KennisGebreken
Wat staat hier?Zoek op wat je ziet, niet op wat het is. Per verschijnsel: waar het vandaan kan komen, hoe ernstig het is, en wat de eerstvolgende stap is.
Sorteren:Oudste eerst
in zeven groepen — wat de kleuren betekenen
Uitgelicht
- comfort
Klemmend of lekkend kunststof raam
Een kunststof raam of deur die zwaar loopt, niet meer over de hele lengte aandrukt, of waar tocht en water langskomen. Soms een scheur in een hoekverbinding — de las waar twee profielen samenkomen — of een vervormde vleugel die aan één kant klemt en aan de andere kier laat. Bij een schuifpui: een schuifdeur die stroef loopt of die aan de onderzijde water doorlaat.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
53 van 226 gebreken
- vocht
Klachten na spouwmuurisolatie
Vochtplekken op de binnenmuur die er vóór het isoleren niet waren. Een gevel die na regen langer nat blijft. Schimmel in een hoek of achter een kast. Een muur die op de ene plek warm aanvoelt en op de andere koud. Soms een geur die niet weggaat, of isolatiekorrels die uit een open stootvoeg of een ventilatierooster komen. De klacht begint zelden meteen. Het gebruikelijke beeld is dat het eerste natte seizoen na het isoleren goed gaat en het tweede niet. Dat verband wordt daardoor vaak niet gelegd.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Houtrot in kozijnen
De verf bladdert of barst open, meestal onderaan het kozijn of in een hoek. Daaronder zit hout dat donker verkleurd is en dat zacht aanvoelt. Duw je er met een schroevendraaier in, dan zakt hij weg zonder weerstand. Het begint vrijwel altijd op dezelfde plekken: de onderdorpel, de onderste hoekverbindingen, en het punt waar het kozijn in het metselwerk staat. Dat zijn de plaatsen waar water blijft staan.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
2× bekeken
- gevel
Groene aanslag en mos op gevel en dak
Een groene of zwarte waas op de gevel, meestal op de noord- of oostzijde. Mos tussen de dakpannen of op het platte dak. Groene aanslag op de bestrating en op houtwerk, glad bij regen. Kijk waar het niet zit. Het patroon — wél op de ene zijde, niet op de andere — vertel je waar het huis lang nat blijft, en dat is de eigenlijke informatie.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Gebarsten of lekkende glazen bouwstenen
Aan de stenen: barsten die dwars door een steen lopen, vaak van hoek naar hoek of in een ster; stenen met condens of water erin door een lek in de las tussen de twee helften; stenen die dof of melkachtig zijn geworden. Aan de voegen: scheuren langs de voegen, voegen die poederig worden of losvallen, roestsporen uit de voegen waar de wapening roest, en water dat bij regen langs de voegen naar binnen loopt. Aan de wand: een wand die in het midden bol staat of scheef is gaan hangen, een randvoeg tussen de wand en de constructie die is gescheurd of dichtgezet met mortel, en een wand die bij aanraken beweegt. Binnen: condens op de stenen in de winter, schimmel in de voegen en op de aansluitende wand, en een koude straling bij de wand. Bij een gevel: witte uitbloei, algen en een randaansluiting waar het water in loopt.
