Rendabel hangt aan drie getallen: wat je nu stookt, op welke aanvoertemperatuur je woning het doet, en wat je betaalt voor gas en stroom. De vuistregel die in de praktijk standhoudt: kan je woning het op 45 graden aanvoer, dan kan een warmtepomp uit. Heb je 70 graden nodig, dan zelden. De terugverdientijd ligt bij een gemiddelde eengezinswoning op acht tot vijftien jaar, en de spreiding daarbinnen is groter dan het gemiddelde. De grootste variabele is niet het toestel maar de verhouding tussen de gas- en de stroomprijs. Verandert die, dan verandert de hele som. Een hybride opstelling haalt een groot deel van de besparing voor de helft van de investering. Dat is voor veel woningen het eerlijke antwoord.

Waar gaat het over?
De vraag is een warmtepomp iets voor mij wordt meestal beantwoord met een ander antwoord dan de vraag verdient: een offerte. Deze pagina zet de rekensom ervoor.
Rendabel betekent hier: over de levensduur van het toestel minder kwijt zijn dan zonder. Niet: binnen drie jaar terugverdiend, want dat haalt vrijwel geen enkele warmtepomp, en ook niet: goed voor het klimaat, want dat is een andere vraag.
Wat er niet in staat is welk type bij je past. Daarvoor is er een aparte pagina over warmtepomptypen, en een pagina over de aanschaf zelf.
Hoe ontstaat het?
Een warmtepomp haalt warmte uit de buitenlucht of uit de bodem en tilt die naar een bruikbare temperatuur. Voor elke kilowattuur stroom levert hij er drie tot vijf aan warmte. Die verhouding heet het rendement, en zij is het hele verhaal.
Het rendement daalt naarmate het temperatuurverschil groter wordt. Een toestel dat water van 35 graden maakt, presteert ruwweg twee keer zo goed als hetzelfde toestel dat 65 graden moet maken. Daarom is de aanvoertemperatuur die jouw woning nodig heeft de bepalende factor, en niet het merk.
Die aanvoertemperatuur hangt aan drie dingen: hoe goed de schil is, hoe groot de afgiftevlakken zijn, en of de installatie waterzijdig is ingeregeld. Vloerverwarming werkt op 35 graden, grote radiatoren op 45 tot 50, kleine oude radiatoren op 70 tot 80.
Daarnaast staat de prijsverhouding. Een warmtepomp vervangt gas door stroom. Zolang een kilowattuur stroom drie tot vier keer zoveel kost als een kilowattuur gas, en het rendement drie tot vier is, staat de som ongeveer gelijk en komt de winst uit het verschil. Schuift die verhouding, dan schuift de terugverdientijd mee — omhoog én omlaag.
En dan is er de investering. Een monoblok met buffervat en aansluiting kost € 9.000 tot € 18.000. Daar gaat subsidie vanaf, en daar komt bij wat er nodig is om de woning geschikt te maken: isolatie, grotere radiatoren, soms een zwaardere aansluiting.
Hoe herken je het?
Je herkent een woning waar het rendabel wordt aan een paar dingen die je zelf kunt vaststellen.
Zet je cv-ketel een winter lang op 50 graden aanvoer en kijk of het huis warm blijft. Blijft het comfortabel, dan is de woning geschikt en is de rekensom gunstig. Wordt het niet warm op de koudste dagen, dan is er eerst isolatie of een groter afgiftevlak nodig.
Kijk naar je gasverbruik per vierkante meter. Deel je jaarverbruik in kubieke meters door je gebruiksoppervlakte. Onder de 10 is gunstig, 10 tot 15 is gemiddeld, boven de 15 wijst op een schil die eerst aandacht vraagt.
Kijk naar de afgiftevlakken. Vloerverwarming of grote plaatradiatoren wijzen op lage temperatuur; smalle oude radiatoren onder de ramen wijzen op hoge.
En kijk naar de ruimte. Een buitenunit vraagt een plek waar hij vrij kan blazen en waar het geluid geen probleem is; een binnenunit met vat vraagt ongeveer een halve vierkante meter vloer.
