alternatief voor afbranden en schuren, en het is de aangewezen methode bij profielwerk en bij loodhoudende verf — bij het eerste omdat het de vorm volgt, bij het tweede omdat er geen verhitting en dus geen looddamp bij komt kijken.

  • AdereindhulsPremium · ook: Adereindhuls, aderhuls, eindhuls, ferrule

    Een adereindhuls is een metalen kokertje dat om het uiteinde van een soepele ader wordt geperst. Het lijkt een afwerkdetail en het is een veiligheidsvoorziening. Een soepele ader bestaat uit tientallen dunne draadjes, en die kruipen onder een schroefklem weg. Het koper vloeit langzaam weg onder de klemdruk, de verbinding wordt los, en een losse verbinding wordt warm — dat is de meest voorkomende oorzaak van een verkleurde klem en, verder doorgaand, van brand in een schakelkast. Een adereindhuls houdt de draadjes bij elkaar in een vaste vorm, zodat de klemkracht behouden blijft. Bij starre draad speelt dat niet; daar is een huls niet nodig.

  • AcrylverfPremium · ook: Acrylverf, acrylaatverf, watergedragen lak, waterverdunbare verf

    Acrylverf is verf op basis van een acrylaatdispersie in water, die na verdamping van het water een elastische, niet-vergelende film vormt. Zij is inmiddels de standaard voor binnen- en buitenschilderwerk en zij vraagt een andere werkwijze dan alkydverf.

  • AcrylkitPremium · ook: Acrylkit, schilderskit, overschilderbare kit, acrylaatkit

    Acrylkit is een watergedragen kit die na droging overschilderbaar is en die weinig beweging kan opnemen. Zij is bedoeld voor naden binnen die nauwelijks werken, en zij is niet geschikt voor natte ruimten of voor buitennaden die bewegen.

  • AcrylaatkitPremium · ook: Acrylaatkit, acrylkit, schilderskit, overschilderbare kit, decorkit

    Acrylaatkit is een watergedragen kit die uithardt door verdamping van water en die na uitharding kan worden overgeschilderd. Hij is de kit van de schilder en de aftimmeraar: naden tussen plint en wand, tussen kozijn en stucwerk, tussen wand en plafond. En hij is matig elastisch — dat is zijn grens en tegelijk de bron van vrijwel elke klacht over kitwerk dat scheurt.

  • AcetonPremium · ook: Aceton, propanon, dimethylketon, nagellakremover

    Aceton is een snel verdampend, sterk oplosmiddel dat wordt gebruikt om verf, lijm, hars en vet te verwijderen. Het risico zit niet in de vloeistof maar in de damp, en dat is contra-intuïtief. Acetondamp is zwaarder dan lucht: hij zakt naar de vloer en kruipt over de vloer verder, tot bij een waakvlam, een stopcontact of een verwarmingstoestel. Werken met een open bakje aceton in een gesloten bijkeuken met een cv-ketel is daarmee een reëel brandrisico, ook als de ketel meters verderop staat.

  • AccoyaPremium · ook: Accoya is een merknaam die als soortnaam wordt gebruikt

    Geacetyleerd hout is naaldhout dat chemisch is behandeld zodat het nauwelijks nog vocht opneemt. Daardoor werkt het weinig en rot het niet, zonder dat er biociden in zitten. Het haalt duurzaamheidsklasse 1 — de hoogste — met snelgroeiend hout.

  • AcclimatiserenPremium · ook: Acclimatiseren, laten acclimatiseren, laten wennen, conditioneren, op klimaat brengen

    Acclimatiseren is het laten wennen van bouwmateriaal aan de temperatuur en luchtvochtigheid van de ruimte waarin het wordt verwerkt. Hout, laminaat, parket en pvc nemen vocht op of geven het af tot ze in evenwicht zijn met hun omgeving. Wie dat vooraf laat gebeuren, voorkomt dat de vloer na het leggen krimpt, zwelt of kromtrekt.

B

  • BaksteenformatenPremium · ook: Steenformaat, steenmaat

    Baksteenformaten zijn de gestandaardiseerde maten waarin metselstenen worden geleverd. In Nederland gelden eigen formaten met eigen namen, en het formaat bepaalt het beeld van de gevel en of nieuw werk aansluit op bestaand.

  • BaksteenPremium · ook: Metselsteen, gevelsteen, klinker (bij zeer hard gebakken steen).

    Een baksteen is een steen van gebakken klei, gebruikt voor metselwerk. Stenen verschillen in hardheid, kleur, maat en wateropname. Die verschillen bepalen of een steen geschikt is voor buitenwerk, voor gevelwerk of alleen voor binnen.

  • BaddingPremium · ook: Batting, bezaagd constructiehout

    Een badding is een balkje bezaagd constructiehout in een standaardmaat, gebruikt voor regelwerk, spanten, onderslagen en tijdelijke constructies. Het is het werkpaard onder het bouwhout: goedkoop, overal verkrijgbaar en sterk genoeg voor het meeste.

A

  • AzobéPremium · ook: Azobé, bongossi, ekki, ijzerhout

    Azobé is een zeer zwaar tropisch hardhout met duurzaamheidsklasse één, dat zonder behandeling decennia in water en in grondcontact meegaat. Het is het klassieke hout van de Nederlandse waterbouw en het is zwaar, splinterig en lastig te bewerken.

  • AsfaltbitumenPremium · ook: Asfaltbitumen, bitumen, dakleer, roofing, bitumineuze dakbedekking, mastiek

    Asfaltbitumen is een bitumineus materiaal dat als dakbedekking op platte en licht hellende daken wordt toegepast. Het is de meest toegepaste platdakbedekking in Nederland, en het onderscheidende technische punt is de modificatie: modern bitumen is verbeterd met kunststoffen — SBS of APP — waardoor het flexibel blijft bij kou of juist warmtebestendig wordt. En het onderscheidende veiligheidspunt is de verwerking: branden met een gasbrander op een houten dakconstructie is een van de belangrijkste oorzaken van brand bij dakwerkzaamheden, met een nabrandcontrole als noodzakelijke maatregel.

  • AsfaltbetonPremium · ook: Asfaltbeton, AC, dicht asfaltbeton

    Asfaltbeton is het meest gebruikte asfaltmengsel: een dichte, gesloten samenstelling van steenslag, zand, vulstof en bitumen. Het is sterk, waterdicht en het draagt zware belasting. Bij woningen is het de gangbare keuze voor opritten en erven; bij wegen wordt het als onderlaag en als deklaag toegepast.

  • AsfaltPremium · ook: Asfalt, asfaltbeton, bitumineuze verharding

    Asfalt is een verharding van steenslag, zand en vulstof, gebonden met bitumen. Bij woningen kom je het tegen op opritten, op erven en op paden. Het legt sneller dan bestrating en het is goedkoper per vierkante meter, maar het is volledig waterdicht en dat is bij klimaatadaptatie precies het bezwaar.

  • AnkernagelPremium · ook: Ankernagel, ringnagel, gegroefde nagel, geribbelde nagel, schroefnagel

    Een ankernagel is een nagel met ringvormige groeven in de schacht, waardoor hij aanzienlijk meer uittrekweerstand heeft dan een gladde nagel. Die houdkracht is de reden om hem te gebruiken en meteen de reden om na te denken vóór je hem gebruikt. Een ankernagel is er praktisch niet meer uit te krijgen zonder het hout te beschadigen. Het houtvezel grijpt in de ringen, en trek je hem toch, dan komt er een stuk hout mee. Voor dakbeschot, ondervloeren en plaatmateriaal is dat precies wat je wilt; voor alles wat ooit gedemonteerd moet worden, is het de verkeerde keuze.

  • Aluminium kozijnPremium · ook: Aluminium kozijn, alu kozijn, aluminium gevelelement

    Een aluminium kozijn bestaat uit geëxtrudeerde profielen met een kunststof onderbreking tussen de binnen- en buitenschaal. Het profiel is slank en zeer maatvast, en zonder die thermische onderbreking is het een koudebrug.

  • AluminiumPremium

    Aluminium is een licht, corrosiebestendig metaal dat in de bouw vooral in profielvorm wordt toegepast: kozijnen, puien, dakranden, gootbekleding en ladders. Het roest niet, het is sterk in verhouding tot zijn gewicht, en het geleidt warmte uitzonderlijk goed — dat laatste is bij kozijnen het aandachtspunt.

  • AlkydverfPremium · ook: Alkydverf, alkydharsverf, terpentinegedragen verf, oplosmiddelhoudende verf, synthetische lak

    Alkydverf is verf met een alkydhars als bindmiddel, verdund met terpentine of white spirit. Er zit een eigenschap in die niemand op de bus vermeldt en die achteraf niet te herstellen is. Witte alkydverf vergeelt, en hij vergeelt het hardst waar geen daglicht komt. Achter een deur, in een kast, achter een gordijn of op een noordkamer wordt het wit binnen enkele jaren merkbaar geler dan hetzelfde wit dat in de zon zit. Daglicht draait dat deels terug, maar niet volledig — en dat is de reden dat wit binnenwerk tegenwoordig zelden nog in alkyd wordt uitgevoerd.

  • Alkali-silicareactiePremium · ook: Alkali-silicareactie, in rapporten vrijwel altijd afgekort tot ASR

    Een alkali-silicareactie is een trage chemische reactie in beton, tussen de alkalien uit het cement en bepaalde soorten grind of steenslag. Er ontstaat een gel die water opneemt en uitzet. Daardoor zwelt het beton en scheurt het van binnenuit. Het verloopt over tientallen jaren.

  • AftimmeringPremium · ook: Aftimmering, aftimmerwerk, afwerktimmerwerk

    Aftimmering is al het timmerwerk dat de ruwbouw afwerkt en wegwerkt: kokers, kasten, aanslagen, dagkanten, plinten en betimmerde vlakken. Het draagt niets, maar het bepaalt wel hoe strak een ruimte oogt. In offertes staat het als aparte post, en wat die post precies bevat, verschilt sterk per aannemer.

  • AfplaktapePremium · ook: Afplaktape, schilderstape, schilderskrep, maskeertape, crêpetape, masking tape

    Afplaktape is een tape van crêpepapier met een verwijderbare lijmlaag, waarmee je een deel van het oppervlak afdekt zodat de verf er niet op komt. De hele kunst zit niet in het plakken maar in de kleeflaag en de verwijdertermijn. Tape die te sterk plakt of te lang blijft zitten, trekt bij het verwijderen de onderlaag mee — en dat is precies het schilderwerk dat je wilde beschermen.

B

  • BeschermlaagPremium · ook: Beschermlaag, coating, deklaag, toplaag, conserveringslaag.

    Een beschermlaag is een laag die een materiaal afschermt tegen water, UV, chemicaliën, slijtage of corrosie. Elke beschermlaag heeft een levensduur en die is korter dan die van het materiaal eronder. Onderhoud van de beschermlaag is daarmee een terugkerende taak, en het uitstellen ervan is de meest voorkomende oorzaak van schade aan het onderliggende materiaal.

  • BerkenPremium · ook: Berken, berkenhout, berk

    Berken is een lichte, egale loofhoutsoort met een fijne structuur en een hoge sterkte in verhouding tot het gewicht. In de bouw wordt het vooral verwerkt tot multiplex, dat om zijn dunne, gelijkmatige fineerlagen en zijn strakke kant wordt gewaardeerd.

  • BerapenPremium · ook: Raapwerk, raaplaag, aanbrandlaag

    Berapen is het aanbrengen van een ruwe mortellaag op metselwerk of beton, als vlakke en hechtende ondergrond voor stucwerk, tegelwerk of verf. Het is de tussenlaag die de oneffenheden van de ondergrond wegneemt.

  • BeitsPremium · ook: Beits, houtbeits, lasuur, lazuur

    Beits is een dunne, in het hout dringende houtbescherming die de nerf zichtbaar laat en het oppervlak niet met een gesloten film afsluit. Zij vraagt vaker onderhoud dan lak en zij bladdert niet; verweerde beits verweert weg in plaats van los te laten.

  • BeitelPremium · ook: Steekbeitel voor hout, koudbeitel voor metaal, bikbeitel voor steen

    Een beitel is een gereedschap met een geslepen snede waarmee je materiaal wegsteekt of weghakt. Er zijn aparte uitvoeringen voor hout, metselwerk en beton, en die zijn niet uitwisselbaar.

  • BehanglijmPremium · ook: Behanglijm, behangplaksel, plaksel, kleister

    Behanglijm is het plaksel waarmee behang aan de wand wordt bevestigd, in soorten die per behangtype verschillen. De soort volgt uit het behang en de ondergrond. Papierbehang vraagt een lijm die het papier laat weken, vliesbehang een lijm die op de wand gaat, en zwaar vinyl of glasvezel een lijm met veel bindmiddel. De verkeerde lijm laat naden openstaan of blaasjes ontstaan.

  • BastaardmortelPremium · ook: Kalkcementmortel, gemengde mortel

    Bastaardmortel is metsel- of voegmortel met zowel kalk als cement als bindmiddel. De kalk maakt hem soepel en vergevingsgezind, het cement geeft hem sterkte. Het is de gebruikelijke mortel voor gevelmetselwerk en voor voegwerk in bestaande bouw.

  • BasaltPremium · ook: Basalt, basaltlava

    Basalt is een donker stollingsgesteente dat ontstaat bij snelle afkoeling van lava. Het is hard, dicht en vorstbestendig, en het heeft in Nederland een lange geschiedenis in de waterbouw. De zwarte tot donkergrijze kleur en de matte uitstraling maken het daarnaast populair als bestrating en als vloertegel.

  • BangkiraiPremium · ook: Bangkirai, yellow balau, balau

    Bangkirai is een zwaar tropisch hardhout uit Zuidoost-Azië met een goede natuurlijke duurzaamheid, veel toegepast voor vlonders en terrassen. Het is sterk uitlogend in het eerste jaar en het splintert bij veroudering.

  • BamboePremium · ook: Bamboo

    Bamboe is een snelgroeiend grasachtig gewas dat industrieel wordt verwerkt tot plaatmateriaal, vloerdelen, gevelbekleding en terrasdelen. Het is hard, maatvast en het groeit aanzienlijk sneller aan dan hout.

  • BalkschoenPremium · ook: Balkschoen, balkdrager, balkhanger, joist hanger

    Een balkschoen is een stalen beugel waarin het uiteinde van een houten balk wordt geplaatst en waarmee die balk aan een andere balk, een muurplaat of een wand wordt opgehangen. Het is een klein en goedkoop onderdeel dat een constructieve verbinding maakt, en dat is precies waarom het zo vaak misgaat. Een balkschoen zonder de voorgeschreven nagels is geen constructieve verbinding maar een stalen sierrand: het aantal en het type bevestigers bepaalt de draagkracht volledig.