- Bouwdeel
- Gevel
- Ruimte
- Trappenhuis
- vocht
Doorslaand vocht door de gevel
Een vochtplek op de binnenmuur die verschijnt na een periode met regen en wind uit dezelfde hoek, en die daarna weer wegtrekt. De plek zit vaak hoger op de muur dan bij optrekkend vocht en hij zit aan de kant waar de regen op staat — in Nederland meestal het zuidwesten. Buiten zie je een gevel die na regen lang donker blijft, soms met groene aanslag op de natte vlakken. Het onderscheidende kenmerk: de plek komt en gaat met het weer. Dat is het bewijs dat de bron buiten zit en niet in de grond of in de lucht binnen.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Doorgeroeste latei boven het raam
Een horizontale scheur in het metselwerk vlak boven een raam of een deur, vaak in de eerste of tweede voeg. Soms roestbruine sporen die uit die voeg komen. Bij een zichtbare stalen latei: bladderende verf en een profiel dat dikker lijkt dan het was. Het metselwerk erboven kan iets naar voren komen te staan. Dat is het signaal dat het ernstig wordt.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- dak
Dieren op zolder of in de spouw
Geluid boven het plafond: geritsel, gekrabbel, gepiep of gestommel, meestal in de avond of de vroege ochtend. Soms zie je het aan de buitenkant: een opgelichte dakpan, een gat bij de dakvoet, een ontbrekend rooster, of uitwerpselen op de dakgoot of het terras onder een gevelopening. Op zolder zie je het aan de isolatie: weggetrokken, samengedrukt of doorgraven, en soms met nestmateriaal.
- Bouwdeel
- Dak
- Ruimte
- Zolder
2× bekeken
- gevel
Defect rolluik of zonwering
Een rolluik dat halverwege blijft steken, scheef in de geleiders hangt of niet meer omhoog wil. Een screen of markies die niet meer strak trekt, waarvan het doek rafelt of die bij de minste wind klappert. Een schuine lamellenzonwering waarvan een deel niet meer meedraait. Vaak hoor je het eerst: een motor die zoemt zonder dat er iets beweegt, of een schurend geluid in de kast. Er hoort een tweede beeld bij dat vaker over het hoofd wordt gezien: een vochtplek of een scheur in het metselwerk onder de bevestiging van de kast. Dan is niet de zonwering het probleem maar wat hem vasthoudt. Het onderscheidende kenmerk: de storing zit bijna altijd in de ophanging, de geleiding of het ophangmateriaal, en zelden in de motor. Dat is bij dit gebrek de belangrijkste vaststelling, want het bepaalt of je een monteur of een nieuw product nodig hebt.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- gevel
Craquelé en afschilfering van geglazuurde baksteen en tegels
Craquelé: een fijn netwerk van haarscheurtjes in het glazuur, als gebarsten ijs, over de hele steen of tegel of in zones; vaak met vuil in de scheurtjes waardoor het netwerk donker aftekent. Afschilfering: glazuur dat in schubben of vlokken loslaat, met een dofrode, gele of witte kern eronder die water opneemt en verkleurt; randen van stenen en tegels die het eerst kaal worden. Uitzetting: stenen of tegels die bol staan, voegen die zijn kapotgedrukt of open staan, een rij die uit het vlak komt; witte uitbloei in de voegen en op de kale kern. Vlekken en verkleuring: doffe plekken, kleurverschil tussen stenen, bruine of groene aanslag in het craquelé, en roestpuntjes uit de kern. Plaats: het meest bij plinten, onder dorpels en raambanken, bij de goot, in een portiek waar het water blijft staan en op de noord- en westzijde; binnen bij tegels achter een gootsteen of in een badkamer waar water achter de tegel komt.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- schade
Coatingschade op aluminium kozijnen en gevelplaten
Haarfijne, kronkelende lijntjes onder de laklaag van een aluminium kozijn, gevelpaneel, dakrand of balkonhek. Ze lopen als draadjes weg van een kras, een boorgat of een snijkant, en ze zijn ongeveer een halve millimeter breed. Langs die draden staat de coating bol of komt hij in schilfertjes los; eronder zit wit poederig materiaal. Daarnaast komen andere beelden voor: doffe, krijtende lak, putjes in het oppervlak, of aantasting precies op de plek waar aluminium een ander metaal raakt. Let op de onderdorpels en de zuid- en westzijde. Daar is het oppervlak het vaakst nat en daar begint het.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- dak
Bruine en witte uitslag op bitumen dakbedekking en onder lood
Op de bitumen: bruine, gele of roestkleurige vlekken en strepen die vanaf de overlappen naar de afvoer lopen of in vlakken liggen waar het water blijft staan; een bedekking die op die plekken dof en ruw is geworden of gebleekt; bij een dak met leislag een verkleuring van het grind. Onder lood en zink: een witte, poederige of kristallijne laag op het lood zelf, witte strepen die vanaf de loodslabbe over de opstand, de gevel of de bedekking lopen, en witte vlekken op het metselwerk onder een loodstrook of een zinken afdekking; bij nieuw lood het duidelijkst in het eerste jaar. Op de gevel: witte strepen onder loodslabben boven ramen en bij de aansluiting van een aanbouw, en een witte waas op het metselwerk onder een zinken muurafdekking. Aan de afvoer: bruin of wit gekleurd water in de vergaarbak en op de bestrating onder de afvoer. Wat je niet ziet: geen blazen, geen scheuren, geen open naden en geen lekkage binnen; zit dat er wel, dan is de uitslag niet het onderwerp.
