Naar de inhoud

Dit is een bètaversie van Builddocs. Je kunt alles bekijken, maar aanmelden en een abonnement afsluiten kan nog niet.

Bouwkundige termen in gewone taal. Wat het is staat er altijd — de uitleg erachter hoort bij een abonnement.

in Begrippen
Sorteren:Standaard

Wis alle filters (1)

248 van 2.115 begrippen

B

  • BDB-indexPremium · ook: Bouwkostenindex, indexcijfer

    De BDB-index is een reeks indexcijfers waarmee de ontwikkeling van bouwkosten wordt gevolgd. Zij wordt gebruikt om aanneemsommen te indexeren, om budgetten bij te stellen en om herbouwwaarden te actualiseren.

  • BENGPremium · ook: Bijna Energieneutrale Gebouwen

    BENG is de energieprestatie-eis voor nieuwbouw in Nederland. Zij bestaat uit drie losse eisen: hoeveel energie het gebouw nodig heeft, hoeveel fossiele energie het gebruikt, en welk deel van de energie hernieuwbaar is. De eisen gelden sinds 1 januari 2021.

  • BIMPremium · ook: Voluit Building Information Modelling, in het Nederlands bouwwerkinformatiemodel

    BIM is een driedimensionaal model van een bouwwerk waarin elk onderdeel informatie draagt: materiaal, afmeting, prestatie en levensduur. Het is geen tekenprogramma maar een informatiemodel waaruit tekeningen, staten en berekeningen worden afgeleid.

  • BaddingPremium · ook: Batting, bezaagd constructiehout

    Een badding is een balkje bezaagd constructiehout in een standaardmaat, gebruikt voor regelwerk, spanten, onderslagen en tijdelijke constructies. Het is het werkpaard onder het bouwhout: goedkoop, overal verkrijgbaar en sterk genoeg voor het meeste.

  • BadkamerventilatorPremium · ook: Badkamerventilator, ventilator, afzuigventilator, wandventilator, doucheventilator

    Een badkamerventilator is een losse afzuigventilator in de wand of het plafond van een badkamer of toilet, met een eigen afvoer naar buiten. De capaciteit, de nalooptijd en de plek waar de lucht heen gaat bepalen of hij het vocht daadwerkelijk afvoert.

  • BakgootPremium · ook: Kraaldeel- of bakvormige goot

    Een bakgoot is een rechthoekige goot die op de muurplaat of op de gootklossen rust, ingebouwd in de dakrand. Hij vangt het regenwater van het dak op en voert het naar de hemelwaterafvoer. Bij oudere woningen is hij van hout met een metalen binnenbekleding.

  • BaksteenPremium · ook: Metselsteen, gevelsteen, klinker (bij zeer hard gebakken steen).

    Een baksteen is een steen van gebakken klei, gebruikt voor metselwerk. Stenen verschillen in hardheid, kleur, maat en wateropname. Die verschillen bepalen of een steen geschikt is voor buitenwerk, voor gevelwerk of alleen voor binnen.

  • BaksteenformatenPremium · ook: Steenformaat, steenmaat

    Baksteenformaten zijn de gestandaardiseerde maten waarin metselstenen worden geleverd. In Nederland gelden eigen formaten met eigen namen, en het formaat bepaalt het beeld van de gevel en of nieuw werk aansluit op bestaand.

  • BalansventilatiePremium · ook: Systeem D, gebalanceerde ventilatie, mechanische toe- en afvoer

    Bij balansventilatie voert een unit mechanisch verse lucht aan en vervuilde lucht af, in gelijke hoeveelheden. In de unit wordt de warmte uit de afgevoerde lucht overgedragen op de aangevoerde lucht. Zo ventileer je zonder de warmte weg te gooien.

  • BalkPremium · ook: Ligger, moerbalk voor de zware hoofdbalk, kinderbalk voor de lichtere balken daartussen.

    Een balk is een langwerpig dragend element dat belasting overbrengt naar muren of kolommen. In woningen zijn balken van hout, staal of beton. Zij bepalen hoe ver een vloer of dak kan overspannen zonder tussensteun.

  • BalkankerPremium · ook: Muuranker, gevelanker, sierdanker

    Een balkanker verbindt een houten vloerbalk met de gevel, zodat die gevel niet naar buiten kan wijken. De zichtbare metalen figuren op oude gevels — kruisen, cijfers, krullen — zijn de uiteinden van deze ankers.

  • BalkdragerPremium · ook: Balkdrager, balkschoen, balkbeugel, joist hanger

    Een balkdrager is een verzinkte stalen beugel waarmee een balk aan een hoofdbalk of een muurplaat wordt opgehangen, zonder inkassing. Alle nagelgaten moeten worden gevuld met de voorgeschreven nagels; schroeven en gedeeltelijk vullen halveren de draagkracht.

  • BalkkopPremium · ook: Balkeinde, balkoplegging

    De balkkop is het uiteinde van een vloer- of dakbalk, daar waar hij in de muur ligt. Het is het kwetsbaarste punt van een houten vloerconstructie, omdat het hout daar in contact staat met metselwerk dat vochtig kan zijn.

  • BalklaagPremium · ook: Vloerbalklaag, balkenlaag

    Een balklaag is het geheel van evenwijdige balken dat een houten vloer of een plafond draagt. In woningen van voor ongeveer 1970 zijn de verdiepingsvloeren vrijwel altijd zo gemaakt. De balklaag bepaalt hoeveel de vloer mag dragen en hoe hij aanvoelt.

  • BalkonPremium

    Een balkon is een uitkragend of ingebouwd buitenvlak aan een woning boven het maaiveld. Het is bouwtechnisch een van de meest belaste onderdelen van een gebouw: het steekt uit, het staat vol in het weer en het draagt mensen.

  • BalkondeurPremium · ook: Terrasdeur bij een uitgang op maaiveldniveau

    De balkondeur is de deur naar balkon of terras. Het is een buitendeur met veel glas, en daarmee vaak de grootste warmteverliespost en de meest tochtgevoelige plek van een woonkamer.

  • BalkonhekPremium · ook: Balkonbalustrade, galerijhek

    Het balkonhek is de afscheiding rond een balkon of galerij. Anders dan een binnenbalustrade staat het permanent buiten, en juist daarom is de bevestiging het onderdeel dat aandacht vraagt.

  • BalkonvloerafwerkingPremium · ook: Balkonvloerafwerking, balkonafwerking, balkonvloer, terrasafwerking op een balkon

    De balkonvloerafwerking is de zichtbare, beloopbare laag op een balkon, aangebracht op de constructieve balkonplaat. Het onderscheidende punt is dat er onder je voeten een constructie ligt waar water niet in mag komen. Op een tuinterras is een verkeerd gelegde tegel een ongemak; op een balkon is het de eerste stap naar betonrot, roestende wapening en een balkonplaat die over dertig jaar moet worden vervangen. En bij een appartement is die plaat vrijwel altijd gemeenschappelijk eigendom.

  • BalkschoenPremium · ook: Balkschoen, balkdrager, balkhanger, joist hanger

    Een balkschoen is een stalen beugel waarin het uiteinde van een houten balk wordt geplaatst en waarmee die balk aan een andere balk, een muurplaat of een wand wordt opgehangen. Het is een klein en goedkoop onderdeel dat een constructieve verbinding maakt, en dat is precies waarom het zo vaak misgaat. Een balkschoen zonder de voorgeschreven nagels is geen constructieve verbinding maar een stalen sierrand: het aantal en het type bevestigers bepaalt de draagkracht volledig.

  • BallastlaagPremium · ook: Ballast, grindlaag, drukverdelende laag

    Een ballastlaag is een laag grind, tegels of substraat op een plat dak. Zij houdt de dakopbouw op zijn plaats tegen windzuiging en beschermt het membraan of de isolatie tegen uv en temperatuurwisselingen.

  • BalusterPremium · ook: Baluster, spijl, spijltje, trapspijl, stijl, balustervorm

    Een baluster is een verticaal element in een balustrade of trapleuning. Het is een onderdeel waar mensen naar het uiterlijk kijken en waar het om de maten gaat. Een vloerafscheiding moet een kind tegenhouden, en dat vertaalt zich in twee harde eisen: de openingen mogen niet groter zijn dan waar een kind doorheen kan, en er mag niets horizontaals zijn waar een kind op kan klimmen. Die tweede eis is de reden dat de populaire horizontale kabels en latten in een balustrade een probleem zijn.

  • BalustradePremium · ook: Vloerafscheiding is de term in de bouwregelgeving

    Een balustrade is de afscheiding langs een hoogteverschil: bij een trap, een vide, een galerij of een balkon. Zij moet voorkomen dat iemand valt, en dat is een kwestie van hoogte, en van wat een kind erin kan doen.

  • BamboePremium · ook: Bamboo

    Bamboe is een snelgroeiend grasachtig gewas dat industrieel wordt verwerkt tot plaatmateriaal, vloerdelen, gevelbekleding en terrasdelen. Het is hard, maatvast en het groeit aanzienlijk sneller aan dan hout.

  • BandschuurmachinePremium · ook: Bandschuurmachine, bandschuurder, schuurband, bandslijper

    Een bandschuurmachine is een elektrische schuurmachine met een doorlopende schuurband die over twee rollen wordt aangedreven. Hij neemt snel en veel materiaal weg en dat is tegelijk zijn kracht en zijn gevaar. Een bandschuurmachine schuurt een gat in je werkstuk in de tijd die het kost om na te denken — een paar seconden stilstand op één plek is genoeg voor een holte die je er niet meer uit krijgt.

  • BangkiraiPremium · ook: Bangkirai, yellow balau, balau

    Bangkirai is een zwaar tropisch hardhout uit Zuidoost-Azië met een goede natuurlijke duurzaamheid, veel toegepast voor vlonders en terrassen. Het is sterk uitlogend in het eerste jaar en het splintert bij veroudering.

  • Bankschroef · ook: Bankschroef, bankklem, kortweg schroef in de werkplaats

    Een bankschroef is een klem die vast op een werkbank staat en een werkstuk tussen twee bekken vastzet. Je draait de bekken met een spindel naar elkaar toe. Daardoor blijven allebei je handen vrij om te zagen, vijlen, boren, buigen of schuren.

  • BarokPremium

    Barok is de bouwstijl van ongeveer 1650 tot 1780, herkenbaar aan symmetrie, monumentale gevelopbouw met pilasters, en rijk bewerkte details rond de entree. In Nederland is het de stijl van de grachtenpanden met hals- en klokgevels.

  • BasaltPremium · ook: Basalt, basaltlava

    Basalt is een donker stollingsgesteente dat ontstaat bij snelle afkoeling van lava. Het is hard, dicht en vorstbestendig, en het heeft in Nederland een lange geschiedenis in de waterbouw. De zwarte tot donkergrijze kleur en de matte uitstraling maken het daarnaast populair als bestrating en als vloertegel.

  • BastaardmortelPremium · ook: Kalkcementmortel, gemengde mortel

    Bastaardmortel is metsel- of voegmortel met zowel kalk als cement als bindmiddel. De kalk maakt hem soepel en vergevingsgezind, het cement geeft hem sterkte. Het is de gebruikelijke mortel voor gevelmetselwerk en voor voegwerk in bestaande bouw.

  • BauhausPremium · ook: Genoemd naar de Duitse kunstnijverheidsschool (1919-1933)

    Bauhaus is de bouwstijl van ongeveer 1920 tot 1940 met witte, kubische volumes, platte daken, horizontale raamstroken en stalen kozijnen. De vorm volgt de functie, en ornament ontbreekt.

  • BedenktijdPremium · ook: Bedenktijd, wettelijke bedenktijd, drie dagen bedenktijd

    De bedenktijd is de periode van drie dagen waarin een particuliere koper van een woning de koop zonder opgaaf van reden kan ontbinden, nadat hij een afschrift van de getekende koopovereenkomst heeft ontvangen. Het is een wettelijk recht dat niet kan worden weggecontracteerd, en het is de enige uitweg die geen reden vraagt.

  • BedieningsplaatPremium · ook: Bedieningsplaat, drukplaat, spoelplaat, bedieningspaneel, drukknopplaat

    Een bedieningsplaat is het zichtbare paneel waarmee een toilet met een inbouwreservoir wordt doorgespoeld. Het is het enige deel van het inbouwreservoir dat je ziet, en tegelijk het luik waarachter alles zit. Wie de plaat eraf haalt, kan bij het spoelmechanisme, bij de vlotter en bij de afsluiter — en dat is de reden dat de plaat niet dichtgestuukt of vastgekit mag worden, hoe strak dat er ook uitziet.

  • Begane grondPremium · ook: Begane grond

    De begane grond is de bouwlaag van een gebouw die op of vlak boven het maaiveld ligt en waar meestal de voordeur zit. Alles daarboven heet een verdieping, alles daaronder een kelder of souterrain.

  • BeglazingPremium · ook: Beglazingssysteem, glaswerk

    Beglazing is het glas in een kozijn samen met alles wat het op zijn plaats en waterdicht houdt: de sponning, de beglazingskit of het rubber, de glaslatten en de blokjes waarop het glas rust. De prestatie van een raam wordt bepaald door dat geheel en niet door het glas alleen.

  • BegrotingPremium · ook: Begroting, calculatie, raming, kostenraming, kostenopstelling

    Een begroting is een opstelling van de verwachte kosten van een bouwwerk, opgebouwd uit onderdelen. Er is één kenmerk dat een begroting van een prijs onderscheidt, en zonder dat kenmerk kun je niets. Een begroting zonder hoeveelhedenstaat is geen begroting maar een bedrag. Zonder de aantallen — vierkante meters, strekkende meters, stuks — kun je twee offertes niet vergelijken, kun je niet zien wat er is vergeten, en kun je bij meerwerk niet nagaan of iets er al in zat. Dat is precies de reden dat de vraag "waarop is dit gebaseerd?" bij aanbieders zoveel oplevert: wie het niet kan onderbouwen, heeft geraden.