  • BalkdragerPremium · ook: Balkdrager, balkschoen, balkbeugel, joist hanger

    Een balkdrager is een verzinkte stalen beugel waarmee een balk aan een hoofdbalk of een muurplaat wordt opgehangen, zonder inkassing. Alle nagelgaten moeten worden gevuld met de voorgeschreven nagels; schroeven en gedeeltelijk vullen halveren de draagkracht.

  • BinnenwandPremium · ook: Binnenwand, scheidingswand, tussenwand, wand

    Een binnenwand is een wand tussen ruimten binnen een gebouw. Bij het kiezen van een wand gaat het over draagvermogen en over hoe snel hij staat, en de klachten gaan later ergens anders over. Verreweg de meeste ontevredenheid over binnenwanden gaat over geluid — en geluid wordt bepaald door massa, ontkoppeling en luchtdichtheid, in die volgorde. Daaruit volgt het detail dat de meeste wanden verpest: één stopcontact recht tegenover een stopcontact aan de andere kant maakt een gat in beide beplatingen op dezelfde plek, en dan lekt het geluid door een opening van een paar centimeter alsof de wand er niet staat.

  • BevestigingsmiddelPremium · ook: Bevestigingsmiddel, bevestiger, verbindingsmiddel

    Een bevestigingsmiddel is een schroef, spijker, plug, bout of anker waarmee iets aan een ondergrond wordt vastgemaakt. De keuze wordt gemaakt op wat je ophangt, en dat is de verkeerde kant. De ondergrond bepaalt het bevestigingsmiddel, niet het voorwerp. Een boekenkast van vijftig kilo aan een massieve muur vraagt een gewone plug; dezelfde kast aan een gipsplaatwand vraagt een hollewandplug of, beter, een schroef in de achterliggende regel. En de ondergrond in een woning is zelden wat hij lijkt: achter het stucwerk zit gipsplaat, cellenbeton, holle baksteen of een kanaalplaat, en elk van die vier vraagt iets anders. Boor een proefgat in een onopvallende hoek en kijk naar het boorsel — de kleur en de structuur vertellen direct waar je mee te maken hebt.

  • Bevestigen in verschillende ondergrondenPremium · ook: Bevestigen in verschillende ondergronden, boren en pluggen, iets ophangen aan de muur, de juiste plug kiezen

    Bevestigen in verschillende ondergronden is het kiezen van het juiste bevestigingsmiddel op basis van waar je in boort en wat eraan komt te hangen. De volgorde is bepalend en wordt vrijwel altijd omgedraaid. Mensen kiezen een plug op basis van het gewicht van wat ze ophangen. Dat is de verkeerde vraag. De ondergrond bepaalt welke soort bevestiging werkt; het gewicht bepaalt daarna alleen nog de maat en het aantal.

  • BeukenPremium · ook: Beuken, beukenhout, beuk

    Beuken is een zware, harde loofhoutsoort met een egale, fijne structuur en vrijwel geen kleurverschil tussen kern en spint. Het is uitstekend te bewerken en te buigen, en het is buiten volstrekt ongeschikt.

  • BetonvlechterPremium · ook: Betonvlechter, betonstaalvlechter, ijzervlechter, wapeningsvlechter.

    Een betonvlechter brengt de wapening aan in beton: hij plaatst en bindt de staven en netten volgens de constructietekening voordat er wordt gestort. Het is werk dat na het storten voorgoed onzichtbaar is, en dat is precies waarom het zo nauw luistert. De dekking, de plaats en de overlappingen bepalen of de constructie doet wat de berekening zegt.

  • BetontegelPremium · ook: Betontegel, stoeptegel, terrastegel van beton, betonplaat

    Een betontegel is een geperste tegel van zand, grind en cement, in vaste maten en diktes, gelegd in een zandbed of op tegeldragers. Het is de goedkoopste bestrating en de meest voorkomende in Nederlandse tuinen en op stoepen.

  • BetonsteenPremium · ook: Betonsteen, betonblok, betonstraatsteen

    Een betonsteen is een steen van beton, geperst of gegoten, toegepast als metselblok, als gevelsteen of als bestratingsmateriaal. Beton is sterker en goedkoper dan baksteen maar het is minder vochtregulerend en het verkleurt anders. Waar baksteen na vijftig jaar mooier wordt, verkleurt beton vaak onregelmatig.

  • BetonstaalPremium · ook: Wapening, wapeningsstaal, betonijzer

    Betonstaal is het geribde staal dat in beton wordt verwerkt om de trekkrachten op te nemen. Beton is sterk op druk en zwak op trek; het staal vult precies dat tekort aan. Samen vormen ze gewapend beton.

  • BetonschroefPremium · ook: Betonschroef, schroefanker, betonanker, snelbouwanker

    Een betonschroef is een geharde schroef met een grove, hoge draad die zichzelf een schroefdraad in beton of steen snijdt — zonder plug. Dat is het hele voordeel: één gat boren, schroef erin, klaar. Geen plug die verkeerd om zit, geen chemisch anker dat moet uitharden. Het nadeel volgt er direct uit: hij is volledig afhankelijk van de boordiameter, want de draad moet grip vinden in een gat dat exact klopt.

  • BetonreparatiemortelPremium · ook: Betonreparatiemortel, reparatiemortel, betonherstelmortel

    Betonreparatiemortel is een mortel waarmee aangetast beton wordt hersteld nadat het losse materiaal is weggehakt en de wapening is behandeld. De mortel is de laatste stap, niet de eerste. Wie alleen de afgesprongen schol dichtsmeert zonder het roestende staal aan te pakken, verbergt het probleem; de corrosie gaat eronder gewoon door en na een paar jaar springt de reparatie er in één stuk af.

  • BetonpanPremium · ook: Betonpan, betondakpan, sneldekker, betonnen dakpan

    Een betonpan is een geperste dakpan van zand, cement en pigment, met een deklaag die de kleur en het gesloten oppervlak levert. Zij is aanzienlijk goedkoper en zwaarder dan een keramische pan, en de deklaag verweert eerder dan de pan zelf.

  • BetonmortelPremium · ook: Stortbeton, transportbeton, kant-en-klaar beton.

    Betonmortel is beton dat in een fabriek is aangemaakt en met een mixer naar de bouwplaats komt. Je stort het en het hardt uit tot beton. Doordat de samenstelling in de fabriek wordt bewaakt, is de kwaliteit constanter dan bij zelf mengen.

  • BetonmolenPremium · ook: Betonmixer, cementmolen, mengmolen.

    Een betonmolen mengt kleine hoeveelheden beton of metselspecie in een draaiende trommel. Voor alles boven een halve kubieke meter is bestellen bij een betoncentrale meestal goedkoper, sneller en constanter van kwaliteit.

  • BetonkwaliteitPremium · ook: Sterkteklasse, betonspecificatie

    Betonkwaliteit is het geheel van eigenschappen waarop beton wordt besteld en beoordeeld: sterkte, duurzaamheid in de betreffende omgeving, verwerkbaarheid en samenstelling. Sterkte alleen zegt weinig over hoe lang het meegaat.

  • BetonkrimpPremium · ook: Krimp, uitdrogingskrimp

    Betonkrimp is het kleiner worden van beton tijdens en na het uitharden, doordat water verdampt en doordat cement chemisch reageert. Het is onvermijdelijk; het gaat erom waar de krimp terechtkomt.

  • BetonklinkerPremium · ook: Betonstraatsteen, klinker

    Een betonklinker is een geperste betonnen straatsteen voor bestrating van opritten, terrassen, paden en wegen. Hij is goedkoper en maatvaster dan gebakken klinkers en verkrijgbaar in veel maten en kleuren. De sterkte van bestrating komt niet uit de steen maar uit het verband en de voegen: stenen die elkaar klemmen, verdelen een belasting over meerdere stenen. Een losse steen draagt niets; twintig klemmende stenen dragen een auto.

  • BetongaasPremium · ook: Wapeningsnet, bouwstaalmat, betonnet

    Betongaas is een fabrieksmatig gelast net van betonstaal, gebruikt als wapening in vloeren, dekvloeren en druklagen. Het verdeelt krimpspanning en belasting over het vlak en beperkt daarmee scheurvorming.

  • BetonblokPremium · ook: Betonblok, betonsteen, betonmetselblok, holle betonsteen

    Een betonblok is een geperst blok van zand, grind en cement, met een hoge druksterkte en een hoog gewicht. Het wordt gebruikt waar draagkracht telt en het uiterlijk niet, zoals in funderingen, kelderwanden en dragende binnenwanden.

  • BetonPremium · ook: Betonspecie is het verse, nog vloeibare mengsel; beton is het verharde resultaat

    Beton is een mengsel van cement, zand, grind en water dat na verharding steenhard wordt. Het is sterk op druk en zwak op trek; daarom zit er staal in. Beton is het meest gebruikte bouwmateriaal ter wereld en het draagt vrijwel elk Nederlands gebouw.

  • BouwafvalPremium · ook: Bouwafval, bouw- en sloopafval, bsa

    Bouwafval is alles wat er bij bouwen, verbouwen of slopen aan materiaal overblijft: puin, hout, gips, isolatie, verpakkingen en resten van installaties. Wat je ermee mag doen, hangt af van de soort. Gescheiden aanleveren is bijna altijd goedkoper dan gemengd.

  • BoutPremium · ook: Schroefbout, tapbout

    Een bout is een metalen staaf met schroefdraad die samen met een moer twee delen tegen elkaar klemt. De maat wordt aangeduid met een M gevolgd door de diameter in millimeters, bijvoorbeeld M8.

  • BoorschaafPremium · ook: Boorschaaf, raspschaaf, kaasschaaf, surform

    Een boorschaaf is een schaaf met een geperforeerd blad met kleine snijkanten, waarmee hout en zachte materialen snel worden weggenomen zonder dat het gereedschap verstopt. Het is het gereedschap tussen een rasp en een schaaf in: sneller dan schuren, grover dan schaven. Het is bij uitstek geschikt voor het passend maken van een deur of het afronden van een vorm.

  • BoogPremium · ook: Boog, gemetselde boog, boogconstructie

    Een boog is een gekromde constructie die een opening overspant en die de last via druk naar de zijkanten afvoert. Metselwerk is sterk op druk en zwak op trek; de boog is de vorm die metselwerk in staat stelt te overspannen. De zijwaartse kracht die daarbij ontstaat moet worden opgevangen, en dat is het punt waar het bij verbouwingen misgaat.

  • BoktorPremium · ook: Huisboktor, boktor, grote houtworm

    De huisboktor is een kever waarvan de larve zich jarenlang door naaldhout vreet. Hij tast vooral het spinthout van vurenhout en grenenhout aan, en hij komt in Nederland vooral voor in kapconstructies. De schade is aanzienlijk omdat de larve grote gangen maakt en jarenlang doorvreet zonder dat er iets van buiten zichtbaar is.

  • BoeiboordPremium · ook: Boeiboord, boeideel, boeiplank, dakrandplank, windveer aan de langsgevel

    Een boeiboord is de verticale plank langs de dakrand die de kopse kanten van de dakconstructie afdekt en waaraan de goot is bevestigd. Het is het onderdeel van de dakrand dat het snelst rot, doordat het aan drie zijden vocht vangt.

  • BodemafsluiterPremium · ook: Bodemafsluiter is het materiaal, bodemafsluiting is de laag die je ermee maakt

    Een bodemafsluiter is het materiaal waarmee je de bodem van een kruipruimte afdekt, zodat vocht uit de grond niet meer in de ruimte onder je vloer verdampt. Dat kan folie zijn, een laag schelpen, isolatiechips of een gegoten laag schuimbeton.

  • BlokverbandPremium · ook: Blokverband, blokkenverband

    Blokverband is een metselverband waarbij lagen met alleen strekken en lagen met alleen koppen elkaar afwisselen, en waarbij de koppen recht boven elkaar staan. Het is herkenbaar aan het regelmatige blokpatroon en het komt vooral voor bij dikkere muren uit de negentiende eeuw en de vroege twintigste eeuw.

  • BlokschaafPremium · ook: Blokschaaf, blokschaafje, handschaaf, kopschaaf

    Een blokschaaf is een korte handschaaf met een laag geplaatst, omgekeerd gemonteerd beitelblad, bedoeld voor het bijwerken van kanten en kopse einden. De lage bladhoek is de reden dat hij bestaat. Bij een gewone schaaf staat het blad rond de 45 graden en scheurt kops hout uit; bij een blokschaaf ligt de effectieve snijhoek rond de 37 graden of lager, en dan snijdt hij de dwarsvezel door in plaats van hem af te breken.

  • BladloodPremium · ook: Loodslabbe voor het toegepaste stuk, loodwerk voor het geheel

    Bladlood is dun uitgewalst lood dat wordt gebruikt om aansluitingen waterdicht te maken: bij een schoorsteen, een dakkapel, een dakraam of onderin een spouwmuur. Het is buigzaam, het volgt elke vorm en het gaat bij goede verwerking vele decennia mee.

  • BitumenPremium · ook: Asfaltbitumen, dakleer, roofing

    Bitumen is een taai, waterdicht restproduct uit de aardolieraffinage. Op daken wordt het toegepast als dakbaan: rollen met een drager van polyester of glasvlies waarin het bitumen is verwerkt. Het is nog altijd de meest gebruikte bedekking voor platte daken in Nederland.

  • Bioreceptief betonPremium · ook: Bioreceptief beton, biologisch ontvankelijk beton, mosbeton, begroeibaar beton

    Beton dat opzettelijk zo is samengesteld dat mossen, korstmossen en algen zich erop kunnen vestigen. Waar gewoon beton begroeiing tegengaat, nodigt bioreceptief beton die juist uit.

  • Biobased bouwenPremium · ook: Ook geschreven als bio-based

    Biobased bouwen is bouwen met materialen die van hernieuwbare, plantaardige of dierlijke oorsprong zijn: hout, hennep, vlas, stro, cellulose, kurk, schapenwol. Ze leggen tijdens hun groei CO2 vast en houden die tijdens de gebruiksfase in het gebouw.

  • BrandklassePremium · ook: Materiaalklasse, klasse voor het brandgedrag

    De brandklasse geeft aan hoeveel een materiaal zelf bijdraagt aan een brand: hoe snel het vlam vat, hoeveel warmte het afgeeft en hoeveel rook en brandende druppels het produceert. Zij is iets anders dan brandwerendheid, die zegt hoe lang een constructie standhoudt.

