KennisGebreken
Wat staat hier?Zoek op wat je ziet, niet op wat het is. Per verschijnsel: waar het vandaan kan komen, hoe ernstig het is, en wat de eerstvolgende stap is.
Sorteren:Titel Z–A
in zeven groepen — wat de kleuren betekenen
Uitgelicht
- gevel
Zacht of hol voegwerk
Voegen die terugliggen ten opzichte van de stenen, die afbrokkelen als je er met een sleutel overheen krast, of waar mos in groeit. Op sommige plekken is de voeg helemaal weg en zie je de kier tussen de stenen. Tik met een muntstuk over de gevel: waar het hol klinkt, zit de voeg los van de steen. Dat gebied is meestal groter dan wat je ziet.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
53 van 226 gebreken
- gevel
Witte uitslag op het metselwerk
Een witte, poederige of kristallijne aanslag op de gevel. Soms als een sluier over een heel muurvlak, soms als strepen die van de voegen naar beneden lopen. Bij nieuwbouw verschijnt het vaak in het eerste jaar; bij oude gevels na een natte winter. Er is een variant die niet wegveegt en die hard aanvoelt. Die is lastiger en heeft een andere oorzaak dan de poederige soort.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Welvende en lekkende prefab betonnen gevelelementen
Aan de elementen: platen die bol of hol staan ten opzichte van de buren, zichtbaar in schuin licht of langs de gevel kijkend; voegen die aan de ene zijde breder zijn dan aan de andere; elementen die uit het vlak zijn gedraaid. Aan de voegen: kit die is gescheurd, losgekomen of verhard, voegen die open staan, voegen die zijn dichtgesmeerd met mortel, en donkere vochtsporen onder de voegen op het element eronder. Aan het oppervlak: scheuren, een craquelé netwerk, afschilfering van de toplaag of het sierbeton, afgesprongen randen en hoeken met zichtbare roestige wapening, roestsporen die uit een scheur of een ankerpunt lopen, en witte uitbloei bij de voegen. Aan de aansluitingen: kozijnen die los zitten in het element, dorpels waar het water achter de gevel loopt, en dilataties tussen gevelvlakken die dicht zitten. Binnen: vochtplekken op de binnenzijde van de gevel op de plaats van de voegen en bij de kozijnaansluitingen, koude plekken en schimmel bij de randen van de elementen, en bij elementen met een isolatiekern een gevel die kouder aanvoelt dan hij zou moeten.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Vuile strepen en algen onder raamdorpels en gevelbanden
Onder de hoeken van een raamdorpel: twee donkere, verticale strepen, vaak met een groene of zwarte aanslag, die naar beneden uitwaaieren. Onder een gevelband, een muurafdekking of een daktrim: een doorlopende donkere zone of een reeks strepen op regelmatige afstand, bij elke naad in de band. De dorpel zelf: een vlakke of naar binnen aflopende bovenkant, een voorkant zonder groef aan de onderzijde, een dorpel die gelijk ligt met de gevel of er maar een paar millimeter voor uitsteekt, of een kopse kant die niet is afgedicht tegen het kozijn. Bij zichtbeton en lichte gevelsteen is het beeld het sterkst; bij donkere steen ziet u het pas als u erop let. Aan de noord- en westzijde is het het ergst; op het zuiden droogt de gevel en blijft hij schoon.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- vocht
Vochtplek op de binnenkant van de buitenmuur
Een donkere, vochtige plek op de binnenkant van een buitenmuur. Vaak op de zuidwestzijde, de kant waar de slagregen op staat. Het behang laat los, de verf bladdert, of er tekent zich een vlek af die na een droge week vervaagt en na de volgende storm terugkomt. De plek zit meestal niet willekeurig. Kijk of hij samenvalt met iets aan de buitenkant: een raamdorpel, een dilatatievoeg, een doorvoer, of het punt waar de spouw is dichtgezet.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- gevel
Vochtplek bij een aanbouw of uitbouw
Een natte plek of een scheur precies op de plek waar de aanbouw tegen het oorspronkelijke huis komt. Binnen: een streep in de hoek of langs het plafond op de overgang. Buiten: een naad tussen oud en nieuw metselwerk die openstaat, of een strook waar de kleur van het metselwerk verandert. De aansluiting tussen oud en nieuw is bij vrijwel elke aanbouw de zwakke plek, en dat komt doordat daar twee bouwwerken met een verschillende ondergrond en een verschillende geschiedenis samenkomen.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Vocht en schade achter kunststof gevelbeplating
Aan het paneel: verkleuring van wit naar geel of grijs, een krijtachtige laag die op je hand afgeeft, een dof oppervlak waar het ooit glad was, en haarscheurtjes in de hoeken van een profilering. Aan de vorm: panelen die bol staan of golven, een naad die aan de ene kant openstaat en aan de andere klemt, en een boeiboord dat een boog maakt. Bij de bevestiging: een scheur vanaf een schroefgat, een stuk paneel dat rond de schroef is uitgebroken, roestsporen onder de schroefkop, en schroeven die zijn nagedraaid tot ze door het materiaal zaten. Aan de naden: open naden waar de kit uit is, een verweerde afdeklat, een kozijnaansluiting die niet meer sluit en een onderdorpel waaronder je met een pen achter de beplating komt. Aan de binnenzijde: vochtplekken op de binnenmuur onder het raam, schimmel in de hoek achter een kast, muffe lucht in de slaapkamer en een koude plek die je met de hand voelt. Onder de beplating, als er een paneel af gaat: nat of vergaan regelwerk, roest op stalen beugels, natte isolatie, vuil en soms een spouw die met schuim is dichtgezet.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- gevel