  • BehangPremium · ook: Wandbekleding

    Behang is een wandbekleding op rollen. Naast decoratie heeft het een praktische functie: glasvezel- en renovatiebehang overbruggen haarscheuren en maken een minder vlakke wand acceptabel.

  • BehanglijmPremium · ook: Behanglijm, behangplaksel, plaksel, kleister

    Behanglijm is het plaksel waarmee behang aan de wand wordt bevestigd, in soorten die per behangtype verschillen. De soort volgt uit het behang en de ondergrond. Papierbehang vraagt een lijm die het papier laat weken, vliesbehang een lijm die op de wand gaat, en zwaar vinyl of glasvezel een lijm met veel bindmiddel. De verkeerde lijm laat naden openstaan of blaasjes ontstaan.

  • Behangschaar · ook: Behangschaar, behangersschaar, tapisseerschaar

    Een behangschaar is een schaar met twee lange, rechte bladen waarmee je behang op maat knipt en langs plint, plafond en kozijn afsnijdt. De lengte van het blad maakt een lange, rechte knip in een keer mogelijk, zonder de trapjes die een korte schaar achterlaat.

  • BeitelPremium · ook: Steekbeitel voor hout, koudbeitel voor metaal, bikbeitel voor steen

    Een beitel is een gereedschap met een geslepen snede waarmee je materiaal wegsteekt of weghakt. Er zijn aparte uitvoeringen voor hout, metselwerk en beton, en die zijn niet uitwisselbaar.

  • BeitsPremium · ook: Beits, houtbeits, lasuur, lazuur

    Beits is een dunne, in het hout dringende houtbescherming die de nerf zichtbaar laat en het oppervlak niet met een gesloten film afsluit. Zij vraagt vaker onderhoud dan lak en zij bladdert niet; verweerde beits verweert weg in plaats van los te laten.

  • BekistingPremium · ook: Mal, kist, schaling

    Bekisting is de tijdelijke mal waarin vers beton wordt gestort en die het beton in vorm houdt tot het voldoende is verhard. Zij bepaalt de maatvoering, de vlakheid en het uiterlijk van de betonconstructie.

  • Bel-etagePremium · ook: Ook geschreven als beletage

    De bel-etage is de verhoogde hoofdverdieping van een pand, bereikbaar via een bordes of stoep, met daaronder een souterrain. Kenmerkend voor stadswoningen uit de zeventiende tot de negentiende eeuw.

  • BelastingPremium · ook: Belasting in constructieve zin, niet in fiscale zin

    Belasting is alles wat een constructie moet dragen: het eigen gewicht van het bouwwerk, de mensen en spullen erin, sneeuw, wind en soms de druk van grond of water. Elke constructie is berekend op een bepaalde belasting, en die bepaalt wat je er wel en niet op mag zetten.

  • BeluchterPremium · ook: Ontspanningsventiel, membraanbeluchter, AAV

    Een beluchter is een klepje in een afvoerleiding dat lucht binnenlaat wanneer er onderdruk ontstaat, en dat sluit bij overdruk. Het voorkomt dat de waterslotjes in de sifons worden leeggezogen.

  • BeluchtingsventielPremium · ook: Beluchtingsventiel, ontluchtingsventiel, luchttoevoerventiel, AAV

    Een beluchtingsventiel laat lucht de riolering in wanneer daar onderdruk ontstaat, maar laat geen lucht en dus geen rioollucht naar buiten. Het vervangt een dakdoorvoer voor de onderdrukkant, niet voor de overdruk; daarom blijft in elke installatie ten minste één doorvoer naar buiten nodig.

  • BenedenwoningPremium · ook: Benedenwoning, benedenhuis, beneden

    Een benedenwoning is de zelfstandige woning op de begane grond van een pand dat in twee of meer woningen is verdeeld. Ze heeft een eigen voordeur aan de straat en meestal de tuin erbij. Daarboven ligt een bovenwoning met een eigen opgang.

  • BerapenPremium · ook: Raapwerk, raaplaag, aanbrandlaag

    Berapen is het aanbrengen van een ruwe mortellaag op metselwerk of beton, als vlakke en hechtende ondergrond voor stucwerk, tegelwerk of verf. Het is de tussenlaag die de oneffenheden van de ondergrond wegneemt.

  • BerkenPremium · ook: Berken, berkenhout, berk

    Berken is een lichte, egale loofhoutsoort met een fijne structuur en een hoge sterkte in verhouding tot het gewicht. In de bouw wordt het vooral verwerkt tot multiplex, dat om zijn dunne, gelijkmatige fineerlagen en zijn strakke kant wordt gewaardeerd.

  • BeschermbuisPremium · ook: Beschermbuis, installatiebuis, mantelbuis, elektrabuis, flexbuis

    Een beschermbuis is een holle buis waar een kabel of een leiding doorheen loopt, zodat die niet in aanraking komt met het omringende materiaal en later kan worden vervangen zonder te breken. Dat tweede is de reden van bestaan. Een kabel die los in beton of in een dekvloer ligt, ligt daar voorgoed. Een kabel in een buis is trekbaar: je maakt hem aan een nieuwe vast en trekt hem eruit. Wie bij een verbouwing buizen legt in plaats van kabels, koopt daarmee de mogelijkheid om over vijftien jaar iets anders te willen.

  • Beschermd monumentPremium · ook: Beschermd monument, rijksmonument, gemeentelijk monument, provinciaal monument

    Een beschermd monument is een gebouw of object dat vanwege zijn cultuurhistorische waarde wettelijk is beschermd. De bescherming betekent niet dat er niets mag; zij betekent dat wijzigingen vergunningplichtig zijn en dat de monumentale waarden leidend zijn. Daar staan subsidies, fiscale regelingen en gunstige leningen tegenover.

  • Beschermd stadsgezichtPremium · ook: Beschermd stadsgezicht, beschermd dorpsgezicht, beschermd stads- of dorpsgezicht, rijksbeschermd stadsgezicht, gemeentelijk beschermd stadsgezicht

    Een beschermd stadsgezicht is een gebied waarvan het historische karakter als geheel beschermd is: de straten, de verkaveling, het profiel van de bebouwing en het aanzicht vanaf de openbare ruimte. De losse panden zijn daarmee nog geen monument, maar wat je aan de buitenkant verandert, wordt strenger getoetst.

  • BeschermlaagPremium · ook: Beschermlaag, coating, deklaag, toplaag, conserveringslaag.

    Een beschermlaag is een laag die een materiaal afschermt tegen water, UV, chemicaliën, slijtage of corrosie. Elke beschermlaag heeft een levensduur en die is korter dan die van het materiaal eronder. Onderhoud van de beschermlaag is daarmee een terugkerende taak, en het uitstellen ervan is de meest voorkomende oorzaak van schade aan het onderliggende materiaal.

  • BeschoeiingPremium · ook: Het woord dekt twee verschillende dingen

    Een beschoeiing is een grondkerende wand die voorkomt dat grond wegzakt of afkalft. Langs water houdt zij de oever op zijn plaats; in een bouwput of sleuf houdt zij de wand overeind zolang er wordt gewerkt.

  • BeslagPremium

    Beslag is een juridische maatregel waarbij een schuldeiser vermogen van een schuldenaar blokkeert, zodat het niet kan worden verkocht of weggesluisd. Op een woning kan beslag worden gelegd, en dat wordt in het Kadaster ingeschreven.

  • Besloten ruimtePremium · ook: Beperkte ruimte, gesloten ruimte

    Een besloten ruimte is een afgesloten of nauwelijks geventileerde ruimte die niet bedoeld is om in te verblijven en die maar één of enkele nauwe toegangen heeft. Denk aan een kruipruimte, een kelder, een schacht, een put of een tank. Het risico is dat de lucht er niet deugt en dat je er niet snel uit komt.

  • Besluit bouwwerken leefomgevingPremium · ook: Bbl

    Het Bbl bevat de technische eisen waaraan bouwwerken in Nederland moeten voldoen: constructie, brandveiligheid, gezondheid, energiezuinigheid en toegankelijkheid. Het geldt sinds 1 januari 2024 en verving het Bouwbesluit 2012.

  • BestanddeelPremium · ook: Bestanddeel, bestanddelen (meervoud), onderdeel van de zaak, aard- en nagelvast verbonden zaak

    Een bestanddeel is een onderdeel dat zo bij een zaak hoort dat het er juridisch geen apart ding meer naast is. Wie eigenaar is van het huis, is daarmee eigenaar van alles wat er bestanddeel van is geworden, ook als iemand anders het heeft betaald of aangebracht.

  • BestekPremium · ook: Technische omschrijving, werkomschrijving

    Het bestek beschrijft precies wat er gebouwd moet worden, met welke materialen en volgens welke eisen. Het hoort bij de tekeningen en vormt samen daarmee de basis van de opdracht aan de aannemer.

  • BestemmingsplanPremium · ook: Sinds de Omgevingswet heet het omgevingsplan

    Het bestemmingsplan legt vast wat er op een stuk grond mag gebeuren: welke functie het heeft, hoe groot en hoe hoog er gebouwd mag worden en waar op het perceel. Sinds 1 januari 2024 is het opgegaan in het omgevingsplan van de gemeente.

  • BestratingPremium · ook: Straatwerk, verharding

    Bestrating is de verharding van oprit, pad of terras, gelegd in een zandbed en opgesloten door randen. Of het jarenlang vlak blijft, wordt bepaald door de ondergrond en de opsluiting, niet door de stenen.

  • Bestratingsmateriaal · ook: Bestratingsmateriaal, ook geschreven als bestratings-materiaal

    Bestratingsmateriaal is alles wat je los legt om een tuinpad, terras, oprit of stoep te verharden: klinkers, tegels, keien en de zand- en fundatielaag eronder. De stenen dragen niets uit zichzelf; de ondergrond doet het werk.

  • BetegelenPremium · ook: Betegelen, tegelen, tegelzetten, tegelwerk aanbrengen.

    Betegelen is het aanbrengen van tegels op een wand of vloer met tegellijm, gevolgd door het voegen. Het resultaat wordt bepaald door drie dingen die alle drie vóór de eerste tegel gebeuren: een vlakke en draagkrachtige ondergrond, een waterdichte laag in natte zones, en een doordachte tegelindeling. Wie daar begint, krijgt strak werk.

  • BetengelingPremium · ook: Tengelwerk, panlatten en tengels

    Betengeling is het aanbrengen van latten op een dakvlak of een gevel, waardoor er een geventileerde ruimte ontstaat tussen de waterkerende laag en de afwerking. De pannen of de gevelbekleding worden daaraan bevestigd.

  • BetonPremium · ook: Betonspecie is het verse, nog vloeibare mengsel; beton is het verharde resultaat

    Beton is een mengsel van cement, zand, grind en water dat na verharding steenhard wordt. Het is sterk op druk en zwak op trek; daarom zit er staal in. Beton is het meest gebruikte bouwmateriaal ter wereld en het draagt vrijwel elk Nederlands gebouw.

  • BetonbedPremium · ook: Werkvloer, schoonwerkvloer, stelbed

    Een betonbed is een dunne laag beton die als vlakke, schone ondergrond dient voor werk dat erop komt. Het draagt niet zelf, maar het maakt nauwkeurig werken mogelijk en houdt wapening en constructie vrij van de grond.

  • BetonblokPremium · ook: Betonblok, betonsteen, betonmetselblok, holle betonsteen

    Een betonblok is een geperst blok van zand, grind en cement, met een hoge druksterkte en een hoog gewicht. Het wordt gebruikt waar draagkracht telt en het uiterlijk niet, zoals in funderingen, kelderwanden en dragende binnenwanden.

  • BetondekkingPremium · ook: Dekking, wapeningsdekking

    De betondekking is de laag beton tussen het wapeningsstaal en het buitenoppervlak. Zij beschermt het staal tegen roest en tegen brand. Enkele millimeters te weinig kost tientallen jaren levensduur.

  • BetongaasPremium · ook: Wapeningsnet, bouwstaalmat, betonnet

    Betongaas is een fabrieksmatig gelast net van betonstaal, gebruikt als wapening in vloeren, dekvloeren en druklagen. Het verdeelt krimpspanning en belasting over het vlak en beperkt daarmee scheurvorming.

  • BetoninjectiePremium · ook: Scheurinjectie, injecteren, verpressen

    Betoninjectie is het onder druk vullen van scheuren, holtes of grindnesten in beton met een hars of een cementgebonden mortel. Het herstelt de samenhang van de constructie of maakt haar weer waterdicht.

  • BetonklinkerPremium · ook: Betonstraatsteen, klinker

    Een betonklinker is een geperste betonnen straatsteen voor bestrating van opritten, terrassen, paden en wegen. Hij is goedkoper en maatvaster dan gebakken klinkers en verkrijgbaar in veel maten en kleuren. De sterkte van bestrating komt niet uit de steen maar uit het verband en de voegen: stenen die elkaar klemmen, verdelen een belasting over meerdere stenen. Een losse steen draagt niets; twintig klemmende stenen dragen een auto.

  • BetonkrimpPremium · ook: Krimp, uitdrogingskrimp

    Betonkrimp is het kleiner worden van beton tijdens en na het uitharden, doordat water verdampt en doordat cement chemisch reageert. Het is onvermijdelijk; het gaat erom waar de krimp terechtkomt.

  • BetonkwaliteitPremium · ook: Sterkteklasse, betonspecificatie

    Betonkwaliteit is het geheel van eigenschappen waarop beton wordt besteld en beoordeeld: sterkte, duurzaamheid in de betreffende omgeving, verwerkbaarheid en samenstelling. Sterkte alleen zegt weinig over hoe lang het meegaat.

  • BetonmolenPremium · ook: Betonmixer, cementmolen, mengmolen.

