KennisGebreken
Wat staat hier?Zoek op wat je ziet, niet op wat het is. Per verschijnsel: waar het vandaan kan komen, hoe ernstig het is, en wat de eerstvolgende stap is.
Sorteren:Standaard
in zeven groepen — wat de kleuren betekenen
226 gebreken
- dak
Aangetaste, opbollende of verzakte zinken goot
Opbollen: de gootbodem staat op een of meer plekken omhoog als een golf, meestal midden in een lange goot, en de soldeernaden ernaast zijn gescheurd of gebarsten. In de zomer is het erger dan in de winter. Aantasting: witte tot grijze, poederige aanslag op de bodem met daaronder putjes, en uiteindelijk gaatjes; vaak in een baan waar water van het dak op de goot valt of waar bitumen, een koperen leiding of een bepaald type dakpan het zink raakt. Bij daken met leipannen en bij dakbedekking van gemodificeerd bitumen komt dit veel voor. Verzakking: de goot hangt op één plek lager, water blijft staan na regen, er ligt bezinksel en mos, en bij vorst tilt het ijs de naden op. Aan de gevelkant lekt het langs de muur, zonder zichtbare scheur, omdat het water over de achterrand loopt.
- Bouwdeel
- Dak
2× bekeken
- verwarming
Achterstallig onderhoud aan blokverwarming
Een collectieve verwarmingsinstallatie die niet meer doet wat hij hoort te doen. In de woningen merk je het aan het comfort: de bovenste verdiepingen zijn te warm en de onderste te koud, of het is precies omgekeerd; er is 's ochtends geen warm water; radiatoren worden lauw in plaats van heet. In de ketelruimte zie je het aan de installatie zelf: roest onder een ketel, kalkspoor op een pomp, isolatie die van de leidingen hangt, en een vulmeter die veel te vaak is bijgevuld. Er hoort een tweede beeld bij dat in de vergadering opvalt en niet in de ketelruimte: een stookkostenafrekening die per jaar hard oploopt zonder dat de bewoners meer stoken, en een onderhoudscontract waarin al tien jaar dezelfde regel staat. Het onderscheidende kenmerk: de installatie werkt nog, en dat is precies waarom er niets gebeurt. Blokverwarming faalt zelden in één keer; hij verliest jaar na jaar rendement en comfort tot iemand het uitrekent.
- Bouwdeel
- Installaties
- Ruimte
- Algemene ruimte
1× bekeken
- onderhoud
Afbladderend buitenschilderwerk
Verf die loskomt van het houtwerk: als blaren, als schollen, of als een fijn poeder dat op je hand blijft zitten als je erover wrijft. Meestal begint het op de zuidwestzijde, op de onderdorpels en op de kopse kanten van het houtwerk. Kijk wat eronder zit. Kaal maar hard hout is één situatie; donker, zacht hout is een andere en veel duurdere.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
3× bekeken
- gevel
Afbladderende verf op een geschilderde gevel
Blazen in de verf die bij drukken openbreken en vocht of poeder tonen, schilfers en vellen die loslaten met de toplaag van het pleisterwerk of een dun laagje steen eraan, kale plekken met een grijze of witte, poederige ondergrond, en op de kale plekken vaak witte uitbloei of alg. Het patroon: onderaan de gevel tot een halve meter of een meter boven het maaiveld, in banen onder een lekkende goot of naast een regenpijp, onder raamdorpels, rond een aanbouw waar een dak op de gevel aansluit, en aan de noord- en westzijde meer dan aan de zuidzijde. Bij een gevel die kort geleden is geschilderd: blazen binnen enkele maanden, vaak na de eerste warme dagen, verspreid over vlakken die niet droog waren.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- dak
Afschilferende of kapotgevroren dakpannen
Aan de pannen: een oppervlak dat in dunne schubben loslaat en een ruwe, lichtere kern toont; afgesprongen glazuur in vlekken; afgebroken hoeken, randen en neuzen; pannen die in de lengte gebarsten zijn en pannen die dof, poederig of groen zijn. Op de grond en in de goot: scherven en schubben, zand van de pannen en een goot die sneller vol zit. Aan het dak: schilfering vooral aan de noordzijde, onder bomen, bij de goot en op flauwe dakdelen waar het water langzaam wegloopt; mos in de sluitingen en op de pannen; plekken waar meerdere pannen tegelijk zijn aangetast. Binnen: bij een dak zonder folie vochtplekken op de zolder onder de kapotte pannen, en bij een dak met folie water op de folie dat bij de goot uitkomt. Bij een geglazuurd dak: vlekken waar het glazuur weg is en de klei eronder water opneemt en verkleurt.
- Bouwdeel
- Dak
1× bekeken
- gevel
Afschilferende of verweerde baksteen
Bakstenen waarvan de buitenlaag afbladdert: schilfers die eraf komen, een korrelig oppervlak dat afgeeft als je erover wrijft, of stenen waarvan de voorkant is weggevallen en waar je de ruwe binnenkant ziet. Onder de gevel ligt gruis. Het zit vaak niet overal. Kijk waar het het ergst is: onderaan de gevel, onder een raamdorpel, naast een regenpijp, of aan de noordzijde die het langst nat blijft.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- veiligheid
Asbestverdacht materiaal in de woning
Golfplaten op een schuurdak of een garage, grijs en verweerd, vaak met mos. Vlakke, harde platen achter de cv-ketel, in een meterkast, als schuurwand of als plafondplaat. Een oude vinylvloer met een zwarte, viltachtige laag eronder. Een oud rioolstuk of ventilatiekanaal van hard grijs materiaal. Bloembakken en gevelbeplating van dezelfde grijze plaat. Er is geen kenmerk waarmee je asbest met het blote oog vaststelt. De vuistregel is de bouwperiode: materiaal dat vóór 1994 is aangebracht, kan asbest bevatten; daarna niet. Alles daarbinnen heet asbestverdacht, en verdacht betekent: behandelen alsof het zo is, totdat een laboratorium iets anders zegt.
