Over de bron gaat het meeste gesprek; de afgifte bepaalt of het werkt. Een radiator geeft warmte af op basis van het verschil tussen het water erin en de kamerlucht, en dat verband is niet lineair: halveer je het temperatuurverschil, dan daalt de afgifte met méér dan de helft. Een radiator die bij zeventig graden voldeed, levert bij vijftig graden ruwweg de helft van wat je nodig hebt. Vloerverwarming werkt andersom, met een groot oppervlak en een lage temperatuur, maar de afgifte per vierkante meter is begrensd — als enige bron dus alleen toereikend in een goed geïsoleerde woning. De vloerafwerking is daarbij een ontwerpgegeven, geen smaakkwestie achteraf.

Waar gaat het over?
Een verwarmingsinstallatie bestaat uit een bron en een afgifte. Over de bron gaat het meeste gesprek; de afgifte bepaalt of het werkt. Een warmtepomp op te kleine radiatoren presteert slecht, en een vloerverwarming onder een dik tapijt geeft zijn warmte niet af.
Dit artikel gaat over de manier waarop radiatoren en vloerverwarming warmte afgeven, over het verband met de aanvoertemperatuur, en over de vraag hoe je vaststelt of je afgifte toereikend is voor een lagere temperatuur.
Hoe ontstaat het?
Een radiator geeft warmte af op twee manieren: door straling naar de omringende oppervlakken, en door convectie, waarbij lucht langs de radiator opwarmt en gaat circuleren. Bij een paneelradiator met lamellen is convectie het grootste deel.
De afgifte hangt af van het temperatuurverschil tussen het water en de kamerlucht. Bij een lagere aanvoertemperatuur is dat verschil kleiner en geeft dezelfde radiator dus minder warmte af. Bij een halvering van het temperatuurverschil daalt de afgifte met meer dan de helft, want het verband is niet lineair.
Dat is precies waarom lage temperatuur grotere radiatoren of meer oppervlak vraagt. Een radiator die bij zeventig graden aanvoer voldoende was, is bij vijftig graden ruwweg de helft van wat je nodig hebt.
Vloerverwarming werkt met een groot oppervlak en een lage temperatuur. Bij een vloertemperatuur die uit comfort- en gezondheidsoverwegingen beperkt blijft, is de afgifte per vierkante meter begrensd. Daarom is vloerverwarming als enige bron alleen toereikend in een goed geïsoleerde woning.
De vloerafwerking bepaalt hoeveel er doorkomt. Tegels geleiden goed; hout en dikke ondervloeren remmen. Bij vloerverwarming is de warmteweerstand van de afwerking dus een ontwerpgegeven en geen smaakkwestie achteraf.
Hoe herken je het?
Kijk naar het type en de maat van je radiatoren: hoogte, lengte en het aantal platen en lamellen. Op de zijkant staat vaak een typeaanduiding waaruit het vermogen is af te leiden.
Doe de test op vijftig graden aanvoer, een week lang in een koude periode. Blijft de woning warm, dan is je afgifte toereikend voor lage temperatuur. Blijft één ruimte achter, dan is dat één radiator en geen bezwaar tegen het hele plan.
Voel welke ruimtes achterblijven. Een noordkamer, een kamer boven een onverwarmde garage of een kamer met veel glas heeft meer nodig.
Kijk of radiatoren zijn ingebouwd, achter een ombouw zitten of achter een gordijn hangen. Elk van die drie kost een merkbaar deel van de afgifte.
Kijk bij vloerverwarming naar het aantal en de lengte van de kringen, en naar de vloerafwerking. Een verdeler zonder labels en zonder inregeling is de meest voorkomende situatie.
Vraag om een warmteverliesberekening per vertrek wanneer je een offerte krijgt. Zonder die berekening is elk advies over afgifte een aanname.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf doen: de test op vijftig graden aanvoer uitvoeren en per ruimte noteren wat er gebeurt.
Zelf doen: de radiatoren opmeten en het type noteren.