- Bouwdeel
- Dak
1× bekeken
- gevel
Afschilferende of verweerde baksteen
Bakstenen waarvan de buitenlaag afbladdert: schilfers die eraf komen, een korrelig oppervlak dat afgeeft als je erover wrijft, of stenen waarvan de voorkant is weggevallen en waar je de ruwe binnenkant ziet. Onder de gevel ligt gruis. Het zit vaak niet overal. Kijk waar het het ergst is: onderaan de gevel, onder een raamdorpel, naast een regenpijp, of aan de noordzijde die het langst nat blijft.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Afbladderende verf op een geschilderde gevel
Blazen in de verf die bij drukken openbreken en vocht of poeder tonen, schilfers en vellen die loslaten met de toplaag van het pleisterwerk of een dun laagje steen eraan, kale plekken met een grijze of witte, poederige ondergrond, en op de kale plekken vaak witte uitbloei of alg. Het patroon: onderaan de gevel tot een halve meter of een meter boven het maaiveld, in banen onder een lekkende goot of naast een regenpijp, onder raamdorpels, rond een aanbouw waar een dak op de gevel aansluit, en aan de noord- en westzijde meer dan aan de zuidzijde. Bij een gevel die kort geleden is geschilderd: blazen binnen enkele maanden, vaak na de eerste warme dagen, verspreid over vlakken die niet droog waren.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- onderhoud
Afbladderend buitenschilderwerk
Verf die loskomt van het houtwerk: als blaren, als schollen, of als een fijn poeder dat op je hand blijft zitten als je erover wrijft. Meestal begint het op de zuidwestzijde, op de onderdorpels en op de kopse kanten van het houtwerk. Kijk wat eronder zit. Kaal maar hard hout is één situatie; donker, zacht hout is een andere en veel duurdere.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
3× bekeken
- gevel
Metselwerk bol of uitgeweken
Een gevel die niet vlak is. Van dichtbij zie je het niet, maar als je langs de gevel kijkt — met je oog bijna tegen het metselwerk, in de lengte — zie je een bult of een golf. Vaak zit die bult op de bovenste verdieping, onder de dakrand, of boven een raam. Soms hangt de hele gevel voorover. Er horen andere verschijnselen bij: verticale scheuren op de plaats waar de gevel het verst uitwijkt, voegwerk dat daar breder is dan elders, en een dakrand of een goot die niet meer aansluit. Binnen kan het onopvallend zijn — de binnenmuur staat er los van — maar je ziet soms een spleet tussen de binnenmuur en de vloer of het plafond. Het onderscheidende kenmerk: de gevel is uit het lood of uit het vlak, en dat is met een schietlood of een lange rei te meten. Scheuren in de gevel zijn een veelvoorkomend en meestal onschuldig verschijnsel; een gevel die bol staat, is dat niet.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Losse of gevlekte natuurstenen gevelplaten en plinten