  • BovenpanPremium · ook: Bovenpan, nokpan, vorstpan, firstpan, bovenste rij

    De bovenpan is de pan van de bovenste rij van een dakvlak, direct onder de nok. Hier ligt het punt dat bij oudere daken het vaakst mis is: de nokafwerking. Tot in de jaren tachtig werden vorsten in specie gelegd, en specie scheurt, krimpt en laat los. Vrijwel elk dak van vóór die tijd waarop de vorsten nog in specie liggen, is een dak met een lekkage in wording — en de moderne oplossing, een droge nokafwerking met een geventileerd nokvorstprofiel, is dichter, en noodzakelijk voor de ventilatie van het dakvlak.

  • BouwproductPremium · ook: Bouwproduct, bouwmateriaal, bouwstof

    Een bouwproduct is een product dat is gemaakt om blijvend in een bouwwerk te worden verwerkt: een isolatieplaat, een dakpan, een kozijnprofiel, een zak mortel. Zodra het erin zit, bepaalt het mede hoe het bouwwerk presteert. Daarom verklaart de fabrikant wat het kan.

  • Bouwhistorisch onderzoekPremium · ook: Bouwhistorisch onderzoek, bouwhistorische verkenning, bouwhistorische opname, bouwhistorische ontleding

    Bouwhistorisch onderzoek is het onderzoeken van een gebouw zelf als bron, om vast te stellen uit welke bouwfasen het bestaat en welke onderdelen historisch waardevol zijn. Het gebouw is daarbij het archief. Een dichtgezette deuropening, een balk met oude pengaten, een verfkleur onder vier latere lagen, een kapconstructie met telmerken: dat zijn de gegevens. Het onderzoek vertaalt die naar een waardestelling, en die waardestelling bepaalt wat er bij een verbouwing behouden moet blijven en waar de ruimte zit.

C

  • CE-markeringPremium · ook: CE-markering, CE-keurmerk, CE-teken, CE-label

    De CE-markering is het teken waarmee een fabrikant verklaart dat zijn product voldoet aan de Europese regels die ervoor gelden. Bij bouwproducten betekent het dat de prestaties op een vastgestelde manier zijn gemeten en verklaard. Het is geen kwaliteitskeurmerk.

B

  • ButyleenkitPremium · ook: Butyleenkit, butylkit, butylrubberkit, blijvend plastische kit, butylband

    Butyleenkit is een blijvend plastische kit op basis van butylrubber, die niet uithardt. Precies dat is de reden dat hij bestaat en de reden waarom hij op de verkeerde plek niets waard is. Butyl blijft kneedbaar en beweegt mee zolang de verbinding leeft — maar hij veert niet terug, hij is niet overschilderbaar en hij zakt onder blijvende belasting. Waar delen langzaam bewegen en de kit niet in het zicht komt, is dat ideaal; waar een strakke, verfbare naad moet komen of waar de kit gewicht moet dragen, is het de verkeerde keuze.

  • BuitentrapPremium · ook: Buitentrap, stoeptrap, keldertrap, souterraintrap, bordestrap buiten

    Een buitentrap is een trap in de buitenlucht, naar een entree, een kelder, een tuin of een terras. Buiten verandert er één ding fundamenteel aan een trap, en daar hangt de rest van af. De trede is nat, en periodiek bevroren. Dat maakt afwatering, antislip en vorstbestandheid tot de bepalende ontwerpkeuzes — niet de maatvoering. Een buitentrap met vlakke treden zonder afschot houdt water vast, wordt glad, en splijt bij vorst van binnenuit doordat het opgenomen water uitzet.

  • BuitenstucwerkPremium · ook: Buitenstucwerk, gevelpleister, buitenpleisterwerk, stucwerk buiten

    Buitenstucwerk is een pleisterlaag op een gevel, aangebracht in één of meer lagen op metselwerk, beton of een isolatiesysteem. Het bindmiddel bepaalt of de gevel kan blijven ademen, en dat is bij een oude muur de belangrijkste keuze.

  • BuitenschilderwerkPremium · ook: Buitenschilderwerk, buitenverfwerk, schilderwerk buiten

    Buitenschilderwerk is het verfsysteem op alles wat aan de buitenkant van je woning van hout, staal of pleisterwerk is: kozijnen, ramen, deuren, boeiboorden en soms de gevel. Het is geen kleurlaag maar een beschermlaag. De verf houdt water uit het hout en uv-licht van het oppervlak af.

  • BuitenkozijnPremium · ook: Buitenkozijn, gevelelement, gevelkozijn, raamkozijn

    Een buitenkozijn is het raamwerk in de gevel waarin ramen, deuren en glas zijn opgenomen. Het bepaalt samen met het glas de isolatie, de luchtdichtheid en de inbraakwerendheid van de gevelopening.

  • BuisspaandeurPremium · ook: Buisspaandeur, buisspaanvulling, deur met buisspaankern

    Een buisspaandeur heeft een kern van geperste spaanplaat met doorlopende holle buizen, tussen twee plaatlagen. Zij weegt merkbaar meer dan een honingraatdeur, isoleert beter tegen geluid en houdt schroeven vast.

  • BruinrotPremium · ook: Bruinrot, kubieke rot, destructierot

    Bruinrot is aantasting van hout door schimmels die de cellulose afbreken en de lignine grotendeels laten zitten. Het hout wordt donkerbruin, krimpt en breekt in blokjes. Het is de meest voorkomende en de meest destructieve vorm van houtrot in bouwhout; de sterkte kan al sterk zijn afgenomen voordat de schade opvalt.

  • BreuksteenPremium · ook: Breuksteen, breukstenen, veldsteen, ruwe bouwsteen, moellon

    Breuksteen is natuursteen die in onregelmatige brokken is gewonnen of gebroken en zonder te worden gezaagd wordt verwerkt. Je komt het in Nederland tegen in tuinmuren, keermuren, oeverbescherming en historisch metselwerk — en bij dat laatste met een belangrijke voorwaarde: breuksteenmetselwerk in een oud gebouw is vrijwel altijd met kalkmortel gemetseld, en herstel met cementmortel richt daar aantoonbare schade aan.

  • Brandwerende gipsplaatPremium · ook: Brandwerende gipsplaat, roze plaat, brandvertragende gipsplaat, vuurvaste gipsplaat

    Een brandwerende gipsplaat heeft glasvezel in de gipskern, waardoor de plaat bij brand langer op zijn plaats blijft in plaats van uiteen te vallen. De brandwerendheid geldt voor de complete wand- of plafondopbouw en niet voor de plaat op zichzelf.

  • Brandwerende deurPremium · ook: Brandwerende deur, branddeur, zelfsluitende deur, deurgeheel met brandwerendheid

    Een brandwerende deur houdt vuur en rook een vastgestelde tijd tegen, doorgaans dertig of zestig minuten. De prestatie geldt voor het complete deurgeheel van deur, kozijn, beslag, dranger en naaddichting; losse onderdelen zijn niet uitwisselbaar.

C

  • ContactlijmPremium · ook: Contactlijm, contactkleefstof, neopreenlijm, tweezijdige lijm

    Contactlijm is een lijm die op beide te verbinden vlakken wordt aangebracht, moet aandrogen, en die bij het samenbrengen onmiddellijk hecht. Er zit één regel in die alles bepaalt en die tegen de intuïtie in gaat: je wacht tot de lijm droog aanvoelt voordat je de delen op elkaar legt. Wie ze nat samenbrengt, krijgt een verbinding die nooit sterk wordt — het oplosmiddel kan er dan niet meer uit.

  • ConstructiehoutPremium · ook: Constructiehout, draaghout, timmerhout, gezaagd hout

    Constructiehout is gezaagd hout dat is gesorteerd op sterkte en dat daardoor mag worden gebruikt in een dragende constructie: een balklaag, een dakspant, een gording of een houtskeletwand. Wat het onderscheidt van gewoon timmerhout is de sortering. Op elk stuk staat een sterkteklasse gestempeld, en die klasse is wat de constructeur in zijn berekening gebruikt. Hout zonder stempel mag niet dragen.

  • CompressorPremium · ook: Compressor, luchtcompressor, persluchtcompressor, luchtketel

    Een compressor perst lucht samen in een ketel, zodat je er gereedschap mee kunt aandrijven. Bij de aanschaf wordt naar de druk gekeken en dat is zelden waar het misgaat. De maat die telt is de luchtafgifte in liters per minuut, niet de bar. Vrijwel elke compressor haalt de druk die een tacker of een verfspuit vraagt; wat hij niet haalt, is de hoeveelheid lucht die een slijptol, een schuurmachine of een spuitpistool per minuut verbruikt. Dan werkt het gereedschap een halve minuut, valt de druk weg en sta je te wachten tot de ketel weer vol is. Kijk dus eerst wat je zwaarste gereedschap vraagt en zoek daar een compressor bij.

  • ComposietPremium

    Composiet is een materiaal dat is opgebouwd uit een bindmiddel met versterkende vezels of vulstoffen. In de bouw wordt het gebruikt voor gevelbeplating, kozijnen, vlonders, keukenbladen en dakelementen.

  • CoatinginspectiePremium · ook: Coatinginspectie, conserveringsinspectie, verfinspectie, laagdikte-inspectie

    Een coatinginspectie is de systematische beoordeling van een aangebrachte beschermlaag: is hij goed aangebracht, is hij dik genoeg, hecht hij, en hoe lang gaat hij nog mee. De inspectie meet wat je niet ziet. Een coating die er goed uitziet, kan te dun zijn aangebracht of slecht hechten, en dan begeeft hij het jaren eerder dan berekend. Bij staal en beton betekent dat niet alleen een nieuwe verflaag maar aantasting van de constructie eronder, en dat is een orde van grootte duurder.

  • CoatingPremium

    Een coating is een dunne laag die je op een ondergrond aanbrengt om die te beschermen of om er een eigenschap aan toe te voegen, bijvoorbeeld waterdichtheid, slijtvastheid of stroefheid. De laag hardt uit tot een aaneengesloten film die aan de ondergrond hecht.

  • CirculariteitsindexPremium · ook: Circulariteitsindex, circulariteitsscore, material circularity indicator

    Een circulariteitsindex is een getal dat aangeeft in welke mate een gebouw of product circulair is: hoeveel hergebruikt materiaal erin zit, hoe losmaakbaar het is, en wat er aan het einde mee kan gebeuren. Anders dan de MPG is er geen wettelijk voorgeschreven methode. Dat betekent dat scores van verschillende methoden niet vergelijkbaar zijn.

  • Circulaire economiePremium · ook: Kringloopeconomie

    De circulaire economie is een model waarin grondstoffen in kringloop blijven in plaats van dat ze na gebruik afval worden. In de bouw betekent dat: minder nieuw materiaal, langer gebruiken wat er staat, en bouwen op een manier waarop het later weer uit elkaar kan.

  • Circulair bouwenPremium · ook: Kringloopbouw, circulaire bouweconomie

    Circulair bouwen is bouwen op een manier waarbij materialen aan het einde van hun gebruiksduur opnieuw bruikbaar zijn in plaats van afval worden. Dat vraagt keuzes in het ontwerp, niet pas bij de sloop.

  • ChapePremium · ook: Chape, dekvloer, zandcementvloer, egalisatievloer, estrik

    Een chape of dekvloer is de laag zand en cement of anhydriet die over de constructievloer wordt aangebracht om een vlakke ondergrond te maken. Er is één eigenschap die alle problemen verklaart: een dekvloer moet drogen, en dat duurt langer dan iedereen denkt. Een zandcementdekvloer van vijf centimeter heeft grofweg een week per centimeter nodig — en dat is bij ideale omstandigheden. Wie er te vroeg een vloerafwerking op legt, sluit het vocht op, en dan komt het bij het parket, de lijm of het linoleum terecht.

  • ChamottePremium · ook: Chamotte, schamotte, vuurvaste klei, vuurvaste steen, chamottesteen

    Chamotte is gebakken vuurvaste klei, gebruikt als steen of als mortel in de vuurhaard van kachels, open haarden en schoorstenen. Het onderscheidende is niet dat het hitte verdraagt — dat doen meer materialen — maar dat het hitte verdraagt zonder te scheuren of uit te zetten. Gewone baksteen, cementmortel en beton doen dat niet: die scheuren, spatten of vallen uiteen bij de temperaturen in een haard. Een vuurhaard herstellen met gewone mortel gaat één stookseizoen goed en is daarna gevaarlijker dan ervoor.

  • ChaletstijlPremium · ook: Zwitserse stijl, Zwitsers landhuisstijl

    Chaletstijl is een negentiende-eeuwse bouwstijl met houten gevels, brede dakoverstekken en decoratief zaagwerk aan windveren en balkons. In Nederland vooral toegepast bij villa's, stationsgebouwen en paviljoens.

  • CertificeringPremium · ook: Certificering, certificatie, certificeren, gecertificeerd zijn

    Certificering is de schriftelijke verklaring van een onafhankelijke instelling dat een product, een bedrijf of een persoon aan vastgelegde eisen voldoet en dat daar regelmatig op wordt gecontroleerd. In de bouw kom je het tegen als certificaat op materialen, als procescertificaat bij bedrijven en als persoonscertificaat bij vakmensen.

  • CenterboorPremium · ook: Centerboor, centrumboor, appelboor, vlakboor, speedboor

    Een centerboor is een houtboor met een centreerpunt in het midden, omgeven door een voorsnijder en een snijmes. De volgorde waarin die drie het hout raken, is de hele reden dat het gereedschap bestaat. De punt centreert, de voorsnijder kerft de cirkel in, en pas daarna schaaft het snijmes het hout weg. Daardoor krijg je een gat met een schone rand en een vlakke bodem, terwijl een gewone spiraalboor de vezels aan de rand uittrekt. De keerzijde: dat werkt alleen bij laag toerental en veel koppel — in een snel draaiende accuboormachine slaat een centerboor vast of brandt hij in.

  • Cementgebonden plaatPremium · ook: Cementgebonden plaat, cementplaat, cementgebonden bouwplaat, tegeldrager

    Een cementgebonden plaat bestaat uit cement met vezels of houtdeeltjes als versterking, en is bestand tegen water zonder in te zwellen. Zij wordt gebruikt als drager onder tegelwerk in natte ruimten, in ruimten met een zware belasting en op plaatsen waar gips het niet houdt.

  • CementPremium · ook: Portlandcement is de meest gebruikte soort

    Cement is een bindmiddel: een fijn grijs poeder van gebrande en gemalen kalksteen en klei. Het is geen mengsel van kalk en zand, en het is op zichzelf geen bouwmateriaal. Pas gemengd met water, zand en eventueel grind ontstaat mortel of beton.

  • CellenbetonplugPremium · ook: Cellenbetonplug, gasbetonplug, ytongplug, spiraalplug voor cellenbeton

    Een cellenbetonplug is een lange plug met een grof, spiraalvormig profiel dat zich over een groot oppervlak in het zachte, poreuze materiaal vastzet. Cellenbeton is bros: boren gebeurt uitsluitend draaiend en nooit met de klopstand.

