Hoeveel zonnepanelen passen op je dak, en wat leveren ze op
Gecontroleerd op 4 september 2026
Het korte antwoord
Een gangbaar paneel meet ongeveer 1,75 bij 1,13 meter, dus bijna twee vierkante meter, en levert 400 tot 450 wattpiek. Op een schuin dakvlak passen de panelen dicht op elkaar; op een plat dak in oost-westopstelling reken je op ongeveer drie vierkante meter dakvlak per paneel vanwege de onderlinge afstand.
Voor de opbrengst geldt in Nederland een vuistregel: 850 tot 950 kilowattuur per kilowattpiek per jaar bij een zuidgerichte opstelling onder een hellingshoek van dertig tot vijfendertig graden. Tien panelen van 430 wattpiek is 4,3 kilowattpiek, en dat levert dus ongeveer 3.700 tot 4.100 kilowattuur per jaar.
Dat is meer dan het verbruik van een gemiddeld huishouden — en juist daarom is de vraag niet hoeveel er passen maar hoeveel er nuttig zijn.
Wat je nodig hebt om te rekenen
De bruikbare maten van het dakvlak: lengte en breedte, min de dakramen, schoorstenen, ontluchtingspijpen en de randafstand die de installateur aanhoudt.
De oriëntatie van het dak: zuid, zuidwest, oost, west. Bij een plat dak bepaal je de opstelling zelf.
De hellingshoek van het dak in graden.
Beschaduwing: bomen, een dakkapel, een schoorsteen, een hoger gebouw ernaast. Eén beschaduwd paneel trekt bij een reeks zonder optimizers de hele reeks omlaag.
je jaarverbruik in kilowattuur. Dat staat op de jaarafrekening.
De draagkracht van de dakconstructie, bij een plat dak of bij een oudere kapconstructie.
Zo reken je het uit
Onderdeel
Waarde
Opmerking
Paneelafmeting, gangbaar
1,75 × 1,13 m
Ongeveer 2 m²
Vermogen per paneel
400 – 450 Wp
Loopt op met elke generatie
Ruimtebeslag schuin dak
2,0 – 2,2 m² per paneel
Aaneengesloten gelegd
Ruimtebeslag plat dak, oost-west
2,8 – 3,2 m² per paneel
Onderlinge afstand tegen schaduw
Ruimtebeslag plat dak, zuid
3,5 – 4,5 m² per paneel
Grotere onderlinge afstand nodig
Opbrengst per kWp per jaar, zuid 30–35°
850 – 950 kWh
Nederlandse vuistregel
Opbrengst zuidoost of zuidwest
95 % van zuid
Nauwelijks verschil
Opbrengst oost of west
80 – 85 % van zuid
Wel gunstiger verbruiksprofiel
Opbrengst plat dak, oost-west
85 – 90 % van zuid
Meer panelen per m² compenseert
Gewicht schuin dak, per paneel
12 – 15 kg
Inclusief bevestiging
Gewicht plat dak met ballast
25 – 45 kg/m²
Altijd laten berekenen
De rekenregel. Bruikbaar dakoppervlak gedeeld door het ruimtebeslag per paneel geeft het aantal panelen. Aantal panelen maal het vermogen per paneel gedeeld door duizend geeft het vermogen in kilowattpiek. Dat maal de opbrengst per kilowattpiek, maal de factor voor de oriëntatie, geeft de jaaropbrengst.
Rekenvoorbeeld. Een schuin achterdakvlak van 8,00 bij 4,00 meter op het zuidwesten, hellingshoek 40 graden, met één dakraam van 1,00 bij 1,20 meter en een randafstand van 30 centimeter rondom.
- bruto dakvlak: 8,00 × 4,00 = 32,00 m²
- min randafstand: (8,00 − 0,60) × (4,00 − 0,60) = 7,40 × 3,40 = 25,16 m²
- min dakraam met vrije ruimte: −2,00 m² = 23,16 m²
- aantal panelen: 23,16 ÷ 2,1 = 11,0 → 11 panelen
- vermogen: 11 × 430 = 4.730 Wp = 4,73 kWp
- opbrengst zuid: 4,73 × 900 = 4.257 kWh
- correctie zuidwest, 95 %: ongeveer 4.000 kWh per jaar
Bij een jaarverbruik van 3.200 kilowattuur wek je dus meer op dan je gebruikt. Of dat verstandig is, hangt af van wat je voor teruggeleverde stroom krijgt — en dat is sinds het aflopen van de salderingsregeling de vraag die de hele berekening stuurt.
