KennisRekenhulpen
Wat staat hier?Hoeveel tegels, hoeveel liter verf, hoe hoog een trede. Elke rekenhulp geeft de rekenregel, een uitgewerkt voorbeeld en een hoofdstuk over waar het misgaat — want de fout zit zelden in de som en meestal in de maat die je erin stopt.
Sorteren:Nieuwste eerst
in zeven groepen — wat de kleuren betekenen
Uitgelicht
- constructie
Hoe bereken je een trap
Een trap wordt bepaald door twee maten: de optrede, de hoogte van elke tree, en de aantrede, de diepte ervan. Deel de totale verdiepingshoogte door het aantal treden om de optrede te krijgen. De vuistregel die al eeuwen wordt gebruikt: twee keer de optrede plus één keer de aantrede is 57 tot 65 centimeter. Een trap met een optrede van 19 en een aantrede van 23 centimeter komt op 61 en loopt comfortabel. Voor een woning geldt in het Besluit bouwwerken leefomgeving bij nieuwbouw een maximale optrede en een minimale aantrede; bij een bestaande trap gelden lagere eisen. Een steile oude trap is dus niet illegaal, maar hij mag bij vervanging niet zo steil terugkomen.
2× bekeken
31 rekenhulpen
- verbouwen
Hoe groot mag een aanbouw of dakkapel vergunningvrij zijn
In het achtererfgebied mag je onder voorwaarden bouwen zonder omgevingsvergunning. De hoofdlijnen: een aanbouw aan de achtergevel tot vier meter diep, met een maximale hoogte die is afgeleid van de verdiepingsvloer, en een dakkapel op het achterdakvlak met een vlakke afdekking, minstens een halve meter onder de nok, een halve meter boven de dakvoet en een halve meter van de zijkanten. Daarbovenop geldt een grens aan het totaal bebouwde oppervlak van het achtererf: naarmate het erf groter is, mag er meer bij, maar nooit onbeperkt. Vergunningvrij is niet eisenvrij. Ook een vergunningvrij bouwwerk moet voldoen aan de eisen aan constructieve veiligheid, brandveiligheid, isolatie en ventilatie uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Dat is het misverstand dat de meeste narigheid oplevert.
1× bekeken
- installaties
Hoe groot moet je boiler of warmwatervoorziening zijn
Bij een doorstroomtoestel — de gewone combiketel — telt niet de inhoud maar het vermogen. Een tapklasse van 24 kilowatt levert ongeveer acht tot tien liter warm water per minuut, genoeg voor één douche. Voor twee douches tegelijk heb je ruim dertig kilowatt of een voorraadvat nodig. Bij een voorraadvat telt de inhoud. Reken op twintig tot dertig liter bruikbaar warm water per persoon per dag voor douchen, plus tien liter voor de rest. Een gezin van vier komt daarmee op 120 tot 160 liter per dag, en dat is bij een warmtepompboiler het gangbare formaat van 150 tot 200 liter. Let op één rekenregel die vaak wordt gemist: een vat van 150 liter op 60 graden levert ongeveer 250 liter douchewater van 40 graden, omdat er koud water bij wordt gemengd.
1× bekeken
- afwerking
Hoeveel behang heb je nodig
Reken in banen en niet in vierkante meters. Deel de omtrek van de kamer door de baanbreedte om het aantal banen te bepalen, en kijk daarna hoeveel banen er uit één rol komen. Een standaardrol is 10,05 meter lang en 53 centimeter breed. Bij een plafondhoogte van 2,60 meter komen daar drie banen uit — de rest is te kort. Bij een patroon met rapport gaat dat naar twee of drie, afhankelijk van de rapporthoogte. Voor een kamer van vier bij vijf meter met een hoogte van 2,60 meter heb je ongeveer twaalf rollen nodig bij effen behang, en veertien tot zestien bij een groot patroon.
3× bekeken
- isolatie
Hoeveel bespaar je met isolatie
De besparing volgt uit het verschil in warmteverlies: oppervlak maal het verschil in U-waarde maal de graaddagen. Als vuistregel bespaar je per vierkante meter geïsoleerd oppervlak, van ongeïsoleerd naar Rd 3,5: dak: 8 tot 14 kubieke meter gas per vierkante meter per jaar gevel: 6 tot 11 kubieke meter per vierkante meter per jaar vloer: 4 tot 8 kubieke meter per vierkante meter per jaar Voor een vloer van vijftig vierkante meter komt dat neer op 200 tot 400 kubieke meter gas per jaar. Bij een gasprijs van € 1,40 per kubieke meter is dat € 280 tot € 560 per jaar, tegenover een investering van € 2.500 tot € 4.000 vóór subsidie. Terugverdientijd: vijf tot twaalf jaar.