  • CellenbetonPremium · ook: Gasbeton, porenbeton

    Cellenbeton is een lichte, poreuze steensoort van zand, cement, kalk en een blaasmiddel dat er miljoenen luchtbelletjes in maakt. Het is licht, goed zaagbaar en het isoleert aanzienlijk beter dan gewone steen.

D

  • DampopenPremium · ook: Dampopen, dampdoorlatend, damptoegankelijk, diffusieopen

    Dampopen betekent dat een materiaal of constructie waterdamp doorlaat. Het woord wordt gebruikt alsof het altijd goed is en dat is het niet. Het gaat niet om dampopen of dampdicht, maar om de volgorde: dampremmend aan de warme binnenzijde en dampopen aan de koude buitenzijde. Een constructie moet vocht kunnen afvoeren naar de kant waar het weg kan. Draai je die volgorde om — dampdicht aan de buitenkant, open aan de binnenkant — dan loopt vocht de constructie in en komt het er niet meer uit. Dat is de fout achter een groot deel van de vochtschade na na-isolatie.

  • DaktrimPremium · ook: Daktrim, dakrandprofiel, randprofiel, trim, dakrandafwerking

    Een daktrim is het metalen profiel dat de rand van een plat dak afwerkt, de dakbedekking vasthoudt en het water van de gevel af leidt. Het lijkt afwerking en het is de plek waar een plat dak het vaakst lekt. Aan de rand komen drie dingen samen die elk hun eigen beweging hebben: de dakbedekking, het metalen profiel en de onderliggende constructie. Waar drie materialen met verschillende uitzettingscoëfficiënten elkaar raken, ontstaat spanning — en spanning zoekt een uitweg.

  • DakshinglePremium · ook: Dakshingle, shingle, bitumenshingle, asfaltshingle, dakleipan van bitumen

    Een dakshingle is een flexibele strook van met bitumen doordrenkte glasvezel, aan de bovenzijde bestrooid met minerale korrels, die dakpansgewijs op een gesloten dakbeschot wordt gespijkerd. Zij is licht en goedkoop, en zij is de gangbare dakbedekking voor tuinhuizen, dakkapellen en lichte dakvlakken.

  • DakpanplaatPremium · ook: Pannenplaat, dakpanprofielplaat, damwandpanplaat

    Een dakpanplaat is een grote metalen of kunststof plaat die in het profiel van dakpannen is geperst. Eén plaat vervangt tien tot twintig losse pannen en wordt met schroeven op de panlatten of gordingen bevestigd.

  • DakpanPremium · ook: Pan, dakbedekkingselement.

    Een dakpan is een element van gebakken klei of beton waarmee een hellend dak wordt bedekt. Pannen liggen los op de panlatten en overlappen elkaar, zodat regenwater naar beneden wordt afgevoerd zonder dat het dak waterdicht hoeft te zijn.

  • DakleiPremium · ook: Lei, natuurlei, schaliedak

    Een daklei is een dunne, platte plaat natuursteen — meestal leisteen — of vezelcement, die in overlappende rijen op een dak wordt bevestigd. Leien zijn licht, zeer duurzaam en kenmerkend voor kerken, landhuizen en monumentale panden. Natuurleien gaan bij goede kwaliteit een eeuw mee en zijn daarmee de langst meegaande dakbedekking die er is. De bevestiging en het onderliggende houtwerk gaan doorgaans eerder stuk dan de leien zelf, en dat is bij een leiendak de kern van het onderhoud.

  • DakgebintPremium · ook: Dakgebint, gebint, gebinte

    Een dakgebint is het houten dwarsframe dat de kap van een oud gebouw draagt: twee staande stijlen met een liggende balk erover, schuin verstevigd met korbelen. Op de gebinten liggen de gordingen, daarop de sporen en het dakbeschot. Je vindt ze vooral in boerderijen, schuren, pakhuizen en monumenten.

  • DakconstructiePremium · ook: Kapconstructie, dakgebint, draagconstructie van het dak

    De dakconstructie is het dragende deel van het dak: het geheel van spanten, gordingen, balken of vloerelementen dat de dakbedekking, de sneeuw en de wind opneemt en de belasting afvoert naar de muren en de fundering.

C

  • CortenstaalPremium · ook: Weervast staal, verweerstaal

    Cortenstaal is staal met legeringselementen die ervoor zorgen dat de roestlaag zichzelf afsluit. Die dichte roestlaag beschermt het staal eronder, waardoor het buiten zonder coating decennia meegaat en zijn karakteristieke oranjebruine kleur krijgt.

  • CW-klassePremium · ook: CW-klasse, CW-waarde, CW-aanduiding

    De CW-klasse zegt hoeveel wind en regen een kozijn of gevelelement aankan voordat het gaat lekken of doorbuigen. Het getal is de druk waarbij het element bij de beproeving nog voldeed. Hoe hoger het getal, hoe zwaarder de belasting die het element verdraagt. Een woning in de duinen of hoog in een flat vraagt een hogere klasse.

D

  • DoorstrijkenPremium · ook: Doorgestreken voeg, doorstrijkmortel, doorstrijken van het voegwerk

    Doorstrijken is een metselwijze waarbij de voeg direct tijdens het metselen wordt afgewerkt met dezelfde mortel. Er wordt dus niet later apart gevoegd. Het is sneller en goedkoper, en het stelt hogere eisen aan de mortel en aan het vakmanschap.

  • DievenklauwPremium · ook: Dievenklauw, scharnierbeveiliging, anti-opdrukbeveiliging, dievenpen, inbraakwerende pen

    Een dievenklauw is een pen aan de scharnierzijde die bij het sluiten in het kozijn grijpt. Hij lost een probleem op waar bijna niemand aan denkt. Iedereen beveiligt de slotzijde, en dus werkt een inbreker aan de scharnierzijde. Worden de scharnierpennen eruit geslagen of wordt de deur daar opgewrikt, dan kan het blad uit de sponning worden getild — het slot doet dan niets, want dat zit aan de andere kant. Een dievenklauw houdt het blad daar mechanisch vast, en hij kost enkele euro's per stuk.

  • DeurkozijnPremium · ook: Deurkozijn, kozijn, deurstijl, zarge

    Een deurkozijn is het omlijstende raamwerk waarin een deur hangt, bestaande uit twee stijlen en een bovendorpel. Het kozijntype bepaalt welk deurtype past, en het is bij een verbouwing vaker de bepalende post dan de deur zelf.

  • DendrochronologiePremium · ook: Jaarringenonderzoek, jaarringdatering, boomringdatering

    Dendrochronologie is het dateren van hout aan de hand van het patroon van jaarringen. Door dat patroon te vergelijken met referentiereeksen kan het jaar waarin de boom is gekapt vaak tot op een jaar nauwkeurig worden bepaald.

  • Demontabel bouwenPremium · ook: Demontabel bouwen, remontabel bouwen, adaptief bouwen

    Demontabel bouwen is het ontwerpen en uitvoeren van een gebouw zodat het aan het einde van zijn gebruiksduur uit elkaar kan worden gehaald en de onderdelen opnieuw kunnen worden ingezet. Het is de praktische toepassing van circulair denken op gebouwniveau, en het verschuift de vraag van hoe bouw ik dit naar hoe haal ik dit later weer uit elkaar.

  • Dampremmende foliePremium · ook: Dampremmende folie, dampremmer, dampscherm, dampdichte folie

    Dampremmende folie is een kunststoffolie die aan de warme zijde van een isolatielaag wordt aangebracht om te voorkomen dat vochtige binnenlucht de constructie in trekt en daar condenseert. De folie werkt alleen als hij luchtdicht is. Een scheur, een niet-afgeplakte naad of een doorvoering zonder manchet laat meer vocht door dan de hele rest van het vlak tegenhoudt, en dat is de reden dat vrijwel elke vochtschade in een geisoleerd dak op een detail is terug te voeren.

  • DuurzaamheidsklassePremium · ook: Duurzaamheidsklasse hout, natuurlijke duurzaamheid, DK 1 tot en met DK 5

    De duurzaamheidsklasse geeft aan hoe goed het kernhout van een houtsoort van nature bestand is tegen aantasting door schimmels. De schaal loopt van klasse 1, zeer duurzaam, tot klasse 5, niet duurzaam.

  • Duurzaam bouwenPremium · ook: Dubo, duurzame bouw, groen bouwen

    Duurzaam bouwen is bouwen waarbij de milieubelasting over de hele levensduur wordt beperkt: van de winning van grondstoffen, via het bouwen en het gebruik, tot de sloop en het hergebruik. Het gaat dus over meer dan energiezuinigheid alleen.

  • DuimstokPremium · ook: Duimstok, meterstok, vouwmeter, timmermansmeter, gliedermaat

    Een duimstok is een uit tien of twintig scharnierende delen bestaande meetstok van hout, kunststof of aluminium, doorgaans twee meter lang uitgevouwen. Waar een rolmaat doorbuigt, blijft een duimstok recht. Dat maakt hem nauwkeuriger over korte afstanden, geschikt om een maat over te brengen zonder tweede persoon, en bruikbaar als lineaal, als aanslag en als diepte- of hoekmaat.

  • Drukvaste isolatiePremium · ook: Belastbare isolatie, drukvast isolatiemateriaal, hardschuimisolatie

    Drukvaste isolatie is isolatiemateriaal dat belasting kan dragen zonder blijvend in te drukken. Het wordt toegepast onder vloeren, onder funderingen, op omgekeerde daken en onder terrassen — overal waar er gewicht op de isolatie komt te staan.

  • DruklaagPremium · ook: Druklaag, constructieve druklaag, opstortlaag, opstort, meewerkende druklaag.

    Een druklaag is een gewapende betonlaag die op de bouwplaats over prefab vloerelementen wordt gestort. Hij hoort constructief bij de vloer: hij neemt de druk op, koppelt de losse platen tot één vlak en zorgt dat de vloer de wind naar de wanden kan afvoeren. Zonder druklaag zijn het losse platen.

  • DroogtijdPremium · ook: Droogtijd, drogingstijd, uithardingstijd, verhardingstijd, wachttijd

    Droogtijd is de tijd die een bouwproduct nodig heeft om van nat of vers naar de toestand te komen waarin je er verder mee kunt: aanraken, overschilderen, belopen, belasten of afwerken. Verf, lijm, kit, stucwerk, dekvloeren en beton hebben elk een eigen droogtijd, en die hangt af van temperatuur, vocht, laagdikte en ondergrond.

  • DrilboorPremium · ook: Drilboor, boogboor, fiedelboor, drukboor, spiraaldrukboor

    Een drilboor is een handaangedreven boor die gaat draaien door een boog met een snaar of door een schuivende spiraalbeweging. Het is nadrukkelijk geen zwaar gereedschap, en dat is het punt. Een drilboor levert weinig kracht en veel beheersing. Hij kan niet uitschieten, hij loopt niet warm en hij geeft geen vonken — precies wat je wilt in broos, oud of dun materiaal, in fijne verbindingen en op plekken waar een machine te grof of te riskant is. Voor gaten van enige diameter is hij ongeschikt, en dat is geen tekortkoming maar de afbakening.

  • DrevelPremium · ook: Drevel, nagelverzinker, spijkerdrevel, doorslag, drijver

    Een drevel is een korte stalen pen met een geharde, licht holle punt, waarmee je een spijkerkop onder het houtoppervlak drijft zonder het hout eromheen te beschadigen. Het is een klein gereedschap met één taak, en die taak is nauwelijks te vervangen: het laatste stukje van een spijker slaan met de hamer betekent een deuk in het hout. De drevel zet die laatste twee millimeter zonder het oppervlak te raken.

  • DrakenstijlPremium · ook: Noorse drakenstijl, dragestil

    De drakenstijl is een Scandinavische houtbouwstijl uit het einde van de negentiende eeuw, met steile daken, rijk houtsnijwerk en drakenkoppen op de nokken. In Nederland komt zij zeldzaam voor, vooral bij villa's en badplaatsarchitectuur uit die periode.

  • DraaikiepraamPremium · ook: Draai-kiepraam, kantelraam, oscillo-battant

    Een draaikiepraam is een raam dat op twee manieren opengaat: helemaal open draaiend om een verticale as, of aan de bovenzijde naar binnen kantelend voor ventilatie. Eén handgreep bedient beide standen.

  • DraadnagelPremium · ook: Draadnagel, draadnagelstift, nagel, spijker

    Een draadnagel is de moderne, uit staaldraad getrokken spijker: een rechte schacht met een gestuikte kop en een geslagen punt. Het is het meest gebruikte bevestigingsmiddel in de houtbouw en tegelijk het onopvallendste. De keuze zit niet in het product zelf maar in vier eigenschappen: dikte, lengte, kopvorm en beschermlaag. Die vier bepalen of een verbinding houdt, of hij loskomt, en of het hout eromheen na een paar jaar zwart wordt.

  • DraadglasPremium · ook: Gewapend glas, spiegeldraadglas wanneer het is geslepen en gepolijst, ruitjesglas in het spraakgebruik

    Draadglas is glas waarin tijdens het gieten een metalen draadnet is opgenomen. Bij breuk houdt dat net de scherven op hun plaats, waardoor de opening dicht blijft. Het is brandvertragend maar het is geen veiligheidsglas voor personen.

  • DraadeindPremium · ook: Draadeind, draadstang, tapeind, stangdraad

    Een draadeind is een stalen stang met metrische schroefdraad over de hele lengte, die je op maat afkort en met moeren vastzet. Het is bevestigingsmateriaal op rol: je maakt er precies de lengte van die je nodig hebt. Daardoor is het de standaardoplossing voor ophangingen aan een plafond — leidingen, kanalen, verlaagde plafonds — en voor doorgaande verbindingen door dik materiaal.

  • DouglasPremium · ook: Douglas, douglashout, douglasspar, Oregon pine

    Douglas is een naaldhoutsoort met een roodbruin kernhout, een natuurlijke duurzaamheid die beter is dan die van vuren en grenen, en met een opvallend grote leverbare maat. Het is in Nederland het gangbare hout voor overkappingen, carports en zichtbare buitenconstructies zonder impregnering.

  • Dosse gezaagdPremium · ook: Vlakgezaagd, tangentiaal gezaagd, doorgaand gezaagd

    Dosse gezaagd hout is uit de stam gezaagd langs de raaklijn aan de jaarringen. Het herkenbare gevolg is de vlamtekening op het oppervlak. Het is de goedkoopste zaagwijze en tegelijk de zaagwijze die het meeste werkt bij wisselend vocht.

E

  • EvenwichtsvochtgehaltePremium · ook: Evenwichtsvochtgehalte, evenwichtsvochtigheid, EMC

    Het evenwichtsvochtgehalte is het vochtgehalte dat een hygroscopisch materiaal — hout, gips, leem, een dekvloer — aanneemt wanneer het lang genoeg in dezelfde omgeving ligt. Het volgt uit de temperatuur en de relatieve luchtvochtigheid van die omgeving en het bepaalt of hout gaat werken.

