KennisGebreken
Wat staat hier?Zoek op wat je ziet, niet op wat het is. Per verschijnsel: waar het vandaan kan komen, hoe ernstig het is, en wat de eerstvolgende stap is.
Sorteren:Oudste eerst
in zeven groepen — wat de kleuren betekenen
226 gebreken
- afwerking
Klemmende of beschadigde binnendeur
Een binnendeur die niet meer goed sluit, die openzwaait als je hem loslaat, of die met een klap dichtvalt. Een kruk die doorslaat, een slot dat niet meer grijpt, of een deurblad met een gat, een deuk of een losgelaten rand. Kijk naar de naad en naar de vloer eronder. Een deur die over een nieuwe vloer schuurt, is iets anders dan een deur die scheef hangt.
- Bouwdeel
- Deur
1× bekeken
- afwerking
Klemmende deur of raam
Een deur die niet meer soepel sluit, aanloopt tegen de dorpel of tegen de bovenkant van het kozijn. Een raam dat je met kracht moet dichtduwen, of dat aan één kant wel sluit en aan de andere niet. Kijk naar de naad rondom. Een deur hoort overal ongeveer evenveel speling te hebben. Loopt de naad taps toe — bovenaan breed, onderaan smal, of andersom — dan staat er iets scheef, en dan is de deur het gevolg en niet de oorzaak.
- Bouwdeel
- Deur
1× bekeken
- comfort
Klemmend of lekkend kunststof raam
Een kunststof raam of deur die zwaar loopt, niet meer over de hele lengte aandrukt, of waar tocht en water langskomen. Soms een scheur in een hoekverbinding — de las waar twee profielen samenkomen — of een vervormde vleugel die aan één kant klemt en aan de andere kier laat. Bij een schuifpui: een schuifdeur die stroef loopt of die aan de onderzijde water doorlaat.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- vocht
Klachten na spouwmuurisolatie
Vochtplekken op de binnenmuur die er vóór het isoleren niet waren. Een gevel die na regen langer nat blijft. Schimmel in een hoek of achter een kast. Een muur die op de ene plek warm aanvoelt en op de andere koud. Soms een geur die niet weggaat, of isolatiekorrels die uit een open stootvoeg of een ventilatierooster komen. De klacht begint zelden meteen. Het gebruikelijke beeld is dat het eerste natte seizoen na het isoleren goed gaat en het tweede niet. Dat verband wordt daardoor vaak niet gelegd.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- isolatie
Kierend of tochtend dakluik en vlieringvloer
Een luik naar de vliering of de zolder dat niet strak sluit, met een zichtbare kier rondom. Een koude luchtstroom die je voelt als je eronder staat. Stof en isolatievlokken die langs de rand naar beneden komen. Een vlek of een druppel condens op de bovenzijde van het luik in de winter. Isolatie op de vlieringvloer die is samengeklit, weggeschoven of waar looppaden doorheen zijn gelopen. En het beeld dat het meeste zegt over hoeveel het kost: een vliering die in de winter niet ijskoud is. Dat is warmte uit je woning die daar niet hoort te zijn.
- Bouwdeel
- Dak
- Ruimte
- Zolder
2× bekeken
- sanitair
Kalkaanslag en hard water
Witte korst op de douchekop, op de kraanuitloop en op de glazen douchewand. Een waterkoker die van binnen wit is. Doffe plekken op tegels en op roestvrij staal die je er niet af krijgt. Wasgoed dat stug aanvoelt. Wat je niet ziet, is de kalk in de leidingen, in de boiler en op de warmtewisselaar van de ketel — en dat is waar het geld zit.
- Bouwdeel
- Water en riolering
- Ruimte
- Badkamer
1× bekeken
- geluid
Installatiegeluid in de woning
Niet zozeer zien als horen. Een brommend of zoemend geluid dat er 's nachts is en overdag niet opvalt. Een tik of klap wanneer de lift start of stopt. Het aanslaan van een pomp dat je door de muur voelt. Een ventilatie-unit die ratelt. Een hydrofoorinstallatie die om vier uur 's nachts aanslaat omdat iemand in het gebouw de wc doortrekt. Het kenmerk dat dit onderscheidt van burengeluid: het geluid is regelmatig, mechanisch en niet gebonden aan menselijk gedrag. Het komt terug op vaste momenten of bij vaste handelingen, en het verandert niet als de buren op vakantie gaan.
