Een bodemwarmtepomp haalt zijn warmte uit de grond via een gesloten lus in een of meer boringen van vijftig tot tweehonderd meter diep; de bodem is daar het hele jaar rond de tien tot twaalf graden, zodat de warmtepomp ook bij vorst zijn volle vermogen en rendement houdt en er geen buitenunit is. De bron wordt berekend op het warmteverlies van de woning en de bodemsoort: zand, klei en grondwater geleiden warmte anders, en een te kleine bron koelt in de loop van jaren af en levert steeds minder. Boren mag niet overal en niet zomaar: een gesloten bodemenergiesysteem moet worden gemeld bij de gemeente, in sommige gebieden is het verboden of vergunningplichtig vanwege grondwaterbescherming, en de boorder moet gecertificeerd zijn. Een bodemwarmtepomp met boring kost € 18.000 tot € 35.000 voor een rijtjeswoning, waarvan de boring € 6.000 tot € 15.000; daarvoor krijg je een stille installatie met een rendement dat twintig tot dertig procent hoger ligt dan een luchtwarmtepomp en een bron die vijftig jaar meegaat. De tuin moet bereikbaar zijn voor een boorstelling en de boring moet op afstand blijven van de fundering, de erfgrens, kabels, riolering en andere bronnen.

Waar gaat het over?
Deze pagina is voor de woningeigenaar en de zelfbouwer die een warmtepomp overweegt en de bodem als bron in een offerte of een advies tegenkomt, voor wie geen buitenunit wil of kan plaatsen, en voor de VvE die een collectieve bodembron voor een woongebouw onderzoekt. Ze legt uit hoe een bodemwarmtepomp met verticale boring werkt, hoe de bron wordt berekend, wat de bodem en het grondwater ertoe doen, welke regels en meldingen er zijn, wat een boring in de praktijk betekent voor de tuin, wat het kost en hoe het zich verhoudt tot een luchtwarmtepomp. Ze gaat niet over open bronnen met grondwateronttrekking, die voor woningen zelden worden toegepast, en niet over horizontale bodemwisselaars, die veel tuin vragen.
Hoe ontstaat het?
Onder de eerste meters grond, waar de temperatuur met de seizoenen meebeweegt, is de bodem het hele jaar door tien tot twaalf graden. Een bodemwarmtepomp gebruikt die stabiele temperatuur als bron: in een boring van vijftig tot tweehonderd meter diep wordt een kunststof lus gehangen, een bodemwarmtewisselaar, en het boorgat wordt gevuld met een grout die de lus goed aan de grond koppelt en de grondwaterlagen weer van elkaar scheidt. Door de lus stroomt water met antivries; de warmtepomp onttrekt er warmte aan, de vloeistof koelt een paar graden af en warmt in de bodem weer op. Omdat de bron het hele jaar gelijk is, houdt de warmtepomp bij vorst zijn vermogen en zijn rendement, anders dan een luchtwarmtepomp die het bij kou juist zwaar heeft.
De bron moet in evenwicht zijn met wat de woning vraagt. Elke meter boring levert, afhankelijk van de bodem, twintig tot vijftig watt: natte zandgrond en grondwaterstroming geleiden goed, droge zand- en kleigrond minder, veen slecht. Een rijtjeswoning met een warmteverlies van vijf kilowatt vraagt dan honderd tot tweehonderd meter boring, in één diepe of twee ondiepere boringen op enkele meters van elkaar. Een bron die te klein is berekend, geeft de eerste winters warmte, maar de grond eromheen koelt elk jaar verder af en na een aantal jaren zakt het vermogen; een bron die ook in de zomer wordt gebruikt om de woning te koelen, laadt zichzelf op en blijft in balans. Daarom hoort bij een boring een berekening van de bodem, op basis van boorgegevens uit de omgeving of een proefboring, en een ontwerp voor de lange termijn.
De installatie binnen bestaat uit een water-water- of brine-waterwarmtepomp, een bronpomp, een expansievat en een boiler voor tapwater; er is geen buitenunit en dus geen geluid buiten. De warmtepomp is duurder dan een luchtwarmtepomp van hetzelfde vermogen, maar het rendement over een jaar ligt twintig tot dertig procent hoger en het vermogen hoeft niet met een marge voor vorst te worden gekozen. Veel bodemwarmtepompen kunnen in de zomer koelen door de vloer met de koele bronvloeistof, passieve koeling, tegen alleen de kosten van de pomp.
De boring zelf is een dag werk met een boorstelling op een rupsonderstel of een vrachtwagen, die de tuin moet kunnen bereiken en die spoelwater en boorgruis achterlaat dat moet worden afgevoerd. De boring komt op minstens enkele meters van de fundering, de erfgrens en de leidingen, en op afstand van bronnen van de buren; de leidingen lopen ondergronds naar de woning en komen door de kruipruimte of de fundering naar binnen. In een dichtbebouwde straat is een boring in de voortuin of onder de oprit mogelijk, maar het transport en de afstand tot kabels en riolering bepalen of het past.
Hoe herken je het?
Een warmtepomp binnen zonder buitenunit en zonder panelen met leidingen, met twee geïsoleerde leidingen die uit de vloer of de muur komen: een bodembron.
Een deksel of een putje in de tuin waar de bronleidingen samenkomen: het bronkoppelpunt.
