Naar de inhoud

Dit is een bètaversie van Builddocs. Je kunt alles bekijken, maar aanmelden en een abonnement afsluiten kan nog niet.

Kennisbank

Lagere aanvoertemperatuur en de keteltest

Onderwerp Energie

Bijgewerkt 9 september 2026 · 7 minuten lezen · gecontroleerd door de redactie op 4 september 2026
Reageren

De test kost niets en beantwoordt de duurste vraag: kan deze woning met een lage aanvoertemperatuur warm worden? Zet op een koude dag de maximale aanvoertemperatuur op vijftig graden, laat het een etmaal staan, en kijk of elke ruimte op temperatuur komt. Slaagt de woning, dan is zij geschikt voor een warmtepomp en verstookt de ketel intussen minder gas. Zakt één ruimte weg, dan is dat zelden de ketel. Het is de verdeling over de radiatoren, de maat van één radiator, of de schil van die ene ruimte. De test kost € 0. Waterzijdig inregelen kost € 300 tot € 800, een grotere radiator € 150 tot € 600 per stuk inclusief montage. Prijspeil augustus 2026.

Iemand stelt het bedieningspaneel van een cv-ketel in
Beeld: Envato Elements

Waar gaat het over?

Bij vrijwel elke stap richting een warmtepomp komt dezelfde vraag terug: is de woning geschikt. Adviseurs, installateurs en subsidieregelingen vragen ernaar, en het antwoord bepaalt of een warmtepomp werkt of teleurstelt.

Die vraag is met een test te beantwoorden die je zelf kunt doen en die niets kost. Dit artikel legt uit hoe de test werkt, wat de uitkomst betekent, en wat je doet als een ruimte niet meekomt.

Het gaat ook over de winst die de lagere temperatuur nu al oplevert, ook als er voorlopig geen warmtepomp komt.

Hoe ontstaat het?

Een radiator geeft warmte af op grond van het verschil tussen de temperatuur van het water en de temperatuur van de lucht in de ruimte. Wordt dat verschil kleiner, dan daalt de afgifte, en zij daalt sterker dan het temperatuurverschil zelf.

Dat is de reden dat een woning met kleine radiatoren op negentig graden warm wordt en op vijftig graden niet. Er is niets kapot; er is te weinig afgevend oppervlak voor die temperatuur.

Er zijn drie manieren om dat op te lossen. Meer oppervlak, dus een grotere radiator of een extra radiator. Minder warmtevraag, dus isoleren en kieren dichten. Of een betere verdeling, zodat het water gaat waar het nodig is.

Die derde is de goedkoopste en wordt het vaakst overgeslagen. In een installatie die nooit is ingeregeld, gaat het meeste water door de radiator met de minste weerstand, meestal die het dichtst bij de ketel zit. De verste ruimte blijft achter, en dat valt op negentig graden niet op.

Een cv-ketel met condensatietechniek haalt bovendien meer rendement bij een lagere retourtemperatuur, omdat de waterdamp in de rookgassen dan werkelijk condenseert. Op een hoge aanvoertemperatuur gebeurt dat maar een deel van de tijd.

Een weersafhankelijke regeling met een buitenvoeler bepaalt de aanvoertemperatuur uit de buitentemperatuur, volgens een ingestelde stooklijn. Die regeling doet in de winter automatisch wat je met de test handmatig nabootst.

Hoe herken je het?

Kies een koude dag. De test zegt niets bij tien graden buiten; je wilt weten wat er gebeurt als het vriest of daar in de buurt komt.

Zet in het ketelmenu de maximale aanvoertemperatuur voor verwarming op vijftig graden. Dat is een andere instelling dan de temperatuur voor warm tapwater; die laat je met rust.

Zet de thermostaat op de temperatuur die je gewoonlijk aanhoudt en laat de nachtverlaging uit. Een woning die 's nachts afkoelt, moet 's ochtends inhalen, en dat is precies wat op lage temperatuur niet lukt.

Laat het een etmaal staan, en liever twee. Een woning reageert traag en de eerste uren zeggen weinig.

Meet in elke ruimte de temperatuur, op ongeveer anderhalve meter hoogte, midden in de ruimte, niet naast de radiator en niet tegen een buitenmuur.

Noteer per ruimte de gemeten temperatuur, de buitentemperatuur en de stand van de thermostaat. Zonder die drie is de uitkomst niet te beoordelen.

Blijft één ruimte achter, voel dan aan die radiator. Boven warm en onderaan koud wijst op lucht; helemaal koud terwijl de rest warm is wijst op de verdeling.

Wat kun je zelf doen, en wat niet?

Zelf doen: de maximale aanvoertemperatuur in het ketelmenu op vijftig graden zetten.

Zelf doen: de nachtverlaging uitzetten voor de duur van de test.