- Bouwdeel
- Installaties
2× bekeken
- constructie
Houtworm of boktor in het houtwerk
Kleine ronde gaatjes in hout: in een balk, een vloerdeel, een trap, een kozijn of een oud meubel. Onder de gaatjes ligt fijn poeder, zo fijn als bloem of iets grover als zand. Soms hoor je in een stille kamer een zacht knagend of tikkend geluid in de zomermaanden. De maat van de gaatjes en de aard van het poeder zeggen welk insect het is, en dat bepaalt of het een kleine of een grote zaak is.
- Bouwdeel
- Draagconstructie
1× bekeken
- gevel
Houtrot in kozijnen
De verf bladdert of barst open, meestal onderaan het kozijn of in een hoek. Daaronder zit hout dat donker verkleurd is en dat zacht aanvoelt. Duw je er met een schroevendraaier in, dan zakt hij weg zonder weerstand. Het begint vrijwel altijd op dezelfde plekken: de onderdorpel, de onderste hoekverbindingen, en het punt waar het kozijn in het metselwerk staat. Dat zijn de plaatsen waar water blijft staan.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
2× bekeken
- constructie
Houtrot in de vloerbalken
Meestal zie je eerst niets. Je merkt het: een vloer die veert waar hij vroeger vast lag, een plank die meegeeft bij de muur, een deur die opeens langs de vloer schuurt. Soms een muffe, aardachtige lucht in de kamer die na ventileren terugkomt. Wie in de kruipruimte kijkt, ziet het wel: donkere, zachte plekken op de balken, meestal daar waar ze in de buitenmuur liggen. Dat uiteinde heet de balkkop, en dat is bij dit gebrek vrijwel altijd de plek waar het begint.
- Bouwdeel
- Vloer
- Ruimte
- Kelder
1× bekeken
- dak
Houtrot in de dakkapel
Afbladderende verf op de zijwangen van de dakkapel, meestal het eerst onderaan waar de wang op het dakvlak staat. Zachte plekken in het houtwerk van de boeiboord of de onderdorpel van het raam. Zwarte verkleuring rond de aansluiting met de dakbedekking. Een kozijn dat is gaan werken en waarvan het raam klemt. Aan de binnenkant: een vochtplek in de hoek van het schuine plafond, of schimmel achter een kast op zolder. De plek waar het begint is bijna altijd dezelfde: de onderste tien centimeter van de wangen en de aansluiting op het dak. Daar staat water, daar spat regen op, en daar wordt bij het schilderen het minst goed bijgekomen.
- Bouwdeel
- Dak
- Ruimte
- Zolder
2× bekeken
- veiligheid
Houtrook van een haard of kachel
Je ruikt rook in huis terwijl je zelf niet stookt. Meestal aan het begin van de avond, in het stookseizoen, en het sterkst bij windstil en mistig weer. De lucht komt binnen via een ventilatierooster, via een kier bij het kozijn, of via de mechanische toevoer; soms hangt hij in het beddengoed en in gordijnen zonder dat je hem in de tuin ruikt. Er is een tweede vorm die anders is en die veel ernstiger kan zijn: rook of verbrandingslucht uit je eigen toestel. Een haard die terugslaat, een kachel die bij het openen rook de kamer in laat, of een geur die met de wind wisselt. Bij een eigen toestel gaat het niet alleen over hinder maar over verbrandingsgassen in de woning. Het onderscheidende kenmerk: de geur is die van verbrand hout of van roet, en hij komt op vaste tijden terug. Dat patroon is bijna altijd naar één schoorsteen te herleiden, en dat is wat de aanpak bepaalt.
- Bouwdeel
- Schoorsteen
- Ruimte
- Woonkamer
1× bekeken
- vloeren
Holklinkende of losse dekvloer
Een vloer die op sommige plekken hol klinkt als je eroverheen loopt of erop tikt, terwijl hij elders massief aanvoelt. Vaak merk je het aan de tegels: een tegel die tikt of wipt, een voeg die openscheurt, of een rij tegels die over een strook los is gekomen. Bij een gietvloer of een tapijt hoor je het eerder dan dat je het ziet — een dof, hol geluid onder je hakken. Er hoort een tweede beeld bij: een scheur in de dekvloer die dwars over de ruimte loopt, vaak van een hoek of van een deuropening af. En bij vloerverwarming een vloer die op plaatsen niet warm wordt, terwijl de leiding er wel onder ligt. Het onderscheidende kenmerk: de vloerafwerking is niet het probleem — de laag eronder is losgekomen van de constructievloer. Dat is de reden dat opnieuw tegelen op dezelfde plek binnen twee jaar terugkomt.