Zelf doen: ombouwen, gordijnen en meubels weghalen die de afgifte blokkeren.
Zelf doen: radiatoren ontluchten en de kranen per ruimte instellen.
Zelf doen: bij vloerverwarming de kringen labelen en de verdeler inregelen.
Niet zelf doen: een warmteverliesberekening maken.
Niet zelf doen: radiatoren vervangen aan een gevulde installatie zonder ervaring.
Wat je nooit moet doen: een warmtepomp bestellen zonder te weten welke aanvoertemperatuur je woning nodig heeft. Dat is de fout die het vaakst tot teleurstelling leidt.
Regels en regelgeving
Er is geen wettelijke eis aan de afgiftetemperatuur van een verwarmingsinstallatie in een bestaande woning. De eisen gaan over de energieprestatie van het geheel bij nieuwbouw.
Voor subsidie op een warmtepomp gelden eisen aan het toestel en aan de installateur, en soms wordt een warmteverliesberekening gevraagd. Controleer bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.
Bij een appartement stelt het splitsingsreglement vrijwel altijd een eis aan de contactgeluidisolatie van harde vloerbedekking. Dat raakt de keuze van de vloerafwerking bij vloerverwarming.
Bij het infrezen van vloerverwarming in een dekvloer kan die dekvloer gemeenschappelijk zijn; controleer de akte.
Bij blokverwarming ligt de aanvoertemperatuur vast bij de collectieve installatie. Individuele stappen naar lage temperatuur hebben dan alleen zin in samenhang met een collectief besluit.
Voor de veiligheid van vloerverwarming in natte ruimten gelden bij elektrische systemen de bepalingen van NEN 1010.
Wat betekent dit voor jou?
- woningeigenaar
- doe eerst de test op vijftig graden. Die bepaalt of je met de bestaande afgifte verder kunt en welke ruimtes aandacht vragen.
- koper
- een woning met vloerverwarming en een goede isolatie is voorbereid op lage temperatuur; een woning met kleine radiatoren uit de jaren tachtig niet.
- huurder
- de radiatoren zijn onderdeel van de woning en dus voor de verhuurder. Radiatorkranen instellen mag je zelf.
- vve
- VvE-lidbij een collectieve installatie is de afgifte in de woningen individueel en de bron collectief. Een plan voor lage temperatuur begint bij de woningen en niet bij de ketel.
- zelfbouwer
- ontwerp op een aanvoertemperatuur van vijfendertig graden. Dan is elke bron mogelijk en blijft de installatie zuinig.
- klusser
- haal ombouwen weg en zet meubels niet voor de radiator. Dat kost niets en levert direct afgifte op.
Checklist
- Welke aanvoertemperatuur heeft je woning nodig, gemeten met de test?
- Welke ruimtes blijven achter bij vijftig graden?
- Wat zijn het type en de maat van elke radiator?
- Zitten er radiatoren achter een ombouw, een gordijn of een meubel?
- Is de installatie waterzijdig ingeregeld?
- Bij vloerverwarming: hoeveel kringen zijn er en hoe lang zijn ze?
- Wat is de vloerafwerking en wat is de warmteweerstand daarvan?
- Is er een warmteverliesberekening per vertrek?
- Is er ruimte om radiatoren te vergroten?
- Wat is de volgorde: eerst isoleren of eerst afgifte vergroten?
Veelgestelde vragen
Waarom werkt mijn radiator slechter bij lage temperatuur?
Wat is de test op vijftig graden?
Waarom is vloerverwarming geschikt voor lage temperatuur?
Kost een ombouw echt afgifte?
Welke ruimtes blijven meestal achter?
Moet ik alle radiatoren vervangen?
Ik huur, wat mag ik?
Zie voor meer informatie
- Warmtepomp bestaande radiatorenKennisbank
- Werkomschrijving vloerverwarming aanbrengenWerkomschrijving
- Lagere aanvoertemperatuur en de keteltestKennisbank
- Cv-installatie hoe werkt hijKennisbank
- Vloerverwarmingsverdeler inregelenStappenplan
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.