Zelf doen: per ruimte meten en de waarden noteren met de buitentemperatuur erbij.

Zelf doen: radiatoren ontluchten.

Zelf doen: controleren of de ketel in het menu een buitentemperatuur toont; zo ja, dan is er een buitenvoeler.

Niet zelf doen: de brander afstellen of aan de gasinstallatie werken.

Niet zelf doen: de doorstroming per radiator berekenen en de voetventielen instellen zonder de benodigde gegevens.

Wat je nooit moet doen: op grond van één koude ochtend concluderen dat de woning ongeschikt is. Laat de test minstens een etmaal staan en kijk of de verdeling het probleem is voordat je een radiator vervangt.

Regels en regelgeving

Voor de test zelf gelden geen regels. Het is een instelling in je eigen toestel en je kunt hem op elk moment terugzetten.

Werk aan een gasverbrandingsinstallatie mag sinds 1 april 2023 alleen worden uitgevoerd door een bedrijf met het wettelijk verplichte certificaat. Het wijzigen van een instelling in het menu valt daar niet onder; het vervangen of afstellen van de brander wel.

Subsidieregelingen voor een warmtepomp stellen eisen aan het toestel en aan de installatie. De geschiktheid van de woning is geen voorwaarde in de regeling, maar wel bepalend voor het resultaat.

Bij een huurwoning is de verwarmingsinstallatie een zaak van de verhuurder. Werkt een installatie niet naar behoren, dan staat dat in de gebrekenlijst die de Huurcommissie hanteert.

Voor het waterzijdig inregelen bestaan uitvoeringsrichtlijnen van de branche. Vraag om een rapport met de ingestelde waarden per radiator; zonder dat rapport is achteraf niet vast te stellen wat er is gedaan.

In een VvE met een collectieve installatie is de aanvoertemperatuur een zaak van de vereniging. Wijzigen raakt alle woningen en hoort via de vergadering te lopen.

Wat betekent dit voor jou?

woningeigenaar
Woningeigenaar die over een warmtepomp denktdoe deze test voordat je een adviseur laat komen. De uitkomst maakt het gesprek concreet en het scheelt een adviesronde.
woningeigenaar
Woningeigenaar zonder warmtepompplannende test is alsnog de moeite waard. Slaagt de woning, dan verstookt je ketel op vijftig graden minder gas bij hetzelfde comfort.
huurder
je mag de instelling niet altijd zelf wijzigen, en je kunt wel meten en melden. Metingen met datum, ruimte en buitentemperatuur maken van een klacht een gegeven.
vve
VvE-lid met een collectieve ketelbreng het in de vergadering in. De winst is er voor het hele complex en de test is met één instelling te doen.
zelfbouwer
ontwerp op een lage aanvoertemperatuur en leg die vast in het bestek, met de afgifte per ruimte. Achteraf een radiator vergroten is duurder dan hem meteen goed kiezen.
klusser
ontluchten en de kranen doormeten kun je zelf; het instellen van een voetventiel per radiator vraagt om een berekening van de gewenste doorstroming.

Checklist

  • Is het buiten koud genoeg om iets te kunnen concluderen?
  • Staat de maximale aanvoertemperatuur voor verwarming op vijftig graden?
  • Is de instelling voor warm tapwater ongemoeid gelaten?
  • Staat de nachtverlaging uit?
  • Loopt de test minstens een etmaal?
  • Is er per ruimte gemeten op anderhalve meter, midden in de ruimte?
  • Zijn de buitentemperatuur en de thermostaatstand genoteerd?
  • Welke ruimte blijft achter, en met hoeveel graden?
  • Is die radiator boven warm en onderaan koud, of helemaal koud?
  • Is de installatie ooit waterzijdig ingeregeld, en is daar een rapport van?

Veelgestelde vragen

Wat test ik precies?

Of de woning bij een lage aanvoertemperatuur op temperatuur komt, en dus of zij geschikt is voor een warmtepomp.

Op welke temperatuur zet ik de ketel?

Op vijftig graden voor verwarming. De instelling voor warm tapwater laat je ongemoeid.

Hoe lang moet de test duren?

Minstens een etmaal, en liever twee, op een koude dag.

Waarom moet de nachtverlaging uit?

Omdat een afgekoelde woning 's ochtends moet inhalen, en dat is juist wat op lage temperatuur niet lukt.

Eén kamer wordt niet warm, is de woning dan ongeschikt?

Meestal niet. Kijk eerst naar de verdeling en naar die ene radiator voordat je conclusies trekt over de hele woning.

Levert het nu al iets op?

Ja. Een condenserende ketel haalt bij een lagere retourtemperatuur meer rendement.

Kan ik de instelling terugzetten?

Ja, op elk moment, zonder gevolgen voor het toestel.

Zie voor meer informatie

De Builddocs-redactie

Redactie ·

Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.

Meer over de auteur

Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.