- Bouwdeel
- Vloer
1× bekeken
- gevel
Groene aanslag en mos op gevel en dak
Een groene of zwarte waas op de gevel, meestal op de noord- of oostzijde. Mos tussen de dakpannen of op het platte dak. Groene aanslag op de bestrating en op houtwerk, glad bij regen. Kijk waar het niet zit. Het patroon — wél op de ene zijde, niet op de andere — vertel je waar het huis lang nat blijft, en dat is de eigenlijke informatie.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- geluid
Geluidsoverlast van de buren
Je hoort de buren: voetstappen boven je, een televisie door de muur, een deur die dichtvalt, een wasmachine die je door de vloer voelt. Soms verstaa je gesprekken; soms is het vooral een dreun die je meer voelt dan hoort. Dit is het enige gebrek in dit dossier dat niet zichtbaar is. Dat maakt het lastig, want een klacht zonder meting is een mening tegenover een mening.
- Bouwdeel
- Binnenwand
2× bekeken
- installaties
Gebroken of verzakte riolering in de tuin
Een put in de tuin die vol blijft staan. Bestrating die op één plek wegzakt, precies boven de lijn waar de rioolleiding loopt. Een lucht die bij warm weer uit de grond komt. Ratten in de tuin of in de kruipruimte. Toiletten die traag doorspoelen zonder dat er binnen iets verstopt zit. Bij een flinke bui: water dat uit een put omhoog komt in plaats van erin te verdwijnen. Het teken dat de meeste zekerheid geeft: een verzakking die een lijn volgt. Grond die op één punt wegzakt kan van alles zijn; grond die over drie meter in een rechte lijn wegzakt, volgt een leiding.
- Bouwdeel
- Terrein en tuin
- Ruimte
- Tuin
1× bekeken
- gevel
Gebarsten of lekkende glazen bouwstenen
Aan de stenen: barsten die dwars door een steen lopen, vaak van hoek naar hoek of in een ster; stenen met condens of water erin door een lek in de las tussen de twee helften; stenen die dof of melkachtig zijn geworden. Aan de voegen: scheuren langs de voegen, voegen die poederig worden of losvallen, roestsporen uit de voegen waar de wapening roest, en water dat bij regen langs de voegen naar binnen loopt. Aan de wand: een wand die in het midden bol staat of scheef is gaan hangen, een randvoeg tussen de wand en de constructie die is gescheurd of dichtgezet met mortel, en een wand die bij aanraken beweegt. Binnen: condens op de stenen in de winter, schimmel in de voegen en op de aansluitende wand, en een koude straling bij de wand. Bij een gevel: witte uitbloei, algen en een randaansluiting waar het water in loopt.
- Bouwdeel
- Gevel
- Ruimte
- Trappenhuis
- veiligheid
Gebarsten of gesprongen ruit
Een barst in het glas die er gisteren nog niet was. Soms één rechte lijn van rand tot rand, soms een barst die vanuit de sponning schuin het glasvlak in loopt. Bij gehard glas geen barst maar een ruit die in duizenden stompe korrels uiteenvalt en als een gordijn blijft hangen of naar beneden komt. Vaak is er geen aanleiding: niemand heeft er iets tegenaan gegooid. Dat is verwarrend en het is bij glas normaler dan mensen denken.
- Bouwdeel
- Kozijn en raam
1× bekeken
- vocht
Doorslaand vocht door de gevel
Een vochtplek op de binnenmuur die verschijnt na een periode met regen en wind uit dezelfde hoek, en die daarna weer wegtrekt. De plek zit vaak hoger op de muur dan bij optrekkend vocht en hij zit aan de kant waar de regen op staat — in Nederland meestal het zuidwesten. Buiten zie je een gevel die na regen lang donker blijft, soms met groene aanslag op de natte vlakken. Het onderscheidende kenmerk: de plek komt en gaat met het weer. Dat is het bewijs dat de bron buiten zit en niet in de grond of in de lucht binnen.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- constructie
Doorgezakt dakoverstek en doorbuigend dakterras
Aan het overstek: een boeiboord dat aan de buitenrand lager ligt dan bij de gevel, een golvende onderkant, een goot die naar het midden of naar één kant afloopt en overloopt bij regen, open naden tussen het overstek en de gevel, scheuren in het plafond van het overstek, en bij een houten overstek verkleurd, gescheurd of zacht hout aan de onderzijde. Aan het dakterras: een vloer die in het midden lager ligt, plassen die na regen blijven staan, tegels die wippen of bol staan, vlonderdelen die niet meer vlak liggen, een hekwerk dat uit het lood staat, en een aansluiting op de gevel of de deur die open staat of lekt. Onder het dakterras: een plafond dat doorhangt, scheuren op de naden van dakplaten of langs de wanden, vochtplekken, en een deur of raam eronder die klemt. In de tijd: een overstek dat na een dakrenovatie met isolatie of een nieuwe goot is gaan zakken; een terras dat na het leggen van tegels, plantenbakken of een jacuzzi doorhangt. Aan de belasting: een dakterras met zware tegels op tegeldragers, grote plantenbakken, een buitenkeuken of een hottub op een dak van een aanbouw uit de jaren zeventig.