Je herkent een woning waar het níet uit kan aan de combinatie: hoog verbruik, kleine radiatoren, geen ruimte voor isolatie, en een monumentenstatus of een VvE die niet meebeweegt.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf kun je: de aanvoertemperatuur op je ketel verlagen en een winter lang bijhouden of het huis warm blijft. Je gasverbruik delen door je gebruiksoppervlakte. De afgiftevlakken opmeten en fotograferen. Nagaan of er ruimte is voor een buitenunit en wat de afstand tot de erfgrens is. En opzoeken wat de gemeente over jouw wijk zegt.
Verder kun je zelf de bestaande installatie laten inregelen voordat je iets koopt; dat is de enige maatregel die in elk scenario loont en die de benodigde toestelgrootte verkleint.
Wat je beter niet zelf doet: het vermogen bepalen. Te groot kiezen is de meest voorkomende fout bij warmtepompen, en hij verlaagt het rendement in plaats van het te verhogen.
Laat over aan een deskundige: de warmteverliesberekening per ruimte, de dimensionering, en de beoordeling of je elektrische aansluiting toereikend is.
Regels en regelgeving
Voor een buitenunit van een warmtepomp of airco bij een woning geldt sinds 1 april 2021 een geluidseis op de perceelgrens. De precieze waarden staan corpusbreed niet eenduidig; deze pagina neemt daarom geen getal over en verwijst naar de pagina waar de eis wordt behandeld.
Voor het plaatsen van een buitenunit is doorgaans geen omgevingsvergunning nodig bij een grondgebonden woning aan de achterzijde. Bij een monument, in een beschermd gezicht of aan een voorgevel ligt dat anders.
Bij een appartement zijn gevel, dak en gemeenschappelijke ruimten van de vereniging. Een buitenunit aan de gevel of op het dak vraagt toestemming van de vergadering, en veel splitsingsreglementen stellen daar voorwaarden aan.
Voor een bodemwarmtepomp met een gesloten lus geldt een melding of een vergunning, afhankelijk van de gemeente en van ligging in een grondwaterbeschermingsgebied.
Subsidie voor een warmtepomp verandert per jaar in bedrag en in voorwaarden, en er gelden eisen aan het toestel en aan de installateur. Controleer de actuele regeling voordat je de rekensom maakt; het bedrag is groot genoeg om de uitkomst te kantelen.
Wat betekent dit voor jou?
- Doe eerst de proef met de aanvoertemperatuur. Een winter lang op 50 graden stoken kost niets en het beantwoordt de belangrijkste vraag. Dat is de test die vrijwel niemand doet en die het meeste zegt.
- Ligt je gasverbruik per vierkante meter boven de 15, begin dan bij de schil. Een warmtepomp in een slecht geïsoleerde woning is een grote investering met een klein rendement.
- Zit je tussen de twee in, dan is hybride de verstandige tussenstap: je haalt het grootste deel van de besparing en je houdt de keuze open.
- En reken de som met een bandbreedte voor de energieprijzen, niet met de prijs van vandaag. Een terugverdientijd die alleen uitkomt bij één prijsverhouding, is geen terugverdientijd maar een aanname.
Checklist
- Zet je cv een winter op 50 graden aanvoer en houd bij of het huis warm blijft.
- Deel je jaarlijkse gasverbruik door je gebruiksoppervlakte.
- Noteer per ruimte het type en de maat van de afgiftevlakken.
- Laat de installatie waterzijdig inregelen.
- Meet de vrije ruimte voor een buitenunit en de afstand tot de erfgrens.
- Zoek op wat de gemeente over jouw wijk zegt.
- Controleer of je aansluiting eenfase of driefase is.
- Vraag om een warmteverliesberekening en niet om een vuistregel per vierkante meter.
- Reken de terugverdientijd door met drie prijsverhoudingen, niet met een.
- Vraag bij een appartement toestemming aan de vereniging voordat je tekent.
Veelgestelde vragen
Wanneer is een warmtepomp rendabel?
Hoe lang is de terugverdientijd?
Moet ik eerst isoleren?
Is hybride een halve oplossing?
Wat is de belangrijkste factor?
Hoe test ik dat zelf?
Waarom staat er geen subsidiebedrag?
Kan het in een appartement?
Zie voor meer informatie
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.