Waar mag een tiny house staan? Het omgevingsplan bepaalt het, niet de bouwer
Er is geen landelijke regeling voor tiny houses. Of je ergens mag wonen, staat in het omgevingsplan van de gemeente. Wielen onder het huis veranderen daar niets aan. Wat telt is het gebruik: permanent wonen op een plek waar wonen niet is toegestaan, blijft in strijd met het plan. Past het niet in het plan, dan zijn er twee routes: een vergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of een wijziging van het plan zelf. Op de reguliere procedure staat acht weken, eenmalig te verlengen met zes weken. De uitgebreide procedure duurt zes maanden. Begin bij de grond en niet bij het huis. Een tiny house zonder toegestane standplaats is een duur bouwwerk zonder adres.

Waar gaat het over?
Een tiny house is bouwkundig geen bijzonder geval. Het is klein, vaak verplaatsbaar, en soms op een trailer gebouwd. Juridisch is het dat ook niet: er bestaat geen aparte categorie voor in de wet, en daarmee gelden de gewone regels voor bouwen en voor wonen.
Dat is precies waar het misgaat. De meeste mensen die hiermee beginnen, zoeken eerst een bouwer en een ontwerp, en pas daarna een plek. In die volgorde kom je er vaak achter dat de plek het probleem is en niet het huis. Dit stuk gaat over de plek: wat bepaalt of je er mag wonen, en welke wegen er zijn als het antwoord eerst nee is.
Hoe ontstaat het?
Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet. Elke gemeente heeft één omgevingsplan waarin staat wat er op een locatie mag. Tot en met de transitieperiode bestaat dat plan voor een groot deel nog uit de oude bestemmingsplannen, die als tijdelijk deel zijn overgegaan. Je leest dus soms nog oude bestemmingsplanteksten, terwijl het juridisch het omgevingsplan is.
In dat plan staat per locatie welke functie is toegestaan. Is dat «wonen», dan mag er gewoond worden, met daarbij regels over bouwhoogte, oppervlakte, afstand tot de perceelsgrens en soms het aantal woningen. Staat er «agrarisch», «recreatie» of «groen», dan is permanent wonen niet toegestaan, ongeacht hoe het bouwwerk eruitziet.
Hier zit de hardnekkigste misvatting. Een huis op wielen is vaak nog steeds een bouwwerk, en belangrijker: het gebruik is wat wordt getoetst. Wie permanent woont op een recreatieperceel, gebruikt dat perceel voor wonen. Dat de constructie weggereden kan worden, maakt het gebruik niet anders.
Past het initiatief niet in het plan, dan zijn er twee wegen. De eerste is een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, in de praktijk een bopa. Dat is een besluit voor dit geval, en het kan ook voor een bepaalde periode worden gegeven. De tweede is een wijziging van het omgevingsplan zelf, wat zwaarder is en langer duurt, maar wat de situatie permanent regelt.
Bij een bopa beslist het college. De gemeenteraad kan bij raadsbesluit vooraf aanwijzen in welke gevallen het college een bindend advies van de raad moet vragen. Valt jouw geval daaronder, dan loopt er een extra stap mee. Voor de reguliere procedure geldt een beslistermijn van acht weken, die eenmalig met maximaal zes weken verlengd kan worden. Gaat het initiatief via de uitgebreide procedure, dan beslist het bevoegd gezag binnen zes maanden.
Naast het plan gelden de bouwtechnische eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Voor nieuwbouw van een woonfunctie staan die in afdeling 4.5: een woning heeft ten minste 18 m2 aan niet-gemeenschappelijk verblijfsgebied, een verblijfsgebied is minimaal 5 m2, en binnen dat verblijfsgebied ligt een verblijfsruimte van minimaal 11 m2 met een breedte van ten minste 3 m. Verder is ten minste 55 procent van de gebruiksoppervlakte verblijfsgebied. De minimale hoogte boven de vloer bij nieuwbouw staat in tabel 4.162. [CONTROLEREN] op die hoogtewaarde en op de actuele artikelnummering.
Hoe herken je het?
Zoek het perceel op in het Omgevingsloket en kijk welke functie er is toegestaan. Staat daar niet «wonen», dan is dat het begin van het gesprek en niet het einde.
Let in de planregels op het aantal toegestane woningen per perceel. Een tweede woning op een kavel waar één woning mag, is een planwijziging en geen detail.
Kijk of de gemeente beleidsregels voor tiny houses heeft vastgesteld. Sommige gemeenten hebben die, met eigen eisen aan oppervlakte en aan de termijn. Die regels verlopen soms; controleer de geldigheidsdatum.
Vraag bij een aangeboden standplaats op een terrein altijd op welke grondslag daar gewoond wordt. «Het mag hier» is geen grondslag; een vergunning of een planregel wel.