  • EssenPremium · ook: Essen, essenhout, es

    Essen is een taaie, elastische loofhoutsoort met een uitgesproken nerftekening en een hoge slagvastheid. Het is de klassieke keuze voor gereedschapsstelen en sportmateriaal, en het is buiten ongeschikt.

  • EsdoornPremium · ook: Esdoorn, esdoornhout, ahorn

    Esdoorn is een lichte, egale loofhoutsoort met een uitzonderlijk fijne structuur en een bijna witte kleur. Het is het klassieke hout van sportvloeren en werkbladen, en het is buiten volstrekt ongeschikt.

  • EpoxyPremium · ook: Epoxy, epoxyhars, tweecomponentenhars, 2K-epoxy

    Epoxy is een tweecomponentenhars die uithardt door een chemische reactie tussen hars en verharder, in een exact voorgeschreven mengverhouding. De sterkte en de chemische bestendigheid zijn hoog; de verwerkingstijd na mengen is kort en de mengverhouding luistert nauw.

  • EngobePremium · ook: Kleislib, sliblaag

    Engobe is een dunne laag fijne klei die vóór het bakken op een dakpan of een keramische tegel wordt aangebracht. Bij het bakken versmelt zij met de scherf. Zij bepaalt de kleur en maakt het oppervlak dichter, maar zij is geen glazuur en geeft dus geen glans.

  • Embodied carbonPremium · ook: Embodied carbon, materiaalgebonden uitstoot, grijze energie

    Embodied carbon is de broeikasgasuitstoot die vrijkomt bij het winnen, produceren, transporteren, bouwen, onderhouden en slopen van een gebouw. Het is alles behalve het energieverbruik tijdens het gebruik. Naarmate woningen energiezuiniger worden, neemt het aandeel van deze uitstoot toe: bij een nieuwe, goed geïsoleerde woning is het inmiddels vaak groter dan de uitstoot van het gebruik over de hele levensduur.

  • ElzenhoutPremium · ook: Elzenhout, els, zwarte els

    Elzenhout is een lichte, zachte loofhoutsoort die boven water snel wegrot en permanent onder water eeuwen meegaat. Het wordt gebruikt voor multiplex, meubels en historische paalfunderingen, en het kleurt bij het zagen oranjerood op.

  • EloxerenPremium · ook: Anodiseren, geanodiseerd aluminium, geëloxeerd aluminium

    Eloxeren is een elektrochemische behandeling waarbij de natuurlijke oxidehuid van aluminium onder stroom wordt verdikt tot een harde, poreuze laag die daarna wordt gesloten. Het resultaat is een oppervlak dat niet kan afbladderen, want het is geen laklaag maar het metaal zelf.

  • ElementenbouwPremium · ook: Prefab bouw, systeembouw, industrieel bouwen

    Bij elementenbouw worden grote onderdelen van een gebouw in een fabriek gemaakt en op de bouwplaats samengevoegd. Wanden, vloeren, dakelementen en soms complete badkamers komen kant-en-klaar aan; de bouwplaats wordt een montageplaats.

  • Elastische kitPremium · ook: Elastische kit, elastisch afdichtingsmiddel, voegkit, sealant

    Elastische kit is een afdichtingsmiddel dat na uitharding rekbaar blijft en daarmee de beweging in een voeg kan volgen zonder te scheuren. Wat een kitvoeg lang laat meegaan is niet de kitsoort maar de maatvoering van de voeg en de rugvulling erachter.

  • EikenPremium · ook: Eiken, eikenhout, eik

    Eiken is een loofhoutsoort met een hoge dichtheid, een kenmerkende nerftekening en een goede natuurlijke duurzaamheid van het kernhout. Het is in Nederland eeuwenlang het constructiehout bij uitstek geweest en het is nog steeds de standaard voor vloeren, trappen en meubels.

  • EgaliserenPremium · ook: Egaliseren, uitvlakken, nivelleren, ragréeren

    Egaliseren is het vlak maken van een vloer met een dunne, vloeibare mortellaag voordat de afwerking erop komt. Het wordt behandeld als vulwerk en het is een vloeistof met een recept. Egalisatiemortel legt zichzelf waterpas, maar alleen bij precies de voorgeschreven hoeveelheid water. Een scheut extra maakt het uitgieten makkelijker en levert een laag op die poedert, krimpt en onder de afwerking loslaat — de sterkte zit in de verhouding, niet in het gemak. En de tweede voorwaarde staat even zuinig op de zak: de ondergrond moet voorbehandeld zijn. Zonder primer zuigt een poreuze vloer het aanmaakwater weg voordat de mortel is uitgehard, en op een dichte vloer hecht hij niet. Beide fouten zie je pas als de vloer eroverheen ligt.

  • EPSPremium · ook: Piepschuim, tempex, geëxpandeerd polystyreen

    EPS is een hard isolatieschuim van polystyreenkorrels die met stoom zijn opgeschuimd en aan elkaar gesinterd. Het is licht, goedkoop, drukvast en vochtongevoelig, en het is daarmee het meest toegepaste isolatiemateriaal in de Nederlandse bouw.

  • EPDMPremium · ook: Rubberdak, rubberfolie, EPDM-folie

    EPDM is een synthetische rubberfolie die als dakbedekking op platte daken wordt toegepast. Het grootste kenmerk is dat een dak van gemiddelde afmeting in één stuk kan worden gelegd, zonder naden — en naden zijn de plek waar een plat dak lekt.

G

  • GalvaniserenPremium · ook: Galvaniseren, verzinken, gegalvaniseerd, verzinkt

    Galvaniseren is het aanbrengen van een zinklaag op staal om roest tegen te gaan. Het zink beschermt op twee manieren: het sluit het staal af van lucht en water, en het lost bij een beschadiging zelf op in plaats van het staal. Dat laatste maakt de behandeling zo betrouwbaar.

  • Galvanische corrosiePremium · ook: Contactcorrosie

    Galvanische corrosie is het versneld wegteren van een metaal doordat het in contact staat met een ander, edeler metaal terwijl er water tussen zit. Het minst edele metaal offert zich op. In woningen zie je het vooral bij koper op zink, bij stalen schroeven in aluminium of zink en bij verschillende metalen in een leidingnet.

  • G-waardePremium · ook: Zontoetredingsfactor, ZTA-waarde, solar factor

    De g-waarde geeft aan welk deel van de zonne-energie dat op een ruit valt, binnenkomt als warmte. Een g-waarde van 0,6 betekent dat zestig procent van de zonnewarmte de ruimte in gaat.

F

  • Functionele eenheidPremium · ook: Vergelijkingsbasis, prestatie-eenheid, referentie-eenheid.

    De functionele eenheid is de afspraak waarover je vergelijkt: welke prestatie twee producten allebei moeten leveren voordat je hun milieubelasting of hun prijs naast elkaar mag leggen. Zonder die afspraak vergelijk je twee dingen die niet hetzelfde doen.

  • FretboorPremium · ook: Fretboor, handboortje, priemboor, modelboortje, stiftenboor

    Een fretboor is een klein spiraalboortje met een handvat, dat met de hand wordt rondgedraaid. Dat het langzaam gaat, is bij fijn werk geen nadeel maar de bestaansreden. Met de hand voel je de weerstand, en daardoor kun je niet doorschieten. In dun hout, in een fineerlaag, vlak bij een kant of in een oud, broos werkstuk is dat precies wat je nodig hebt: een machine boort erdoorheen voordat je merkt dat het splijt. Voor voorboren van kleine schroeven blijft het een van de weinige plekken waar handkracht wint van een accumachine.

  • FreesPremium · ook: Bovenfrees, freesmachine, router

    Een frees is een machine met een snel roterend snijgereedschap waarmee je materiaal wegneemt in een bepaalde vorm: een groef, een sponning, een profiel of een uitsparing. De bovenfrees is het gereedschap waarmee een klusser zelf profielen en verbindingen kan maken.

  • FormaldehydePremium · ook: Formaldehyde, methanal, formaline

    Formaldehyde is een vluchtige stof die vrijkomt uit lijmen in plaatmateriaal zoals spaanplaat, MDF en multiplex, en uit sommige isolatiematerialen, verven en meubels. Het prikt aan ogen en luchtwegen en het is geclassificeerd als kankerverwekkend bij langdurige blootstelling. In een goed geventileerde woning met moderne materialen is het risico klein; in een luchtdichte woning met veel nieuw plaatmateriaal is het dat minder.

  • FoamglasPremium · ook: Cellenglas, schuimglas, cellulair glas

    Foamglas is isolatiemateriaal van opgeschuimd glas: miljoenen gesloten glascellen gevuld met lucht. Het is volledig waterdicht, dampdicht, drukvast en onbrandbaar. Daarmee is het het enige isolatiemateriaal dat in permanent natte en zwaar belaste situaties zonder meer kan.

  • FloatglasPremium · ook: Floatglas, blank glas, vlakglas, basisglas, enkel glas

    Floatglas is het basisvlakglas dat wordt gemaakt door gesmolten glas over een bad van vloeibaar tin te laten drijven. Vrijwel alle andere glassoorten worden ervan gemaakt; op zichzelf is het niet veilig en niet isolerend.

  • FlensPremium · ook: Flens, flensverbinding, flensplaat, koppelflens, closetflens

    Een flens is een ronde plaat aan het uiteinde van een leiding of toestel, waarmee twee delen met bouten en een pakking op elkaar worden bevestigd. Het is de demonteerbare verbinding in een leidingsysteem: waar gelast of gelijmd niet uitkomt omdat er ooit iets uit moet, komt een flens. Het is daarmee ook het punt dat lekt — en de oorzaak is bijna altijd dezelfde: de bouten zijn niet kruislings en niet gelijkmatig aangehaald, waardoor de pakking scheef wordt belast.

  • FineerbalkPremium · ook: Fineerbalk, gelamineerd fineerhout, LVL

    Een fineerbalk bestaat uit dunne fineerlagen die op elkaar zijn gelijmd, waarbij vrijwel alle lagen in de lengterichting lopen. Dat geeft een hoge sterkte bij een slanke doorsnede en een maatvastheid die massief hout niet haalt.

  • FineerPremium · ook: Fineerblad, houtfineer, fineerlaag

    Fineer is een dun blad echt hout, doorgaans 0,5 tot 3 millimeter dik, dat op een ondergrond van plaatmateriaal wordt verlijmd. Zo krijgt een meubel of een deur het uiterlijk van massief hout tegen een fractie van het materiaalgebruik.

  • FiguurglasPremium · ook: Ornamentglas, gefigureerd glas, structuurglas, matglas in het spraakgebruik

    Figuurglas is glas met een reliëfpatroon aan één of beide zijden, aangebracht tijdens de productie door het glas tussen gegraveerde walsen te leiden. Het laat licht door maar geen scherp doorzicht, en het wordt toegepast waar privacy en daglicht allebei nodig zijn.

  • FelsnaadPremium · ook: Felsnaad, fels, staande naad, roevennaad, soldeernaadloze verbinding

    Een felsnaad is een waterdichte verbinding tussen twee metalen banen, gemaakt door de randen om elkaar heen te vouwen en dicht te drukken. Het is een verbinding zonder soldeer, zonder lijm en zonder kit — de dichtheid komt uit de vorm. Dat maakt hem uitzonderlijk duurzaam en het maakt hem het antwoord op het probleem dat metaal uitzet: een felsnaad laat beweging toe waar een soldeernaad scheurt.

  • FSCPremium · ook: Fsc-keurmerk, fsc-gecertificeerd hout

    FSC is een keurmerk voor hout en houtproducten uit verantwoord beheerd bos. Het certificaat volgt het hout van het bos tot het eindproduct, zodat een koper kan nagaan waar het vandaan komt en onder welke voorwaarden het is gekapt.

E

  • EzelsrugPremium · ook: Ezelsrug, ezelsrugafdekking, muurafdekking met twee hellingen

    Een ezelsrug is de afdekking van een muur met twee naar weerszijden aflopende vlakken, zodat het water naar beide kanten afloopt. Het is de klassieke manier om de bovenzijde van een vrijstaande muur te beschermen. De bovenkant van een muur is namelijk de plek waar water binnendringt en waar de meeste schade begint.

R

  • Reinigingsmiddel voor gevelsPremium · ook: Gevelreiniger, gevelreinigingsmiddel, groene-aanslagverwijderaar, cementsluierverwijderaar

    Een gevelreiniger is een chemisch middel waarmee vervuiling van een gevel wordt verwijderd: groene aanslag, cementsluier, roetaanslag of uitbloei. De keuze volgt uit de vervuiling én uit de steen. Een zuur middel dat cementsluier oplost, tast kalkhoudende natuursteen aan; een alkalisch middel dat vet aanpakt, laat vlekken achter op baksteen. Het verkeerde middel doet blijvende schade die niet is terug te draaien.

G

  • GevelreinigingPremium · ook: Gevelreiniging, gevelreinigen, gevel schoonmaken

    Gevelreiniging is het verwijderen van vervuiling van een gevel. De klachten die na een reiniging binnenkomen, gaan zelden over een gevel die niet schoon werd. De schade komt vrijwel altijd van de druk en niet van het vuil. Een gebakken steen heeft een bakhuid: een harde, dichte buitenlaag die tijdens het bakken ontstaat en die de steen tegen water beschermt. Hogedruk of stralen slaat die huid eraf. Wat je overhoudt, is een schone gevel die vanaf dat moment water opneemt als een spons, en die bij de eerste strenge winter aan het uitvriezen slaat. Dat is niet te herstellen: een bakhuid komt niet terug.

  • GevelplaatPremium · ook: Gevelplaat, gevelpaneel, HPL-plaat, keramische gevelplaat, composietplaat

    Een gevelplaat is een grootformaat plaat van hogedruklaminaat, keramiek of composiet die in een geventileerd gevelsysteem voor de constructie wordt gehangen. De bevestiging en de spouw bepalen het resultaat; de plaat zelf is doorgaans onderhoudsvrij.

  • GevelpanPremium · ook: Gevelpan, eindpan, randpan, ortgangpan, zijpan

    De gevelpan is de pan met een omgezette rand die het dakvlak aan de zijkant afsluit, langs de gevel of de topgevel. Bij storm bepaalt deze rij mede of het dak blijft liggen. De gevelrand is de plek waar de wind onder het dakvlak grijpt: langs een dakrand ontstaat onderdruk die pannen optilt, en de kracht daar is een veelvoud van die midden op het dakvlak. Een gevelpan die alleen op zijn gewicht ligt, is bij een najaarsstorm de eerste die vertrekt — en het is meteen de gevaarlijkste, want hij valt naar beneden langs de gevel.

