Na ruimteverwarming is warm water de grootste energiepost in een woning. In een goed geïsoleerde woning is het zelfs de grootste. Toch gaat vrijwel alle aandacht naar isolatie en verwarming, en blijft de vraag waar dat warme water heen gaat onbesproken. Het antwoord is kort: de douche. In een gemiddeld huishouden gaat twee derde tot vier vijfde van het warme water door de douchekop. De keukenkraan, de wastafel en incidenteel een bad vormen de rest. Reken het door. Een douchekop van negen liter per minuut, acht minuten lang, is 72 liter op ongeveer 38 graden en kost ruwweg 2,3 kilowattuur aan warmte. Bij zes liter per minuut en zes minuten is dat 36 liter en ongeveer 1,2 kilowattuur. Twee ingrepen die niets aan comfort hoeven te kosten, halveren de post. Daarna komen de maatregelen die geld kosten: leidingisolatie, een douche-wtw, een kortere leidingroute en de instelling van ketel of boiler. De comfortstand van een cv-ketel, die het toestel dag en nacht warm houdt, kost € 40 - € 110 per jaar aan gas voor het gemak dat je vijftien seconden eerder warm water hebt. Wat je als eerste doet: meet het debiet van je douchekop met een emmer en een klok, en tel hoeveel minuten er per dag wordt gedoucht. Met die twee getallen weet je waar je verbruik zit.

Waar gaat het over?
Dit artikel gaat over het verbruik van warm tapwater in een woning: waar het heen gaat, wat het kost, en welke maatregelen effect hebben. Het gaat over de douche, de keuken, de wastafel en het bad, over de leidingen ertussen, en over de instelling van het toestel dat het water verwarmt.
Het is bedoeld voor de bewoner die zijn energierekening wil verlagen zonder grote verbouwing, voor de eigenaar die een verduurzamingsplan maakt, en voor de VvE die bij collectieve installaties overweegt in te grijpen.
Wat er niet in staat: hoe je een warmtepomp of boiler kiest en hoe je een douche-wtw plaatst. Legionella is wel de grens die alle besparing begrenst: zolang je een voorraadvat hebt, kun je de temperatuur niet zomaar verlagen.
Hoe ontstaat het?
Warm water kost energie volgens één rekenregel: een kubieke meter water vijftig graden opwarmen kost ongeveer 58 kilowattuur. Elke besparing grijpt aan op een van drie factoren: minder liters, een kleiner temperatuurverschil, of minder verlies onderweg.
Minder liters is de sterkste knop. Het debiet van de douchekop en de duur vermenigvuldigen zich met elkaar. Een oude regendouche kan twaalf tot zestien liter per minuut geven, een zuinige kop zit op zes tot zeven liter en voelt bij een goede straalvorm nauwelijks anders. Bij een gezin van vier scheelt een zuinige kop plus twee minuten korter al gauw 30 tot 50 kubieke meter warm water per jaar.
Het temperatuurverschil zit grotendeels vast: je doucht op 38 graden. Wat je wel verandert is de temperatuur waarop water wordt bewaard. Een boiler op tachtig graden verliest meer aan de omgeving en je mengt het meeste er toch weer uit.
Het derde punt is het verlies onderweg, en dat ziet niemand. Een ongeïsoleerde warmwaterleiding van twintig meter door een onverwarmde kruipruimte staat het hele jaar warmte af. Erger is de leidinginhoud die na elke tapbeurt in de buis blijft staan en afkoelt: bij een lange route naar de badkamer één tot drie liter per beurt, verwarmd en nooit gebruikt. Bij een circulatieleiding, gebruikelijk in wooncomplexen, pompt een pomp continu warm water rond; dat comfort kost het hele jaar warmte.
Tot slot de opwekking. Een cv-ketel in comfortstand houdt zijn voorraad warm, ook om vier uur 's nachts. Een warmtepompboiler haalt de warmte uit de lucht en gebruikt voor dezelfde liters ongeveer een derde van de energie van een elektrische boiler.
Hoe herken je het?
Een hoog verbruik herken je aan de waterrekening. Deel het jaarverbruik in kubieke meters door het aantal bewoners en door 365. Boven de 140 liter per persoon per dag zit er ruimte; onder de 100 liter ben je al zuinig.
Meet daarna de douche. Houd een emmer van tien liter onder de douchekop en klok hoe lang het duurt tot hij vol is. Dertig seconden betekent twintig liter per minuut, honderd seconden zes liter per minuut. Dat ene getal verklaart het grootste deel van het verschil tussen twee huishoudens van gelijke omvang.
Herken de wachttijd. Zet de verste kraan open en tel de seconden tot het water warm is. Meer dan twintig tot dertig seconden wijst op een lange of te dikke leiding. Vang het water op; dat is de leidinginhoud die na elke tapbeurt koud wordt.
Voel aan de leidingen. Een warmwaterleiding die in meterkast, kruipruimte of kast warm aanvoelt en niet geïsoleerd is, staat warmte af waar je die niet nodig hebt.
Kijk tot slot naar de instellingen. Staat de ketel in comfortstand of ecostand? Op welke temperatuur staat de boiler? Draait de circulatiepomp dag en nacht? Drie schakelaars die geen euro kosten.
Wat kun je zelf doen, en wat niet?
Zelf doen: het debiet van de douchekop meten met een emmer en een klok, en de kop vervangen als hij boven de acht liter per minuut zit. Kies een kop met een goede straalvorm; een zuinige kop die als motregen aanvoelt, gaat er binnen een maand weer af.
