De cv-installatie: hoe hij werkt en waarom de instelling meer doet dan de ketel
Een cv is een gesloten waterkring: een toestel verwarmt water, een pomp stuwt het rond, radiatoren geven de warmte af. Wat het verbruik bepaalt is niet zozeer het toestel maar de instelling — een goed ingestelde oude ketel verbruikt vaak minder dan een verkeerd ingestelde nieuwe. Een hoogrendementsketel haalt zijn rendement uit het condenseren van waterdamp in de rookgassen, en dat gebeurt alleen als de retour onder ongeveer 55 graden blijft; een ketel op 80 graden aanvoer condenseert nauwelijks. De weersafhankelijke regeling levert het meeste op en blijft het vaakst op de fabriekswaarde staan. Blijf nooit bijvullen zonder de oorzaak te zoeken: vers water brengt zuurstof in de installatie.

Waar gaat het over?
Een centrale verwarming is een gesloten waterkring: een toestel verwarmt water, een pomp stuwt het rond, en radiatoren of vloerverwarming geven de warmte af aan de kamers. Dat is het hele principe.
Wat het verbruik bepaalt, is niet zozeer het toestel maar de instelling: de aanvoertemperatuur, de stooklijn, de regeling en de vraag of de installatie waterzijdig is ingeregeld. Een goed ingestelde oude ketel verbruikt vaak minder dan een verkeerd ingestelde nieuwe.
Hoe ontstaat het?
Het toestel verwarmt water tot de ingestelde aanvoertemperatuur. Dat water gaat via de aanvoerleiding naar de afgiftepunten, geeft daar warmte af, en komt kouder terug via de retour.
Het verschil tussen aanvoer en retour heet de delta-t. Bij een goed ingeregelde installatie ligt die rond de tien tot twintig graden bij radiatoren. Is het verschil klein, dan stroomt er te veel water door en wordt de retour te warm; is het groot, dan stroomt er te weinig door.
Bij een hoogrendementsketel is die retourtemperatuur bepalend. De ketel haalt zijn rendement uit het condenseren van de waterdamp in de rookgassen, en dat gebeurt alleen als de retour onder ongeveer vijfenvijftig graden blijft. Een ketel die op tachtig graden aanvoer draait, condenseert nauwelijks en levert dus niet het rendement waarvoor hij is gekocht.
De weersafhankelijke regeling verlaagt de aanvoertemperatuur bij mildere buitentemperaturen, volgens een stooklijn. Dat is de instelling die het meeste oplevert en die het vaakst op de fabriekswaarde blijft staan.
Waterzijdig inregelen betekent dat per radiator de doorstroming is afgesteld op de warmtebehoefte van die ruimte. Zonder inregeling gaat het meeste water naar de kortste kring, en dan wordt één kamer te warm en een andere niet warm.
Hoe herken je het?
Kijk op de ketel welke aanvoertemperatuur is ingesteld. Staat die op zeventig of tachtig graden, dan is er vrijwel altijd winst te halen.
Voel aan de radiatoren wanneer de verwarming een uur draait. Worden ze allemaal ongeveer even warm, dan is de installatie redelijk in balans. Blijft er één koud terwijl een andere gloeit, dan is er niet ingeregeld.
Voel aan boven- en onderzijde van een radiator. Bovenin warm en onderin koud is normaal; bovenin koud is lucht; overal even warm betekent dat er te veel water doorheen gaat.
Kijk hoe vaak de ketel aanslaat bij milde buitentemperaturen. Een ketel die elke paar minuten aan en uit gaat, schakelt kortcyclisch; dat kost rendement en levensduur.
Kijk naar de waterdruk op de manometer. Bij een koude installatie hoort die tussen ongeveer anderhalve en twee bar te staan, afhankelijk van de hoogte van de woning.
Kijk of er thermostatische radiatorkranen zitten en of die op een zinnige stand staan. Kranen die allemaal wijd open staan, maken de kamerthermostaat de enige regeling die er is.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf doen: de aanvoertemperatuur aflezen en stapsgewijs verlagen, en het effect over een week beoordelen.