  • GevelbekledingPremium · ook: Gevelbeplating, gevelpanelen, bekleding, bardage

    Gevelbekleding is een afwerkingslaag die vóór de eigenlijke gevel wordt aangebracht: hout, vezelcement, metaal, kunststof, keramiek of steenstrips. Zij bepaalt het beeld en beschermt de constructie erachter tegen regen en zon.

  • Gevaarlijke stoffenPremium · ook: Gevaarlijke stoffen, schadelijke stoffen, gevaarlijke producten

    Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die bij gebruik of vrijkomen schade aan mens of milieu kunnen veroorzaken. De categorie roept beelden op van vaten en waarschuwingsborden, en in een woning ligt het anders. De stoffen die in de bouw en bij het klussen de meeste schade veroorzaken, komen niet uit een fles maar ontstaan tijdens het werk: kwartsstof bij zagen, looddamp bij afbranden, asbestvezels bij slopen, koolmonoxide bij verbranden. Ze hebben geen etiket en geen pictogram, want ze zaten niet in een verpakking. Dat verklaart waarom de aandacht bijna altijd naar het blik met het doodskopje gaat en zelden naar de klus die het gevaar zelf produceert.

  • Getordeerd glasPremium · ook: Vervormd glas, optische vervorming, spiegelvervorming, torderen van isolatieglas.

    Getordeerd glas is isolatieglas waarvan de bladen niet meer vlak staan, waardoor het spiegelbeeld vervormt. Het is meestal geen fout maar natuurkunde: de gasvulling tussen de bladen zet uit en krimpt met de temperatuur en de luchtdruk, en dat buigt de ruit bol of hol.

  • GereedschapPremium · ook: Gereedschap, werktuig, apparatuur, uitrusting

    Gereedschap is het geheel aan werktuigen waarmee bouw- en klusarbeid wordt uitgevoerd. Wie gereedschap koopt, kiest een machine, en de uitkomst hangt aan iets anders. Het snijdende deel, de geleiding en de opspanning bepalen het resultaat, niet het merk op de behuizing. Een goedkope cirkelzaag met een scherp blad en een geleiderail zaagt rechter dan een dure met een bot blad uit de hand. Een boormachine is zo goed als de boor erin. Een schuurmachine is zo goed als het papier en de afzuiging. Dat is de reden dat vakmensen zuinig zijn op bladen, beitels en boren en betrekkelijk onverschillig over de machine eromheen.

  • GepotdekseldPremium · ook: Gepotdekseld, potdekselwerk, potdekselen, overnaads beschot

    Gepotdekseld is een gevelbekleding van horizontale planken die elkaar overlappen, zoals dakpannen op een dak. Het is een systeem dat al eeuwen werkt, en de manier om het kapot te maken is één handeling. Elke plank krijgt maar één bevestiging in de hoogte, zodat hij kan werken. Schroef je door de overlap heen zodat één schroef twee planken vastzet, dan zitten ze aan elkaar geklonken — en hout werkt: het krimpt en zwelt met de vochtigheid, dwars op de nerf, over de volle plankbreedte. Vastgezet aan twee kanten kan die beweging nergens heen, en dan scheurt de plank precies bij de schroef. Dat is de meest voorkomende schade aan potdekselwerk en hij is niet te repareren zonder de plank te vervangen.

  • GeotextielPremium · ook: Geotextiel, worteldoek, antiworteldoek, gronddoek, scheidingsdoek

    Geotextiel is een doorlatend kunststofdoek dat in de grond wordt aangebracht om twee lagen te scheiden zonder het water tegen te houden. De hoofdfunctie is scheiden: voorkomen dat zand in het grind zakt of dat grond zich met puin vermengt. Onkruid tegenhouden is een bijvangst en niet waarvoor het doek is gemaakt.

  • GeopolymeerbetonPremium · ook: Geopolymeerbeton, alkalisch geactiveerd beton, cementloos beton, AAM-beton

    Geopolymeerbeton is beton waarin het portlandcement is vervangen door reststoffen als vliegas of hoogovenslak, die met een alkalische oplossing worden geactiveerd. De milieuwinst is aanzienlijk, en de beperking zit niet in de techniek maar in de normering: er is geen productnorm die het dekt, dus toepassing loopt via gelijkwaardigheid.

  • Geluidwerende gipsplaatPremium · ook: Geluidwerende gipsplaat, akoestische gipsplaat, zware gipsplaat, blauwe plaat

    Een geluidwerende gipsplaat heeft een verzwaarde gipskern, waardoor zij meer geluid tegenhoudt dan een standaardplaat van dezelfde dikte. De geluidsisolatie van een wand wordt bepaald door de complete opbouw; de plaat is daarvan één onderdeel.

  • GeluidsabsorptiePremium · ook: Geluidsabsorptie, akoestische absorptie, geluidsdemping in de ruimte, absorptiewaarde

    Geluidsabsorptie is de mate waarin een materiaal geluid opneemt in plaats van terugkaatst, uitgedrukt in een getal tussen nul en een. Nul is volledige weerkaatsing, een is volledige opname. Een gladde tegelvloer zit rond nul komma nul twee; een dikke akoestische plaat rond nul komma negen. Dat getal is per frequentie anders, en juist die frequentieafhankelijkheid bepaalt of een maatregel doet wat je ervan verwacht.

  • GeleiderailPremium · ook: Geleiderail, zaagrail, geleidingsrail, rail

    Een geleiderail is een aluminium profiel dat je op het werkstuk legt en waarlangs een zaag of frees loopt. Hij doet twee dingen tegelijk: hij houdt de machine kaarsrecht over de volle lengte, en hij drukt met een rubberlip het materiaal langs de zaaglijn aan zodat de bovenkant niet uitscheurt. Zonder rail is een invalzaag niet meer dan een dure cirkelzaag.

  • Gelamineerd houtPremium · ook: Gelamineerd hout, gelijmd gelamineerd hout, lamellenhout, glulam, brettschichtholz

    Gelamineerd hout bestaat uit op elkaar gelijmde houtlamellen die alle in de lengterichting lopen, samengevoegd tot een balk of ligger. Het maakt overspanningen en afmetingen mogelijk die met massief hout niet leverbaar zijn, en het is aanzienlijk maatvaster.

  • Gehard glasPremium · ook: Gehard glas, veiligheidsglas, thermisch voorgespannen glas, ESG

    Gehard glas is glas dat door snelle afkoeling onder inwendige spanning is gebracht, waardoor het vier tot vijf keer sterker is dan gewoon glas. Het breekt in stompe korrels in plaats van scherven, en het is na het harden niet meer te bewerken.

  • Gefurfuryleerd houtPremium · ook: Gefurfuryleerd hout, furfurylering

    Gefurfuryleerd hout is naaldhout dat is doordrenkt met furfurylalcohol uit landbouwrestanten en daarna is uitgehard. De behandeling maakt het hout hard, maatvast en duurzaam in klasse één, en zij kleurt het door en door donkerbruin.

  • GebruiksklassePremium · ook: Bij vloeren: gebruiksklasse, belastingsklasse, klasse 23, 31, 32 of 33, en bij laminaat ook de slijtklasse AC3, AC4 of AC5, wat een andere schaal is voor grotendeels hetzelfde

    Een gebruiksklasse geeft aan voor welke omstandigheden een materiaal geschikt is. Bij vloerbedekking zegt de klasse hoe zwaar het loopverkeer mag zijn, van een slaapkamer tot een winkel. Bij hout zegt de klasse hoe nat het hout wordt, van droog binnen tot in de grond. De klasse helpt je het juiste materiaal op de juiste plek te kiezen.

  • Gebakken klinkerPremium · ook: Gebakken klinker, straatbaksteen, klinker, waalformaat klinker, dikformaat

    Een gebakken klinker is een uit klei gevormde en gebakken straatsteen, met de kleur door en door in het materiaal. Hij is kleurvast, verweert nauwelijks en gaat vijftig jaar of langer mee; hij is duurder dan een betonklinker.

  • GrondenPremium · ook: Gronden, grondverven, in de grondverf zetten, primeren

    Gronden is het aanbrengen van de eerste verflaag op een kale of herstelde ondergrond. Die laag regelt hoeveel de ondergrond opzuigt en zorgt dat de volgende lagen zich eraan hechten. Zonder grondlaag zakt de verf ongelijk weg, hecht ze slecht en laat ze binnen een paar jaar los.

  • GriptangPremium · ook: Griptang, klemtang, zelfklemtang, bankschroeftang

    Een griptang is een tang die je op maat instelt en die daarna met een kniehefboom vastklikt, zodat hij het werkstuk vasthoudt zonder dat je de greep hoeft dicht te knijpen. Daarmee is het geen tang maar een verplaatsbare bankschroef. Je hebt je handen vrij, de klemkracht blijft constant, en dat is precies wat je nodig hebt bij lassen, lijmen, boren en het losdraaien van een moer waarvan de hoeken weg zijn.

  • GrindPremium · ook: Grind, siergrind, split, steenslag, halfverharding

    Grind is losgestort steenmateriaal in een korrelmaat van ruwweg acht tot tweeëndertig millimeter, gebruikt als halfverharding in tuinen en op paden. Het laat water door en het blijft alleen liggen wanneer er een opsluiting en een stabiele onderlaag onder zitten.

  • GresbuisPremium · ook: Gresbuis, gresbuizen, gresrioolbuis

    Een gresbuis is een rioolbuis van hoog gebakken klei, hard en glad, die in Nederlandse woningen tot ongeveer 1970 standaard was. Het materiaal zelf gaat bijzonder lang mee. De zwakke plek zit in de verbindingen tussen de korte buisdelen, en in de broosheid: zakt de grond, dan breekt de buis in plaats van mee te buigen.

  • GrenenPremium · ook: Grenen, grenenhout, grenehout, vurenhout wordt er vaak mee verward

    Grenen is een naaldhoutsoort met een duidelijk onderscheid tussen een lichter spinthout en een roodbruin kernhout, en met een harsgehalte dat hoger ligt dan bij vuren. Het is in Nederland het standaardhout voor verduurzaming, omdat juist het spinthout het impregneermiddel goed opneemt.

  • GranietPremium · ook: Graniet

    Graniet is een stollingsgesteente met een korrelige structuur van kwarts, veldspaat en mica. Het is hard, dicht, zuurbestendig en vrijwel niet poreus. Daardoor is het de meest praktische natuursteen voor keukenwerkbladen en voor zwaar belaste vloeren, en het is de soort die het minste onderhoud vraagt.

  • GootsteenPremium · ook: Gootsteen, spoelbak, aanrechtbak, wasbak in de keuken

    Een gootsteen is de spoelbak in een keuken, met een afvoer en een sifon eronder. Vrijwel elke keukenverstopping heeft dezelfde oorzaak, en die gaat er vloeibaar in. Vet stroomt warm de afvoer in, koelt een stuk verderop af en zet zich af tegen de leidingwand; daar hecht zich vervolgens alles aan. Naspoelen met heet water lost dat niet op maar verplaatst het probleem naar een plek die moeilijker bereikbaar is. De maatregel is even simpel als saai: vet opvangen en bij het restafval, niet in de gootsteen.

  • GootbeugelPremium · ook: Gootbeugel, gootijzer, gootdrager, gootsteun, gootklang

    Een gootbeugel is de metalen beugel waarin een dakgoot wordt gedragen. Het onderdeel kost een paar euro en het bepaalt of de goot doet waarvoor hij hangt. De beugels bepalen het afschot, en zonder afschot is een goot een bak die overloopt op het laagste punt dat toevallig ontstaat. Elke beugel wordt daarom een fractie lager gezet dan de vorige, met een gespannen lijn van hoog naar laag als leidraad. En de tweede regel is even saai: beugels op te grote afstand laten de goot doorzakken tussen de steunpunten, en dan is het afschot ter plaatse omgekeerd.

  • GolfplaatPremium · ook: Golfplaat, damwandplaat bij de vlakke variant met knikken, sandwichpaneel bij de geisoleerde uitvoering

    Een golfplaat is een dunne, in golven geprofileerde plaat die als dakbedekking of gevelbekleding wordt gebruikt op schuren, garages, stallen en carports. De golf is er niet voor het uiterlijk: hij maakt een dunne plaat stijf genoeg om over een aantal gordingen te overspannen zonder door te zakken. Het onderwerp dat bij golfplaat hoort is asbest. Golfplaten van vezelcement die zijn geproduceerd tot 1994 bevatten vrijwel altijd asbestvezels, en dat maakt een verweerde plaat op een schuurdak een van de meest voorkomende asbesttoepassingen rond een woning.

  • GlazurenPremium · ook: Glazuren, emailleren, verglazen bij baksteen

    Glazuren is het aanbrengen van een glasachtige laag op een keramisch product, die bij hoge temperatuur versmelt tot een dichte, harde en waterdichte laag. Bij tegels, sanitair en dakpannen bepaalt het glazuur de kleur, de reinigbaarheid en de waterdichtheid. Bij baksteen spreekt men van verglazen of sinteren; dat gebeurt bij zeer hoge temperatuur zonder een aparte glazuurlaag.

  • GlaszetterPremium · ook: Glaszetter, glazenmaker, glazenzetter, glasspecialist

    Een glaszetter plaatst glas in kozijnen en zorgt dat het waterdicht en spanningsvrij blijft zitten. Het vak zit in iets wat je na afloop niet ziet. Glas hoort nooit rechtstreeks op het kozijn te rusten: het staat op beglazingsblokjes, met ruimte rondom, zodat het kozijn kan werken zonder het glas te belasten. Hout zet uit en krimpt, een raam vervormt licht bij het openen, en glas verdraagt geen puntbelasting. Staat het glas met een hoek op de sponningbodem, dan komt er vroeg of laat een spanningsbarst — een scheur die vanuit de rand ontstaat zonder dat er iemand tegenaan is gekomen.

  • GlaswolPremium · ook: Glaswol, minerale wol

    Glaswol bestaat uit fijne glasvezels van gesmolten zand en gerecycled glas, gebonden met een hars tot een vilt of een plaat. Het is licht, goedkoop, onbrandbaar en het isoleert goed. Het is samen met steenwol het meest toegepaste isolatiemateriaal in Nederland.

  • GlasvezelbehangPremium · ook: Glasvezelbehang, glasweefsel, glasvliesbehang, glasvezelweefsel

    Glasvezelbehang is een geweven of geperst wandbekledingsmateriaal van glasvezels, dat op de wand wordt gelijmd en daarna wordt overgeschilderd. Het is sterk, scheuroverbruggend en onbrandbaar, en dat is waarom het wordt toegepast: op een wand die scheurt, in een ruimte met veel gebruik, of waar brandveiligheid meetelt. Het nadeel is dat het er vrijwel niet meer af gaat.