Vlekken en etsing op glas
Een witte, grijze of melkachtige waas in vlakken of banen, die bij tegenlicht het duidelijkst is en na wassen terugkomt of blijft. Druppelvormige vlekken en kringen van opgedroogd water op ruiten onder een betonnen of gepleisterde gevel, onder een dakrand, onder een zinken of aluminium afdekking of naast een natuurstenen band. Strepen die van boven naar beneden lopen op ruiten onder metalen onderdelen, grijs bij zink en aluminium, groen bij koper. Een regenboogglans of een matte plek in het midden van de ruit bij glas dat nat is opgeslagen of dat lange tijd tegen een andere ruit heeft gelegen. Fijne krassen in cirkels of banen na een schoonmaak met schuurmiddel, een schuurspons of een verkeerd gebruikte schraper; bij gecoat glas een plek waar de coating is weggeschuurd. Het glas voelt op de vlek ruw of stroef aan, en een nagel of een munt "hapt" erop.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- gevel
Verzakte of lekkende dorpel
Een raamdorpel of deurdorpel die scheef ligt, waar water op blijft staan, of waaronder een donkere streep op de gevel loopt. Soms een dorpel die is gescheurd, of waarvan een hoek is afgebroken. Bij een deurdorpel: water dat bij een flinke bui over de drempel naar binnen loopt. Leg een muntstuk op de dorpel. Rolt het naar buiten, dan is er afschot. Blijft het liggen of rolt het naar het kozijn, dan is dat de oorzaak van alles wat eronder gebeurt.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- materiaal
Vervormde spiegeling en kleurverschil in isolatieglas
Aan de spiegeling: de weerspiegeling van huizen, bomen of lucht golft, buigt of vervormt, het meest bij grote ruiten, in de ochtend en avond, bij koud of juist heet weer, en anders op een andere dag; de ruit staat merkbaar bol of hol als je erlangs kijkt. Aan de kleur: een ruit die naast de andere groener, grijzer, blauwer of bruiner is, vooral bij bewolkt licht en van buiten gezien; een kleurzweem in de weerspiegeling die per ruit verschilt; bij een vervangen ruit een duidelijk andere tint dan de rest. Aan het oppervlak: vlekken of banen die bij een bepaalde hoek zichtbaar zijn en verdwijnen als je beweegt, een olieachtige glans op de coating, kleine puntjes of strepen in de coating aan de binnenzijde van de spouw. Aan de ruit zelf: een ruit die blijvend hol staat en de spiegeling naar binnen trekt, een ruit met condens of een waas tussen de bladen, en een afstandhouder waarvan de code een ander glastype toont dan de buren. Aan het licht binnen: een kamer die door een groenere ruit een andere kleur daglicht krijgt dan de kamer ernaast.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- constructie
Vervormde of rotte houten latei boven een raam of deur
Aan het metselwerk boven de opening: scheuren die schuin vanuit de bovenhoeken van het kozijn omhoog lopen, een horizontale scheur op de hoogte van de latei, stenen die boven het kozijn lager liggen of uit het vlak komen, en een rollaag of strek die is gaan zakken of uiteen is geweken. Aan de latei zelf: een houten balk boven het kozijn die zichtbaar is of achter een dunne strook stenen zit, die doorhangt in het midden, aan de uiteinden zacht en donker is, is gescheurd in de lengte of gedraaid, of die bij de bovendorpel nat is en verf verliest. Aan het kozijn: een bovendorpel die doorhangt, een raam of deur die bovenaan klemt en onderaan een kier laat, en glas dat spanning toont of is gebarsten. Aan de gevel: een lichte uitbuiging boven de opening, voegen die boven het kozijn openstaan en vochtsporen bij de uiteinden van de latei. Binnen: scheuren in het stucwerk boven het kozijn op dezelfde plek, en een vensterbank of een binnenbetimmering die is gaan hangen.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- constructie
Verroeste of ontbrekende spouwankers
Horizontale scheurtjes in de gevel die op regelmatige afstand van elkaar liggen, meestal om de vier tot zes lagen, en die door de voeg lopen in plaats van door de steen. Roestbruine vlekjes in of net onder die voegen. Bij vergevorderde gevallen: een buitenblad dat aan de bovenzijde naar buiten helt, of dat bij een klap met de vlakke hand hol en los aanvoelt. Het patroon is het kenmerk. Scheuren die op vaste afstanden terugkomen, horizontaal en in de voeg, zijn een ankerprobleem en niet een zettingsprobleem. Zetting geeft scheuren die diagonaal lopen en die door de stenen heen gaan.