1× bekeken
- tuin
Hoeveel bestrating en zand heb je nodig
Voor bestrating reken je op het oppervlak plus vijf procent snijverlies bij een rechte legrichting en tien tot vijftien procent bij een halfsteens, keper- of visgraatverband. Onder de bestrating komt zand, en dat is het deel dat bepaalt of het over drie jaar nog vlak ligt. Reken op een straatlaag van drie tot vijf centimeter en daaronder een cunet van twintig tot dertig centimeter ophoogzand bij een terras, en dertig tot veertig bij een oprit waar een auto op staat. Voor een terras van twintig vierkante meter kom je daarmee op ongeveer 21 vierkante meter tegels, één kuub straatzand en vier tot vijf kuub ophoogzand.
1× bekeken
- verbouwen
Hoeveel beton heb je nodig
Beton reken je in kubieke meters: lengte maal breedte maal dikte, alles in meters. Een vloer van vier bij vijf meter en tien centimeter dik is 4,00 × 5,00 × 0,10 = twee kubieke meter. Eén kubieke meter beton weegt ongeveer 2.400 kilo en vraagt ongeveer honderd zakken droge betonmortel van 25 kilo. Dat is het getal dat de keuze bepaalt: boven ongeveer een halve kuub is zelf mengen geen redelijke optie meer en bestel je het als stortklaar beton of in een mixer. Tel bij elk werk vijf tot tien procent op voor verlies, uitzakking in de grond en een bekisting die niet precies is.
2× bekeken
- verbouwen
Hoeveel daglicht moet een verblijfsruimte hebben
Bij nieuwbouw eist het Besluit bouwwerken leefomgeving een daglichtoppervlak van ten minste tien procent van het vloeroppervlak van een verblijfsgebied. Voor een kamer van twintig vierkante meter betekent dat twee vierkante meter daglichtoppervlak. Dat is niet het glasoppervlak zoals je het meet: het gaat om het doorzichtige deel van de gevel- of dakopening, gecorrigeerd voor belemmeringen door overstekken, dakkapellen, tegenoverliggende bebouwing en de hoek waaronder het licht binnenvalt. In de praktijk komt dat erop neer dat je aanzienlijk méér glas nodig hebt dan die tien procent. Voor bestaande bouw geldt een lagere eis. Een oude woning met kleine ramen is dus niet illegaal, maar bij een verbouwing waarbij een ruimte verblijfsruimte wordt, geldt voor dat deel wel de verbouwnorm.
2× bekeken
- dak
Hoeveel dakpannen heb je nodig
Het aantal pannen per vierkante meter staat vast per pantype en loopt van ongeveer tien tot vijftien stuks per vierkante meter. Een gangbare opnieuw verbeterde Hollandse pan ligt rond de twaalf; een oude Hollandse pan rond de vijftien; een grote betonpan rond de tien. Tel bij het dakvlak vijf procent op voor breuk en pasverlies, en reken de nokvorsten en gevelpannen apart: nokvorsten ongeveer 2,5 stuks per strekkende meter nok. Voor een dakvlak van acht bij vier meter met een pan van twaalf per vierkante meter kom je uit op ongeveer 400 pannen.
1× bekeken
- afwerking
Hoeveel egaline en stucwerk heb je nodig
Voor egaline geldt een eenvoudige regel: ongeveer 1,5 kilo per vierkante meter per millimeter laagdikte. Een vloer van twintig vierkante meter die drie millimeter moet worden geëgaliseerd, vraagt dus ongeveer negentig kilo, oftewel vier zakken van vijfentwintig. Voor wandstucwerk reken je op 1,0 tot 1,4 kilo per vierkante meter per millimeter, en een normale afwerklaag is twee tot drie millimeter. Voor sierpleister en spachtelputz gelden eigen waarden die op de verpakking staan. De laagdikte is het getal waarop het misgaat, en dat is meteen het lastigste getal om te bepalen.
2× bekeken
- geluid
Hoeveel geluidsisolatie heeft je vloer nodig
In een appartementengebouw gaat het bij vloeren om contactgeluid: het geluid van lopen, stoelen schuiven en een vallende sleutelbos, dat via de constructie naar de woning eronder gaat. Het modelreglement 2017 stelt als voorwaarde aan harde vloerafwerking een verbetering van het contactgeluid van ten minste 10 decibel ten opzichte van de kale constructievloer. Veel huishoudelijke reglementen leggen die grens hoger. Een goede ontkoppelende ondervloer haalt 12 tot 20 decibel; een goedkope schuimondervloer haalt 5 tot 12, en een tegelvloer die rechtstreeks op de dekvloer is verlijmd, haalt nul. Dat laatste is de meest voorkomende oorzaak van burenruzie in een appartement.