Bij loskomen: een plaat die hol klinkt bij tikken, iets naar buiten staat of verschoven is ten opzichte van de buren, open of gescheurde voegen rondom, roestwater uit een voeg, en in het ergste geval een plaat die is gevallen en een kale plek met roestige ankers. Bij vlekken: donkere vochtvlekken die na regen blijven, gele of roestbruine verkleuring vanuit de voegen of vanuit het midden van de plaat, witte uitbloei aan de randen, groene alg op de noordzijde, en bij plinten een donkere zone onderaan die omhoog trekt. Bij afschilfering: een plaat waarvan de toplaag in schubben loskomt, vooral bij leisteen, zandsteen en sommige kalkstenen, of een plaat met scheuren door vorst. Bij bijzondere steensoorten zoals wit marmer of blauwe hardsteen: een plaat die opbolt of kromtrekt, of een plaat met zwarte aders en vlekken die uit de steen zelf komen.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Loslatend buitenpleisterwerk
Pleisterwerk op de gevel dat bol staat, scheurt of in schilfers loskomt. Vaak op de uitwendige hoeken, onder de raamdorpels, of onderaan de gevel bij het maaiveld. Tik erop: waar het hol klinkt, zit het los van de ondergrond. Soms komt er een hele plaat af en zie je het metselwerk eronder. Soms zijn het alleen haarscheurtjes in een verder gaaf vlak, en dat is een ander probleem met een andere urgentie.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Lekkende of wijkende dilatatievoeg
Een verticale voeg in de gevel die opzettelijk is opengelaten en die met een elastische kit of een profiel is afgedicht — en die nu openstaat, scheef loopt of waar de kit uit hangt. Vaak op de scheiding tussen twee woningen, bij een verspringend gevelvlak, of in een lange gevel om de zoveel meter. Binnen merk je het aan een vochtstreep of een scheur op precies dezelfde plaats. Bij een appartement loopt die streep soms over meerdere verdiepingen door.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Lekkende muurafdekking op borstwering of tuinmuur
Op de muur onder de afdekking: donkere natte banen die vanaf de naden tussen de afdekelementen naar beneden lopen, witte uitbloei, afgeschilferde of gebarsten stenen in de bovenste lagen, uitgesleten voegen en mos of alg op de bovenste meter. Bij een borstwering rond een plat dak of een dakterras: dezelfde plekken aan de binnenzijde, een natte dakaansluiting eronder en vochtplekken in de woning onder de borstwering. Aan de afdekking zelf: open of gescheurde voegen tussen betonnen of natuurstenen elementen, een afdekking die vlak ligt of naar de verkeerde kant afloopt, geen overstek of geen druiprand aan de onderzijde, gescheurde kit, een metalen afdekkap waarvan de naden of de hoeken open staan, of een afdekking van mortel die is gescheurd en losgekomen. Bij een stalen of aluminium afdekkap: roest of witte corrosie bij de bevestigingen, kap die is losgekomen bij wind, en vochtplekken onder de naden van de kap.