Ook zelf: doorstroombegrenzers in de aansluiting van wastafel- en keukenkraan plaatsen, een tijdschakelaar op de circulatiepomp zetten, de ketel van comfortstand naar ecostand zetten, en de bereikbare warmwaterleidingen isoleren met schaaldelen.
Ook zelf: bijhouden wat het oplevert. Noteer de meterstand van de watermeter en van gas of elektriciteit op de dag dat je een maatregel neemt. Zonder dat nulpunt weet je over een jaar niet wat de maatregel deed.
Niet zelf: de temperatuur van een boiler of collectieve installatie verlagen zonder te weten wat de legionellagrens is. Ook niet zelf: een douche-wtw plaatsen als de doucheafvoer daarvoor open moet; dat is werk aan de afvoer en de koudwaterleiding, met een afschot dat moet kloppen.
Twijfelgeval: het verleggen van een warmwaterleiding. Te doen voor een geoefende klusser, maar de leiding moet geïsoleerd, gebeugeld en afgeperst worden. Laat het afpersen door een installateur doen.
Regels en regelgeving
De belangrijkste regel aan de warmwaterkant gaat niet over energie maar over gezondheid. Legionella groeit in stilstaand water tussen ongeveer 25 en 45 graden. Daarom geldt voor een voorraadvat het uitgangspunt dat het water op minstens 60 graden wordt gehouden en dat het vat regelmatig volledig op temperatuur komt. Bij een doorstroomtoestel zonder voorraad speelt dat veel minder.
Voor woningen geldt een zorgplicht; voor gebouwen met een verhoogd risico gelden strengere regels uit het Drinkwaterbesluit met een beheersplan en periodieke monsters. Een gewone woning valt daar niet onder, een wooncomplex met een collectieve installatie kan er wel onder vallen.
Het Besluit bouwwerken leefomgeving onder de Omgevingswet, de opvolger van het Bouwbesluit 2012, stelt eisen aan de drinkwaterinstallatie zelf: aan materialen, aan bescherming tegen terugstroming en aan de temperatuur aan het tappunt om verbranding te voorkomen. Bij bad en douche wordt daarom met een thermostatische mengkraan gewerkt.
Voor nieuwbouw telt het warmtapwatersysteem mee in de energieprestatie. Een korte leidingroute, geïsoleerde leidingen en warmteterugwinning uit douchewater verbeteren die score. Dat is een reden waarom een douche-wtw in nieuwbouw bijna standaard is en in bestaande bouw zelden zit.
Bij verhuur is een installatie die geen behoorlijke warmwatervoorziening levert een gebrek dat de verhuurder moet verhelpen.
Wat betekent dit voor jou?
- woningeigenaar
- begin bij de douchekop en de duur, ga daarna naar de instellingen van ketel of boiler, en overweeg een douche-wtw pas als de badkamer of de vloer toch open gaat.
- huurder
- de douchekop, de doucheduur en een doorstroombegrenzer zijn van jou en verdienen zich in maanden terug. Een lange wachttijd of een boiler die niet warm wordt, meld je bij de verhuurder.
- vve
- bij een collectieve installatie zit de winst in de isolatie van stijg- en circulatieleidingen en in de schakeling van de circulatiepomp. Neem dat op in het meerjarenonderhoudsplan.
- koper
- vraag naar de leidingroute naar de badkamer en meet bij de bezichtiging de wachttijd aan de verste kraan. Dat zegt iets over het comfort en over de energierekening.
Checklist
- Weet je hoeveel liter per minuut je douchekop geeft, gemeten met emmer en klok?
- Is de douchekop zuiniger dan acht liter per minuut, met een straal die prettig blijft?
- Weet je hoeveel minuten er per dag in huis wordt gedoucht?
- Staat de cv-ketel in ecostand, of is bewust voor comfortstand gekozen met kennis van de kosten?
- Op welke temperatuur staat de boiler, en is die instelling getoetst aan de legionellagrens?
- Draait de circulatiepomp dag en nacht, of is er een tijdschakeling?
- Zijn de bereikbare warmwaterleidingen in kast, schacht en kruipruimte geïsoleerd?
- Hoeveel water loopt er weg voordat de verste kraan warm geeft?
- Zijn er lekkende kranen of een doorlopend toilet die het beeld vertroebelen?
- Ligt er een douche-wtw, of is die bij de eerstvolgende verbouwing te plaatsen?
- Is de meterstand van water en energie genoteerd voordat je een maatregel nam?
Veelgestelde vragen
Hoeveel van mijn energierekening gaat naar warm water?
Wat bespaart meer: korter douchen of een zuinige kop?
Mag ik mijn boiler op vijftig graden zetten om te besparen?
Loont een douche-wtw?
Wat kost de comfortstand van mijn cv-ketel?
Zie voor meer informatie
- Warm water in huis: doorstroom, boiler en warmtepompKennisbank
- Douche-WTW: warmte terugwinnen uit douchewaterKennisbank
- Waarom warm water lang op zich laat wachtenKennisbank
- Leidingisolatie aanbrengenStappenplan
- Energierekening verlagen: de volgorde die het meeste oplevertKennisbank
- Legionella in een woning: wanneer het speeltArtikel
Reacties
De Builddocs-redactie
Redactie ·
Builddocs verdient aan affiliate-doorklikken en aan abonnementen. Dat staat hier omdat het uitmaakt bij het lezen van een vergelijking.
Meer over de auteurMinder
Onder een redactiestuk staat geen naam omdat er geen persoon achter zit, maar omdat de verantwoordelijkheid bij Builddocs als geheel ligt. Elk document heeft een datum waarop het is gecontroleerd; ontbreekt die, dan staat dat er ook.