1× bekeken
- tuin
Hoeveel grond, grind of tuinaarde heb je nodig
Alles wat los gestort wordt, reken je in kubieke meters: oppervlak maal laagdikte in meters. Een border van tien vierkante meter die je twintig centimeter ophoogt, vraagt 10 × 0,20 = twee kubieke meter. De valkuil zit in het gewicht en de levering. Eén kuub tuinaarde weegt ongeveer 1.100 tot 1.300 kilo, grind ongeveer 1.500 tot 1.700 kilo, en zand ongeveer 1.500 kilo. Een big bag bevat doorgaans één kuub — en dat is bijna anderhalve ton die ergens moet worden neergezet. Reken tien procent extra voor inklinking bij grond en teelaarde. Grind en split klinken niet in.
2× bekeken
- hemelwater
Hoeveel hemelwater valt er op je dak, en hoe groot moet de afvoer zijn
Voor de afvoercapaciteit wordt in Nederland gerekend met een ontwerpbui van 0,03 liter per seconde per vierkante meter dakoppervlak, oftewel ongeveer 108 liter per uur per vierkante meter. Voor een dakvlak van vijftig vierkante meter is dat 1,5 liter per seconde. Een hemelwaterafvoer van 80 millimeter verwerkt ongeveer 3 liter per seconde, een van 70 millimeter ongeveer 2 liter, en een van 100 millimeter ongeveer 5,5. Als vuistregel: één standaardafvoer van 80 millimeter per ongeveer 80 tot 100 vierkante meter dakvlak, en bij een plat dak nooit minder dan twee afvoeren of één afvoer plus een noodoverstort. Voor de jaarlijkse hoeveelheid geldt een andere som: er valt in Nederland ongeveer 850 millimeter neerslag per jaar, dus 850 liter per vierkante meter dak per jaar.
1× bekeken
- tuin
Hoeveel hout heb je nodig voor een schutting of vlonder
Voor een schutting reken je per hart-op-hart-afstand van twee meter tussen de palen. Voor een schutting van tien meter zijn dat zes palen en vijf schermen; de palen worden altijd één meer dan de schermen. Voor een vlonder reken je op onderregels om de veertig tot vijftig centimeter en op ongeveer zeven schroeven per vierkante meter per bevestigingspunt. Bij vlonderdelen van 14 centimeter breed met 5 millimeter voegruimte heb je ongeveer zeven strekkende meter deel per vierkante meter nodig. Tel bij beide vijf procent op voor pasverlies, en bij hardhout tien procent voor uitval door kwaliteit.
1× bekeken
- isolatie
Hoeveel isolatie heb je nodig, en haal je de subsidie
De isolatiewaarde die je bereikt, is de dikte in meters gedeeld door de lambda-waarde van het materiaal. Voor minerale wol met een lambda van 0,035 betekent tien centimeter dus een Rd van ongeveer 2,9; voor een Rd van 3,5 heb je ruim twaalf centimeter nodig. Dat getal 3,5 is geen toeval: voor vloer- en bodemisolatie stelt de ISDE-subsidie een eis van Rd 3,5 of hoger en een oppervlak van ten minste 20 vierkante meter. Wie op 3,2 uitkomt, isoleert bijna even goed en krijgt niets. Reken op vijf procent meer materiaal dan het kale oppervlak, voor pasverlies en aansluitingen.
2× bekeken
- gemeenschappelijk eigendom
Hoeveel moet een VvE reserveren
Een VvE is verplicht een reservefonds aan te houden, en de hoogte daarvan moet worden bepaald op één van twee manieren: op basis van een meerjarenonderhoudsplan van ten minste tien jaar, of — als dat plan er niet is — op ten minste een half procent van de herbouwwaarde per jaar. Voor een gebouw met een herbouwwaarde van € 4.000.000 is dat minimaal € 20.000 per jaar, verdeeld over de appartementen naar breukdeel. Dat halve procent is een wettelijke ondergrens en geen norm. Voor een gebouw met een lift, een parkeerkelder, een galerijconstructie of een plat dak is het aantoonbaar te weinig, en een bestuur dat op dat percentage blijft zitten, schuift het probleem door naar een volgende generatie eigenaren.