    Een betonmolen mengt kleine hoeveelheden beton of metselspecie in een draaiende trommel. Voor alles boven een halve kubieke meter is bestellen bij een betoncentrale meestal goedkoper, sneller en constanter van kwaliteit.

  • BetonmortelPremium · ook: Stortbeton, transportbeton, kant-en-klaar beton.

    Betonmortel is beton dat in een fabriek is aangemaakt en met een mixer naar de bouwplaats komt. Je stort het en het hardt uit tot beton. Doordat de samenstelling in de fabriek wordt bewaakt, is de kwaliteit constanter dan bij zelf mengen.

  • BetonpaalPremium · ook: Betonpaal, heipaal, funderingspaal, geprefabriceerde paal

    Een betonpaal is een prefab of ter plaatse gemaakte paal van gewapend beton die de belasting van een gebouw door slappe grondlagen heen naar een draagkrachtige zandlaag brengt. In grote delen van Nederland is dat de enige manier om te bouwen. Boven op het zand ligt vaak tien tot twintig meter veen en klei, en dat draagt niets. De paal overbrugt die afstand, en de kwaliteit van die overbrugging bepaalt of een woning over honderd jaar nog recht staat.

  • BetonpanPremium · ook: Betonpan, betondakpan, sneldekker, betonnen dakpan

    Een betonpan is een geperste dakpan van zand, cement en pigment, met een deklaag die de kleur en het gesloten oppervlak levert. Zij is aanzienlijk goedkoper en zwaarder dan een keramische pan, en de deklaag verweert eerder dan de pan zelf.

  • BetonreparatiePremium · ook: Betonreparatie, betonherstel, betoninstandhouding

    Betonreparatie is het herstellen van beschadigd beton waarin de wapening is gaan roesten. Het losse beton wordt weggehaald, het staal wordt schoongemaakt en beschermd, en de plek wordt weer opgebouwd met een reparatiemortel.

  • BetonreparatiemortelPremium · ook: Betonreparatiemortel, reparatiemortel, betonherstelmortel

    Betonreparatiemortel is een mortel waarmee aangetast beton wordt hersteld nadat het losse materiaal is weggehakt en de wapening is behandeld. De mortel is de laatste stap, niet de eerste. Wie alleen de afgesprongen schol dichtsmeert zonder het roestende staal aan te pakken, verbergt het probleem; de corrosie gaat eronder gewoon door en na een paar jaar springt de reparatie er in één stuk af.

  • BetonrotPremium · ook: Betonschade, wapeningscorrosie, beton kanker (verouderd).

    Betonrot is schade aan beton doordat het stalen wapeningsstaal erin gaat roesten. Roest neemt meer ruimte in dan staal, waardoor het beton eromheen wordt weggedrukt. Je ziet eerst haarscheuren, daarna afbrokkelende stukken met roestig staal. Het beton zelf rot niet; de naam is misleidend.

  • BetonschroefPremium · ook: Betonschroef, schroefanker, betonanker, snelbouwanker

    Een betonschroef is een geharde schroef met een grove, hoge draad die zichzelf een schroefdraad in beton of steen snijdt — zonder plug. Dat is het hele voordeel: één gat boren, schroef erin, klaar. Geen plug die verkeerd om zit, geen chemisch anker dat moet uitharden. Het nadeel volgt er direct uit: hij is volledig afhankelijk van de boordiameter, want de draad moet grip vinden in een gat dat exact klopt.

  • BetonskeletPremium · ook: Betonskelet, betonnen draagconstructie, skeletconstructie in beton.

    Een betonskelet is een draagconstructie van betonnen kolommen, balken en vloeren, waarbij de gevels en de binnenwanden niets dragen. Dat betekent dat je binnen vrijwel elke wand kunt verwijderen zonder constructief risico, mits je zeker weet dat het inderdaad een skelet is. Bij appartementengebouwen uit de jaren zestig en later is dit een veelvoorkomende constructie.

  • BetonskeletbouwPremium · ook: Skeletbouw in beton, kolom-liggerbouw

    Bij betonskeletbouw draagt een raamwerk van betonnen kolommen en liggers het gebouw. De wanden dragen niets en zijn alleen scheiding en gevel. Dat maakt de indeling vrij en later eenvoudig te wijzigen.

  • BetonstaalPremium · ook: Wapening, wapeningsstaal, betonijzer

    Betonstaal is het geribde staal dat in beton wordt verwerkt om de trekkrachten op te nemen. Beton is sterk op druk en zwak op trek; het staal vult precies dat tekort aan. Samen vormen ze gewapend beton.

  • BetonsteenPremium · ook: Betonsteen, betonblok, betonstraatsteen

    Een betonsteen is een steen van beton, geperst of gegoten, toegepast als metselblok, als gevelsteen of als bestratingsmateriaal. Beton is sterker en goedkoper dan baksteen maar het is minder vochtregulerend en het verkleurt anders. Waar baksteen na vijftig jaar mooier wordt, verkleurt beton vaak onregelmatig.

  • BetonstucPremium · ook: Betonlook, betonciré, microcement, tadelakt-beton

    Betonstuc is een dunne, naadloze afwerklaag op basis van cement of kunsthars die het uiterlijk van glad beton geeft. Wordt toegepast op wanden, vloeren, douches en meubels.

  • BetontegelPremium · ook: Betontegel, stoeptegel, terrastegel van beton, betonplaat

    Een betontegel is een geperste tegel van zand, grind en cement, in vaste maten en diktes, gelegd in een zandbed of op tegeldragers. Het is de goedkoopste bestrating en de meest voorkomende in Nederlandse tuinen en op stoepen.

  • BetonvlechterPremium · ook: Betonvlechter, betonstaalvlechter, ijzervlechter, wapeningsvlechter.

    Een betonvlechter brengt de wapening aan in beton: hij plaatst en bindt de staven en netten volgens de constructietekening voordat er wordt gestort. Het is werk dat na het storten voorgoed onzichtbaar is, en dat is precies waarom het zo nauw luistert. De dekking, de plaats en de overlappingen bepalen of de constructie doet wat de berekening zegt.

  • BetonvloerPremium · ook: Betonnen vloerconstructie

    Een betonvloer is een dragende vloer van gewapend of voorgespannen beton. Hij draagt de belasting naar de muren of kolommen, scheidt bouwlagen brandwerend en akoestisch, en vormt de basis waarop de vloerafwerking komt.

  • BeukenPremium · ook: Beuken, beukenhout, beuk

    Beuken is een zware, harde loofhoutsoort met een egale, fijne structuur en vrijwel geen kleurverschil tussen kern en spint. Het is uitstekend te bewerken en te buigen, en het is buiten volstrekt ongeschikt.

  • BeukmaatPremium · ook: Beukmaat, beuk, beukbreedte, traveemaat

    De beukmaat is de breedte van de ruimte tussen twee dragende wanden. Het is de maat die bepaalt wat je met een woning kunt doen, en hij staat op geen enkele verkoopbrochure. De beukmaat legt de plattegrond vast, want alles wat je verandert, moet binnen de beuk gebeuren. In een rijtjeswoning of een appartement staan de dragende wanden op een vaste onderlinge afstand — vaak rond vijf tot zes meter — en die wanden zijn niet zomaar weg te halen. Wie een verbouwing bedenkt, doet er goed aan eerst die twee lijnen op de plattegrond te tekenen: daarbinnen is vrijwel alles mogelijk, daarbuiten vrijwel niets zonder constructeur, vergunning en bij een appartement de VvE.

  • BeveiligingsrichtlijnPremium · ook: Beveiligingsrichtlijn woningen, PKVW-richtlijn, keurmerkrichtlijn.

    Een beveiligingsrichtlijn is het document waarin staat waaraan een woning moet voldoen om een keurmerk voor inbraakwerendheid te krijgen. Zij beschrijft per bouwdeel de eis, de toegestane producten en de wijze van bevestiging, en zij is de maat waarop een keuring plaatsvindt.

  • Bevestigen in verschillende ondergrondenPremium · ook: Bevestigen in verschillende ondergronden, boren en pluggen, iets ophangen aan de muur, de juiste plug kiezen

    Bevestigen in verschillende ondergronden is het kiezen van het juiste bevestigingsmiddel op basis van waar je in boort en wat eraan komt te hangen. De volgorde is bepalend en wordt vrijwel altijd omgedraaid. Mensen kiezen een plug op basis van het gewicht van wat ze ophangen. Dat is de verkeerde vraag. De ondergrond bepaalt welke soort bevestiging werkt; het gewicht bepaalt daarna alleen nog de maat en het aantal.

  • BevestigingsmiddelPremium · ook: Bevestigingsmiddel, bevestiger, verbindingsmiddel

    Een bevestigingsmiddel is een schroef, spijker, plug, bout of anker waarmee iets aan een ondergrond wordt vastgemaakt. De keuze wordt gemaakt op wat je ophangt, en dat is de verkeerde kant. De ondergrond bepaalt het bevestigingsmiddel, niet het voorwerp. Een boekenkast van vijftig kilo aan een massieve muur vraagt een gewone plug; dezelfde kast aan een gipsplaatwand vraagt een hollewandplug of, beter, een schroef in de achterliggende regel. En de ondergrond in een woning is zelden wat hij lijkt: achter het stucwerk zit gipsplaat, cellenbeton, holle baksteen of een kanaalplaat, en elk van die vier vraagt iets anders. Boor een proefgat in een onopvallende hoek en kijk naar het boorsel — de kleur en de structuur vertellen direct waar je mee te maken hebt.

  • BewonerscommissiePremium · ook: Bewonerscommissie, bewonerscommissie van een complex, complexcommissie

    Een bewonerscommissie is een groep huurders die namens de bewoners van één complex met de verhuurder overlegt. De commissie heeft wettelijk recht op informatie, op overleg en op advies bij plannen die het complex raken, zoals renovatie, onderhoud en servicekosten.

  • BezwaarschriftPremium · ook: Bezwaarschrift, bezwaar, bezwaar maken

    Een bezwaarschrift is een brief waarin je de gemeente of een andere overheid vraagt een genomen besluit te heroverwegen. Je stuurt hem naar dezelfde instantie die het besluit nam, in de regel binnen zes weken na de bekendmaking.

  • BidetPremium · ook: Bidet, zitbad, bidetkraan, douche-wc, bidetdouche, handbidet

    Een bidet is een laag sanitair element voor het wassen van het onderlichaam, of een sproeivoorziening met dezelfde functie. Het klassieke losstaande bidet is in Nederland zeldzaam; wat er wél is gekomen, is de douche-wc en de handbidet. Bij beide is er één technisch punt dat bepaalt of het mag: een sproeier die onder het waterniveau kan komen, moet zijn beveiligd tegen terugstroom naar het drinkwaternet — en bij een goedkope handbidet uit een webshop zit die beveiliging er niet in.

  • BijeenkomstfunctiePremium · ook: Bijeenkomstgebouw, publieksfunctie

    De bijeenkomstfunctie is de gebruiksfunctie voor gebouwen waar mensen samenkomen: cafés, restaurants, kerken, buurthuizen, theaters, sportkantines, kinderopvang en vergaderruimten. Aan die functie hangen eigen eisen voor brandveiligheid, vluchten en ventilatie.

  • BijgebouwPremium · ook: Bijgebouw, bijbehorend bouwwerk, aanbouw, uitbouw, tuinhuis, schuur, garage, berging

    Een bijgebouw is een bouwwerk op hetzelfde perceel als de woning dat daar functioneel bij hoort maar er geen deel van uitmaakt: een schuur, een garage, een tuinhuis, een carport of een aanbouw. De vraag die dit onderwerp beheerst is niet hoe je het bouwt maar of het mag. In veel gevallen mag het vergunningvrij, maar de voorwaarden zijn gedetailleerd en de gevolgen van een misrekening groot: een bijgebouw dat niet had gemogen, kan worden aangeschreven en moet dan worden aangepast of afgebroken.

  • Bijkomende kostenPremium · ook: Bijkomende kosten, bijkomende bouwkosten, nevenkosten

    Bijkomende kosten zijn alle kosten van een bouwplan die niet in de aanneemsom zitten. Denk aan honoraria van adviseurs, leges, onderzoeken, aansluitkosten, verzekeringen en financieringskosten. Ze staan naast de bouwkosten en horen bij elkaar in de begroting thuis.

  • BijzetslotPremium · ook: Bijzetslot, oplegslot, extra slot, nachtslot

    Een bijzetslot is een extra slot op de binnenzijde van een deur, naast het bestaande insteekslot. Het voegt een tweede sluitpunt toe en het is alleen zinvol wanneer het kozijn en de deur die kracht kunnen opnemen.

  • BinnenbladPremium · ook: Binnenmuur van een spouwmuur, dragend blad

    Het binnenblad is de binnenste muur van een spouwmuur. Het draagt de vloeren en het dak, het regelt de luchtdichtheid van de gevel, en het bepaalt waar je iets aan de muur kunt hangen.

  • BinnendeurPremium · ook: Binnendeur, kamerdeur, opdekdeur, stompe deur

    Een binnendeur is een deur tussen twee ruimten binnen een woning of gebouw, in tegenstelling tot een buitendeur in de gevel. Het lijkt het eenvoudigste bouwonderdeel dat er is, en dat is het ook zolang je hem niet vervangt. Dan blijken maatvoering, draairichting, opdek of stomp, scharnieren en slotafstand allemaal te moeten kloppen — en blijkt de spleet onder de deur, die iedereen als een afwerkingsfout ziet, een noodzakelijke ventilatievoorziening te zijn.

  • BinnengevelisolatiePremium · ook: Binnenisolatie, gevelisolatie aan de binnenzijde, voorzetwandisolatie

    Binnengevelisolatie is het isoleren van een gevel aan de binnenzijde, met isolatie tegen de bestaande muur en een afwerking daarvoor. Het is de enige optie wanneer de buitenzijde niet mag worden gewijzigd — en tegelijk de bouwfysisch meest risicovolle methode.