| Onderdeel | Waarde | Opmerking |
|---|---|---|
| Paneelafmeting, gangbaar | 1,75 × 1,13 m | Ongeveer 2 m² |
| Vermogen per paneel | 400 – 450 Wp | Loopt op met elke generatie |
| Ruimtebeslag schuin dak | 2,0 – 2,2 m² per paneel | Aaneengesloten gelegd |
| Ruimtebeslag plat dak, oost-west | 2,8 – 3,2 m² per paneel | Onderlinge afstand tegen schaduw |
| Ruimtebeslag plat dak, zuid | 3,5 – 4,5 m² per paneel | Grotere onderlinge afstand nodig |
| Opbrengst per kWp per jaar, zuid 30–35° | 850 – 950 kWh | Nederlandse vuistregel |
| Opbrengst zuidoost of zuidwest | 95 % van zuid | Nauwelijks verschil |
| Opbrengst oost of west | 80 – 85 % van zuid | Wel gunstiger verbruiksprofiel |
| Opbrengst plat dak, oost-west | 85 – 90 % van zuid | Meer panelen per m² compenseert |
| Gewicht schuin dak, per paneel | 12 – 15 kg | Inclusief bevestiging |
| Gewicht plat dak met ballast | 25 – 45 kg/m² | Altijd laten berekenen |
Waar het misgaat
Er wordt gerekend op wat er past in plaats van op wat je verbruikt. Sinds de salderingsregeling is afgeschaft, levert teruggeleverde stroom aanzienlijk minder op dan bespaarde stroom. Een dak volleggen is niet meer vanzelfsprekend het beste antwoord; afstemmen op eigen verbruik, eventueel met een thuisbatterij of een warmtepomp, wel.
De randafstand wordt vergeten. Panelen liggen niet tot aan de dakrand: er is ruimte nodig voor de bevestiging en tegen windbelasting bij de randen. Dat scheelt al snel twee panelen.
Beschaduwing wordt onderschat. Een schoorsteen die in de winter een schaduw over drie panelen legt, kost bij een reeks zonder optimizers meer dan die drie panelen.
De draagkracht wordt niet berekend. Bij een plat dak met ballast komt er tientallen kilo's per vierkante meter bij, en dat is bij een lichte dakconstructie of een uitbouw geen vanzelfsprekendheid.
Het dak wordt niet eerst beoordeeld. Panelen gaan vijfentwintig jaar mee; dakbedekking niet altijd. Panelen op een dak dat over acht jaar vervangen moet worden, betekent twee keer demonteren en monteren.
Bij een asbestdak wordt gewoon geboord. Dat is de duurste fout op deze pagina en zij is verboden.
Wat dit voor jou betekent
Woningeigenaar. Twee besluiten. Laat de dakbedekking beoordelen vóór de panelen erop gaan — dat is een inspectie van enkele honderden euro's tegenover twee keer demontagekosten. En reken op eigen verbruik en niet op dakoppervlak; de rekensom is sinds het verdwijnen van de salderingsregeling wezenlijk veranderd.
Bij een woning van vóór 1994 met golfplaten op de schuur of de aanbouw: eerst asbestonderzoek, dan pas panelen.
VvE. Het dak is gemeenschappelijk. Zonnepanelen op het dak van een appartementengebouw vragen een besluit van de vergadering, en de vraag wie ze bezit en wie de opbrengst krijgt, moet vóór dat besluit beantwoord zijn. Er bestaan aparte subsidie- en financieringsregelingen voor VvE's.
Twee punten voor een bestuur. Laat de constructie en de dakbedekking beoordelen voordat de vergadering stemt, want een positief besluit dat achteraf constructief niet kan, kost geloofwaardigheid. En leg de verdeling van opbrengst en onderhoud vast in het besluit zelf, niet in een gesprek achteraf.
Huurder. Panelen op een huurwoning zijn een investering in het bezit van een ander. Corporaties bieden ze vaak aan tegen een servicekostenvergoeding; reken dan uit of die vergoeding lager is dan je besparing, want dat is niet vanzelf zo.
Zelfbouwer. Neem de panelen mee in het dakontwerp: dakhaken onder de pannen, een leidingroute naar de meterkast en een omvormerplaats die bereikbaar blijft.
Koper. Vraag bij een woning met panelen naar het bouwjaar van de installatie, de garantie en of de panelen zijn gekocht of gehuurd. Een leaseconstructie gaat mee met de woning.
Vakman. Geef de opbrengst per oriëntatie en hellingshoek op en niet één getal per kilowattpiek. Oost-west levert per paneel minder op en past vaak beter bij het verbruikspatroon.
VvE-beheerder. Bepaal eerst wie eigenaar wordt van een installatie op een gemeenschappelijk dak en hoe de opbrengst wordt verdeeld. Dat besluit gaat vooraf aan de techniek.
Zie voor meer informatie
- Teruglopende opbrengst van zonnepanelenGebrek
- Lekkage bij zonnepanelen of dakhakenGebrek
- Asbestverdacht materiaal in de woningGebrek
- Te weinig netcapaciteitGebrek
- Is je dak geschikt voor zonnepanelenChecklist
- Zonnepanelen losnemen, het dak herstellen en terugplaatsenWerkomschrijving
- Wat kosten zonnepanelen?Prijsgids
Ervaringen van anderen
We slaan alleen je antwoord op, en je toelichting als je die geeft. Geen naam, geen e-mailadres.