  • GlasvezelPremium · ook: Glasvezel, glasfilament, glasdraad

    Glasvezel is glas dat tot dunne draden is getrokken. In die vorm is het buigzaam, sterk op trek en ongevoelig voor rot en roest. In de bouw zit het in isolatie, in wapeningsweefsel onder stucwerk, in behang en in producten van glasvezelversterkte kunststof.

  • GlaslatPremium · ook: Glaslat, glaslijst, beglazingslat, parclose, ruitlat

    Een glaslat is de smalle lat die een ruit in de sponning van een kozijn of een raam vasthoudt. Hij lijkt een afwerking en hij is een onderdeel van de waterkering. Bij vrijwel elk houtrot in een kozijn loopt het spoor via de glaslat: daar komt water in de sponning, daar blijft het staan, en van daaruit trekt het de onderdorpel in.

  • GlasdeurPremium · ook: Glasdeur, glazen deur, volglazen deur

    Een glasdeur is een binnendeur die volledig uit gehard veiligheidsglas bestaat, doorgaans acht tot tien millimeter dik. Alle boringen en uitsparingen worden vóór het harden gemaakt; achteraf is er niets meer aan te bewerken.

  • Glas in loodPremium · ook: Ook geschreven als glas-in-lood

    Glas in lood is een paneel van gekleurde of geëtste glasstukken die door H-vormige loodprofielen bij elkaar worden gehouden. Kenmerkend voor panden uit het interbellum en voor kerken en monumenten.

  • GipsvezelplaatPremium · ook: Gipsvezelplaat, vezelgipsplaat, gipsvezel

    Een gipsvezelplaat bestaat uit gips dat met papiervezels is versterkt en tot een homogene plaat is geperst, zonder kartonlagen. Zij is zwaarder, sterker en stootvaster dan gipskarton, en zij is in één product vocht- en brandwerend.

  • GipsplaatschroefPremium · ook: Gipsplaatschroef, snelbouwschroef, gipskartonschroef, drywallschroef

    Een gipsplaatschroef is een dunne schroef met een trompetkop en een scherpe punt, gemaakt om gipsplaat op een onderconstructie te bevestigen. Alles aan hem is afgestemd op één ding: de kop moet net in het karton zakken zonder het door te scheuren. Zakt hij te diep, dan houdt de schroef niets meer — het karton is de draagkracht, niet het gips. Dat is de reden dat een dieptestop bij dit werk geen luxe is.

  • GipsplaatplugPremium · ook: Gipsplaatplug, zelfborende gipsplaatplug, spiraalplug, gipsplaatanker

    Een gipsplaatplug is een zelftappend anker dat in een gipsplaat wordt gedraaid en zich met een grof schroefdraad in het gips vastzet. Het draagvermogen ligt op enkele kilogrammen tot ruwweg twintig; voor zwaardere zaken is een hollewandplug of een achterconstructie nodig.

  • GipsplaatPremium · ook: Gipskartonplaat, gipsvezelplaat voor de zwaardere variant zonder karton

    Een gipsplaat is een plaat met een gipskern tussen twee lagen karton, gebruikt voor wanden, plafonds en voorzetwanden. Er zijn uitvoeringen voor normale ruimtes, voor vochtige ruimtes en voor brandwerende toepassingen.

  • GipskartonplaatPremium · ook: Gipskartonplaat, gipsplaat, gipskarton, wandplaat

    Een gipskartonplaat bestaat uit een gipskern tussen twee lagen karton, en is de standaardplaat voor binnenwanden, voorzetwanden en plafonds. De standaarduitvoering is niet vochtwerend, niet brandwerend en niet stootvast; daarvoor bestaan aparte platen.

  • GipsblokPremium · ook: Gipsblok, gipsbouwblok, gipswandplaat

    Een gipsblok is een massief blok van gips met tand-en-groefranden, dat met gipslijm tot een niet-dragende binnenwand wordt gestapeld. Het is de snelste manier om een kamer te delen: een wand staat in een dag, is direct stucklaar en vraagt geen frame. Maar hij draagt niets, is gevoelig voor vocht, en de geluidwering valt tegen als je die van massa verwacht.

  • GietvloerPremium · ook: Gietvloer, naadloze vloer, coating

    Een gietvloer is een vloeibaar aangebrachte afwerklaag die naadloos uithardt tot een gesloten vlak. Er zijn kunststofgietvloeren op basis van polyurethaan of epoxy, en cementgebonden gietvloeren. Naadloosheid is de aantrekkingskracht en tegelijk de kwetsbaarheid: een gietvloer volgt de ondergrond en elke beweging daarin komt in de vloer terug.

  • GietijzerPremium · ook: Gietijzer, gegoten ijzer, grijs gietijzer, nodulair gietijzer, smeedijzer

    Gietijzer is ijzer met een hoog koolstofgehalte dat in een mal wordt gegoten in plaats van vervormd. Twee eigenschappen bepalen wat je ermee kunt en waar het misgaat. Gietijzer is sterk onder druk en bros onder trek en stoot — het buigt niet, het breekt. En bij afvoerleidingen roest het van binnenuit: de standleiding in de schacht ziet er van buiten jarenlang goed uit terwijl de wand aan de onderzijde en in de bochten wegteert. Dat is de reden dat een lekkende gietijzeren standleiding meestal als een verrassing komt.

  • GewelfPremium · ook: Gewelf, welfsel, gemetselde overkapping

    Een gewelf is een gebogen constructie van metselwerk of beton die een ruimte overkapt en de belasting via druk naar de steunpunten brengt. Het bijzondere is dat metselwerk vrijwel geen trek kan opnemen maar uitstekend druk. Een gewelf buigt die belasting zodanig om dat er alleen nog druk overblijft. Daardoor kon men eeuwenlang grote ruimten overspannen met een materiaal dat op zichzelf niets kan dragen zodra je het buigt — en daardoor is een gewelf ook onmiddellijk kwetsbaar zodra de steunpunten wijken.

  • GevelsteenPremium

    Een gevelsteen is óf een gebeeldhouwde of beschilderde steen met een voorstelling in een gevel, óf de baksteen waarmee het zichtbare buitenblad van een gevel is gemetseld. De eerste is cultuurhistorie: hij vertelt wie er woonde, wat er werd verhandeld of wanneer er is gebouwd. De tweede is techniek: kleur, formaat, hardheid en vorstbestendigheid bepalen hoe een gevel eruitziet en hoe lang hij meegaat. In beide gevallen is het detail dat bij herstel het snelst verloren gaat.

H

  • HergebruikPremium · ook: Hergebruik, herbestemming van materiaal, reuse

    Hergebruik is het opnieuw toepassen van een bouwdeel of materiaal in zijn oorspronkelijke vorm en functie, zonder het te vermalen of om te smelten. Dat onderscheid met recycling is wezenlijk: bij hergebruik blijft de waarde die in de vorm zit behouden, bij recycling gaat die verloren en blijft alleen het materiaal over.

  • HennepkalkPremium · ook: Hennepkalk, hennepbeton, hempcrete

    Hennepkalk is een mengsel van hennepscheven, de houtachtige kern van de hennepstengel, met een kalkgebonden bindmiddel. Het wordt gestort, gestampt of gespoten in een houten of ander draagwerk. Het isoleert, buffert vocht en warmte, en het legt tijdens de groei en de verharding koolstof vast. Het draagt niet; de constructie zit altijd in een apart draagwerk.

  • HennepisolatiePremium · ook: Hennepisolatie, hennepwol, hennepdeken

    Hennepisolatie bestaat uit vezels van vezelhennep, tot dekens of platen verwerkt met een klein aandeel bindvezel en een brandvertragende toevoeging. Het isoleert vergelijkbaar met minerale wol, is dampopen en legt tijdens de teelt koolstof vast.

  • HekwerkPremium · ook: Hekwerk, hek, omheining, afrastering, spijlenhek, gaashekwerk

    Een hekwerk is een open afscheiding van staanders met spijlen, gaas of panelen ertussen. Twee vragen bepalen of een hek staat waar je wilt en of het mag blijven staan, en ze worden allebei achteraf gesteld. Wat is de hoogte, en waar ligt de erfgrens? De hoogte bepaalt of het vergunningvrij is, en dat verschilt vóór en achter de voorgevelrooilijn. De erfgrens bepaalt van wie het hek is: precies op de grens kan het mandelig worden — gemeenschappelijk eigendom van beide buren, met gedeelde kosten en onderhoudsplicht. Een halve meter binnen je eigen grens plaatsen is een keuze met een heel ander gevolg.

  • HechtlaagPremium · ook: Hechtlaag, hechtbrug, aanbrandlaag, contactlaag

    Een hechtlaag is een dunne tussenlaag die twee materialen laat hechten die dat uit zichzelf onvoldoende doen. Het wordt gezien als een extra laagje dat je kunt overslaan als je haast hebt, en dat is precies de verkeerde plek om te versnellen. Een hechtlaag heeft een tijdvenster waarbinnen de volgende laag erop moet. Te snel is hij nog nat en hecht de nieuwe laag aan een vloeistof; te laat is hij volledig uitgehard en dan hecht hij aan niets — de laag zit dan aan de ondergrond en de nieuwe laag ligt erop. Dat venster staat op de verpakking, het loopt van minuten tot uren afhankelijk van het product, en het verschil tussen wel en niet werken zit erin. De laag die er goed uitziet, zegt daarover niets.

  • HechtingPremium · ook: Hechting, aanhechting, hechtsterkte, hechtkracht, kleefkracht

    Hechting is het vermogen van een laag om vast te blijven zitten op de ondergrond waarop hij is aangebracht: verf op hout, tegellijm op een dekvloer, pleister op metselwerk, kit op een kozijn. Goede hechting ontstaat door een schone, draagkrachtige en passende ondergrond en door het juiste product op het juiste moment.

  • HechtgebondenPremium · ook: Hechtgebonden, vastgebonden, gebonden

    Hechtgebonden betekent dat de asbestvezels stevig vastzitten in een dragend materiaal, meestal cement. Zolang je het materiaal niet breekt, boort of schuurt, komen er nauwelijks vezels vrij. Het tegenovergestelde is niet-hechtgebonden materiaal, waarin de vezels los zitten en bij de minste beweging vrijkomen.

  • Hart-op-hartafstandPremium · ook: Hart-op-hartafstand, hart-op-hart-afstand, hartafstand, tussenafstand, steek

    De hart-op-hartafstand is de afstand tussen het midden van het ene element en het midden van het volgende, gemeten haaks op de richting waarin die elementen lopen. Je gebruikt hem bij balken, spanten, regels, panlatten en wapeningsstaven. Hij bepaalt hoeveel belasting elk afzonderlijk element te dragen krijgt.

  • HardwasoliePremium · ook: Hardwasolie, hardwax olie, olie-wasafwerking

    Hardwasolie is een afwerking voor houten vloeren en meubels die in het hout trekt en daar uithardt, met een waslaag aan het oppervlak. De keuze tussen olie en lak wordt gemaakt op uiterlijk, en het verschil dat er werkelijk toe doet is een ander. Lak beschermt op het hout, hardwasolie beschermt in het hout — en dat bepaalt hoe je een beschadiging herstelt. Een kras door een laklaag betekent de hele vloer of het hele vlak opnieuw schuren en lakken, omdat een plaatselijke reparatie altijd zichtbaar blijft. Een kras in een geoliede vloer schuur je plaatselijk bij en olie je na; de overgang verdwijnt. Wie kinderen, honden of een verhuizing in het vooruitzicht heeft, weegt dat zwaarder dan de glansgraad.

  • HardsteenPremium · ook: Hardsteen, Belgisch hardsteen, blauwe hardsteen, arduin, petit granit, pierre bleue

    Hardsteen is een dichte, blauwgrijze kalksteen met zichtbare fossielresten, veel gebruikt voor dorpels, plinten, treden, vensterbanken en gevelbekleding. Het is de natuursteen van de Nederlandse en Belgische bouwtraditie: hard genoeg om te belopen, dicht genoeg om water te weerstaan, en zacht genoeg om te bewerken. Dat evenwicht verklaart waarom hij al eeuwen op precies die plekken zit waar steen wordt getest — de onderdorpel, de stoep, de traptrede.

  • HardboardPremium · ook: Hardboard, board, hardboardplaat, masonite, HDF-plaat

    Hardboard is een dunne, harde vezelplaat, geperst uit houtvezels onder hoge druk en temperatuur, met een glad oppervlak en een dikte van doorgaans 3 tot 6 millimeter. Het is het goedkoopste vlakke plaatmateriaal dat er is. Het draagt niets en het houdt geen schroef, maar het maakt van een oneffen ondergrond een glad vlak — en dat is precies waarvoor het al bijna een eeuw wordt gebruikt.

  • HandzaagPremium · ook: Handzaag, zaag, schulpzaag, afkortzaag, Japanse zaag

    Een handzaag is een zaag die met de hand wordt bediend, met tanden die het materiaal wegsnijden. Ondanks alle machines blijft de handzaag onmisbaar voor precisiewerk, voor kleine sneden en voor plekken waar een machine niet bij kan. De tandvorm en de tandafstand bepalen waarvoor hij geschikt is.

  • HandvormsteenPremium · ook: Handvormsteen, handvorm, handvormbaksteen, vormbaksteen

    Een handvormsteen wordt gemaakt door klei in een met zand bestrooide vorm te werpen, waardoor een onregelmatig oppervlak en een levendige kleur ontstaan. Hij is duurder en onregelmatiger dan een strengperssteen, en dat is precies waarvoor hij wordt gekozen.

  • HandschuurmachinePremium · ook: Handschuurmachine, vlakschuurmachine, excentrische schuurmachine, rotexschuurmachine, deltaschuurmachine, bandschuurmachine

    Een handschuurmachine is een elektrische machine die met schuurpapier een oppervlak vlak en glad maakt. Wat mensen bij het schuren fout doen, gaat vrijwel nooit over de machine. Schuren is een reeks korrels en je mag geen stap overslaan. Ga je van P80 direct naar P180, dan haal je de krassen van P80 er niet uit — je maakt ze alleen glad. Ze blijven onzichtbaar tot je beitst of lakt, en dán komen ze als een streperig patroon tevoorschijn, wanneer terugdraaien betekent dat alles er weer af moet.

  • HandgereedschapPremium · ook: Handgereedschap, handwerktuig, niet-aangedreven gereedschap

    Handgereedschap is gereedschap zonder motor, dat op spierkracht wordt bediend. Het is de enige categorie waarin oud gereedschap de betere keuze kan zijn. Een goede beitel, schaaf of zaag van vijftig jaar geleden werkt na een scherpbeurt beter dan de meeste nieuwe, en hij gaat nog een generatie mee — terwijl elektrisch gereedschap veroudert en op enig moment onreparabel is. Dat verklaart waarom vakmensen hun handgereedschap onderhouden en doorgeven. En het verklaart de belangrijkste vaardigheid in deze categorie: scherp houden. Een botte beitel vraagt kracht, en kracht is precies waar het gereedschap uitschiet.