  • BinnenhuisarchitectPremium · ook: Binnenhuisarchitect, interieurarchitect, interieurontwerper

    Een binnenhuisarchitect ontwerpt de binnenkant van een gebouw: de indeling, het licht, de materialen en het meubilair. Hij tekent hoe de ruimten werken en hoe ze eruitzien, en begeleidt vaak de uitvoering. De titel interieurarchitect is beschermd, binnenhuisarchitect niet.

  • BinnenklimaatPremium · ook: Binnenmilieu, binnenluchtkwaliteit, comfort

    Het binnenklimaat is het geheel van omstandigheden binnen een gebouw dat bepaalt hoe gezond en prettig het is om er te zijn: temperatuur, luchtvochtigheid, luchtkwaliteit, geluid en licht. Mensen brengen het merendeel van hun tijd binnen door, en dat maakt dit het onderdeel van bouwen dat het meest direct op gezondheid ingrijpt.

  • BinnenluchtkwaliteitPremium · ook: Binnenluchtkwaliteit, luchtkwaliteit binnen, binnenmilieu, binnenklimaat

    Binnenluchtkwaliteit is de mate waarin de lucht in een gebouw vrij is van stoffen en vocht die de gezondheid, het comfort of het gebouw zelf schaden. Een Nederlander brengt ruwweg twintig van de vierentwintig uur binnen door, en de lucht binnen is vrijwel altijd sterker vervuild dan de lucht buiten. De bronnen zijn de bewoners zelf, hun activiteiten, hun spullen en het gebouw. De enige structurele oplossing is verversing: er moet voortdurend buitenlucht in en binnenlucht uit.

  • BinnenrioleringPremium · ook: Binnenriolering, binnenhuisriolering, huisriolering

    De binnenriolering is het stelsel van afvoerleidingen binnen je woning: alles wat het vuile water van wastafel, douche, toilet, keuken en wasmachine naar de gevel brengt. Daar gaat het over in de buitenriolering. Ook de ontluchting die de leidingen op druk houdt, hoort erbij.

  • BinnenwandPremium · ook: Binnenwand, scheidingswand, tussenwand, wand

    Een binnenwand is een wand tussen ruimten binnen een gebouw. Bij het kiezen van een wand gaat het over draagvermogen en over hoe snel hij staat, en de klachten gaan later ergens anders over. Verreweg de meeste ontevredenheid over binnenwanden gaat over geluid — en geluid wordt bepaald door massa, ontkoppeling en luchtdichtheid, in die volgorde. Daaruit volgt het detail dat de meeste wanden verpest: één stopcontact recht tegenover een stopcontact aan de andere kant maakt een gat in beide beplatingen op dezelfde plek, en dan lekt het geluid door een opening van een paar centimeter alsof de wand er niet staat.

  • Biobased bouwenPremium · ook: Ook geschreven als bio-based

    Biobased bouwen is bouwen met materialen die van hernieuwbare, plantaardige of dierlijke oorsprong zijn: hout, hennep, vlas, stro, cellulose, kurk, schapenwol. Ze leggen tijdens hun groei CO2 vast en houden die tijdens de gebruiksfase in het gebouw.

  • BiofilmPremium · ook: Biofilm, slijmlaag, aanslag, bacteriefilm

    Biofilm is de dunne slijmlaag van micro-organismen die zich op de binnenwand van leidingen en in kranen vormt. Zij is de reden dat legionella hardnekkig is: binnen de film overleeft de bacterie temperaturen en desinfectie die haar in het vrije water zouden doden.

  • BiomassaPremium · ook: Biomassa, bio-energie, houtige biomassa, groene brandstof

    Biomassa is brandstof uit organisch materiaal, zoals hout, snoeiafval en reststromen. Er zit een aanname in de rekensom die zelden hardop wordt gemaakt. Biomassa geldt als hernieuwbaar omdat er iets terug groeit dat de uitgestoten CO2 weer opneemt — maar dat groeien kost tijd, en de uitstoot is er direct. Bij snoeihout en reststromen is die tijd kort; bij hout uit bossen kan hij tientallen jaren zijn. Daar komt een tweede punt bij dat huishoudens directer raakt: verbranding van hout is in woonwijken een van de grootste lokale bronnen van fijnstof, en dat is een gezondheidskwestie los van de klimaatvraag.

  • Bioreceptief betonPremium · ook: Bioreceptief beton, biologisch ontvankelijk beton, mosbeton, begroeibaar beton

    Beton dat opzettelijk zo is samengesteld dat mossen, korstmossen en algen zich erop kunnen vestigen. Waar gewoon beton begroeiing tegengaat, nodigt bioreceptief beton die juist uit.

  • BithouderPremium · ook: Bithouder, bitadapter, magneethouder, verlengstuk

    Een bithouder is een tussenstuk dat een schroefbit vasthoudt en hem verlengt, meestal met een magneet erin. Hij lijkt overbodig — je kunt een bit ook rechtstreeks in de klauw zetten — maar hij lost drie dingen op die anders tijd kosten: de schroef blijft hangen aan de bit, je komt dieper in een uitsparing, en je wisselt bits zonder de klauw open te draaien.

  • BitumenPremium · ook: Asfaltbitumen, dakleer, roofing

    Bitumen is een taai, waterdicht restproduct uit de aardolieraffinage. Op daken wordt het toegepast als dakbaan: rollen met een drager van polyester of glasvlies waarin het bitumen is verwerkt. Het is nog altijd de meest gebruikte bedekking voor platte daken in Nederland.

  • BlaasvormingPremium · ook: Blaasvorming, blaarvorming, blazen en blaasjes

    Blaasvorming is het opbollen van een verflaag, coating of dakbaan doordat die op een plek loslaat van de ondergrond. Onder de blaas zit lucht, damp of vocht. De laag is er nog, maar hij hecht niet meer en scheurt bij de eerste aanraking open.

  • BladloodPremium · ook: Loodslabbe voor het toegepaste stuk, loodwerk voor het geheel

    Bladlood is dun uitgewalst lood dat wordt gebruikt om aansluitingen waterdicht te maken: bij een schoorsteen, een dakkapel, een dakraam of onderin een spouwmuur. Het is buigzaam, het volgt elke vorm en het gaat bij goede verwerking vele decennia mee.

  • BladvangerPremium · ook: Bladafscheider, bladvangput

    Een bladvanger houdt blad en vuil tegen voordat het in de hemelwaterafvoer of in het riool terechtkomt. Hij zit in de gootuitloop, in de regenpijp of onderaan bij de aansluiting op het riool. Het is een klein onderdeel dat een groot deel van de gootproblemen voorkomt.

  • Blanke lakPremium · ook: Blanke lak, transparante lak, vernis, kleurloze lak

    Blanke lak is een transparante afwerklaag die het hout beschermt en de nerf zichtbaar laat. Het verschil met olie en met wax is dat lak een film op het hout vormt in plaats van erin te trekken. Dat beschermt beter tegen vlekken en slijtage, maar bij beschadiging is plaatselijk herstel lastiger.

  • BliksembeveiligingPremium · ook: Bliksemafleider, bliksembeveiligingsinstallatie

    Bliksembeveiliging leidt de stroom van een blikseminslag via een geleider naar de aarde, zodat het gebouw niet wordt beschadigd. Daarnaast is er overspanningsbeveiliging, die de elektrische installatie en apparatuur beschermt tegen de spanningspiek die een inslag in de omgeving veroorzaakt.

  • BlokgootPremium · ook: Blokgoot, houten blokgoot, massieve houten goot

    Een blokgoot is een dakgoot die uit een massieve houten balk is uitgehold, meestal bekleed met zink of lood. Je vindt hem op oudere woningen, waar hij op klossen langs de dakvoet ligt. Het hout draagt, de bekleding houdt het water tegen.

  • BlokschaafPremium · ook: Blokschaaf, blokschaafje, handschaaf, kopschaaf

    Een blokschaaf is een korte handschaaf met een laag geplaatst, omgekeerd gemonteerd beitelblad, bedoeld voor het bijwerken van kanten en kopse einden. De lage bladhoek is de reden dat hij bestaat. Bij een gewone schaaf staat het blad rond de 45 graden en scheurt kops hout uit; bij een blokschaaf ligt de effectieve snijhoek rond de 37 graden of lager, en dan snijdt hij de dwarsvezel door in plaats van hem af te breken.

  • BlokverbandPremium · ook: Blokverband, blokkenverband

    Blokverband is een metselverband waarbij lagen met alleen strekken en lagen met alleen koppen elkaar afwisselen, en waarbij de koppen recht boven elkaar staan. Het is herkenbaar aan het regelmatige blokpatroon en het komt vooral voor bij dikkere muren uit de negentiende eeuw en de vroege twintigste eeuw.

  • BlokverwarmingPremium · ook: Collectieve verwarming, centrale verwarming van een gebouw, gebouwgebonden verwarming

    Blokverwarming is één verwarmingsinstallatie voor een heel gebouw of blok woningen, met een gezamenlijke ketel of warmtepomp in een technische ruimte en leidingen naar alle woningen. Het onderscheidende probleem is niet technisch maar administratief: er is één meter voor het gebouw en geen meter per woning. Wie veel stookt en wie weinig, betalen dan hetzelfde — tenzij er wordt bemeterd.

  • BlowerdoortestPremium · ook: Luchtdichtheidsmeting, infiltrometrie, drukproef

    Bij een blowerdoortest wordt een ventilator in een deuropening geplaatst die de woning op onder- en overdruk brengt. Uit het benodigde luchtdebiet volgt hoeveel er lekt. Het is de enige manier om luchtdichtheid objectief vast te stellen.

  • BlusdekenPremium · ook: Blusdeken, branddeken, vuurdeken, blusdoek

    Een blusdeken is een doek van glasvezel of vergelijkbaar materiaal waarmee een klein vuur wordt afgedekt en zo van zuurstof wordt afgesneden. Het is de goedkoopste levensreddende aanschaf die er voor een keuken bestaat: tien tot dertig euro. Bij een brandende pan is hij bovendien beter dan welke blusser dan ook, omdat er geen middel bij komt dat de olie kan verspreiden — en water of schuim op brandende olie geeft een steekvlam die de keuken in gaat.

  • BlusmiddelenPremium · ook: Blusmiddelen, brandblusmiddelen, blusapparatuur, kleine blusmiddelen

    Blusmiddelen zijn de voorzieningen waarmee een beginnende brand kan worden gedoofd: een blusdeken, een blustoestel of een slanghaspel. De eerste vraag is niet welke je koopt, maar wanneer je hem gebruikt. Een blusmiddel is er voor de eerste dertig seconden, en daarna niet meer. Een woningbrand ontwikkelt zich zo snel dat blussen na een minuut geen optie meer is; dan is vluchten de enige juiste beslissing. Wie dat weet, kiest ook anders: een blusdeken bij het fornuis doet meer dan de duurste blusser in de meterkast.

  • BodemafsluiterPremium · ook: Bodemafsluiter is het materiaal, bodemafsluiting is de laag die je ermee maakt

    Een bodemafsluiter is het materiaal waarmee je de bodem van een kruipruimte afdekt, zodat vocht uit de grond niet meer in de ruimte onder je vloer verdampt. Dat kan folie zijn, een laag schelpen, isolatiechips of een gegoten laag schuimbeton.

  • BodemafsluitingPremium · ook: Bodemafsluiting, bodemfolie, bodemafdekking, dampremmende bodemafsluiting

    Een bodemafsluiting is een laag op de bodem van een kruipruimte die verdamping van bodemvocht tegenhoudt. Er wordt vrijwel altijd één maatregel bij gedaan die de eerste ongedaan maakt. Wie folie legt en daarna de kruipruimteroosters dichtstopt tegen de kou, sluit het vocht op in plaats van buiten. De folie werkt alleen als aanvulling op ventilatie, niet als vervanging ervan. Er zit altijd nog vocht in de ruimte — uit lekkages, uit de wanden, uit de lucht die er binnenkomt — en dat moet weg kunnen. Een kruipruimte met folie en zonder ventilatie is een broedplaats voor schimmel en houtrot in de vloerbalken erboven.

  • BodemdalingPremium · ook: Bodemdaling, maaivelddaling, zetting van de ondergrond

    Bodemdaling is het langzaam zakken van het maaiveld, in Nederland vooral door inklinking van veen en klei bij een lage grondwaterstand, en door ontwatering ten behoeve van landbouw en bebouwing. Het treft een aanzienlijk deel van het westen en noorden van Nederland en het is een van de belangrijkste oorzaken van schade aan woningen, funderingen en riolering.

  • BodemenergiePremium · ook: Bodemwarmte, aardwarmte

    Bodemenergie is het gebruik van de bodem als warmtebron in de winter en als koudebron in de zomer. Een warmtepomp onttrekt warmte aan de bodem via een lus of via grondwater, en levert die aan de woning.

  • BodemisolatiePremium · ook: Bodemafdekking, kruipruimte-isolatie

    Bij bodemisolatie wordt de bodem van de kruipruimte afgedekt met isolerend of vochtwerend materiaal. Het doel is vooral het vochttransport uit de grond te beperken; de energiebesparing is beperkter dan bij vloerisolatie.

  • BodemonderzoekPremium · ook: Milieukundig bodemonderzoek voor verontreiniging, geotechnisch onderzoek voor draagkracht

    Bodemonderzoek stelt vast wat er in en onder de grond zit. Er zijn twee soorten: milieukundig onderzoek naar verontreiniging, en geotechnisch onderzoek naar draagkracht en zetting. Beide zijn nodig voordat je bouwt, en ze worden door verschillende partijen uitgevoerd.