- Bouwdeel
- Gevel
3× bekeken
- gevel
Verkleurde en gevlekte glazen borstweringpanelen aan de gevel
Aan de panelen: verschillen in tint tussen panelen die gelijk zouden moeten zijn, panelen die doffer of lichter zijn op de zonzijde, zwarte, grijze of bruine vlekken en wolken die van achter het glas komen, een reflecterende laag die plaatselijk is verdwenen zodat de isolatie erachter zichtbaar wordt, en randen waar de laag is losgekomen. Aan de voegen en randen: kit die is gescheurd, losgekomen of verhard tussen de panelen en rond de kozijnen, vochtsporen onder de voegen, en randen van panelen die zijn aangetast of afgebrokkeld. Aan de bevestiging: klemprofielen of glaslatten die roesten of los zitten, panelen die bol staan of trillen bij wind, en een paneel dat is verschoven. Achter de panelen: bij het uitnemen van een paneel natte of ingezakte isolatie, roest aan de achterconstructie en schimmel. Binnen: koude plekken en condens op de binnenzijde van de borstwering, en vochtplekken bij de vloer onder het raam.
- Bouwdeel
- Gevel
- geluid
Verkeerslawaai in de woning: geluid van weg, spoor en vliegverkeer
Aan de geluidsbeleving: een constant ruisen dat je pas hoort als het stil is, pieken bij een vrachtwagen, tram of trein, laagfrequent gebrom van zwaar verkeer en vliegtuigen, en 's nachts wakker worden van het verkeer. Aan de ramen: enkel glas of oud dubbel glas met twee even dikke ruiten, ramen die rammelen bij een vrachtwagen, en een duidelijk verschil tussen open en gesloten ramen dat kleiner is dan je verwacht. Aan de roosters en kieren: open ventilatieroosters boven de ramen zonder demper, tocht langs de aanslag, een brievenbus zonder klep en een voordeur zonder tochtwering. Aan het dak: een lichte dakconstructie met alleen dakpannen en isolatie, een dakkapel met dunne wanden, en het geluid van vliegtuigen dat op de zolder het luidst is. Aan de ligging: de woning aan een doorgaande weg, binnen enkele honderden meters van een spoorlijn of onder een aanvliegroute.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
- Ruimte
- Slaapkamer
2× bekeken
- vocht
Schimmel en stank uit een vervuilde spouwmuur
Aan de geur: muf, aards, schimmelachtig of rottend, sterker na regen en bij warm vochtig weer, het sterkst bij stopcontacten en schakelaars in de buitenmuur, bij ventilatieroosters, bij de plint en bij de aansluiting van kozijnen; een geur die niet weggaat met ventileren en die niet in één kamer zit. Aan de muur: vochtplekken op de binnenzijde van de buitenmuur op wisselende hoogte, vaak ter hoogte van de fundering, onder kozijnen en op de plek van spouwankers; schimmel op behang en verf; zoutuitbloei. Aan de gevel: open stootvoegen die dicht zitten, ventilatieroosters in de spouw die ontbreken of zijn dichtgezet, en bij een geïsoleerde spouw boorgaten van de isolatie. Bij onderzoek: een spouw vol mortelbaarden, valspecie op de ankers, puin op de funderingsbalk, oude kranten en bouwafval, natte of ingezakte isolatie, nesten van vogels of wespen, en dode dieren. In de tijd: klachten die zijn begonnen na spouwmuurisolatie, na een verbouwing of na het dichtzetten van de stootvoegen.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- gevel
Scheuren in de gevel
Een scheur in het metselwerk van de buitenmuur. Soms haarfijn en recht door de stenen, soms een trapsgewijze lijn die de voegen volgt. Vaak boven of naast een raam, bij een hoek, of op de overgang naar een aanbouw. De vorm, de plaats en de richting zeggen samen bijna alles. Een trapsgewijze scheur die naar boven breder wordt, betekent iets anders dan een rechte verticale scheur midden in een lange gevel — en dat verschil scheidt een onderhoudspost van een funderingsvraag.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- gevel
Scheuren in buitenstucwerk en gevelisolatie