2× bekeken
- verduurzaming
Hoeveel ruimte heb je nodig voor een warmtepomp
Voor een lucht-waterwarmtepomp heb je twee plekken nodig. Buiten een unit van ongeveer 1,00 bij 0,40 meter en 0,80 tot 1,20 meter hoog, met minstens 30 centimeter vrij aan de achterzijde en 1,00 meter voor de luchtuitblaas. Binnen een binnenunit of een tapwatervat van 60 bij 65 centimeter en 1,50 tot 2,00 meter hoog. Reken op 1,5 tot 3 vierkante meter binnenruimte in totaal, inclusief de ruimte om erbij te kunnen voor onderhoud. Dat is aanzienlijk meer dan de cv-ketel die eruit gaat, en het is de meest onderschatte voorwaarde van de hele overstap. Voor de buitenunit geldt bovendien een geluidseis: sinds 1 april 2021 mag een geplaatste buitenunit op de perceelgrens niet meer dan 45 dB(A) overdag en 40 dB(A) 's nachts veroorzaken.
2× bekeken
- gevel
Hoeveel stenen en metselmortel heb je nodig
Voor gevelmetselwerk in halfsteens verband met een waalformaatsteen geldt: ongeveer 50 stenen per vierkante meter bij een voeg van tien millimeter en een laagmaat van 62,5 millimeter. Voor kalkzandsteenblokken van 300 bij 200 millimeter: ongeveer 16 blokken per vierkante meter. Voor metselmortel reken je op ongeveer 30 tot 40 liter per vierkante meter halfsteens metselwerk, oftewel zestig tot tachtig kilo droge mortel. Bij lijmwerk met dunbedmortel ligt dat op drie tot vijf kilo per vierkante meter, dus een factor vijftien lager. Tel bij alles vijf procent op voor breuk en pasverlies, en bij een muur met veel openingen tien procent.
1× bekeken
- afwerking
Hoeveel tegels en tegellijm heb je nodig
Neem het te betegelen oppervlak en tel er snijverlies bij op: tien procent bij recht leggen, vijftien procent bij een kleine of onregelmatige ruimte, en vijftien tot twintig procent bij diagonaal of visgraat. Voor tegellijm reken je op drie tot vijf kilo per vierkante meter bij wandtegels en vier tot zeven kilo bij vloertegels; bij grote formaten vanaf 60 bij 60 centimeter loopt dat op naar acht tot tien kilo. Voegmiddel: een halve tot anderhalve kilo per vierkante meter, sterk afhankelijk van de voegbreedte en de tegeldikte. Voor een badkamer van twaalf vierkante meter wand kom je daarmee uit op ongeveer veertien vierkante meter tegels, vijftig kilo lijm en tien kilo voegmiddel.
1× bekeken
- energie
Hoeveel van je zonnestroom gebruik je zelf
Een huishouden zonder thuisbatterij en zonder sturing gebruikt in de praktijk 25 tot 35 procent van de opgewekte stroom op het moment dat hij wordt opgewekt. De rest gaat het net op. Dat aandeel heet zelfverbruik en het is met het verdwijnen van de salderingsregeling per 1 januari 2027 het getal dat de opbrengst bepaalt. Een kilowattuur die je zelf gebruikt, bespaart je het volle leveringstarief; een kilowattuur die je teruglevert, levert de terugleververgoeding op, en dat verschil is een veelvoud. Reken het als volgt: neem je jaarlijkse opwek in kilowattuur, trek daar de teruglevering van af die op je jaarafrekening staat, en deel de uitkomst door de opwek. Dat is je zelfverbruikspercentage. Wie zijn wasmachine, vaatwasser, boiler en laadpaal naar de middaguren verschuift, tilt dat aandeel naar 40 tot 55 procent zonder één euro te investeren. Dat is de goedkoopste maatregel die er in dit hele onderwerp bestaat.
1× bekeken
- ventilatie
Hoeveel ventilatie heeft je woning nodig
Voor nieuwbouw geldt in het Besluit bouwwerken leefomgeving een eis van 0,7 dm³ per seconde per vierkante meter vloeroppervlak voor een verblijfsruimte, met een ondergrens van 7 dm³ per seconde per ruimte. Een kamer tot tien vierkante meter komt daardoor altijd op die ondergrens uit. Daarnaast gelden vaste waarden: 7 dm³/s voor een toiletruimte, 14 dm³/s voor een badruimte en 21 dm³/s voor de ruimte waar het kooktoestel staat. Reken om naar de eenheid op je ventilatiebox door te vermenigvuldigen met 3,6. Een badkamer van 14 dm³/s vraagt dus ongeveer 50 kubieke meter per uur.