  • BodemwarmtepompPremium · ook: Aardwarmtepomp, geothermische warmtepomp, bodem-waterwarmtepomp

    Een bodemwarmtepomp onttrekt warmte aan de bodem via een gesloten leidingcircuit, meestal een verticale bodemlus van vijftig tot honderdvijftig meter diep. Doordat de bodemtemperatuur het hele jaar rond de tien graden ligt, is het rendement hoger en stabieler dan bij een luchtwarmtepomp, en er is geen buitendeel en dus geen geluid buiten.

  • BoeiboordPremium · ook: Boeiboord, boeideel, boeiplank, dakrandplank, windveer aan de langsgevel

    Een boeiboord is de verticale plank langs de dakrand die de kopse kanten van de dakconstructie afdekt en waaraan de goot is bevestigd. Het is het onderdeel van de dakrand dat het snelst rot, doordat het aan drie zijden vocht vangt.

  • BoilerPremium · ook: Boilervat, warmwatervoorraadvat, tapwaterboiler

    Een boiler is een vat waarin warm tapwater wordt opgeslagen. Het water wordt verwarmd door een elektrisch element, door een spiraal die op de cv-installatie of een warmtepomp is aangesloten, of door een zonneboilersysteem. De voorraad zorgt voor comfort bij gelijktijdig gebruik, en zij brengt tegelijk het legionellavraagstuk met zich mee.

  • BokkepootPremium · ook: Bokkepoot, bokkenpoot, muurbeugel

    Een bokkepoot is een steunconstructie met een schuine of geknikte poot die een last van een muur afdraagt naar een lager punt, of die een uitkragend deel ondersteunt. Je komt de term tegen bij steigerwerk, bij goot- en leidingondersteuning en bij tijdelijke stutconstructies. De naam verwijst naar de knik in de poot.

  • BoktorPremium · ook: Huisboktor, boktor, grote houtworm

    De huisboktor is een kever waarvan de larve zich jarenlang door naaldhout vreet. Hij tast vooral het spinthout van vurenhout en grenenhout aan, en hij komt in Nederland vooral voor in kapconstructies. De schade is aanzienlijk omdat de larve grote gangen maakt en jarenlang doorvreet zonder dat er iets van buiten zichtbaar is.

  • BoogPremium · ook: Boog, gemetselde boog, boogconstructie

    Een boog is een gekromde constructie die een opening overspant en die de last via druk naar de zijkanten afvoert. Metselwerk is sterk op druk en zwak op trek; de boog is de vorm die metselwerk in staat stelt te overspannen. De zijwaartse kracht die daarbij ontstaat moet worden opgevangen, en dat is het punt waar het bij verbouwingen misgaat.

  • BoorPremium · ook: Boor, boortje, boorbit

    Een boor is het snijgereedschap waarmee een gat wordt gemaakt. Het type boor moet passen bij het materiaal, en dat is de fout die het vaakst wordt gemaakt. Een steenboor in hout scheurt, een houtboor in steen is direct stuk en een gewone boor in tegels breekt de tegel. Het juiste type kost een paar euro en het scheelt schade.

  • BoordieptePremium · ook: Boordiepte, gatdiepte, indringdiepte

    De boordiepte is hoe diep een boorgat in het materiaal gaat. Twee dingen gaan hier stelselmatig mis, en het tweede kost het meeste. Het gat moet dieper zijn dan de plug, want het boorstof valt naar beneden en gaat onderin liggen — boor je precies op pluglengte, dan komt de plug niet tot de bodem en zit hij half in het gat. En andersom: te diep boren is de fout die je niet terugdraait, want achter de wand of de vloer zit leidingwerk, kabelwerk of, bij een kanaalplaatvloer, een holle ruimte. De dieptestop op de machine kost tien seconden instellen.

  • BoorhamerPremium · ook: Boorhamer, hamerboor, combihamer, perforator

    Een boorhamer is een machine waarbij een pneumatisch slagwerk een zuiger op de boor laat beuken terwijl die ronddraait. Daardoor boort hij in beton waar een klopboormachine op stukloopt. Het gereedschap wordt niet met een spanklauw vastgezet maar met een insteeksysteem, en dat systeem — SDS — is de reden dat je zijn boren nergens anders in kwijt kunt.

  • BoorkroonPremium · ook: Boorkroon, kernboor, dooskroon, klokboor voor steen

    Een boorkroon is een holle cilinder met hardmetalen of diamanten segmenten aan de rand, die alleen de omtrek wegneemt en de kern laat staan. Dat is de reden dat je met een gewone machine een gat van 68 of 82 millimeter kunt maken: je verwijdert een ring van enkele millimeters in plaats van het hele volume. De kern breekt daarna uit — en dat uitbreken is precies waar het bij dit gereedschap misgaat.

  • BoormachinePremium · ook: Boormachine, boor, accuboor, klopboormachine, boorhamer

    Een boormachine draait een boor rond om een gat te maken in hout, metaal, steen of beton, en drijft in veel uitvoeringen ook schroeven aan. De keuze draait om één vraag: waar boor je in. Hout en metaal vragen alleen draaien, steen vraagt draaien met kloppen, en beton vraagt slaan met een pneumatisch mechanisme. Met de verkeerde machine kom je er niet doorheen, hoe hard je ook duwt.

  • BoorschaafPremium · ook: Boorschaaf, raspschaaf, kaasschaaf, surform

    Een boorschaaf is een schaaf met een geperforeerd blad met kleine snijkanten, waarmee hout en zachte materialen snel worden weggenomen zonder dat het gereedschap verstopt. Het is het gereedschap tussen een rasp en een schaaf in: sneller dan schuren, grover dan schaven. Het is bij uitstek geschikt voor het passend maken van een deur of het afronden van een vorm.

  • BoorstaatPremium · ook: Boorprofiel, boorbeschrijving, boorlog

    Een boorstaat is de beschrijving van de grondlagen zoals ze bij een boring zijn aangetroffen: per diepte de grondsoort, de kleur, de bijmenging en de grondwaterstand. Samen met de sondering vormt hij de basis voor het funderingsadvies.

  • BoorstandaardPremium · ook: Boorstandaard, boorstatief, boorkolom, boorgeleider

    Een boorstandaard is een houder waarin je een handboormachine klemt, zodat hij loodrecht en op een vaste diepte boort. Hij is de goedkope tussenoplossing tussen uit de hand boren en een kolomboormachine. Voor wie een keer haakse gaten nodig heeft, is dat genoeg — met de aantekening dat er altijd meer speling in zit dan in een vaste machine, en dat je die speling terugziet in het gat.

  • BordesPremium · ook: Bordes, tussenbordes, podest, rustbordes

    Een bordes is een vlak tussenniveau in een trap of het vlakke platform voor een deur op hoogte. In een trap dient het als rustpunt en als plek om van richting te veranderen. Bij een voordeur op hoogte is het bordes het vlak waarop je staat terwijl je de deur opent, en dat vlak moet groot genoeg zijn.

  • BordestrapPremium · ook: Bordestrap, trap met bordes, kwartslagtrap met bordes, halfslagtrap, podesttrap

    Een bordestrap is een trap met een vlak tussenstuk waar de trap van richting verandert of onderbroken wordt. Het bordes wordt gekozen om de trap in een krappe hal te laten passen, en het doet daarnaast iets dat zwaarder weegt. Een bordes onderbreekt de valhoogte: wie op een bordestrap valt, valt tot het bordes en niet tot beneden. Bij een steektrap over een volle verdieping is dat verschil groot, en het is precies waarom een bordes bij ouderen en bij jonge kinderen als veiliger geldt — ook al kost het meer vloeroppervlak.

  • BorstweringPremium · ook: Borstweringsmuur, allege

    Een borstwering is het lage muurdeel onder een raam of langs een dak, terras of galerij. Het beschermt tegen doorvallen en het draagt in veel gevallen het kozijn erboven. In oude woningen is het vaak het dunste en slechtst geïsoleerde deel van de gevel.

  • Bossche SchoolPremium · ook: Genoemd naar de cursus in 's-Hertogenbosch

    De Bossche School is een Nederlandse bouwstroming van ongeveer 1945 tot 1975, herkenbaar aan sobere baksteenarchitectuur met een streng maatsysteem. De verhoudingen zijn niet gekozen maar berekend.

  • BoutPremium · ook: Schroefbout, tapbout

    Een bout is een metalen staaf met schroefdraad die samen met een moer twee delen tegen elkaar klemt. De maat wordt aangeduid met een M gevolgd door de diameter in millimeters, bijvoorbeeld M8.

  • BoutkopPremium · ook: Kop, schroefkop

    De boutkop is het bredere uiteinde waarmee de bout wordt aangedraaid en waarmee hij aan één zijde blijft haken. De vorm van de kop bepaalt hoeveel kracht je kunt overbrengen zonder schade.

  • BouwaardPremium · ook: Bouwaard, bouwwijze, constructiewijze

    De bouwaard is de aanduiding waarvan de dragende muren en het dak van een woning zijn gemaakt. Meestal in twee delen: steen of hout voor de muren, harde dekking of riet voor het dak. Verzekeraars en taxateurs gebruiken die aanduiding om risico en waarde te bepalen.

  • BouwafvalPremium · ook: Bouwafval, bouw- en sloopafval, bsa

    Bouwafval is alles wat er bij bouwen, verbouwen of slopen aan materiaal overblijft: puin, hout, gips, isolatie, verpakkingen en resten van installaties. Wat je ermee mag doen, hangt af van de soort. Gescheiden aanleveren is bijna altijd goedkoper dan gemengd.

  • BouwbegeleidingPremium · ook: Bouwbegeleiding, directievoering, bouwtoezicht namens de opdrachtgever, projectbegeleiding

    Bouwbegeleiding is het namens de opdrachtgever bewaken van de uitvoering van een bouwproject. Er lopen drie soorten toezicht door elkaar en ze doen alle drie iets anders. De gemeente toetst of het mag, de kwaliteitsborger of het aan de regels voldoet, en de bouwbegeleider of je krijgt wat je hebt afgesproken. Dat derde is de enige die naar jouw contract kijkt. Een gebouw kan volledig aan de regels voldoen en toch afwijken van het bestek, van de offerte en van wat er is getekend — en niemand van de eerste twee zal daar iets over zeggen.

  • BouwbeslagPremium · ook: Bouwbeslag, hang- en sluitwerk, deurbeslag, raambeslag

    Bouwbeslag is het verzamelbegrip voor alle metalen onderdelen waarmee deuren, ramen en kozijnen worden opgehangen, bediend en gesloten: scharnieren, sloten, krukken, sluitkommen, espagnoletten en bijbehorende delen. Het is het onderdeel dat het vaakst wordt bezuinigd en dat het vaakst als eerste stukgaat.

  • BouwdepotPremium · ook: Verbouwingsdepot, bouwrekening

    Een bouwdepot is een geblokkeerd deel van de hypotheek waaruit de kosten van een verbouwing of van nieuwbouw worden betaald. De geldverstrekker keert uit op basis van facturen. Het is de standaardconstructie wanneer een woning met achterstallig onderhoud wordt gekocht of wanneer er direct wordt verbouwd of verduurzaamd.

  • BouwfoutPremium · ook: Bouwgebrek, uitvoeringsfout, ontwerpfout

    Een bouwfout is een afwijking van wat er had moeten worden gemaakt: een ontwerpfout, een uitvoeringsfout of een materiaalfout. Het merendeel van de bouwfouten in Nederlandse woningen zit niet in het zicht maar in aansluitingen en doorvoeren.

  • BouwfysicaPremium · ook: Bouwfysisch advies

    Bouwfysica beschrijft hoe warmte, vocht, lucht, geluid en licht zich in en om een gebouw gedragen. Het verklaart waarom een muur schimmelt, waarom je je buren hoort en waarom een kamer in de zomer te warm wordt. Vrijwel alle klachten over wonen zijn bouwfysisch van aard.

  • BouwgebrekPremium · ook: Bouwgebrek, bouwkundig gebrek, gebrek, verborgen gebrek

    Een bouwgebrek is een tekortkoming in een bouwwerk waardoor het niet voldoet aan wat ervan verwacht mag worden. Of iets een gebrek is, hangt af van de context: de leeftijd van de woning, wat is afgesproken, en wat een koper of opdrachtgever redelijkerwijs mocht verwachten. Die drie factoren bepalen ook wie het betaalt.

  • BouwgrondPremium · ook: Bouwkavel, kavel, bouwperceel

    Bouwgrond is een perceel waarop volgens het omgevingsplan gebouwd mag worden. Wat je er precies mag bouwen, hoe groot en hoe hoog, staat niet in de koopakte maar in het omgevingsplan van de gemeente.

  • BouwheerPremium · ook: Bouwheer, opdrachtgever, principaal, aanbesteder

    De bouwheer is de partij in wiens opdracht en voor wiens rekening een bouwwerk tot stand komt. De rol wordt gezien als de kant die betaalt en beslist, en er hangt meer aan. Een opdrachtgever draagt eigen verplichtingen: informatie verstrekken, tijdig beslissen, en bij grotere werken zorgen voor coördinatie van veiligheid en gezondheid. Wie informatie achterhoudt die de aannemer nodig had — een oude tekening, een bekende lekkage, asbest in een plafond — verschuift daarmee ook de aansprakelijkheid. En wie te laat beslist, betaalt stilstand. De aannemer heeft een waarschuwingsplicht; de opdrachtgever heeft de plicht om daarop te reageren.

  • Bouwhistorisch onderzoekPremium · ook: Bouwhistorisch onderzoek, bouwhistorische verkenning, bouwhistorische opname, bouwhistorische ontleding

    Bouwhistorisch onderzoek is het onderzoeken van een gebouw zelf als bron, om vast te stellen uit welke bouwfasen het bestaat en welke onderdelen historisch waardevol zijn. Het gebouw is daarbij het archief. Een dichtgezette deuropening, een balk met oude pengaten, een verfkleur onder vier latere lagen, een kapconstructie met telmerken: dat zijn de gegevens. Het onderzoek vertaalt die naar een waardestelling, en die waardestelling bepaalt wat er bij een verbouwing behouden moet blijven en waar de ruimte zit.