  • HalfsteensverbandPremium · ook: Strekkenverband met halve verspringing, halfsteensverband

    Halfsteensverband is het verband waarin elke laag uitsluitend uit strekken bestaat en elke volgende laag een halve steen verspringt. Het is het eenvoudigste en meest gebruikte verband in de moderne Nederlandse woningbouw. Het wordt vrijwel altijd toegepast in het buitenblad van een spouwmuur, waar het metselwerk niet draagt maar wel het beeld bepaalt.

  • HalfsteensmuurPremium · ook: Halfsteensmuur, halfsteensverband bij het verband, buitenblad bij een spouwmuur.

    Een halfsteensmuur is een muur van één steen dik, gemeten over de breedte van de steen. Bij waalformaat is dat ongeveer honderd millimeter. Het is de standaarddikte van het buitenblad van een spouwmuur en van veel binnenwanden. De muur is niet dragend tenzij hij daarvoor is berekend, en dat is een misverstand met gevolgen.

  • HalfhoutsPremium · ook: Halfhouts, halfhoutse verbinding, overblatting, halfhoutsverbinding, halve lip

    Halfhouts is een houtverbinding waarbij uit beide delen de helft van de dikte wordt weggenomen. De verbinding is populair omdat hij eenvoudig te maken is, en juist die eenvoud verhult wat hij kost. Beide delen zijn op de verbinding nog maar half zo dik, en dus is de verbinding het zwakste punt van de hele constructie. De sterkte komt daar niet uit het hout maar uit wat je erbij zet: lijm, schroeven of bouten. Wie een halfhoutse verbinding op sterkte gebruikt zonder die toevoeging, bouwt zijn zwakke plek precies op de plaats waar de krachten samenkomen.

G

  • GutsPremium · ook: Guts, holbeitel, gutsbeitel, holle beitel

    Een guts is een beitel met een holle in plaats van een vlakke snede, waarmee je hout uitholt, ronde vormen steekt en op de draaibank materiaal wegneemt. De holte is niet alleen een vorm maar een functie: een holle snede snijdt in het midden dieper dan aan de randen en loopt daardoor niet vast in het hout zoals een vlakke beitel dat doet.

  • GrondverfPremium · ook: Grondverf, grondlak, primer, voorlak

    Grondverf is de eerste verflaag op een kale of ontvette ondergrond, bedoeld om hechting te geven, de zuiging te sluiten en de aflak een gelijkmatige basis te bieden. Op kaal hout en op metaal is hij niet optioneel. Een aflak rechtstreeks op kaal hout hecht slecht, trekt ongelijkmatig in en laat binnen enkele jaren los, en dat is de meest voorkomende oorzaak van schilderwerk dat te vroeg aan vervanging toe is.

H

  • HoutwormPremium · ook: Gewone houtwormkever

    Houtworm is de larve van een kever die gangen vreet in hout. De kleine ronde gaatjes die je ziet zijn uitvlieggaten, gemaakt door kevers die het hout juist verlaten hebben. Ze zeggen dus niets over of de aantasting nog actief is.

  • HoutwolcementplaatPremium · ook: Houtwolcementplaat, houtwolplaat, HWC-plaat, houtwolcementgebonden plaat, en in Nederland vaak bij de merknaam genoemd

    Een houtwolcementplaat is een plaat van lange houtvezels die met cement of magnesiet aan elkaar zijn gebonden, met een open, wollige structuur. Die open structuur is het hele punt. Hij maakt de plaat geluidsabsorberend, geeft hem een hechtvlak voor stucwerk, en zorgt dat hij vocht kan opnemen en weer afgeven zonder te vervormen. Isoleren doet hij matig — daarvoor bestaan samengestelde varianten met een isolatiekern.

  • HoutwerkingPremium · ook: Houtwerking, werken van hout, krimp en uitzetting

    Houtwerking is het krimpen en uitzetten van hout onder invloed van de luchtvochtigheid. Hout neemt vocht op uit de lucht en staat het weer af, en verandert daarbij van afmeting. Het beweegt vrijwel niet in de lengte, maar wel merkbaar in de breedte en de dikte. Vrijwel elk probleem met houten vloeren, kozijnen, deuren en meubels komt daar rechtstreeks uit voort.

  • HoutvulmiddelPremium · ook: Houtvulmiddel, houtvuller, houtplamuur, houtreparatiepasta, houtreparatiemortel

    Houtvulmiddel is een pasta waarmee je gaatjes, scheurtjes en oneffenheden in hout opvult voordat je schuurt en afwerkt. De regel die alles bepaalt: vullen is afwerking en geen herstel. Een gaatje van een verzonken spijker vullen is precies waar het voor is; een weggerotte hoek van een onderdorpel vullen is uitstel — het rot gaat onder de vulling gewoon door en komt er binnen een paar seizoenen omheen weer uit.

  • HoutvochtgehaltePremium · ook: Houtvochtgehalte, houtvochtigheid, vochtpercentage

    Het houtvochtgehalte is de hoeveelheid water in hout, uitgedrukt als percentage van het gewicht van het volledig droge hout. Het bepaalt vrijwel alles: of hout werkt, of het kan worden verlijmd of geschilderd, en of het wordt aangetast. Boven ongeveer twintig procent begint schimmelgroei; daaronder gebeurt er niets.

  • HoutvezelplaatPremium · ook: Houtvezelplaat, houtvezelisolatieplaat, zachtboard, vezelplaat, weekboard

    Een houtvezelplaat voor isolatie is een plaat van houtvezels, zonder of met minimale toevoegingen samengeperst, met een isolerende werking en een groot vochtbufferend vermogen. Wat hem onderscheidt van minerale wol en van kunststofschuim is de combinatie van isoleren en vocht kunnen opnemen en weer afgeven. Dat maakt hem geschikt voor plaatsen waar een dampdichte oplossing risico geeft: na-isolatie van een dak aan de binnenzijde, isolatie van een monumentale gevel aan de binnenzijde, en isolatie in constructies waar het bouwvocht ergens heen moet.

  • HoutvezelisolatiePremium · ook: Houtvezelisolatie, houtvezelplaat als isolatie, houtwolisolatie

    Houtvezelisolatie bestaat uit vezels van resthout, samengeperst tot dekens of platen, met een isolerende werking vergelijkbaar met minerale wol. Het onderscheidt zich door een hoge warmtecapaciteit, waardoor het in de zomer merkbaar meer doet dan de Rc-waarde suggereert.

  • HoutverduurzamingPremium · ook: Houtverduurzaming, houtbescherming, impregneren, houtmodificatie

    Houtverduurzaming is het geheel aan behandelingen waarmee hout bestand wordt gemaakt tegen schimmels, insecten en weersinvloeden. Het gaat om twee wezenlijk verschillende routes. Bij de klassieke route wordt een biocide in het hout gebracht, meestal onder druk. Bij modificatie wordt het hout zelf chemisch of thermisch veranderd, zodat het voor schimmels niet meer als voedsel herkenbaar is. De eerste route is goedkoper, de tweede is duurzamer en levert geen chemisch afval op.

  • HoutverbindingPremium · ook: Houtverbinding, houtaansluiting, verbinding, assemblage

    Een houtverbinding is de manier waarop twee stukken hout aan elkaar worden gekoppeld, met de vorm van het hout zelf, met een bevestiger, of met beide. De verbinding is vrijwel altijd het zwakste punt van een houtconstructie. Een balk kan tonnen dragen; wat hem laat bezwijken is de plek waar hij ergens aan vastzit. Daarom draait dit onderwerp niet om het hout maar om de aansluiting, en daarom is de vraag bij elk ontwerp: hoeveel hout blijft er over op de plek waar je erin snijdt.

  • HoutschroefPremium · ook: Houtschroef, schroef, constructieschroef

    Een houtschroef is een schroef met een grove, scherpe draad die zichzelf een weg in het hout snijdt. Het onderdeel dat het meest wordt onderschat, is de gladde schacht onder de kop. Die zorgt dat de bovenste plank wordt aangetrokken naar de onderste in plaats van erop te blijven hangen. Zonder die schacht — of met een schroef die te kort is — blijft er een kier tussen twee delen die je met aandraaien niet meer wegkrijgt.

  • HoutlijmPremium · ook: Houtlijm, witte lijm, pvac-lijm, constructielijm

    Houtlijm is een lijm waarmee houten delen worden verbonden en die, mits goed toegepast, een verbinding oplevert die sterker is dan het hout zelf. De sterkte komt niet uit de lijm maar uit de klemdruk. Een dunne lijmvoeg onder druk is sterk; een dikke lijmvoeg zonder klem is dat niet, hoe duur de lijm ook was.

  • Houten vloerPremium · ook: Houten vloer, houten vloerdelen, plankenvloer, parket

    Een houten vloer bestaat uit massieve of meerlaagse houten delen die worden gelegd op een ondervloer of op een balklaag. Het hout werkt met de luchtvochtigheid, en het beheersen van dat binnenklimaat bepaalt of de vloer naadvrij blijft.

  • Houten kozijnPremium · ook: Houten kozijn, houten buitenkozijn, houten raamkozijn, timmerwerk

    Een houten kozijn is een buitenkozijn van hardhout, gemodificeerd hout of verduurzaamd naaldhout, met een geschilderd verfsysteem als bescherming. Het gaat veertig tot zestig jaar mee mits de schildercyclus wordt bijgehouden, en het is als enige kozijnmateriaal plaatselijk te repareren.

  • Houten gevelbekledingPremium · ook: Houten gevelbekleding, houten gevel, rabat, potdeksel, houten beschot

    Houten gevelbekleding bestaat uit delen die op een regelwerk voor de gevel worden bevestigd, met een geventileerde spouw ertussen. Die spouw bepaalt de levensduur meer dan de houtsoort en meer dan de afwerking.

  • Houten I-liggerPremium · ook: Houten I-ligger, I-balk, I-joist, I-profielligger

    Een houten I-ligger bestaat uit twee flenzen met daartussen een dun lijf, samengevoegd tot een I-vormige doorsnede. Die vorm geeft een grote overspanning bij een laag gewicht, en het dunne lijf vraagt bij brand altijd een beplating.

  • HoutdraadboutPremium · ook: Houtdraadbout, kraagschroef, zeskantschroef, tirefond, coach screw

    Een houtdraadbout is een zware schroef met een grove houtdraad en een zeskante of vierkante kop, die met een steek- of dopsleutel wordt aangedraaid. Hij is bedoeld voor zware verbindingen in hout waar een gewone schroef tekortschiet en een doorgaande bout niet kan omdat je maar aan één zijde bij de constructie kunt. Dat maakt hem het bevestigingsmiddel voor pergola's, carports, balkbeugels, zware beslag en het bevestigen van hout aan metselwerk.

  • HoutbouwPremium · ook: Houtbouw, houtconstructie, biobased bouwen, massiefhoutbouw, houtskeletbouw

    Houtbouw is bouwen met hout als dragende constructie. De aandacht gaat naar de milieuwinst, en het praktische verschil zit ergens anders. Houtbouw is prefab bouwen: de constructie wordt in een fabriek op de millimeter gemaakt en op de bouwplaats in dagen gemonteerd. Dat verkort de bouwtijd aanzienlijk en het verplaatst het werk naar voren — alles moet vóór productie zijn beslist, tot en met de plaats van elk stopcontact. Wie gewend is om onderweg te wijzigen, loopt daar tegenaan.

  • HoutboorPremium · ook: Houtboor, houtspiraalboor, centerboor

    Een houtboor is een boor met een centreerpunt in het midden en twee voorsnijders die de vezels doorsnijden voordat de spiraal het hout wegneemt. Dat centreerpuntje is het verschil met een metaalboor: het trekt de boor naar de afgetekende plek en houdt hem daar. Zonder dat puntje wandelt een boor over het hout weg voordat hij grip krijgt — en dat is precies wat er misgaat als je een metaalboor in hout gebruikt.

  • HoutbeschermingPremium · ook: Houtbescherming, houtbehoud, bescherming van hout tegen aantasting

    Houtbescherming is het geheel aan maatregelen waarmee hout tegen aantasting wordt beschermd, van bouwkundige detaillering tot chemische behandeling. De volgorde is de kern. Er zijn vier routes, en ze zijn niet gelijkwaardig: hout droog houden, de juiste houtsoort kiezen, een afwerklaag aanbrengen, en pas als laatste chemisch behandelen. Wie bij de vierde begint, betaalt het meest en krijgt het minst.

  • HoutbeitsPremium · ook: Houtbeits, beits, lasuur, transparante beits

    Houtbeits is een dunne, doordringende afwerking die in het hout trekt in plaats van er als een filmlaag op te liggen, en die de houtstructuur zichtbaar laat. Dat is het verschil met lak. Beits bladdert niet af maar slijt weg, en dat maakt onderhoud eenvoudiger: bijwerken kan zonder afbijten of kaal schuren. Daar staat tegenover dat het vaker moet.

  • HoutaantastingPremium · ook: Houtaantasting, houtrot, houtschade

    Houtaantasting is de afbraak van hout door schimmels, insecten of bacteriën. Vocht is bij vrijwel alle vormen de bepalende voorwaarde: onder een houtvochtgehalte van ongeveer twintig procent tast geen enkele schimmel aan. Dat maakt de aanpak eenvoudig te formuleren en moeilijk uit te voeren: neem het vocht weg en de aantasting stopt.

  • Hout-aluminium kozijnPremium · ook: Hout-aluminium kozijn, houtaluminium, hybride kozijn, kozijn met aluminium buitenschaal

    Een hout-aluminium kozijn heeft een dragend houten kozijn met aan de buitenzijde een geclipste aluminium schaal. Het combineert een houten binnenzijde met een buitenzijde die geen schilderwerk vraagt, en het is het duurste kozijnmateriaal.

Toon 250 begrippen meer251 van 668 getoond

Wat staat hier?

Wat staat er in een begrip?
Wat het is, waar je het tegenkomt en hoe je het herkent — altijd vrij te lezen. De hoofdstukken daarachter, over kosten, regelgeving, onderhoud en veelgemaakte fouten, horen bij een abonnement.
Wat betekent het label Premium?
Dat er achter de korte omschrijving meer staat. De term zelf en wat hij betekent zijn nooit afgeschermd; een woordenboek dat je de betekenis onthoudt is geen woordenboek.
Waarom staan er synoniemen bij?
Omdat het vak twee of drie woorden voor hetzelfde heeft en een offerte zelden het woord gebruikt dat jij kent. De zoekbalk hierboven zoekt ook in die synoniemen.

Verder kijken