- Bouwdeel
- Gevel
- Ruimte
- Tuin
1× bekeken
- gevel
Lekkage langs het kozijn
Een natte plek of een streep naast of onder een raamkozijn, aan de binnenkant. Vaak op de vensterbank, soms in de hoek onder het raam, soms een verkleuring die langs de zijkant naar beneden loopt. Het kozijn zelf hoeft er niets aan te mankeren. Bij dit gebrek komt het water er meestal niet doorheen maar eromheen.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- dak
Lekkage bij de aansluiting van een plat dak op opgaand metselwerk
Binnen: een vochtplek op het plafond langs de muur waar het dak aansluit, een natte hoek tussen plafond en gevel, een vochtbaan op de binnenzijde van de gevel boven de aanbouw, loslatend behang en schimmel in die hoek, en een plek die na regen met wind op de gevel het ergst is. Buiten aan de opstand: dakbedekking die tegen de muur omhoog loopt maar korter is dan vijftien centimeter, een opstand die van de muur is losgekomen of aan de bovenrand open staat, scheuren of plooien in de opstand in de hoeken, en een kimfixatie die ontbreekt zodat de bedekking in de hoek trekt. Buiten boven de opstand: een loodslabbe die is uitgezakt, gescheurd of ontbreekt, een afdekprofiel dat los zit, voegen die open staan vlak boven de dakbedekking, en witte uitbloei, alg en mos op de gevel in de strook boven het dak. Bij een borstwering of dakopbouw: een afdekking die het water naar de verkeerde kant leidt, of een muur die aan beide zijden nat wordt. Op het dak: water dat in de hoek tegen de muur blijft staan omdat het afschot daar ontbreekt, en blad en vuil in de kim.
- Bouwdeel
- Dak
2× bekeken
- onderhoud
Kromgetrokken of vervormde houten ramen en kozijnen
Aan het raam: klemt bovenaan en laat onderaan een kier, of omgekeerd; sluit alleen met kracht; een kier langs de aanslag die per seizoen wisselt; een stolpraam waarvan de twee helften in het midden niet meer aansluiten of over elkaar schuiven; een tuindeur die schuin hangt en aan de onderkant sleept. Aan het hout: een stijl of dorpel die zichtbaar bol staat of uit het vlak draait als je er langs kijkt; verstekken en glaslatten die open staan; verf die op de zonzijde barst en op de schaduwzijde gaaf is; kit langs het glas die scheurt. Aan het kozijn: een stijl die niet meer in het lood staat, een bovendorpel die doorhangt, een kozijn dat los zit in de muur en beweegt bij het sluiten, en een kier tussen kozijn en muur die groter is geworden. Aan de tijd: in de zomer sluit het raam, in de winter niet, of andersom; na een natte periode klemt het, na een droge periode kiert het. Binnen: tocht, condens bij de kier, en een kruk of espagnolet die niet meer in de sluitkom valt.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- gevel
Klimplanten tegen de gevel: schade aan voegen, metselwerk en goten
Aan de voegen: voegen die onder het groen zijn uitgehold, zanderig zijn geworden of zijn losgedrukt door takken en wortels; stenen die los liggen bij een scheur waar een tak in is gegroeid. Aan de steen: op de plaats van verwijderde hechtwortels een patroon van bruine puntjes en draden die niet weggaan, afgeschilferde steenhuid waar de wortels zijn losgetrokken, en groene aanslag en vochtplekken waar het groen de gevel nat hield. Aan het dak en de goot: takken die in de goot en onder de dakpannen groeien, een goot die dichtzit en overloopt, een boeiboord dat onder het groen nat en zacht is, en klimop die op het dak en in de schoorsteen groeit. Aan kozijnen, roosters en leidingen: kozijnen en deuren die onder de bladeren nat blijven en rot worden, ventilatieroosters en de rooster van de kruipruimte die zijn dichtgegroeid, regenpijpen en goten die door een windende plant zijn losgetrokken of vervormd, en een gevelbekleding of een hekwerk dat is opgetild. Binnen: vochtplekken op de binnenzijde van een gevel die achter het groen niet meer droogt, ongedierte zoals mieren, spinnen en muizen die via de plant binnenkomen, en een kamer die donkerder is doordat de ramen zijn overgroeid.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Kleurverschillen en vlekken in nieuw metselwerk en voegwerk
In de steen: horizontale banen of blokken van stenen die lichter, donkerder, roder of geler zijn dan de rest, met scherpe grenzen die samenvallen met de steigerslagen of de dagproductie; stenen met een andere structuur of glans tussen de rest; roestpuntjes of donkere stipjes in de steen. In de voeg: voegen die per gevelvlak, per verdieping of per steigerslag van grijs naar lichtgrijs of van beige naar wit wisselen; voegen die vlekkerig zijn met donkere en lichte plekken naast elkaar; voegen die na regen anders kleuren dan de rest. Op de gevel: een witte of grijze sluier over stenen en voegen, wit poeder of kristallen in de voegen, witte kalkstrepen uit voegen en onder dorpels, donkere vlekken die na regen langer nat blijven, en spatten van mortel, beton of pleister. In de tijd: sluiers en uitbloei die in het eerste jaar minder worden; banen in de steen die niet veranderen; donkere natte vlekken die elk najaar terugkomen.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- veiligheid
Klemmende of slecht sluitende buitendeur
Een voordeur of achterdeur die je met kracht moet dichttrekken, die niet meer in het slot valt, of die aan de onderkant over de dorpel schuurt. Bij een meerpuntssluiting: een kruk die zwaar gaat of een deur die alleen sluit als je hem optilt. Kijk naar de naad rondom. Loopt die taps toe, dan hangt de deur scheef of staat het kozijn niet meer haaks — en dat is iets anders dan een deur die is uitgezet.