  • BouwhoogtePremium · ook: Bouwhoogte, hoogte van het bouwwerk

    De bouwhoogte is de hoogte van een bouwwerk, gemeten volgens de meetregels van het omgevingsplan. De maat lijkt objectief en dat is hij niet zonder het vertrekpunt. De bouwhoogte wordt niet gemeten vanaf de vloer of vanaf het maaiveld naast het gebouw, maar vanaf het peil zoals het omgevingsplan dat definieert — vaak de kruin van de weg, soms het gemiddelde maaiveld, soms de bovenkant van de afgewerkte begane grondvloer. Op een hellend terrein of bij een woning die hoger ligt dan de straat scheelt dat zomaar een halve meter, en een halve meter is precies het verschil tussen een plan dat past en een plan dat een afwijkingsprocedure vraagt. Zoek dus eerst de peildefinitie op, en meet daarna pas.

  • Bouwjaar woningPremium · ook: Bouwjaar, bouwperiode, bouwjaarklasse, oplevering

    Het bouwjaar is het jaar waarin een woning is opgeleverd. Het is één getal en het voorspelt meer dan welk ander gegeven over een woning. Het bouwjaar zegt je wat voor constructie er zit, hoe er is geïsoleerd, welke installaties er lagen en welke stoffen er zijn gebruikt — en dus waar je bij een aankoop of een verbouwing moet kijken. Een woning uit 1935 en een uit 1972 zien er van buiten allebei uit als een rijtjeshuis en ze vragen totaal verschillende dingen. Wie het bouwjaar leest als een periode in plaats van als een jaartal, weet vooraf waar de kosten en de risico's zitten.

  • Bouwkeet · ook: Bouwkeet, in het meervoud bouwketen

    Een bouwkeet is de tijdelijke ruimte op of bij een bouwplaats waar gewerkt, geschaft en overlegd wordt en waar spullen droog staan. Bij een verbouwing aan huis is het vaak een enkele unit op straat of in de tuin.

  • BouwkostenPremium · ook: Bouwsom, aanneemsom, stichtingskosten

    Bouwkosten zijn de kosten van het bouwen zelf: materiaal, arbeid, materieel en de opslagen van de aannemer. Ze zijn iets anders dan de stichtingskosten, waarin ook grond, advies, leges, aansluitingen en financiering zitten.

  • Bouwkundig adviseurPremium · ook: Bouwkundig adviseur, bouwkundige, bouwkundig expert, bouwtechnisch adviseur

    Een bouwkundig adviseur beoordeelt de staat, de opbouw en de gebreken van een gebouw. De rol wordt geassocieerd met de keuring bij aankoop, en dat is er één toepassing van. Waar een bouwkundig adviseur het meeste waard is, is bij de vraag waaróm iets kapotgaat — want de oorzaak zit vrijwel nooit waar de schade zichtbaar is. Een vochtplek op de tweede verdieping kan een lekkende goot zijn, een scheur in het metselwerk kan een verzakte fundering zijn, en schimmel in een slaapkamer kan een ventilatieprobleem zijn. Herstellen zonder de oorzaak te kennen betekent dat het terugkomt, en dat is de duurste manier om te onderhouden.

  • Bouwkundige keuringPremium · ook: Aankoopkeuring, bouwtechnische keuring, bouwkundig rapport.

    Een bouwkundige keuring is een inspectie van de staat van een woning, meestal bij aankoop. De keurder beoordeelt wat zichtbaar is en raamt de kosten van direct noodzakelijk herstel en van onderhoud op termijn. Het is de gebruikelijke invulling van je onderzoeksplicht als koper.

  • BouwlaagPremium · ook: Verdieping, laag, etage, woonlaag, niveau

    Een bouwlaag is een verzameling ruimten op dezelfde hoogte in een gebouw. De begane grond is de eerste bouwlaag; wat daarboven ligt zijn de tweede, derde en volgende. Het aantal bouwlagen bepaalt welke eisen aan een gebouw worden gesteld.

  • BouwmeldingPremium · ook: Bouwmelding, melding bouwactiviteit

    Een bouwmelding is de melding die een initiatiefnemer bij de gemeente doet voordat hij begint met bouwen, in plaats van een vergunningaanvraag voor het bouwtechnische deel. Bij de melding hoort een risicobeoordeling en een borgingsplan van de kwaliteitsborger. De gemeente toetst niet inhoudelijk maar controleert of de melding compleet is.

  • BouwmuurPremium · ook: Woningscheidende wand, gemene muur, mandelige muur

    Een bouwmuur is de dragende muur tussen twee woningen of panden. Hij draagt de vloeren en het dak, hij scheidt brand en geluid, en hij is in juridische zin vaak gemeenschappelijk eigendom van beide buren.

  • BouwpeilPremium · ook: Bouwpeil, peil en peilhoogte worden door elkaar gebruikt

    Het bouwpeil is het afgesproken nulniveau van een bouwwerk. Alle hoogtes in het ontwerp worden vanaf dat punt gemeten, naar boven en naar beneden. Meestal ligt het op de bovenkant van de afgewerkte begane grondvloer bij de voordeur.

  • BouwperceelPremium · ook: Bouwperceel, bouwpercelen (meervoud), bouwkavel, kavel, bouwgrond, bouwterrein

    Een bouwperceel is een aaneengesloten stuk grond waarop volgens het omgevingsplan bij elkaar behorende bebouwing is toegestaan, bijvoorbeeld een woning met bijgebouwen. Het is de eenheid waarop de gemeente rekent als ze zegt hoeveel je mag bebouwen, hoe hoog en hoe dicht bij de grens.

  • BouwplaatsPremium · ook: Bouwplaats, bouwterrein en werk

    De bouwplaats is het terrein waar een bouwwerk tot stand komt, samen met alles wat er tijdelijk voor nodig is: hekken, opslag, keet, container, aansluitingen en werkruimte. Bij een verbouwing aan huis is de bouwplaats meestal je eigen erf en soms een stuk van de stoep.

  • BouwplaatsvoorzieningPremium · ook: Bouwplaatsvoorziening, bouwplaatsinrichting, terreininrichting, bouwplaatskosten, algemene bouwplaatskosten

    Bouwplaatsvoorzieningen zijn de tijdelijke voorzieningen die nodig zijn om een bouwwerk te kunnen uitvoeren. Ze staan zelden in het gesprek over het ontwerp en ze bepalen wel of het werk soepel loopt. Wat er aan voorzieningen ontbreekt, kost geen materiaal maar uren, en uren zijn in een verbouwing de grootste post. Geen stroom op de derde verdieping, geen plek voor de container, geen ruimte om platen op maat te leggen, geen toilet: elk van die dingen levert loopwerk op dat niemand heeft begroot. En bij een verbouwing thuis komt daar de vraag bovenop wie ze levert, dat staat lang niet altijd in de offerte.

  • BouwprocesPremium · ook: Bouwtraject, bouwfasering

    Het bouwproces is de reeks fasen van eerste idee tot oplevering en nazorg: initiatief, ontwerp, vergunning, aanbesteding, uitvoering en oplevering. Wie de volgorde kent, weet wanneer een keuze nog gratis is en wanneer zij geld kost.

  • BouwproductPremium · ook: Bouwproduct, bouwmateriaal, bouwstof

    Een bouwproduct is een product dat is gemaakt om blijvend in een bouwwerk te worden verwerkt: een isolatieplaat, een dakpan, een kozijnprofiel, een zak mortel. Zodra het erin zit, bepaalt het mede hoe het bouwwerk presteert. Daarom verklaart de fabrikant wat het kan.

  • BouwputPremium · ook: Bouwput, bouwkuip, ontgraving, uitgraving

    Een bouwput is de uitgraving waarin een fundering, een kelder of een parkeergarage wordt gebouwd. Bij een woning gaat het om een beperkte ontgraving; bij een kelder of bij hoogbouw om een constructie met damwanden en met bemaling. Juist dan raakt de bouwput de omgeving: bemaling kan bij de buren zetting en paalrot veroorzaken.

  • BouwrentePremium · ook: Bouwrente, uitstelrente, grondrente, boeterente bij nieuwbouw

    Bouwrente is de rente die je bij een nieuwbouwwoning betaalt over de periode tussen de start van het project en het passeren van de akte. Zij bestaat uit twee delen: rente over de grondkosten vanaf een bepaalde datum, en rente over bouwtermijnen die al zijn vervallen maar nog niet betaald. Het is een post die kopers regelmatig verrast.

  • BouwrijpPremium · ook: Bouwrijp maken, bouwrijpe grond

    Bouwrijp maken is het geschikt maken van een terrein om erop te kunnen bouwen: slopen, opruimen, ophogen, ontwateren, een bouwweg aanleggen en de nutsvoorzieningen tot aan de perceelgrens brengen. Wat er precies onder valt, verschilt per verkoper.

  • BouwsomPremium · ook: Bouwsom, bouwkosten

    De bouwsom is het totaal van de bouwkosten van een project: het werk van de aannemer plus dat van eventuele nevenaannemers, exclusief de bijkomende kosten. Zij vormt vaak de grondslag voor honoraria van adviseurs en voor leges; dat maakt de definitie ervan meer dan een boekhoudkundige kwestie.

  • BouwsteigerPremium · ook: Bouwsteiger, steiger, gevelsteiger, stalen steiger

    Een bouwsteiger is een tijdelijke constructie van staal of aluminium waarmee je veilig op hoogte kunt werken. Hij bestaat uit staanders, liggers en vloerdelen, staat op een vaste ondergrond en is aan de gevel verankerd. Bij schilder-, gevel- en dakwerk is hij vaak een aparte kostenpost.

  • BouwstijlPremium · ook: Architectuurstijl, bouwperiode, stijlperiode

    Een bouwstijl is het samenhangende geheel van vorm, materiaal en detaillering dat kenmerkend is voor een periode of een stroming. Voor een eigenaar is het vooral een sleutel: de stijl verraadt het bouwjaar, en het bouwjaar verraadt de bouwtechniek.

  • BouwstopPremium · ook: Stillegging, stilleggingsbevel

    Een bouwstop is een bevel van de gemeente of van de Arbeidsinspectie om het werk onmiddellijk te staken. Het volgt op bouwen zonder vergunning, op bouwen in strijd met de vergunning, of op een onveilige situatie op de bouwplaats.

  • BouwstroomPremium · ook: Bouwaansluiting, tijdelijke aansluiting, werkkast

    Bouwstroom is de tijdelijke elektriciteitsaansluiting op een bouwplaats, met een eigen meter en een verdeelkast. Zij levert de stroom voor gereedschap, verlichting, drogers en materieel tot de definitieve aansluiting er is.

  • BouwteamPremium · ook: Bouwteamovereenkomst, samenwerkingsmodel

    Bij een bouwteam werken opdrachtgever, ontwerper en aannemer al tijdens het ontwerp samen. De aannemer denkt mee over uitvoerbaarheid en kosten, en krijgt bij een goed resultaat het werk gegund. Het staat tussen traditioneel aanbesteden en ontwerp-en-bouw in.

  • BouwtekeningPremium · ook: Bouwkundige tekening, werktekening

    Een bouwtekening is de technische weergave van een bouwwerk op schaal, in plattegronden, doorsneden en aanzichten. Zij is tegelijk het communicatiemiddel tussen alle partijen en het juridische document waaraan wordt getoetst en opgeleverd.

  • BouwtoezichtPremium · ook: Bouwtoezicht, bouw- en woningtoezicht, BWT, gemeentelijk toezicht

    Bouwtoezicht is het toezicht op de naleving van de bouwregels tijdens het bouwen. Er is de afgelopen jaren iets veranderd dat structureel verkeerd wordt begrepen. Bij eenvoudige bouwwerken toetst de gemeente niet meer vooraf op de bouwtechnische regels: dat doet een private kwaliteitsborger, en de aannemer draagt zwaardere aansprakelijkheid voor gebreken. De zin "de gemeente heeft het goedgekeurd" bestaat op dat punt niet meer. De gemeente toetst nog wel het ruimtelijke deel — past het in het omgevingsplan, mag het hier staan, hoe ziet het eruit — en zij houdt handhavingsbevoegdheid, maar het bouwtechnische oordeel is verplaatst.

  • BouwvakPremium · ook: Bouwvakantie, bouwvakvakantie

    De bouwvak is de collectieve vakantieperiode in de bouwsector, per regio vastgesteld. Voor een opdrachtgever is het vooral een planningsgegeven: drie weken waarin er niet wordt gewerkt en waarin ook leveranciers en fabrieken stilliggen.

  • BouwvalligPremium · ook: Bouwvallig, vervallen, in verval, bouwval, onveilig bouwwerk

    Bouwvallig is de toestand waarin een bouwwerk zijn constructieve veiligheid niet meer waarborgt. Voor een eigenaar is dit geen bouwkundige maar een juridische kwestie, en dat besef ontbreekt vaak. Een bouwvallig pand is geen bezit dat stilstaat maar een aansprakelijkheid die doorloopt. Er rust een zorgplicht op de eigenaar, de gemeente kan handhavend optreden en werk op zijn kosten laten uitvoeren, en bij schade aan derden — een vallende dakpan, een instortende muur — geldt de aansprakelijkheid voor opstallen ongeacht of de eigenaar iets wist.

  • BouwvergaderingPremium · ook: Bouwvergadering, werkvergadering, bouwoverleg, werkbespreking, coördinatievergadering

    Een bouwvergadering is het periodieke overleg tussen opdrachtgever, aannemer en betrokken partijen over voortgang, knelpunten en besluiten tijdens de uitvoering. De waarde zit niet in het gesprek maar in het verslag. Wat in het bouwverslag staat en niet binnen de reactietermijn is weersproken, geldt als vastgesteld — inclusief de meerwerkposten en de planningsverschuivingen die erin zijn opgenomen. Wie het verslag niet leest, tekent daarmee stilzwijgend voor wat erin staat.