Een bron die na jaren minder levert en een warmtepomp die vaker het elektrische element bijschakelt: een te kleine bron of een bodem die anders is dan aangenomen.
Een offerte zonder bodemgegevens of zonder berekening van de boordiepte: de bron is geschat.
Een boorder zonder certificaat voor bodemenergiesystemen: niet toegestaan.
Een warmtepomp die in de zomer de vloer koel houdt zonder dat de compressor draait: passieve koeling op de bron, een teken dat het systeem goed is ontworpen.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf: het warmteverlies laten berekenen en isoleren, nagaan via het Omgevingsloket en de provinciale kaart of boren op jouw perceel is toegestaan en welke melding nodig is, de tuin controleren op toegang voor een boorstelling en op de ligging van kabels, riolering en bronnen van buren, en offertes vergelijken op boordiepte, bodemgegevens en certificaten.
Zelf: na de installatie de brondruk, de vloeistoftemperatuur en de uren van het elektrische element volgen, en de tuin herstellen.
Niet zelf: de boring, het bronontwerp, het vullen van het broncircuit, de melding of de vergunningaanvraag die het bedrijf verzorgt, en de aansluiting van de warmtepomp; alles aan de boring is voorbehouden aan gecertificeerde bedrijven en zelf boren is verboden.
Regels en regelgeving
Een gesloten bodemenergiesysteem voor een woning moet vóór het boren worden gemeld bij de gemeente via het Omgevingsloket; in gebieden die zijn aangewezen voor grondwaterbescherming, in interferentiegebieden waar veel bronnen bij elkaar liggen en bij systemen boven een bepaald vermogen is een omgevingsvergunning nodig of is boren verboden. De provincie beschermt drinkwaterwinningen en kan diepteregels stellen. Het boren en het aanleggen mag alleen door een bedrijf met het daarvoor bestemde certificaat, dat ook de registratie van de boring verzorgt; de installateur van de warmtepomp moet gecertificeerd zijn voor koelmiddelen.
De boring moet op afstand blijven van de erfgrens, van bronnen van de buren en van kabels en leidingen; wie boort zonder kabelmelding of zonder afstand tot een naburige bron, is aansprakelijk voor schade en voor een verminderde werking van die bron. In een appartementengebouw of een rij met gedeelde grond beslist de vereniging over een bron in de gemeenschappelijke tuin. Voor het systeem gelden de eisen aan de energiebalans: een bron mag de bodem niet blijvend afkoelen of opwarmen, en de melding vraagt om een berekening. Regels en subsidies veranderen; controleer bij twijfel de actuele tekst of vraag het aan de gemeente.
Wat betekent dit voor jou?
- Als woningeigenaar die geen buitenunit wil, een tuin heeft die bereikbaar is voor een boorstelling en een woning die twintig jaar of langer wordt bewoond, is een bodembron de investering met het hoogste rendement en de langste levensduur; vraag een bronontwerp met bodemgegevens en controleer de melding of de vergunning.
- Als woningeigenaar in een dichtbebouwde straat, een grondwaterbeschermingsgebied of met een tuin zonder toegang is een boring vaak niet mogelijk; een lucht- of PVT-bron is dan de weg.
- Als zelfbouwer laat je de boring doen voordat de bouw begint, als de kavel nog vrij is voor de boorstelling, en neem je de leidingen mee in de fundering.
- Als VvE of rij eigenaren is een collectieve bodembron een gedeelde investering met een lagere prijs per woning, die afspraken vraagt over eigendom, beheer en de verdeling van de kosten; de melding en de vergunning gaan dan voor het gehele systeem.
Checklist
- Is boren op het perceel toegestaan en is de melding of de vergunning geregeld vóór de boring?
- Is de bron berekend op het warmteverlies en op de bodemgegevens van de locatie, met een ontwerp voor de lange termijn?
- Is de tuin bereikbaar voor een boorstelling en is de afstand tot fundering, erfgrens, kabels en naburige bronnen voldoende?
- Is de kabelmelding gedaan en zijn kabels en leidingen in de tuin gelokaliseerd?
- Zijn het boorbedrijf en de installateur gecertificeerd voor bodemenergie en koelmiddelen?
- Is het vermogen van de warmtepomp afgestemd op het warmteverlies en de bron, en is de afgifte op lage temperatuur getoetst?
- Is passieve koeling in de zomer meegenomen om de bron in balans te houden?
- Is de subsidie aangevraagd en is het herstel van de tuin in de offerte opgenomen?
Veelgestelde vragen
Hoe diep wordt er geboord?
Mag ik overal boren?
Hoe lang gaat een bron mee?
Is een bodemwarmtepomp zuiniger dan een luchtwarmtepomp?
Kan ik er ook mee koelen?
Wat kost het?
Zie voor meer informatie
- BodemwarmtepompBegrip
- Het vermogen van een warmtepomp bepalen: warmteverliesberekening in plaats van vuistregelsKennisbank
- PVT-panelen: stroom en warmte van één paneel als bron voor een warmtepompKennisbank
- Warmtepomp die werkt met bestaande radiatorenKennisbank
- ISDE: subsidie voor isolatie, warmtepomp en zonneboilerSubsidiegids
- Een boiler is een keuze met gevolgen voor twintig jaarArtikel
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.