- Bouwdeel
- Deur
1× bekeken
- gevel
Klemmende of lekkende schuifpui
Een schuifpui die zwaar loopt, halverwege blijft haken of alleen nog met twee handen dichtgaat. Vaak hoor je het eerst: een schurend of knarsend geluid over de onderrail. Bij de lekkende variant staat er na een bui water op de vloer vlak binnen de pui, of zie je een natte streep langs de onderdorpel die van buiten naar binnen loopt. Er hoort een derde beeld bij dat het vaakst als "hij zit gewoon vast" wordt afgedaan: een pui die in de zomer klemt en in de winter niet, of omgekeerd. Dat is geen versleten rol maar beweging in de constructie of in het profiel. Het onderscheidende kenmerk: het probleem zit vrijwel altijd in de onderrail. Daar rijden de rollen, daar staat het water dat naar buiten moet, en daar komt het vuil terecht. Boven gaat er zelden iets stuk.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
2× bekeken
- gevel
Scheuren in buitenstucwerk en gevelisolatie
Haarscheuren: een netwerk van fijne scheurtjes als gebarsten glazuur, verspreid over het vlak of in zones, zonder verband met de ondergrond. Plaatnaadscheuren: rechte horizontale en verticale scheuren in een raster van ongeveer een meter bij een halve meter, die de naden van de isolatieplaten tekenen; bij een oud gevelisolatiesysteem zichtbaar bij regen als donkere lijnen voordat de scheur zelf zichtbaar is. Hoekscheuren: schuine scheuren die uit de hoeken van kozijnen en deuren lopen, meestal onder vijfenveertig graden. Aansluitscheuren: een scheur langs de dakrand, de plint, een balkon, een dilatatie of de overgang naar een ander materiaal. Holle plekken: pleisterwerk dat hol klinkt bij tikken, met een scheur eromheen, en soms een stuk dat loskomt met de wapening eraan. Constructieve scheuren: een enkele, grillige of trapsgewijze scheur die door het pleisterwerk en de ondergrond loopt, breder wordt naar boven of onder en die je aan de binnenkant terugvindt.
