Naar de inhoud

Dit is een bètaversie van Builddocs. Je kunt alles bekijken, maar aanmelden en een abonnement afsluiten kan nog niet.

Rekenhulp

Hoeveel dakpannen heb je nodig

Gecontroleerd op 4 september 2026

Het korte antwoord

Het aantal pannen per vierkante meter staat vast per pantype en loopt van ongeveer tien tot vijftien stuks per vierkante meter. Een gangbare opnieuw verbeterde Hollandse pan ligt rond de twaalf; een oude Hollandse pan rond de vijftien; een grote betonpan rond de tien.

Tel bij het dakvlak vijf procent op voor breuk en pasverlies, en reken de nokvorsten en gevelpannen apart: nokvorsten ongeveer 2,5 stuks per strekkende meter nok.

Voor een dakvlak van acht bij vier meter met een pan van twaalf per vierkante meter kom je uit op ongeveer 400 pannen.

Wat je nodig hebt om te rekenen

De maten van het dakvlak, gemeten langs het dakvlak en niet op de plattegrond. Een dak onder 45 graden is ongeveer anderhalf keer zo lang als de horizontale afstand eronder.

Het pantype en de dekkende maat. Die staat in het productblad van de fabrikant als aantal per vierkante meter, of als dekkende breedte en werkende lengte.

De lengte van de nok, de hoekkepers en de gevels.

Het aantal doorvoeren: ontluchting, dakraam, schoorsteen, zonnepaneeldoorvoer.

De panlatafstand, als je ook het latwerk vernieuwt.

Zo reken je het uit

Pantype

Stuks per m²

Opmerking

Oude Hollandse pan

14 – 16

Kleinste formaat; monumenten en oudbouw

Opnieuw verbeterde Hollandse pan

11 – 13

Meest voorkomend in Nederland

Muldenpan

11 – 13

Vlakker beeld

Sneldekpan, keramisch

9 – 11

Grote dekkende maat

Betonpan, groot formaat

9 – 11

Zwaarder per stuk

Leipan of vlakke pan

14 – 18

Afhankelijk van de dekking

Nokvorst

2,3 – 2,7 per strekkende meter

Ook op de hoekkepers

Gevelpan

2,5 – 3,0 per strekkende meter

Alleen bij een vrije gevel

Panlat

Per m² gelijk aan 1 ÷ latafstand

Bij 32 cm latafstand: 3,1 m per m²

Breuk en pasverlies

+5 %

Bij een dak met veel doorvoeren +8 %

De rekenregel. Dakvlak langs het dak gemeten, maal het aantal pannen per vierkante meter, plus vijf procent. Nokvorsten en gevelpannen tel je daar apart bij op.

Om het dakvlak te bepalen uit de plattegrond deel je de horizontale afstand door de cosinus van de hellingshoek. Bij 45 graden is dat delen door 0,71, dus vermenigvuldigen met 1,41.

Rekenvoorbeeld. Een zadeldak met twee vlakken van elk 8,00 meter lang en 4,50 meter langs het dakvlak, hellingshoek 40 graden, opnieuw verbeterde Hollandse pan van 12 per vierkante meter, nok van 8,00 meter, geen vrije gevels.

  • dakvlak: 2 × (8,00 × 4,50) = 72,00 m²
  • pannen: 72,00 × 12 = 864 stuks
  • plus 5 %: 907 → 910 pannen
  • nokvorsten: 8,00 × 2,5 = 20 stuks
  • panlatten bij 32 cm latafstand: 72,00 × 3,1 = 223 strekkende meter

Bestel altijd een klein overschot en bewaar dat. Een pannenmodel wordt na tien tot vijftien jaar uit productie genomen, en dan is een vervangende pan bij een storm niet meer te krijgen.

PantypeStuks per m²Opmerking
Oude Hollandse pan14 – 16Kleinste formaat; monumenten en oudbouw
Opnieuw verbeterde Hollandse pan11 – 13Meest voorkomend in Nederland
Muldenpan11 – 13Vlakker beeld
Sneldekpan, keramisch9 – 11Grote dekkende maat
Betonpan, groot formaat9 – 11Zwaarder per stuk
Leipan of vlakke pan14 – 18Afhankelijk van de dekking
Nokvorst2,3 – 2,7 per strekkende meterOok op de hoekkepers
Gevelpan2,5 – 3,0 per strekkende meterAlleen bij een vrije gevel
PanlatPer m² gelijk aan 1 ÷ latafstandBij 32 cm latafstand: 3,1 m per m²
Breuk en pasverlies+5 %Bij een dak met veel doorvoeren +8 %

Waar het misgaat

Er wordt gerekend op de plattegrond in plaats van op het dakvlak. Dit is de fout die het hele getal onderuithaalt: bij 45 graden scheelt het veertig procent.

Het overschot wordt niet bewaard. Twintig reservepannen op zolder zijn na een storm het verschil tussen een reparatie van een uur en een dak dat niet meer sluitend te krijgen is.

De nokvorsten worden vergeten. Ze zijn duurder per stuk dan de pannen en ze worden in vrijwel elke eigen berekening overgeslagen.

Het gewicht wordt niet gecontroleerd bij een ander pantype. Betonpannen zijn zwaarder dan keramische. Overstappen op een zwaarder type vraagt een controle van de kapconstructie, en dat is bij een oudere kap geen formaliteit.

Het latwerk wordt hergebruikt. Bij het vernieuwen van een dak is het latwerk de goedkoopste post en de bepalende: verzwakte of verkeerd liggende panlatten maken elk pannendak los in de wind.

Er wordt niet gekeken naar de nokafwerking. Vorsten die in specie zijn gezet, zijn onderhoudsgevoelig; een droge nokconstructie met vorstklemmen en een geventileerde nokrol gaat langer mee en is bij vernieuwing de standaard.

Wat dit voor jou betekent

Woningeigenaar. De pannen zijn zelden de grootste post bij een dakvernieuwing; het latwerk, het folie, de steiger en het arbeidsloon zijn dat. Vraag daarom bij een offerte niet naar het pannenmerk maar naar wat er onder de pannen gebeurt: welk dampopen folie, welk latwerk, hoe de nok wordt afgewerkt, en of er isolatie bij komt.

Vervang je het dak toch, dan is dat het goedkoopste moment om het meteen te isoleren. Andersom is het de duurste route.

VvE. Het dak is gemeenschappelijk en dakvernieuwing is de grootste enkele post in vrijwel elk meerjarenonderhoudsplan. Reken op een levensduur van veertig tot zestig jaar voor de pannen zelf, maar op twintig tot dertig jaar voor het latwerk, de nokafwerking en het loodwerk — en die drie worden in een tienjarenplan structureel vergeten.

Huurder. Het dak is van de verhuurder. Meld losse of verschoven pannen met haast, zeker als ze boven een looproute liggen; een vallende dakpan is een veiligheidsmelding.

Zelfbouwer. De pandekking bepaalt de latafstand en die bepaalt weer het aantal pannen. Kies de pan voordat het tengel- en panlatwerk wordt besteld.

Vakman. Geef het aantal pannen, hulpstukken en nokvorsten apart op. De hulpstukken zijn per stuk duur en vormen bij een gemiddeld dak een tiende van de materiaalpost.

Zie voor meer informatie

Hielp dit?

We slaan alleen je antwoord op, en je toelichting als je die geeft. Geen naam, geen e-mailadres.

Alle rekenhulpen