- Bouwdeel
- Installaties
1× bekeken
- dak
Barsten, roestvlekken en schade aan een leien dak
Aan de leien: barsten in de lengte of dwars, hoeken die zijn afgebroken, leien die uit het vlak steken of zijn afgeschoven en de lei erboven ontbloten, roestbruine vlekken, druppels en strepen die van een lei naar beneden lopen, een oppervlak dat schilfert of poederig aanvoelt, en bij kunstleien een vervaagd, ruw en soms groen oppervlak met afgebrokkelde randen. Aan de bevestiging: roestige nagels of haken die zichtbaar zijn bij afgeschoven leien, haken die zijn gebroken, en leien die klepperen bij wind. In de goot en op de grond: stukken lei, roestige haken en leigruis na een storm. Binnen: vochtplekken op de zolder of in de dakkapel onder de kapotte leien, en bij een dak zonder folie druppels bij stuifsneeuw. Aan het dak als geheel: golvingen waar de panlatten of het beschot zijn gaan werken, en een dak dat ouder is dan vijftig jaar met de oorspronkelijke bevestiging.
- Bouwdeel
- Dak
1× bekeken
- constructie
Betonschade aan balkon of galerij
Een bruine roestvlek op de onderkant of de rand van een betonnen balkon of galerijvloer. Vaak staat het beton daar bol, of er is een schilfer afgevallen waaronder je een roestige staaf ziet liggen. Onder de plek liggen soms betonbrokjes op de grond. De vakterm is betonrot: de wapening in het beton roest, zet daarbij uit tot een veelvoud van zijn eigen volume, en drukt het beton eromheen weg. Wat je ziet is dus niet de schade zelf maar het gevolg ervan.
- Bouwdeel
- Balkon en galerij
- Ruimte
- Galerij
4× bekeken
- sanitair
Bevroren of lekkende buitenkraan
Een buitenkraan die na de winter niet meer dicht gaat, of die druppelt zodra je hem opendraait. Soms een natte plek op de muur onder de kraan, of water dat binnen langs de leiding naar beneden loopt — in de kruipruimte, in de garage of in een kast. Vaak merk je het pas in het voorjaar, bij de eerste keer dat je de tuin sproeit. De schade is dan al in februari ontstaan.
- Bouwdeel
- Water en riolering
1× bekeken
- dak
Blazen en bobbels in de dakbedekking
Bobbels in het dakvlak van een plat dak: ronde blazen van een handpalm groot, of langgerekte plooien langs een naad. Bij warm weer staan ze bol en veerkrachtig; in de winter zakken ze in. Soms zitten er scheurtjes bovenop een blaas, en dan is er een weg naar binnen. Onderscheid blazen van plooien. Een blaas is rond en zit midden op het vlak: daar zit lucht of vocht onder de bedekking. Een plooi is langgerekt en volgt een naad of een rand: daar heeft de bedekking gewerkt of is hij verschoven.
- Bouwdeel
- Dak
1× bekeken
- algemene ruimten
Breuk in een glazen vloerafdekking of glazen vloerdeel
Een ster of een spinnenwebpatroon in het glasoppervlak, vaak met een klein indrukpunt in het midden. Een enkele rechte barst die van rand tot rand loopt. Dat wijst eerder op een spanningsbreuk dan op een klap. Melkwitte of grijzige verkleuring tussen de glaslagen, meestal beginnend bij een hoek of langs de rand. Dat is de tussenlaag die vocht heeft opgenomen. Een paneel dat veert onder uw voet of dat klappert als iemand er overheen loopt. Dat hoort u vaak eerder dan u het ziet. Een antislipopdruk die op de looplijn is weggesleten, zodat er een glad spoor midden over het paneel loopt.
- Bouwdeel
- Vloer
- Ruimte
- Balkon
1× bekeken
Toon 12 gebreken meer13 van 226 getoond · pagina 1 van 19
Wat staat hier?
- Hoe zoek ik hier iets op?
- Op het verschijnsel. «Bruine vlek op het plafond» en niet «lekkage» — want welke van de vier oorzaken het is, is precies wat je nog niet weet.
- Wat betekent de ernst?
- De graad die geldt als je de vragen niet invult. Staat er niets, dan hangt het werkelijk van jouw situatie af, en dan is een graad noemen een bewering die we niet kunnen waarmaken.
- Is dit een diagnose?
- Nee. Het is een richting plus de vraag die een deskundige zou stellen. Bij constructie, gas en asbest staat er expliciet bij dat je iemand moet laten kijken.
Verder kijken
Checklists
Lijsten om ter plekke af te vinken
98 checklists
Kennisbank
Naslag met hoofdstukken, om in te zoeken
477 artikelen
Werkomschrijvingen
De basis onder een offerteaanvraag
87 omschrijvingen