- Bouwdeel
- Dak
- Ruimte
- Dakterras
1× bekeken
- gevel
Doorgeroeste latei boven het raam
Een horizontale scheur in het metselwerk vlak boven een raam of een deur, vaak in de eerste of tweede voeg. Soms roestbruine sporen die uit die voeg komen. Bij een zichtbare stalen latei: bladderende verf en een profiel dat dikker lijkt dan het was. Het metselwerk erboven kan iets naar voren komen te staan. Dat is het signaal dat het ernstig wordt.
- Bouwdeel
- Gevel
1× bekeken
- constructie
Doorbuigende of verende vloer
De vloer geeft mee als je loopt. Glazen in de kast tikken als iemand doorloopt, een lamp beweegt, en midden in de kamer voelt het duidelijk zachter dan bij de muur. Bij een houten vloer hoor je vaak kraken op dezelfde plekken. Leg een lange rechte lat of een strakke draad van muur tot muur en meet het verschil in het midden. Dat getal is het begin van elk gesprek hierover, want veert is een gevoel en doorbuiging in millimeters is een gegeven.
- Bouwdeel
- Vloer
1× bekeken
- constructie
Doorbuigende dakplaten en open naden tussen dakelementen
Aan het plafond: een doorhangend plafond tussen de wanden of de balken, het meest in het midden van de overspanning; rechte scheuren of open naden in de lengterichting op de plek van de elementnaden, die in de zomer en de winter verschillen; een aftimmering of stuclaag die op die naden scheurt of loskomt. Aan de elementen: bij een houten dakplaat een onderzijde die golft of waarvan de beplating loslaat, vochtplekken en verkleuring op de naden, en een plaat die bij drukken veert; bij cellenbeton een plaat die in het midden hangt, scheuren dwars op de overspanning en afbrokkelend materiaal bij de naden. Op het dak: een dakvlak dat tussen de opleggingen golft, plassen die na regen blijven staan in de laagste punten, en dakbedekking die op de naden van de elementen rimpelt of scheurt. Aan de belasting: grind, een tweede laag dakbedekking, extra isolatie, een groen dak of zonnepanelen die er later op zijn gelegd. Aan de aansluitingen: elementen die bij de oplegging op de muur of de ligger zijn verschoven of waarvan de bevestiging los zit; een dakrand die mee naar beneden is gekomen.
- Bouwdeel
- Dak
1× bekeken
- dak
Dieren op zolder of in de spouw
Geluid boven het plafond: geritsel, gekrabbel, gepiep of gestommel, meestal in de avond of de vroege ochtend. Soms zie je het aan de buitenkant: een opgelichte dakpan, een gat bij de dakvoet, een ontbrekend rooster, of uitwerpselen op de dakgoot of het terras onder een gevelopening. Op zolder zie je het aan de isolatie: weggetrokken, samengedrukt of doorgraven, en soms met nestmateriaal.
- Bouwdeel
- Dak
- Ruimte
- Zolder
2× bekeken
Toon 12 gebreken meer25 van 226 getoond · pagina 2 van 19
Wat staat hier?
- Hoe zoek ik hier iets op?
- Op het verschijnsel. «Bruine vlek op het plafond» en niet «lekkage» — want welke van de vier oorzaken het is, is precies wat je nog niet weet.
- Wat betekent de ernst?
- De graad die geldt als je de vragen niet invult. Staat er niets, dan hangt het werkelijk van jouw situatie af, en dan is een graad noemen een bewering die we niet kunnen waarmaken.
- Is dit een diagnose?
- Nee. Het is een richting plus de vraag die een deskundige zou stellen. Bij constructie, gas en asbest staat er expliciet bij dat je iemand moet laten kijken.
Verder kijken
Checklists
Lijsten om ter plekke af te vinken
98 checklists
Kennisbank
Naslag met hoofdstukken, om in te zoeken
477 artikelen
Werkomschrijvingen
De basis onder een offerteaanvraag
87 omschrijvingen