Verse lucht van buiten: waar de toevoer zit en hoe je de filters bijhoudt
Een ventilatiesysteem met warmteterugwinning haalt de lucht die je in huis inademt van één punt aan de gevel of op het dak. Waar dat punt zit, bepaalt de luchtkwaliteit in elke kamer. Zit het boven een parkeerplaats, naast een rookgasafvoer of vlak naast de afvoer van hetzelfde systeem, dan haalt de unit netjes verwarmde vuile lucht naar binnen. De filters zijn het tweede halve verhaal. Een balansventilatiesysteem heeft er twee: een grof filter in de afvoer dat de unit beschermt tegen stof, en een fijner filter in de toevoer dat bepaalt wat er in huis komt. Een ePM1-filter houdt een groot deel van het fijnstof en het pollenstof tegen, een grof filter alleen bladeren en insecten. Filters vervangen is de enige onderhoudshandeling die je zelf doet en die je merkt. Twee keer per jaar is gangbaar, in een drukke straat of tijdens het pollenseizoen vaker. Een set kost € 15 - € 60. Achterstallige filters kosten meer: minder debiet, meer geluid, hoger stroomverbruik en op termijn een vervuilde wisselaar. Bij systeem C, met natuurlijke toevoer via roosters, is er geen filter en komt de lucht binnen zoals hij buiten is. Er bestaan roosters met een filterelement, maar zolang er ook lucht via kieren binnenkomt is de winst beperkt. Wat je als eerste doet: zoek de toevoeropening aan de gevel of op het dak, kijk wat daar in de buurt zit, en open de unit om te zien welke filters erin zitten. Dat kost tien minuten en zegt meer dan welk rapport ook.

Waar gaat het over?
Dit artikel gaat over de lucht die een ventilatiesysteem van buiten naar binnen brengt: waar de toevoeropening zit, wat de lucht onderweg tegenkomt, en welke filters die lucht schoonmaken. Het gaat over balansventilatie met warmteterugwinning, over decentrale wtw-units in de gevel, en zijdelings over systeem C.
Het is bedoeld voor de bewoner met een wtw-unit die zich afvraagt wanneer de filters aan de beurt zijn, voor de koper die een woning met balansventilatie beoordeelt, en voor de klusser die de filters zelf vervangt.
Wat er niet in staat: de keuze tussen ventilatiesystemen, het inregelen van de debieten en het reinigen van de kanalen. Bij een collectief systeem in een wooncomplex zit het filter in de centrale unit en heb je als bewoner alleen met het rooster in je woning te maken.
Hoe ontstaat het?
Een balansventilatiesysteem heeft vier openingen: buitenlucht in, toevoer naar de kamers, afvoer uit keuken, badkamer en toilet, en gebruikte lucht naar buiten. In de unit lopen die twee luchtstromen langs elkaar in een wisselaar. De warmte gaat over, de lucht niet.
De buitenluchtopening zit aan de gevel, op het dak of soms in de kruipruimte. Die plek is een compromis tussen bouwkundig gemak en luchtkwaliteit, en valt vaak in het voordeel van het gemak uit. De kortste kanaalroute is niet altijd de schoonste.
Twee dingen gaan mis bij de plaatsing. Het eerste is kortsluiting: toevoer en afvoer zitten zo dicht bij elkaar dat de unit een deel van zijn eigen afgevoerde lucht weer aanzuigt. Bij twee dakdoorvoeren op een meter afstand gebeurt dat bij bepaalde windrichtingen gewoon. Twee tot drie meter afstand of plaatsing aan verschillende zijden voorkomt het. Het tweede is een vervuilingsbron in de buurt: een parkeerplaats, een drukke weg, een rookgasafvoer, een afzuigkapuitlaat of een houtkachelschoorsteen van de buren.
Dan het filter. De oude klassen G4 en F7 zijn vervangen door een indeling die aangeeft welk deel van de deeltjes van een bepaalde grootte wordt tegengehouden: grof voor grote deeltjes, ePM10 en ePM1 voor steeds fijnere fracties. Voor de toevoer in een woning is ePM1 de goede keuze.
Een fijner filter is wel een compromis. Hij vangt meer, maar geeft meer weerstand, en de ventilator moet harder werken. In een systeem dat al op de hoogste stand draait om het debiet te halen, kost dat debiet en levert het geluid op. Filters op tijd vervangen is daarom belangrijker dan een zwaarder filter kiezen.
Hoe herken je het?
Een verkeerd geplaatst toevoerpunt herken je aan je neus. Ruikt de lucht uit de toevoerroosters naar uitlaatgassen, houtrook, de keuken van de buren of het riool, dan zuigt het systeem iets aan wat het niet zou moeten aanzuigen. Ruik bij verschillende windrichtingen; het probleem is vaak richtingafhankelijk.
Achterstallige filters herken je aan vier dingen tegelijk: minder lucht uit de roosters, meer geluid op dezelfde stand, ramen die sneller beslaan en een unit die vaker in de hoogste stand staat. Een filterlampje gaat meestal af na een vast aantal draaiuren en niet op basis van vervuiling.
Kijk naar het filter zelf. Haal het eruit en houd het tegen het licht. Een filter waar geen licht meer doorheen komt, is te lang blijven zitten. Een toevoerfilter dat na drie maanden al donker is, zegt iets over de plek van de toevoer.
Kijk daarna in de unit. Stof op de wisselaar of op de ventilatorbladen betekent dat de filters te lang hebben gezeten of slecht in hun sponning sloten. Stof op de ventilator geeft bovendien onbalans en dus geluid.
