Naar de inhoud

Dit is een bètaversie van Builddocs. Je kunt alles bekijken, maar aanmelden en een abonnement afsluiten kan nog niet.

Vraag

Moet mijn boiler echt op 60 graden staan

Gesteld in augustus 2026 · beantwoord door de redactie · gecontroleerd op 4 september 2026

De vraag

Onze boiler staat op 55 graden om energie te besparen. Ik lees nu overal dat het 60 moet zijn vanwege legionella. Is dat overdreven, en is het niet zonde van de energie?

Gesteld in augustus 2026.

Het korte antwoord

Het is geen overdrijving, en de besparing is kleiner dan je denkt.

Zet hem op 60 graden. De bacterie vermeerdert zich tussen ongeveer 25 en 50 graden; boven de 55 sterft hij af en boven de 60 gaat dat snel. Vijfenvijftig is de grens waarop het net wel of net niet werkt, en die grens geldt voor de temperatuur in het hele vat — niet voor het display. Onderin een vat is het altijd kouder dan de instelling.

De energiewinst van 55 in plaats van 60 graden is in een gemiddeld huishouden enkele tientjes per jaar. Het risico dat je ervoor inruilt, is een longontsteking die voor ouderen en mensen met een verzwakt afweersysteem ernstig verloopt.

Wil je besparen, doe dat dan aan de andere kant: een waterbesparende douchekop en een kortere douche schelen een veelvoud van die vijf graden.

Waarom dat zo is

Legionella is een bacterie die van nature in kleine hoeveelheden in water voorkomt. Gevaarlijk wordt hij pas bij drie dingen tegelijk: water tussen ongeveer 25 en 50 graden, water dat stilstaat, en water dat verneveld wordt ingeademd. Die derde voorwaarde is waarom een douche het risico is en drinken niet.

Een voorraadvat is precies de plek waar de eerste twee samenkomen. Er staat honderd tot tweehonderd liter, en er is altijd een deel dat niet doorstroomt. Bij 55 graden ligt het onderste deel van het vat vaak op 45 tot 50 — de temperatuur waarbij de bacterie zich juist het prettigst voelt.

Bij 60 graden op de thermostaat blijft ook de koudste laag boven de kritische grens.

De comfort- en veiligheidskant regel je niet met de voorraadtemperatuur maar bij het tappunt: een thermostatische mengkraan mengt koud water bij tot een veilige douchetemperatuur. Dat is bovendien de manier om verbranding bij kinderen te voorkomen; water van 60 graden uit de kraan is gevaarlijk.

Waar het extra van belang is: bij warmtepompboilers en zonneboilers. Die werken van nature op lagere temperaturen en hebben daarom een anti-legionellaprogramma dat het vat periodiek opwarmt. Werkt dat programma niet of staat het uit, dan heb je een vat dat structureel in de risicozone zit.

Wat je nu kunt doen

Zet de thermostaat op 60 graden. Kost niets, duurt een minuut.

Plaats een thermostatische mengkraan bij douche en bad als die er niet is. Dat is comfort én verbrandingsveiligheid, en het maakt de 60 graden onmerkbaar.

Vraag bij een warmtepompboiler of zonneboiler naar het anti-legionellaprogramma: bestaat het, staat het aan, en hoe vaak draait het.

Spoel na elke vakantie alle tappunten door, minstens enkele minuten heet. Haal daarbij de douchekop eraf of hang hem in een emmer, zodat er geen nevel ontstaat.

Vervang of ontkalk de doucheslang en de sproeikop. Kalk en biofilm in de kop zijn de plek waar het misgaat, en het is precies daar dat de nevel wordt gemaakt.

Laat weinig gebruikte tappunten wekelijks kort lopen — logeerdouche, tuinkraan, tweede badkamer.

Bespaar aan de gebruikskant: een kop van 7 liter per minuut in plaats van 11, en een douche van zeven minuten in plaats van twaalf. Dat scheelt vele malen meer dan die vijf graden.

Wat je niet moet doen: de temperatuur verlagen en denken dat je het risico met een filter of een middel oplost. Temperatuur en doorstroming zijn de beheersmaatregelen; de rest is aanvulling.

Wanneer dit antwoord niet opgaat

Bij een doorstroomtoestel zonder voorraad, zoals een gewone combiketel. Daar staat geen water stil en is het risico verwaarloosbaar; de tapwatertemperatuur mag daar lager staan.

Bij een klein keukenboilertje dat dagelijks helemaal wordt geleegd. Ook daar is het risico klein, al geldt: bij twijfel hoger instellen.

Bij een collectieve installatie in een appartementengebouw. Dan is dit geen individuele instelling maar beheer van de vereniging, met een circulatieleiding, een logboek en temperatuurmetingen. Vraag het bestuur naar het beheersplan.

In een huurwoning. Het toestel is van de verhuurder; vraag hem de instelling te controleren en meld het schriftelijk als het warm water niet warm genoeg wordt.

Bij een woning waar iemand tot de risicogroep behoort — boven de zeventig, een longaandoening, een verzwakt afweersysteem. Dan is dit geen afweging maar een uitgangspunt, en is het verstandig om ook de weinig gebruikte tappunten structureel te spoelen.

Zie voor meer informatie

Hielp dit?

We slaan alleen je antwoord op, en je toelichting als je die geeft. Geen naam, geen e-mailadres.

Alle vragen