1× bekeken
- afwerking
Hoeveel verf heb je nodig
Reken voor muurverf op 10 tot 12 vierkante meter per liter per laag op een ondergrond die al geschilderd is, en op 6 tot 8 vierkante meter per liter op nieuw of poreus stucwerk. Voor lakverf op houtwerk: 12 tot 14 vierkante meter per liter per laag. Twee lagen is de norm, geen uitzondering. Tel daar tien procent bij op voor wat er in de bak achterblijft, op de roller zit en bij het bijwerken opgaat. Voor een gemiddelde woonkamer van vier bij vijf meter met een plafondhoogte van 2,60 meter kom je daarmee uit op negen tot dertien liter muurverf voor de wanden in twee lagen.
1× bekeken
- elektra
Hoeveel vermogen heeft je meterkast nog over
De standaardaansluiting van een Nederlandse woning is 1 fase van 35 ampère, en dat komt neer op ongeveer 8 kilowatt. Een aansluiting van 3 × 25 ampère levert ongeveer 17 kilowatt, en 3 × 35 ampère ongeveer 24. Tel op wat er tegelijk aan kan staan. Een inductiekookplaat vraagt 3 tot 7 kilowatt, een warmtepomp 2 tot 6, een laadpaal 3,7 tot 11, een droger 2 tot 3, en een vaatwasser 2. Bij een aansluiting van 1 × 35 is de rek er al uit met inductie plus een laadpaal. De rekenregel voor het omrekenen: vermogen in watt is spanning maal stroom, dus 230 volt maal 35 ampère is ongeveer 8.000 watt bij één fase.
1× bekeken
- vloeren
Hoeveel vloer en ondervloer heb je nodig
Neem het vloeroppervlak en tel er snijverlies bij op: vijf procent bij recht leggen, zeven procent bij halfsteens verband en twaalf procent bij diagonaal of visgraat. Bij een kleine of onregelmatig gevormde ruimte komt daar nog drie procent bij. Ondervloer reken je op het kale vloeroppervlak plus vijf procent. Plinten reken je op de omtrek min de deurbreedtes, plus vijf procent. Voor een kamer van vier bij vijf meter die recht wordt gelegd, koop je dus 21 vierkante meter vloer — en dat rond je naar boven af op hele pakken.
1× bekeken
- verduurzaming
Hoeveel zonnepanelen passen op je dak, en wat leveren ze op
Een gangbaar paneel meet ongeveer 1,75 bij 1,13 meter, dus bijna twee vierkante meter, en levert 400 tot 450 wattpiek. Op een schuin dakvlak passen de panelen dicht op elkaar; op een plat dak in oost-westopstelling reken je op ongeveer drie vierkante meter dakvlak per paneel vanwege de onderlinge afstand. Voor de opbrengst geldt in Nederland een vuistregel: 850 tot 950 kilowattuur per kilowattpiek per jaar bij een zuidgerichte opstelling onder een hellingshoek van dertig tot vijfendertig graden. Tien panelen van 430 wattpiek is 4,3 kilowattpiek, en dat levert dus ongeveer 3.700 tot 4.100 kilowattuur per jaar. Dat is meer dan het verbruik van een gemiddeld huishouden — en juist daarom is de vraag niet hoeveel er passen maar hoeveel er nuttig zijn.
2× bekeken
Toon 6 rekenhulpen meer25 van 31 getoond · pagina 2 van 3
Wat staat hier?
- Rekent de site het voor mij uit?
- Bij een deel wel; bij de rest staat de rekenregel met een uitgewerkt voorbeeld. Waar een uitkomst afhangt van iets wat wij niet kunnen weten, geven we geen getal.
- Hoeveel snijverlies moet ik rekenen?
- Dat verschilt per materiaal en per legpatroon, en het staat bij elke hulp apart genoemd. Het is de post die het vaakst wordt vergeten.
- Kan ik hierop een bestelling baseren?
- Als richtgetal ja, als laatste controle nee. Meet de ruimte zelf op en tel de restanten mee; een rekenhulp kent jouw hoeken niet.
Verder kijken
Prijsgidsen
Wat het ongeveer kost, met peildatum
100 prijsgidsen
Stappenplannen
Wat je doet, en in welke volgorde
186 stappenplannen
Koopgidsen
Welke moet je hebben, en waarom
48 koopgidsen