  • BouwvergunningPremium

    Een bouwvergunning is de toestemming van de gemeente om te bouwen of te verbouwen. Sinds de Omgevingswet is die toestemming gesplitst in twee delen: een technische toets aan het Bbl en een ruimtelijke toets aan het omgevingsplan. Je kunt er één nodig hebben, allebei, of geen van beide.

  • BouwvochtPremium · ook: Nieuwbouwvocht, restvocht.

    Bouwvocht is het water dat na de bouw nog in de constructie zit, afkomstig van beton, mortel, stucwerk en regen tijdens de bouw. Het verdwijnt pas na maanden tot ruim een jaar. In die periode kunnen condens en schimmel ontstaan die niets met een gebrek te maken hebben.

  • BouwvolumePremium · ook: Bouwvolume, bouwmassa, inhoud, bruto-inhoud

    Bouwvolume is de inhoud van een bouwwerk in kubieke meters, gemeten aan de buitenkant. Het is de maat waarmee gemeenten begrenzen hoeveel je op een perceel mag bouwen, waarmee verzekeraars een herbouwwaarde bepalen en waarmee je in een vroeg stadium bouwkosten raamt.

  • BouwwerkPremium · ook: Bouwwerk, bouwsel, constructie, opstal

    Een bouwwerk is een constructie van enige omvang die op zijn plaats met de grond is verbonden of daarop steun vindt, en die bedoeld is om daar te blijven staan en te functioneren. Zodra iets een bouwwerk is, gelden er regels: over de plek, de maten, de veiligheid en soms een vergunning.

  • BovenbouwPremium · ook: Bovenbouw, opgaand werk, opgaande constructie

    De bovenbouw is alles wat boven de fundering staat: de wanden, de vloeren, de kolommen, de kap en het dak. De onderbouw draagt en de bovenbouw wordt gedragen. Alle belasting uit de bovenbouw komt uiteindelijk via de fundering in de grond terecht.

  • BovendorpelPremium · ook: Bovendorpel, bovenregel, kopregel, boveneind, bovenlijst

    De bovendorpel is het bovenste horizontale deel van een kozijn, deur of raam. Hij is het onderdeel dat de last van boven opneemt en doorgeeft naar de stijlen, en hij is daarmee ook de plek waar het misgaat als er boven het kozijn iets verzakt. Een deur die ineens klemt langs de bovenkant is meestal geen deurprobleem — het is een signaal dat het kozijn wordt belast door de constructie erboven, en dat is een constructief signaal.

  • BovenhuisPremium · ook: Bovenhuis, bovenwoning, bovenverdieping als zelfstandige woning

    Een bovenhuis is een zelfstandige woning op de bovenste laag of lagen van een pand, met een eigen opgang. Wie er koopt, koopt een woning, en een verhouding. Een bovenhuis en de benedenwoning eronder vormen samen een vereniging van eigenaars met twee leden — de kleinste VvE die er is, en in de praktijk de moeilijkste. Dak, fundering, gevel en trappenhuis zijn gemeenschappelijk, elk besluit vraagt overeenstemming tussen twee partijen, en er is geen derde stem om een impasse te doorbreken.

  • BovenlichtPremium · ook: Bovenlicht, bovenraam, imposte, klepraam, waaiervenster

    Een bovenlicht is het raam boven een deur of raam, gescheiden door een kalf. Het is bedacht in een tijd zonder elektrisch licht, om daglicht in een gang te krijgen — en het doet er nog steeds toe om twee redenen die niets met het verleden te maken hebben: het is bij oude woningen vaak het laatste enkele glas in huis, en bij binnendeuren telt het mee voor daglicht en ventilatie in ruimten die anders niet aan de eisen voldoen.

  • BovenpanPremium · ook: Bovenpan, nokpan, vorstpan, firstpan, bovenste rij

    De bovenpan is de pan van de bovenste rij van een dakvlak, direct onder de nok. Hier ligt het punt dat bij oudere daken het vaakst mis is: de nokafwerking. Tot in de jaren tachtig werden vorsten in specie gelegd, en specie scheurt, krimpt en laat los. Vrijwel elk dak van vóór die tijd waarop de vorsten nog in specie liggen, is een dak met een lekkage in wording — en de moderne oplossing, een droge nokafwerking met een geventileerd nokvorstprofiel, is dichter, en noodzakelijk voor de ventilatie van het dakvlak.

  • BrandblusserPremium · ook: Brandblusser, blusapparaat, blustoestel, poederblusser, schuimblusser, koolzuurblusser

    Een brandblusser is een draagbaar toestel waarmee een beginnende brand kan worden geblust. De keuze draait om één ding: de brandklasse. Vet, elektra, hout en gas vragen elk een ander blusmiddel, en het verkeerde middel maakt het erger — water of schuim op een pan brandende olie geeft een steekvlam die de keuken in gaat. De blusser die voor een woning het meest bruikbaar is, is daarom niet de goedkoopste poederblusser maar een schuimblusser plus een blusdeken, en bij de frituurpan een blusser met de vetklasse.

  • BrandcompartimentPremium · ook: Brandvak, compartiment

    Een brandcompartiment is een deel van een gebouw dat zo is afgescheiden dat brand er gedurende een bepaalde tijd in blijft. Het geeft mensen tijd om te vluchten en de brandweer tijd om te blussen. In woningbouw is elke woning in beginsel een eigen compartiment.

  • BranddeurPremium · ook: Branddeur, brandwerende deur, brandvertragende deur, zelfsluitende deur, rookwerende deur

    Een branddeur is een deur die het vuur en de rook een bepaalde tijd tegenhoudt, zodat mensen kunnen vluchten. Het bepalende punt: een branddeur is geen deur maar een samenstelling. Deurblad, kozijn, scharnieren, slot, dranger, kierdichting en brandwerende strip zijn samen beproefd en samen goedgekeurd. Verander je één onderdeel — een ander scharnier, een kattenluik, een nieuw slot — dan vervalt de goedkeuring van het geheel. En: een branddeur die openstaat, is geen deur.

  • BranddoorslagPremium

    Branddoorslag is het doorbreken van brand door een scheidingsconstructie heen: een wand, een vloer of een plafond. De weerstand daartegen wordt uitgedrukt in minuten en is de basis van de brandcompartimentering in een gebouw.

  • BranderPremium · ook: Brander, gasbrander, olievuurbrander, branderunit

    Een brander is het onderdeel van een verwarmingstoestel waar de brandstof met lucht wordt gemengd en verbrand. De kwaliteit van de verbranding bepaalt het rendement en de veiligheid. Een vervuilde of verkeerd afgestelde brander produceert koolmonoxide, en dat is de reden dat onderhoud aan gastoestellen geen formaliteit is.

  • BrandklassePremium · ook: Materiaalklasse, klasse voor het brandgedrag

    De brandklasse geeft aan hoeveel een materiaal zelf bijdraagt aan een brand: hoe snel het vlam vat, hoeveel warmte het afgeeft en hoeveel rook en brandende druppels het produceert. Zij is iets anders dan brandwerendheid, die zegt hoe lang een constructie standhoudt.

  • BrandklepPremium · ook: Brandklep, brandwerende klep, brandschuif

    Een brandklep sluit een luchtkanaal af zodra er brand is, zodat vuur en rook zich niet via het kanaal naar een ander compartiment verspreiden. Het is een voorziening die alleen bestaat voor het moment waarop hij niet gecontroleerd is. Een brandklep zit weggewerkt in een kanaal boven een plafond en wordt daardoor structureel vergeten — bij oplevering vaak nog wel getest, daarna jarenlang niet meer. En dat is precies verkeerd om: het smeltlood of de thermische activering veroudert, de klep kan vastzitten in zijn behuizing, en de inspectieluik ontbreekt of is dichtgestuukt. Een compartimentering is niet beter dan de zwakste doorvoer erin, en een brandklep die niet dichtvalt, maakt de hele scheiding waardeloos.

  • BrandkraanPremium · ook: Brandkraan, hydrant, ondergrondse brandkraan, bluswatervoorziening

    Een brandkraan is een aansluitpunt op de waterleiding waaruit de brandweer bluswater betrekt. In Nederland liggen ze doorgaans ondergronds, herkenbaar aan een klein deksel in de stoep. Bij gebouwen gelden aanvullende voorzieningen zoals brandslanghaspels en droge blusleidingen, en die zijn wel de verantwoordelijkheid van de eigenaar of de VvE.

  • BrandmeldinstallatiePremium · ook: Brandmeldinstallatie, afgekort BMI

    Een brandmeldinstallatie is een vast ingebouwd systeem dat brand automatisch of met de hand meldt. Melders in ruimten en handbrandmelders langs vluchtroutes geven een signaal aan een centrale. Die zet het alarm in werking, stuurt deuren en installaties aan en meldt in sommige gebouwen rechtstreeks door naar de meldkamer.

  • BrandpreventiePremium · ook: Brandveiligheid, brandbeveiliging

    Brandpreventie is het geheel van maatregelen dat brand voorkomt, de verspreiding ervan beperkt en zorgt dat mensen op tijd buiten zijn. Het bestaat uit bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen die alleen samen werken.

  • BrandscheidingPremium · ook: Brandscheiding, brandwerende scheiding, compartimenteringswand, brandmuur

    Een brandscheiding is een constructie die een brand gedurende een bepaalde tijd tegenhoudt, zodat mensen kunnen vluchten en de brandweer kan optreden. Het gaat om tijd en niet om onbrandbaarheid. Een scheiding van dertig of zestig minuten betekent dat de brand die periode aan één zijde blijft. Wat die tijd ondermijnt, is nooit de wand zelf: het is de deur die openstaat, het gat waar een kabel doorheen is getrokken en de doorvoer die met purschuim is dichtgezet.

  • BrandslanghaspelPremium · ook: Brandslanghaspel, slanghaspel, haspel, wandhydrant

    Een brandslanghaspel is een op de waterleiding aangesloten haspel met een vaste slang en een straalpijp, bedoeld om een beginnende brand te blussen. Het onderscheidende woord is beginnend. De haspel is geen brandweervoorziening maar een middel voor de eerste minuten, bediend door wie er toevallig is. Wie er langer dan een paar minuten mee bezig is, doet iets wat niet meer verstandig is: dan is vluchten en alarmeren het enige juiste.

  • BrandtrapPremium · ook: Brandtrap, vluchttrap, noodtrap, escape

    Een brandtrap is een trap die bedoeld is om bij brand het gebouw te verlaten, doorgaans als tweede vluchtweg naast de hoofdtrap. In woongebouwen is een aparte brandtrap minder gebruikelijk dan een brandveilig uitgevoerd trappenhuis. Waar hij wel is, is hij onderdeel van de brandveiligheidsvoorziening en dat betekent onderhoud, bereikbaarheid en vrije doorgang.

  • BrandveiligheidPremium · ook: Brandveiligheid, brandpreventie, brandbeveiliging

    Brandveiligheid is het geheel van maatregelen dat voorkomt dat brand ontstaat en dat mensen op tijd wegkomen als hij toch ontstaat. De meeste maatregelen richten zich op vuur, terwijl het gevaar iets anders is. Bij een woningbrand overlijden mensen vrijwel altijd aan rook en niet aan vlammen, en rook verspreidt zich door de woning terwijl het vuur nog in één kamer zit. Daaruit volgt de goedkoopste en meest onderschatte maatregel die er is: slaap met de slaapkamerdeur dicht. Een dichte binnendeur houdt rook en hitte minutenlang tegen — precies de minuten waarin een rookmelder je wakker maakt en je nog een route naar buiten hebt.

  • Brandwerende deurPremium · ook: Brandwerende deur, branddeur, zelfsluitende deur, deurgeheel met brandwerendheid

    Een brandwerende deur houdt vuur en rook een vastgestelde tijd tegen, doorgaans dertig of zestig minuten. De prestatie geldt voor het complete deurgeheel van deur, kozijn, beslag, dranger en naaddichting; losse onderdelen zijn niet uitwisselbaar.

  • Brandwerende doorvoerPremium · ook: Brandwerende doorvoer, brandwerende doorvoering, brandwerende afdichting

    Een brandwerende doorvoer is de afdichting rond een leiding, kabel of kanaal dat door een brandwerende wand of vloer gaat. Zonder die afdichting is het gat een gratis doorgang voor vuur en rook. De afdichting moet net zo lang standhouden als de wand of vloer waarin hij zit.

  • Brandwerende gipsplaatPremium · ook: Brandwerende gipsplaat, roze plaat, brandvertragende gipsplaat, vuurvaste gipsplaat

    Een brandwerende gipsplaat heeft glasvezel in de gipskern, waardoor de plaat bij brand langer op zijn plaats blijft in plaats van uiteen te vallen. De brandwerendheid geldt voor de complete wand- of plafondopbouw en niet voor de plaat op zichzelf.

  • BrandwerendheidPremium · ook: Brandweerstand, brandwering

    Brandwerendheid is de tijd die een bouwdeel een brand kan weerstaan zonder zijn functie te verliezen. Bij een wand gaat het om vlamdichtheid en warmte-isolatie, bij een constructie om het behoud van draagvermogen. De prestatie geldt altijd voor het geheel, inclusief deuren en doorvoeren.

  • BreedplaatvloerPremium · ook: Bekistingsplaatvloer, plaatvloer, predal

    Een breedplaatvloer bestaat uit dunne prefab betonplaten met stalen tralieliggers, die op de bouwplaats als bekisting dienen. Daarop wordt beton gestort dat samen met de plaat één constructie vormt. Sinds 2017 staat dit vloertype in Nederland extra in de belangstelling vanwege een instortingsincident.