Let bij een tijdelijke toestemming op de einddatum en op wat er daarna gebeurt. Een termijn van vijf of tien jaar klinkt lang tot je een hypotheek zoekt.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf kun je het vooronderzoek volledig doen. Zoek het perceel op in het Omgevingsloket, lees de planregels, noteer de toegestane functie, de bouwhoogte, de oppervlakte en het aantal woningen. Zoek daarna in de lokale regelgeving of de gemeente beleidsregels voor tiny houses heeft. Met die twee stukken op papier is een gesprek bij de gemeente zinvol.
Zelf kun je ook een principeverzoek of een vooroverleg aanvragen. Dat kost weinig of niets en levert een inhoudelijke reactie op voordat je geld aan onderzoeken uitgeeft.
Niet zelf doen: de ruimtelijke onderbouwing voor een bopa en de onderzoeken die daarbij horen. Dat is specialistisch werk waarop de gemeente toetst, en een onderbouwing die niet voldoet, kost een aanvraagronde. Laat ook de bouwtechnische toets niet aan de bouwer over zonder dat je de stukken zelf hebt gezien.
Regels en regelgeving
De Omgevingswet is in werking op 1 januari 2024. Het omgevingsplan van de gemeente bepaalt welke functies op een locatie zijn toegestaan.
De buitenplanse omgevingsplanactiviteit is de route om van het omgevingsplan af te wijken. Het college beslist; de gemeenteraad heeft adviesrecht in de gevallen die de raad daarvoor bij besluit heeft aangewezen, en dat advies is dan bindend voor zover het op de beoordelingsregels is gebaseerd. Bij de reguliere procedure is de beslistermijn acht weken, eenmalig te verlengen met maximaal zes weken. Bij de uitgebreide procedure is de termijn zes maanden.
De bouwtechnische eisen staan in het Besluit bouwwerken leefomgeving, in werking op 1 januari 2024. Voor nieuwbouw van een woonfunctie gelden de minimummaten uit afdeling 4.5 en tabel 4.162.
Voor permanente nieuwbouw gelden daarnaast de energieprestatie-eisen voor bijna energieneutrale gebouwen. [CONTROLEREN] of en hoe die eisen gelden voor een verplaatsbare woonunit en voor tijdelijke bouw.
Gemeenten kunnen eigen beleidsregels voor tiny houses vaststellen, met eigen minimumoppervlakten en termijnen. Die regels verschillen per gemeente en kunnen vervallen; controleer de actuele versie in de lokale regelgeving.
Wat betekent dit voor jou?
- zelfbouwer
- Voor de zelfbouwer is de volgorde de belangrijkste leseerst de grond en de planologische grondslag, dan het ontwerp. Een ontwerp aanpassen is goedkoop, een plek afdwingen niet.
- zelfbouwer
- Voor de koper van een bestaand tiny house op een bestaande plek is de vraag niet hoe het huis is gebouwd maar waarop het daar staat. Vraag de vergunning of de planregel op papier, met de einddatum als die er is.
- zelfbouwer
- Voor de woningeigenaar die er een op het eigen erf wil zetten, gaat het om het aantal toegestane woningen en om de regels voor bijgebouwen. Woont er iemand permanent, dan is dat een tweede woning en geen tuinhuis.
- zelfbouwer
- Voor de huurder van een standplaats is de looptijd van de onderliggende toestemming het risico. Een huurcontract van vijf jaar op een vergunning die over twee jaar verloopt, is niet wat het lijkt.
- zelfbouwer
- Voor de VvE of een collectief dat een terrein wil ontwikkelen, is de planwijziging vaak de verstandigste route, omdat de kosten over meer deelnemers lopen en de uitkomst permanent is.
- klusser
- Voor de klusser die zelf bouwtde bouwtechnische eisen voor een woonfunctie gelden ook als je het zelf maakt, en de minimummaten uit het Bbl zijn geen richtlijn.
Checklist
- Weet je welke functie het omgevingsplan op dit perceel toestaat?
- Hoeveel woningen zijn er per perceel toegestaan?
- Heeft de gemeente beleidsregels voor tiny houses, en zijn die nog geldig?
- Is er een principeverzoek of vooroverleg gedaan voordat er kosten zijn gemaakt?
- Gaat het om een permanente of een tijdelijke toestemming, en wat is de einddatum?
- Zijn de nutsaansluitingen en de afvoer van afvalwater geregeld en begroot?
- Voldoet het ontwerp aan de minimummaten voor een woonfunctie uit het Bbl?
- Is bij een aangeboden standplaats de onderliggende vergunning of planregel ingezien?
- Weet je wat er gebeurt als een tijdelijke toestemming afloopt?
Veelgestelde vragen
Mag ik een tiny house in mijn tuin zetten en er iemand in laten wonen?
Heb ik een vergunning nodig als mijn tiny house op wielen staat?
Hoe lang duurt een aanvraag om van het omgevingsplan af te wijken?
Hoe groot moet een tiny house minimaal zijn?
Kan ik een hypotheek krijgen voor een tiny house?
Wat gebeurt er als mijn tijdelijke vergunning afloopt?
Is wonen op een recreatiepark een oplossing?
Mag de gemeente mij weigeren terwijl de buurgemeente hetzelfde wel toestaat?
Zie voor meer informatie
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.