- Bouwdeel
- Gevel
2× bekeken
- regelgeving
Schade aan glas-in-lood
Een glas-in-loodpaneel dat bol staat of doorhangt, meestal in het midden en meestal naar buiten. Loodstrips die dof grijs en poederig zijn geworden. Gebroken of gescheurde glasstukjes. Een paneel dat rammelt in de sponning of dat tocht. Zwarte, kruimelige resten van het stopverf of de kit langs de randen. Soms een winddruk die je hoort: het paneel beweegt hoorbaar bij een windvlaag. Het beeld dat de urgentie bepaalt: een paneel dat meer dan ongeveer een centimeter uit het vlak staat. Dat is het punt waarop het lood zijn stijfheid verliest en het paneel zichzelf verder uit vorm trekt.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Schade aan gevelbekleding
Bij houten delen: verf die loslaat, hout dat grijs en vezelig wordt, of een plank die aan de onderrand zacht is. Bij multiplex boeidelen of zijwangen van een dakkapel: hout dat in laagjes uiteenvalt. Bij kunststof: platen die zijn gaan bollen of golven, kleurverschil tussen de zonzijde en de rest, of een plaat die aan één kant is losgekomen. Bij metaal: roeststrepen, doffe of vlekkerige plekken op geanodiseerd aluminium, of fijne kronkelende lijntjes onder de laklaag.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gemeenschappelijk eigendom
Schade aan een gemeenschappelijke antenne, schotel of zonwering
Een schotel of antenne op het dak of aan de gevel die scheef hangt, roest, of waarvan de bevestiging losraakt. Kabels die los langs de gevel hangen. Bij zonwering: een screen of scherm dat niet meer oprolt, een gescheurd doek, of een geleider die uit de gevel komt. Bij een complex vaak: een dak vol individueel geplaatste schotels en airco-units, elk met een eigen doorvoer.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Schade aan een betonnen gevelelement
Een betonnen band, borstwering, kolom of gevelplaat waarin een scheur zit, waaruit een stuk is afgevallen, of waar een bruine roestvlek doorheen komt. Op de plek waar het beton is afgevallen, zie je wapeningsstaal liggen: een of meer roestige staven, soms nog met de vorm van het beton eromheen. De rand van het gat is scherp en de kleur van het beton is daar lichter. Vaak begint het onopvallend: een haarscheur die precies de lijn van een wapeningsstaaf volgt, met een roestspoor eruit. Dat is hetzelfde gebrek in een eerder stadium. Dit komt vooral voor bij portiek- en galerijflats uit 1950 tot 1975 en bij woningen met betonnen banden onder de ramen. Het onderscheidende kenmerk: de schade volgt de wapening en niet de vorm van het element. Een scheur die recht en op vaste afstand van de rand loopt, is betonrot; een willekeurige scheur is dat meestal niet.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Roestvlekken en roestschade in het metselwerk
Roestbruine strepen die vanaf één punt in de gevel naar beneden lopen, vooral na regen, en die niet weg te borstelen zijn. Een steen die bol staat, een hoek eraf heeft of gescheurd is, met roest in de scheur. Een voeg die over een lengte open staat, vaak een lintvoeg ter hoogte van de verdiepingsvloer of boven een raam, met roestkleurig water eruit. Boven ramen en deuren: een latei die roestbruin is, opbolt of de stenen erboven omhoog drukt, met een horizontale scheur in het metselwerk erboven. Bij een band of een rollaag: de hele laag ligt iets hoger of staat naar buiten. Aan de binnenzijde soms een scheur op dezelfde hoogte, of vochtplekken op de plek waar de gevel open staat.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- constructie
Roestvlekken en aftekeningen in zichtbeton
Kleine bruine puntjes met een roeststreep eronder, verspreid over het beton of in een regelmatig raster van twintig tot veertig centimeter: dat zijn afstandhouders of bindstaal onder het oppervlak. Bruine kegeltjes rond een korrel in het grind: een ijzerhoudende insluiting. Verkleuringen in banen of vlekken bij de naden van de bekisting, bruin of blauwgrijs: de bekisting en het ontkistingsmiddel, geen roest. Ernstiger: een bruine vlek die groeit met een scheur erin, een bolling in het oppervlak, en uiteindelijk een afgesprongen stuk beton met een roestige staaf erachter. Aan randen en hoeken van balkons, galerijplaten en borstweringen komt dat het eerst voor, omdat de wapening daar het dichtst op het oppervlak ligt en het beton er het natst is. Bij oudere complexen ziet u alle vormen naast elkaar; bij nieuw zichtbeton alleen de afstandhouders en de bekistingsnaden.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- gevel