  • BreekijzerPremium · ook: Breekijzer, sloopijzer, wrikijzer, breekstaaf, koebreekijzer

    Een breekijzer is een zware, rechte stalen staaf met een beitel-, punt- of platte kop, bedoeld om met hefboomkracht materiaal los te breken en te verplaatsen. Het is sloopgereedschap. Waar een koevoet demonteert, breekt een breekijzer: hij is dikker, zwaarder en minder gevoelig, en hij is gemaakt om kracht over te brengen op een plek waar geen mens bij kan.

  • BreukdeelPremium · ook: Aandeel in de gemeenschap

    Het breukdeel is de breuk die aangeeft welk aandeel een appartementsrecht heeft in de gemeenschap, bijvoorbeeld 45 van 1000. Het bepaalt hoeveel een eigenaar bijdraagt aan de gezamenlijke kosten en, in de meeste reglementen, hoeveel stemmen hij heeft. Het breukdeel staat in de splitsingsakte en is daarmee vast. Het wijzigen ervan vergt een notariele akte en instemming van vrijwel alle eigenaren.

  • BreukdelenPremium · ook: Breukdelen, breukdeel, aandeel in de gemeenschap, aandelen in de gemeenschap, verdeelsleutel, stemverhouding, kostenverdeling volgens de akte

    Breukdelen zijn de aandelen waarin de splitsingsakte het gebouw en de grond verdeelt over de appartementsrechten. Ze bepalen welk deel van de gemeenschappelijke kosten elke eigenaar betaalt en, tenzij de akte anders zegt, hoeveel stemmen hij in de vergadering heeft.

  • BreuksteenPremium · ook: Breuksteen, breukstenen, veldsteen, ruwe bouwsteen, moellon

    Breuksteen is natuursteen die in onregelmatige brokken is gewonnen of gebroken en zonder te worden gezaagd wordt verwerkt. Je komt het in Nederland tegen in tuinmuren, keermuren, oeverbescherming en historisch metselwerk — en bij dat laatste met een belangrijke voorwaarde: breuksteenmetselwerk in een oud gebouw is vrijwel altijd met kalkmortel gemetseld, en herstel met cementmortel richt daar aantoonbare schade aan.

  • BronafzuigingPremium · ook: Bronafzuiging, afzuiging aan de bron, plaatselijke afzuiging, lokale afzuiging.

    Bronafzuiging is het wegzuigen van verontreinigde lucht op de plek waar de verontreiniging ontstaat, voordat die zich door de ruimte verspreidt. De afzuigkap boven je kookplaat, de ventilator in de badkamer en de slang aan een zaagmachine werken alle drie volgens dat principe.

  • BronbemalingPremium · ook: Bemaling, grondwaterverlaging, droogzetten

    Bronbemaling is het tijdelijk verlagen van de grondwaterstand tijdens bouwwerkzaamheden, zodat er droog kan worden gewerkt in een bouwput. Het water wordt via filters onttrokken en elders geloosd of teruggebracht.

  • BroodjesvloerPremium · ook: Combinatievloer, ribbenvloer, balkenvloer met vulelementen

    Een broodjesvloer bestaat uit betonnen liggers met daartussen lichte vulelementen, afgewerkt met een gestorte druklaag. Het is een veelgebruikte begane grondvloer in Nederlandse woningen, herkenbaar vanuit de kruipruimte aan de ribbenstructuur.

  • BruinrotPremium · ook: Bruinrot, kubieke rot, destructierot

    Bruinrot is aantasting van hout door schimmels die de cellulose afbreken en de lignine grotendeels laten zitten. Het hout wordt donkerbruin, krimpt en breekt in blokjes. Het is de meest voorkomende en de meest destructieve vorm van houtrot in bouwhout; de sterkte kan al sterk zijn afgenomen voordat de schade opvalt.

  • BrutalismePremium · ook: Van het Franse beton brut — ruw beton — en niet van "bruut"

    Brutalisme is de bouwstijl van ongeveer 1955 tot 1980 met zichtbaar, onafgewerkt beton, zware volumes en een constructie die aan de buitenkant afleesbaar is. Materiaal en constructie zijn het uiterlijk; er is geen bekleding.

  • Bruto vloeroppervlaktePremium · ook: Bvo

    De bruto vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van een gebouw gemeten tot en met de buitenzijde van de gevel. Zij is groter dan het gebruiksoppervlak, dat binnenwerks meet en waarbij muren, schachten en lage delen niet meetellen. Het verschil bepaalt of je appels met peren vergelijkt.

  • BtwPremium · ook: Btw, omzetbelasting, belasting over de toegevoegde waarde

    Btw is de belasting over de toegevoegde waarde, die op vrijwel alle goederen en diensten wordt geheven. Bij bouwen en verbouwen is het onderscheid tussen het hoge en het lage tarief relevant, en het verschil tussen een offerte exclusief en inclusief btw is bij een verbouwing van tienduizenden euro's een bedrag dat je niet wilt missen.

  • Buffervat · ook: Buffervat, ook geschreven als buffer-vat

    Een buffervat is een geisoleerd waterreservoir in de verwarmingsinstallatie. Het geeft de installatie een voorraad warm of koel water, zodat een warmtepomp of ketel langer achtereen kan draaien en niet elke paar minuten aan en uit gaat.

  • BuisspaandeurPremium · ook: Buisspaandeur, buisspaanvulling, deur met buisspaankern

    Een buisspaandeur heeft een kern van geperste spaanplaat met doorlopende holle buizen, tussen twee plaatlagen. Zij weegt merkbaar meer dan een honingraatdeur, isoleert beter tegen geluid en houdt schroeven vast.

  • BuitenbladPremium · ook: Buitenmuur van een spouwmuur, gevelblad, voorzetblad

    Het buitenblad is de buitenste muur van een spouwmuur. Het draagt niets van het gebouw en het bepaalt het gevelbeeld, breekt de slagregen en beschermt de spouw en de isolatie.

  • BuitengevelisolatiePremium · ook: Gevelisolatie aan de buitenzijde, buitenschilisolatie, inpakken

    Buitengevelisolatie is het aanbrengen van isolatie op de buitenzijde van een bestaande gevel, met daaroverheen een nieuwe afwerking van pleisterwerk, gevelbekleding of steenstrips. De constructie komt daarmee binnen de isolatie te liggen.

  • Buitengewoon onderhoudPremium · ook: Buitengewoon onderhoud, groot onderhoud, planmatig onderhoud

    Buitengewoon onderhoud is het onderhoud dat verder gaat dan wat een gebruiker in het dagelijks gebruik kan doen: vervanging van een dak, herstel van een gevel, vernieuwing van leidingen. Het splitsingsreglement en het huurcontract gebruiken die grens om te bepalen wie de kosten draagt.

  • BuitenkozijnPremium · ook: Buitenkozijn, gevelelement, gevelkozijn, raamkozijn

    Een buitenkozijn is het raamwerk in de gevel waarin ramen, deuren en glas zijn opgenomen. Het bepaalt samen met het glas de isolatie, de luchtdichtheid en de inbraakwerendheid van de gevelopening.

  • BuitenkraanPremium · ook: Buitenkraan, gevelkraan, tuinkraan, slangkraan, aftapkraan

    Een buitenkraan is een tappunt aan de gevel of in de tuin voor het aansluiten van een tuinslang. Er zitten twee dingen aan die vrijwel niemand weet en die allebei verplicht zijn: er hoort een terugstroombeveiliging op, omdat het water uit een tuinslang kan terugzuigen naar het drinkwaternet, en de leiding moet vorstvrij zijn of aftapbaar. Een bevroren buitenkraan scheurt niet buiten maar binnen in de muur, en dat merk je pas bij de dooi.

  • BuitenruimtePremium · ook: Buitenruimte, privebuitenruimte, buitenverblijfsruimte

    Buitenruimte is het deel van een woning dat buiten ligt en dat bij die woning hoort: een tuin, een balkon, een loggia, een dakterras of een terras aan de gevel. Het woord doet er in twee verbanden werkelijk toe. In het woningwaarderingsstelsel levert prive-buitenruimte punten op en dus huurruimte, en het ontbreken ervan kost punten. En in de bouwregelgeving geldt sinds enkele jaren dat een nieuwe woning een buitenruimte moet hebben die toegankelijk is, ook voor wie slecht ter been is. Voor wie een woning koopt of huurt is het verschil tussen gedeelde en prive-buitenruimte het onderdeel dat het vaakst wordt overzien. Een galerij waar iedereen langsloopt is geen buitenruimte in de zin die telt.

  • BuitenschilderwerkPremium · ook: Buitenschilderwerk, buitenverfwerk, schilderwerk buiten

    Buitenschilderwerk is het verfsysteem op alles wat aan de buitenkant van je woning van hout, staal of pleisterwerk is: kozijnen, ramen, deuren, boeiboorden en soms de gevel. Het is geen kleurlaag maar een beschermlaag. De verf houdt water uit het hout en uv-licht van het oppervlak af.

  • BuitenstucwerkPremium · ook: Buitenstucwerk, gevelpleister, buitenpleisterwerk, stucwerk buiten

    Buitenstucwerk is een pleisterlaag op een gevel, aangebracht in één of meer lagen op metselwerk, beton of een isolatiesysteem. Het bindmiddel bepaalt of de gevel kan blijven ademen, en dat is bij een oude muur de belangrijkste keuze.

  • BuitentrapPremium · ook: Buitentrap, stoeptrap, keldertrap, souterraintrap, bordestrap buiten

    Een buitentrap is een trap in de buitenlucht, naar een entree, een kelder, een tuin of een terras. Buiten verandert er één ding fundamenteel aan een trap, en daar hangt de rest van af. De trede is nat, en periodiek bevroren. Dat maakt afwatering, antislip en vorstbestandheid tot de bepalende ontwerpkeuzes — niet de maatvoering. Een buitentrap met vlakke treden zonder afschot houdt water vast, wordt glad, en splijt bij vorst van binnenuit doordat het opgenomen water uitzet.

  • BuitenunitPremium · ook: Buitenunit, buitendeel, buitentoestel, buitenmodule, verdamper, condensor, ODU

    De buitenunit is het deel van een lucht-waterwarmtepomp, een lucht-luchtwarmtepomp of een airco dat buiten staat en warmte uit de buitenlucht haalt of eraan afgeeft. Het bevat een ventilator, een warmtewisselaar en meestal de compressor, en is daarmee het onderdeel dat geluid maakt en ruimte vraagt.

  • BuitenzonweringPremium · ook: Buitenzonwering, uitwendige zonwering, zonwering aan de buitenkant

    Buitenzonwering is elke voorziening aan de buitenkant van een gevel die zonlicht tegenhoudt voordat het het glas bereikt. Denk aan screens, rolluiken, uitvalschermen en knikarmschermen. Omdat de warmte buiten blijft, is buitenzonwering de meest doeltreffende manier om een woning in de zomer koel te houden.

  • BungalowPremium · ook: Bungalow, gelijkvloerse woning, patiowoning, semi-bungalow, levensloopbestendige woning

    Een bungalow is een woning waarvan de woonvertrekken op één bouwlaag liggen. De aantrekkelijkheid is duidelijk en de bouwfysische keerzijde wordt zelden benoemd. Bij hetzelfde woonoppervlak heeft een bungalow ongeveer twee keer zoveel dak en vloer als een woning met twee lagen. Dak en vloer zijn precies de twee vlakken waar veel warmte doorheen gaat, en dat maakt dakisolatie en vloer- of bodemisolatie bij dit woningtype de maatregelen die het meest opleveren — meer dan de gevel, en dat is het omgekeerde van het standaardadvies.

  • BurenoverlastPremium · ook: Woonoverlast, burenhinder

    Burenoverlast is hinder die van het naastgelegen of nabijgelegen pand komt: geluid, stank, rook, trilling of gedrag. Een deel ervan is een bouwkundige kwestie — onvoldoende geluidsisolatie — en een deel is gedrag. Dat onderscheid bepaalt wie er iets aan moet doen.

  • BurenrechtPremium · ook: Nabuurrecht

    Het burenrecht regelt wat je wel en niet mag ten opzichte van het naastgelegen perceel: afstanden voor ramen en balkons, beplanting bij de erfgrens, overhangende takken, gedeelde muren en het recht op een erfafscheiding. Het geldt automatisch, ook als niemand er ooit iets over heeft afgesproken.

  • ButyleenkitPremium · ook: Butyleenkit, butylkit, butylrubberkit, blijvend plastische kit, butylband

    Butyleenkit is een blijvend plastische kit op basis van butylrubber, die niet uithardt. Precies dat is de reden dat hij bestaat en de reden waarom hij op de verkeerde plek niets waard is. Butyl blijft kneedbaar en beweegt mee zolang de verbinding leeft — maar hij veert niet terug, hij is niet overschilderbaar en hij zakt onder blijvende belasting. Waar delen langzaam bewegen en de kit niet in het zicht komt, is dat ideaal; waar een strakke, verfbare naad moet komen of waar de kit gewicht moet dragen, is het de verkeerde keuze.

Wat staat hier?

Wat staat er in een begrip?
Wat het is, waar je het tegenkomt en hoe je het herkent — altijd vrij te lezen. De hoofdstukken daarachter, over kosten, regelgeving, onderhoud en veelgemaakte fouten, horen bij een abonnement.
Wat betekent het label Premium?
Dat er achter de korte omschrijving meer staat. De term zelf en wat hij betekent zijn nooit afgeschermd; een woordenboek dat je de betekenis onthoudt is geen woordenboek.
Waarom staan er synoniemen bij?
Omdat het vak twee of drie woorden voor hetzelfde heeft en een offerte zelden het woord gebruikt dat jij kent. De zoekbalk hierboven zoekt ook in die synoniemen.

Verder kijken