Zelf doen: radiatoren ontluchten en de waterdruk controleren en bijvullen.
Zelf doen: de test op vijftig graden aanvoer uitvoeren in een koude periode; dat vertelt of je woning geschikt is voor lage temperatuur.
Zelf doen: leidingen in onverwarmde ruimten isoleren.
Zelf doen: thermostatische radiatorkranen instellen per ruimte in plaats van alles wijd open.
Niet zelf doen: waterzijdig inregelen bij een installatie zonder inregelbare kranen.
Niet zelf doen: werk aan de ketel, de gasleiding of de rookgasafvoer.
Wat je nooit moet doen: blijven bijvullen zonder de oorzaak te zoeken. Vers water brengt zuurstof in de installatie en dat tast hem aan; een drukverlies heeft een reden.
Regels en regelgeving
Werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties mogen alleen worden uitgevoerd door een gecertificeerd bedrijf. Dat geldt voor plaatsing, onderhoud en aanpassing van de ketel en van de rookgasafvoer.
Voor de rookgasafvoer gelden eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving, onder meer over de plaats van de uitmonding en de afstand tot te openen ramen.
Onderhoud aan een cv-ketel is voor een eigenaar niet wettelijk verplicht, maar verzekeraars kunnen er bij schade naar vragen. Bij een huurwoning ligt het onderhoud bij de verhuurder.
Een koolmonoxidemelder is niet verplicht, maar wordt bij elk verbrandingstoestel dringend aangeraden.
Bij collectieve installaties en blokverwarming gelden regels over individuele meting en over de afrekening. Tarieven en methode wijzigen; controleer bij de Autoriteit Consument en Markt.
Voor nieuwbouw geldt dat een gasaansluiting niet meer standaard wordt gerealiseerd; de warmtevoorziening wordt anders opgelost.
Wat betekent dit voor jou?
- woningeigenaar
- verlaag de aanvoertemperatuur stapsgewijs en kijk of de woning warm blijft. Dat kost niets en het is de maatregel met de kortste terugverdientijd die er bestaat.
- koper
- vraag naar het bouwjaar van de ketel, naar het onderhoudsrapport en naar het inregelrapport. Dat laatste is er meestal niet, en dat verklaart vaak de energierekening.
- huurder
- de ketel en het onderhoud zijn voor de verhuurder. Ontluchten en de druk bijvullen mag je zelf doen.
- vve
- VvE-lidbij een collectieve installatie is de aanvoertemperatuur een collectieve instelling. Verlagen kan alleen wanneer alle woningen daarop zijn voorbereid.
- zelfbouwer
- ontwerp de afgifte op lage temperatuur. Dat maakt elke latere stap naar een warmtepomp eenvoudig.
- klusser
- ontluchten, bijvullen en leidingen isoleren kun je zelf; alles achter de ketelmantel niet.
Checklist
- Welke aanvoertemperatuur staat er ingesteld?
- Staat er een weersafhankelijke regeling aan?
- Is de thermostaat modulerend of aan-uit?
- Worden alle radiatoren ongeveer even warm?
- Is de installatie ooit waterzijdig ingeregeld?
- Wat is de waterdruk bij een koude installatie?
- Zakt de druk in de loop van weken?
- Wanneer is de installatie voor het laatst onderhouden en is er een rapport?
- Zijn de leidingen in onverwarmde ruimten geïsoleerd?
- Hangt er een koolmonoxidemelder in de ruimte met het toestel?
Veelgestelde vragen
Wat is delta-t?
Waarom is een lage retourtemperatuur belangrijk?
Hoe test ik of mijn woning op lage temperatuur kan?
Waarom slaat mijn ketel steeds aan en uit?
Wat betekent een radiator die bovenin koud is?
Mag ik zelf aan de ketel werken?
Ik koop een woning, wat vraag ik over de cv?
Zie voor meer informatie
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.