Roestende stalen kozijnen
Op de profielen: verf die opbolt, barst en in schilfers loslaat, met bruine roest en roestwater dat over het glas en de gevel loopt; putten in het staal na het verwijderen van de verf; op de onderdorpel en in de onderhoeken het meest. Aan de vorm: profielen die dikker zijn geworden en zijn uitgezet, met scheuren in de lengterichting; hoekverbindingen waar de lasnaad of de klinknagel is losgekomen en het profiel open staat; een raam dat schuin in het kozijn hangt. Aan het glas: ruiten met een scheur die bij de sponning begint en zonder klap is ontstaan; losse of gescheurde stopverf of kit rond de ruit; bij enkel glas condens aan de binnenkant die over het staal loopt. Aan het gebruik: ramen die klemmen, niet meer sluiten of niet meer opengaan; sluitwerk dat vastzit; tocht langs de aanslag. Binnen: condens op de profielen in de winter, verf die ook binnen loslaat, en roestplekken op de vensterbank onder de onderdorpel.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
2× bekeken
- vocht
Optrekkend vocht in de muur
Een vochtige band onderaan de binnenmuur, meestal tot een halve meter of een meter boven de vloer, met een golvende bovenrand. Het behang laat daar los, de plint is zacht geworden en er zit vaak een witte poederachtige uitslag op het pleisterwerk. De muur voelt koud en klam. Buiten zie je dezelfde band boven het maaiveld, soms met groene aanslag en afbladderende verf. Het kenmerk waaraan je optrekkend vocht herkent en waardoor je het van andere vochtproblemen onderscheidt: de bovenrand is grillig en de plek droogt in de zomer niet op. Een lekkage droogt op zodra de bron weg is; optrekkend vocht blijft het hele jaar staan omdat de bron de grond zelf is.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- materiaal
Onveilig glasvlak en doorvalrisico
Een groot glasvlak op een plek waar iemand ertegenaan kan lopen of erdoor kan vallen, en dat niet van veiligheidsglas is. Concreet: een ruit naast een deur die tot op de vloer doorloopt, een glazen balustrade langs een trap of een vide, een raam in een slaapkamer op de eerste verdieping dat tot vlak boven de vloer komt, of een glazen deur zonder markering. Aan het glas zelf is meestal niets te zien — en dat is precies het probleem. Wat je wel kunt zien: een merkteken in een hoek van de ruit dat aangeeft dat het gelaagd of gehard is, of het ontbreken daarvan. Bij oud enkel glas zie je soms een lichte vervorming in de spiegeling. Het onderscheidende kenmerk: dit is een gebrek dat je niet merkt totdat er iets gebeurt. Er is geen lekkage, geen scheur en geen geluid. Het is het enige gebrek op dit platform dat je alleen vindt door er gericht naar te kijken.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
Toon 12 gebreken meer37 van 53 getoond · pagina 3 van 5
Wat staat hier?
- Hoe zoek ik hier iets op?
- Op het verschijnsel. «Bruine vlek op het plafond» en niet «lekkage» — want welke van de vier oorzaken het is, is precies wat je nog niet weet.
- Wat betekent de ernst?
- De graad die geldt als je de vragen niet invult. Staat er niets, dan hangt het werkelijk van jouw situatie af, en dan is een graad noemen een bewering die we niet kunnen waarmaken.
- Is dit een diagnose?
- Nee. Het is een richting plus de vraag die een deskundige zou stellen. Bij constructie, gas en asbest staat er expliciet bij dat je iemand moet laten kijken.
Verder kijken
Checklists
Lijsten om ter plekke af te vinken
98 checklists
Kennisbank
Naslag met hoofdstukken, om in te zoeken
477 artikelen
Werkomschrijvingen
De basis onder een offerteaanvraag
87 omschrijvingen