Haarscheuren: een netwerk van fijne scheurtjes als gebarsten glazuur, verspreid over het vlak of in zones, zonder verband met de ondergrond. Plaatnaadscheuren: rechte horizontale en verticale scheuren in een raster van ongeveer een meter bij een halve meter, die de naden van de isolatieplaten tekenen; bij een oud gevelisolatiesysteem zichtbaar bij regen als donkere lijnen voordat de scheur zelf zichtbaar is. Hoekscheuren: schuine scheuren die uit de hoeken van kozijnen en deuren lopen, meestal onder vijfenveertig graden. Aansluitscheuren: een scheur langs de dakrand, de plint, een balkon, een dilatatie of de overgang naar een ander materiaal. Holle plekken: pleisterwerk dat hol klinkt bij tikken, met een scheur eromheen, en soms een stuk dat loskomt met de wapening eraan. Constructieve scheuren: een enkele, grillige of trapsgewijze scheur die door het pleisterwerk en de ondergrond loopt, breder wordt naar boven of onder en die je aan de binnenkant terugvindt.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- regelgeving
Schade aan glas-in-lood
Een glas-in-loodpaneel dat bol staat of doorhangt, meestal in het midden en meestal naar buiten. Loodstrips die dof grijs en poederig zijn geworden. Gebroken of gescheurde glasstukjes. Een paneel dat rammelt in de sponning of dat tocht. Zwarte, kruimelige resten van het stopverf of de kit langs de randen. Soms een winddruk die je hoort: het paneel beweegt hoorbaar bij een windvlaag. Het beeld dat de urgentie bepaalt: een paneel dat meer dan ongeveer een centimeter uit het vlak staat. Dat is het punt waarop het lood zijn stijfheid verliest en het paneel zichzelf verder uit vorm trekt.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Schade aan gevelbekleding
Bij houten delen: verf die loslaat, hout dat grijs en vezelig wordt, of een plank die aan de onderrand zacht is. Bij multiplex boeidelen of zijwangen van een dakkapel: hout dat in laagjes uiteenvalt. Bij kunststof: platen die zijn gaan bollen of golven, kleurverschil tussen de zonzijde en de rest, of een plaat die aan één kant is losgekomen. Bij metaal: roeststrepen, doffe of vlekkerige plekken op geanodiseerd aluminium, of fijne kronkelende lijntjes onder de laklaag.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gemeenschappelijk eigendom
Schade aan een gemeenschappelijke antenne, schotel of zonwering
Een schotel of antenne op het dak of aan de gevel die scheef hangt, roest, of waarvan de bevestiging losraakt. Kabels die los langs de gevel hangen. Bij zonwering: een screen of scherm dat niet meer oprolt, een gescheurd doek, of een geleider die uit de gevel komt. Bij een complex vaak: een dak vol individueel geplaatste schotels en airco-units, elk met een eigen doorvoer.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Schade aan een betonnen gevelelement
Een betonnen band, borstwering, kolom of gevelplaat waarin een scheur zit, waaruit een stuk is afgevallen, of waar een bruine roestvlek doorheen komt. Op de plek waar het beton is afgevallen, zie je wapeningsstaal liggen: een of meer roestige staven, soms nog met de vorm van het beton eromheen. De rand van het gat is scherp en de kleur van het beton is daar lichter. Vaak begint het onopvallend: een haarscheur die precies de lijn van een wapeningsstaaf volgt, met een roestspoor eruit. Dat is hetzelfde gebrek in een eerder stadium. Dit komt vooral voor bij portiek- en galerijflats uit 1950 tot 1975 en bij woningen met betonnen banden onder de ramen. Het onderscheidende kenmerk: de schade volgt de wapening en niet de vorm van het element. Een scheur die recht en op vaste afstand van de rand loopt, is betonrot; een willekeurige scheur is dat meestal niet.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Roestvlekken en roestschade in het metselwerk