Kijk tot slot naar het toevoerkanaal tussen gevel en unit. Dat voert koude lucht door een warme ruimte en moet dampdicht geïsoleerd zijn. Nat isolatiemateriaal of een vochtplek op het plafond eronder wijst op condens.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf doen: filters vervangen. Zet de unit uit of in de servicestand, open de klep, let op de luchtrichtingpijl op het filter, schuif het nieuwe filter in dezelfde richting en sluit de klep goed. Reset de filtermelding en noteer de datum op het filterframe of op de unit.
Ook zelf: het toevoerpunt buiten inspecteren en schoonmaken. Bladeren, spinrag, insecten en een vogelnest in de doorvoer zijn de meest voorkomende oorzaak van een te laag debiet. Verwijder het gaas niet.
Ook zelf: de toevoerroosters in de kamers schoonmaken en de instelling met rust laten. Het draaiende deel van een ventiel is bij het inregelen op een stand gezet; zet het op precies dezelfde stand terug.
Niet zelf: de wisselaar en de ventilatoren reinigen bij een stevig vervuilde unit, en het systeem inregelen. Dat gebeurt met een meetinstrument volgens het ontwerp, niet op gevoel.
Niet zelf: een nieuwe doorvoer maken in gevel of dak. Een kernboring door een spouwmuur vraagt een waterkerende afwerking en een dakdoorvoer een goede aansluiting op de dakbedekking.
Twijfelgeval: een zwaarder filter kiezen. Dat kun je zelf plaatsen, maar laat bij de eerstvolgende onderhoudsbeurt het debiet nameten.
Regels en regelgeving
Het Besluit bouwwerken leefomgeving onder de Omgevingswet, de opvolger van het Bouwbesluit 2012, stelt eisen aan de capaciteit van de ventilatievoorziening en aan de kwaliteit van de toevoerlucht. De kern is dat de toevoer verse buitenlucht moet zijn en niet de lucht die net is afgevoerd. Daaruit volgt dat toevoer- en afvoeropening ver genoeg uit elkaar liggen en dat de toevoer niet in de directe invloedssfeer van een verontreinigingsbron ligt.
Voor de capaciteit geldt een minimum per verblijfsruimte, gerekend naar oppervlakte en gebruik. Een filter mag die capaciteit niet in de weg staan: het systeem moet het vereiste debiet halen met het filter dat erin zit, niet met een schoon exemplaar op de eerste dag.
Bij nieuwbouw wordt de ventilatievoorziening bij oplevering ingeregeld en worden de gemeten debieten vastgelegd. Vraag dat inregelrapport op; het is het referentiepunt om later te beoordelen of een filter het debiet te veel remt.
Bij bestaande bouw geldt een lager niveau, maar blijft de zorgplicht uit de Omgevingswet gelden: een voorziening moet in zo'n staat verkeren dat er geen gevaar voor de gezondheid ontstaat. Een systeem dat jaren niet is onderhouden en gebruikte lucht rondpompt, voldoet daar niet aan.
In een huurwoning is het onderhoud van de installatie de taak van de verhuurder, terwijl filters vervangen in veel huurcontracten als klein onderhoud aan de huurder is toegewezen.
Wat betekent dit voor jou?
- woningeigenaar
- zet twee vaste momenten per jaar in de agenda voor de filters, bijvoorbeeld bij de wisseling van de klok, en koop twee sets tegelijk. Dat is het hele onderhoud van de toevoerzijde.
- huurder
- filters vervangen is meestal jouw taak en kost tien minuten. Vervuilde kanalen, een piepende ventilator of een verkeerd geplaatst toevoerpunt zijn dat niet; meld die schriftelijk.
- koper
- vraag bij een woning met balansventilatie naar het inregelrapport en kijk in de unit. De staat van filters en wisselaar zegt hoe het systeem is behandeld.
- vve
- bij een collectief systeem ligt het filteronderhoud bij de vereniging. Leg de frequentie en de filterklasse vast in het onderhoudscontract, en niet alleen dat filters worden vervangen indien nodig.
Checklist
- Weet je waar de buitenluchtopening van je systeem zit, aan de gevel of op het dak?
- Zit er minstens twee tot drie meter tussen toevoer- en afvoeropening, of liggen ze aan verschillende zijden?
- Ligt de toevoer buiten bereik van een parkeerplaats, rookgasafvoer, schoorsteen of afzuigkapuitlaat?
- Is de doorvoer vrij van bladeren, spinrag, insecten en nesten?
- Is het toevoerkanaal tussen gevel en unit dampdicht geïsoleerd, en is de isolatie droog?
- Welk toevoerfilter zit erin, en is dat de klasse die je wilt?
- Wanneer zijn de filters voor het laatst vervangen, en staat die datum genoteerd?
- Zijn de wisselaar en de ventilator vrij van stofaanslag?
- Haalt het systeem nog het debiet uit het inregelrapport, gemeten met het filter dat erin zit?
- Staat het filteronderhoud in de agenda of in het onderhoudscontract?
Veelgestelde vragen
Hoe vaak moet ik de filters vervangen?
Mag ik het filter eruit halen als de unit te weinig lucht geeft?
Helpt een fijner filter tegen pollen?
Mijn toevoer zit boven de parkeerplaats. Wat nu?
Waarom druppelt er water uit mijn toevoerkanaal?
Zie voor meer informatie
- Ventilatiesystemen: van natuurlijk tot balansventilatieKennisbank
- Ventilatiesysteem onderhoudenStappenplan
- Balansventilatie onderhouden en inregelenStappenplan
- Fijnstof binnen: waar het vandaan komt en wat helptKennisbank
- Mv-boxen en centrale ventilatoren vervangenKennisbank
- Ventilatie in huis: wat er moet en wat er kanKennisbank
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.