Roestbruine strepen die vanaf één punt in de gevel naar beneden lopen, vooral na regen, en die niet weg te borstelen zijn. Een steen die bol staat, een hoek eraf heeft of gescheurd is, met roest in de scheur. Een voeg die over een lengte open staat, vaak een lintvoeg ter hoogte van de verdiepingsvloer of boven een raam, met roestkleurig water eruit. Boven ramen en deuren: een latei die roestbruin is, opbolt of de stenen erboven omhoog drukt, met een horizontale scheur in het metselwerk erboven. Bij een band of een rollaag: de hele laag ligt iets hoger of staat naar buiten. Aan de binnenzijde soms een scheur op dezelfde hoogte, of vochtplekken op de plek waar de gevel open staat.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- constructie
Roestvlekken en aftekeningen in zichtbeton
Kleine bruine puntjes met een roeststreep eronder, verspreid over het beton of in een regelmatig raster van twintig tot veertig centimeter: dat zijn afstandhouders of bindstaal onder het oppervlak. Bruine kegeltjes rond een korrel in het grind: een ijzerhoudende insluiting. Verkleuringen in banen of vlekken bij de naden van de bekisting, bruin of blauwgrijs: de bekisting en het ontkistingsmiddel, geen roest. Ernstiger: een bruine vlek die groeit met een scheur erin, een bolling in het oppervlak, en uiteindelijk een afgesprongen stuk beton met een roestige staaf erachter. Aan randen en hoeken van balkons, galerijplaten en borstweringen komt dat het eerst voor, omdat de wapening daar het dichtst op het oppervlak ligt en het beton er het natst is. Bij oudere complexen ziet u alle vormen naast elkaar; bij nieuw zichtbeton alleen de afstandhouders en de bekistingsnaden.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Roestende stalen kozijnen
Op de profielen: verf die opbolt, barst en in schilfers loslaat, met bruine roest en roestwater dat over het glas en de gevel loopt; putten in het staal na het verwijderen van de verf; op de onderdorpel en in de onderhoeken het meest. Aan de vorm: profielen die dikker zijn geworden en zijn uitgezet, met scheuren in de lengterichting; hoekverbindingen waar de lasnaad of de klinknagel is losgekomen en het profiel open staat; een raam dat schuin in het kozijn hangt. Aan het glas: ruiten met een scheur die bij de sponning begint en zonder klap is ontstaan; losse of gescheurde stopverf of kit rond de ruit; bij enkel glas condens aan de binnenkant die over het staal loopt. Aan het gebruik: ramen die klemmen, niet meer sluiten of niet meer opengaan; sluitwerk dat vastzit; tocht langs de aanslag. Binnen: condens op de profielen in de winter, verf die ook binnen loslaat, en roestplekken op de vensterbank onder de onderdorpel.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
2× bekeken
- vocht
Optrekkend vocht in de muur
Een vochtige band onderaan de binnenmuur, meestal tot een halve meter of een meter boven de vloer, met een golvende bovenrand. Het behang laat daar los, de plint is zacht geworden en er zit vaak een witte poederachtige uitslag op het pleisterwerk. De muur voelt koud en klam. Buiten zie je dezelfde band boven het maaiveld, soms met groene aanslag en afbladderende verf. Het kenmerk waaraan je optrekkend vocht herkent en waardoor je het van andere vochtproblemen onderscheidt: de bovenrand is grillig en de plek droogt in de zomer niet op. Een lekkage droogt op zodra de bron weg is; optrekkend vocht blijft het hele jaar staan omdat de bron de grond zelf is.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
Toon 12 gebreken meer25 van 53 getoond · pagina 2 van 5
Wat staat hier?
- Hoe zoek ik hier iets op?
- Op het verschijnsel. «Bruine vlek op het plafond» en niet «lekkage» — want welke van de vier oorzaken het is, is precies wat je nog niet weet.
- Wat betekent de ernst?
- De graad die geldt als je de vragen niet invult. Staat er niets, dan hangt het werkelijk van jouw situatie af, en dan is een graad noemen een bewering die we niet kunnen waarmaken.
- Is dit een diagnose?
- Nee. Het is een richting plus de vraag die een deskundige zou stellen. Bij constructie, gas en asbest staat er expliciet bij dat je iemand moet laten kijken.
Verder kijken
Checklists
Lijsten om ter plekke af te vinken
98 checklists
Kennisbank
Naslag met hoofdstukken, om in te zoeken
477 artikelen
Werkomschrijvingen
De basis onder een offerteaanvraag
87 omschrijvingen